Vier diakens gewijd Hoe moet een kerk eruit zien ... - De Tiltenberg

tiltenberg.org

Vier diakens gewijd Hoe moet een kerk eruit zien ... - De Tiltenberg

nummer 1 WINTER 2013

Magazine voor de gebedskring en vrienden van De Tiltenberg

Vier diakens gewijd

Hoe moet een kerk eruit zien?

Nieuwe studieprefect

St.-Bonifatiusinstituut

Martelaren, deltawerken

en kubuswoningen


Speciale aanbieding!

Dé installateur van

De Tiltenberg

Slechts e1,50

per week

kn

iedere

vrijdag!

30x

e45

Havenstraat 9 1948 NP Beverwijk | Tel: 0251-279999

info@visserelektro.nl | www.visserelektro.nl

www.katholieknieuwsblad.nl

bel 073.7502315

136mm advertentie Tiltenberg magazine.indd 1 26-11-2012 20:23:57

Paus Benedictus de XVI heeft in zijn toespraak van 9 juni 2011 de mensen dringend opgeroepen ‘’te investeren in onderzoek en

het opwekken van schone energie die veilig is voor mensen en die geen schade toebrengt aan de schepping. Het gebruik van de

technologie moet gebeuren vanuit een solide ethiek die het belang van de schepping en de mensheid op het oog heeft’’.

_____________________________________________________________________________________________

Koude‐ en warmteopslag in de bodem is bij uitstek een nieuwe technologie die een belangrijke aanzet

geeft tot dit streven omdat fossiele brandstoffen hierbij niet nodig zijn voor de klimaatinstallaties van

gebouwen en woningen.

Van Harlingen Grondwater Management B.V. heeft veel ervaring in het ontwerp en het begeleiden van

duurzame klimaatsystemen met koude‐ en warmteopslag ten einde de kwaliteit van de installaties te

borgen.

Gaarne helpen wij u verder bij het ontwerp en realisatie van koude‐ en warmteopslagsystemen voor

bijvoorbeeld; woningen, scholen, kantoren, multifunctionele gebouwen en zorginstellingen.

Van Harlingen Grondwater Management B.V.

Deken Zondaglaan 51

2114 EB Vogelenzang

T: 023 – 584 11 22

M: 06 – 53 33 37 36

www.vhgm.nl

TILTENBERG MAGAZINE


INHOUD

Jaargang 15, nummer 1

Uitzien naar wat

beloofd is

Rorate, caeli desuper

Interview met docent

José Manuel Tercero

Interview met de

nieuwe studenten

Over liturgie en

gewijde ruimte

Uitje naar Rotterdam

en ommelanden

Interview met

Diederik Wienen

Leren in Leeuwarden:

over het pastorale jaar

Een Kind is ons

geboren

Interview met de heer

en mevrouw Vu

www.tiltenberg.org

4

5

6

7

8

10

11

13

15

16

Met nooit aflatende

liefde dienen

Het leven van de heilige Elisabeth

van Hongarije zal de nieuwe

diakens zeker tot voorbeeld

strekken. Voor de twee permanente

diakens geldt dat misschien wel heel

in het bijzonder: net als Elisabeth hebben

zij immers na hun roeping tot het

huwelijk ontdekt dat God hen ook tot

een bijzonder apostolaat in Zijn Kerk

roept. Elisabeth, de Hongaarse prinses

en voormalige vorstin van Thüringen,

legde zich na de dood van haar man toe

op het armoede-ideaal en richtte een

ziekenhuis op, waarin zij zelf de zieken

verzorgde.

Het dienstwerk van de liefde is echter

niet het enige waarop de nieuwe diakens

zich zullen toeleggen. De diaken dient

het volk van God immers behalve in de

caritas ook in het dienstwerk van het

woord en van de liturgie. Mgr. Punt ging

in zijn homilie dan ook bijzonder in op

de nieuwe evangelisatie en een noodzakelijke

voorwaarde hiervoor, die paus

Benedictus Entweltlichung noemt. Dat

wil zeggen dat de Kerk, hoezeer ze ook

in de wereld staat en met de wereld

begaan is, ook steeds een kritische

innerlijke afstand tot de wereld in acht

moet nemen, om haar zending des

te getrouwer te kunnen vervullen.

Na de homilie volgden de altijd weer

indrukwekkende riten van de wijding.

Alle aanwezigen, de bisschop en de

wijdelingen voorop, maakten zich klein

Op 17 november viert de Kerk ieder jaar

de gedachtenis van de H. Elisabeth van

Hongarije. Voor de Kerk van Haarlem-Amsterdam

kwam daar dit jaar de verheugende

gebeurtenis bij van de wijding van vier diakens,

van wie er twee voor het priesterschap

en twee voor het permanent diaconaat

bestemd zijn.

DOOR DAAN HUNTJENS

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

De pasgewijde diaken Jeroen de Wit (l.)

verricht het dienstwerk van de liturgie

in de seminariekapel.

om de voorspraak van de heiligen in

te roepen en God te vragen de wijdelingen

te zegenen en te heiligen. Na de

handoplegging en het wijdingsgebed

werden de nieuwe diakens met stola en

dalmatiek bekleed door iemand die een

belangrijke rol speelt voor hun roeping:

de één door zijn vrouw, een ander door

de jarige hulpbisschop en weer een

ander door een speciaal uit Spanje

overgekomen priester. Ten slotte schonk

Christus, die de dienaar van allen

geworden is, ons Zijn Lichaam en Bloed,

dat we in grote dankbaarheid voor deze

genadevolle dag mochten ontvangen.

In het gebed van de H. Elisabeth van

Hongarije, dat ook tijdens deze wijdingsplechtigheid

werd gebruikt, smeekt

de Kerk de genade af om “met nooit

aflatende liefde allen te dienen die

onder armoede en leed gebukt gaan.”

Moge dat onze vier nieuwe diakens

gegeven zijn! ■

TILTENBERG MAGAZINE

3


Geduld: een grote innerlijke kracht

Wie uitziet naar wat beloofd is,

groeit in verlangen en in vreugde.

DOOR RECTOR G. BRUGGINK

Beste vrienden van De Tiltenberg,

Er gebeuren nog veel bemoedigende

zaken voor wie het wil

zien! Op zaterdag 17 november

zijn vele mensen getuige geweest van

een mooie wijdingsplechtigheid in de

St.-Bavokathedraal te Haarlem (zie pagina

3). Zoals in het vorige nummer al

werd vermeld: er waren vier wijdelingen,

te weten Hans Bruin uit Tuitjenhorn,

Eelke Lighthart uit Heerhugowaard,

José Marin del Val uit Nieuwe

Niedorp en Jeroen de Wit van De Tiltenberg.

Na de wijdingsplechtigheid was

er een warme ontvangst op De Tiltenberg

en de gelegenheid tot felicitatie

en ontmoeting, waar zeer ruim gebruik

van werd gemaakt!

Aan deze heugelijke gebeurtenis is veel

voorafgegaan. De jaren van studie en

vorming, voor de permanente diakens

aan het St.-Bonifatiusinstituut en voor

de twee transeunte diakens aan het

Grootseminarie, hebben offers, inspanningen

en trouw gevraagd, zowel van

de nieuwe diakens alsook van de echtgenotes

van twee van hen. Het is deze

trouw en offerbereidheid die mensen

in staat stelt om moeilijkheden te boven

te komen en om het beste van zichzelf

te geven. De dag van hun wijding was

dan ook de kroon op een lange weg van

innerlijke groei en uiterlijke voorbereiding.

De volharding en het geduld dat

daarvoor moet worden opgebracht,

herkennen we als het eigene van de

adventstijd.

Wie blijft uitzien naar wat beloofd is,

groeit niet alleen in verlangen naar wat

stap voor stap dichterbij komt, maar ook

in de vreugde om wat ontvangen gaat

FOTO: ANTON GOOS

Uitgekomen verwachting: vier mannen werden in de

St.-Bavo, die nog altijd in verbouwing is, tot diaken gewijd.

worden. In die zin waren deze wijdingen

ook voor onze seminaristen een reden

tot dankbaarheid en bemoediging. Het

zal u niet bevreemden dat ook het dagelijks

leven op een seminarie een grote

inzet vraagt. We vormen met elkaar

een leefgemeenschap die niet alleen

gedragen wordt door het gebed van

velen, maar die eveneens zijn vitaliteit

ontleent aan de dienstbaarheid in liefde

aan elkaar. De zes jaar van studie, toetsing

en de vele leermomenten die

plaatsvinden, kunnen soms veeleisend

zijn. Maar wie zich erdoor heeft laten

vormen, komt sterker in het geloof

en in het leven te staan.

We zijn God dankbaar voor wat Hij met

ons allen doet! Zowel het Grootseminarie

Sint Willibrord te Vogelenzang als het

Grootseminarie Redemptoris Mater te

Nieuwe Niedorp biedt rond de veertig

bevlogen jonge mensen de mogelijkheid

om priester te worden. Het gaat hun

goed! Zij allen bereiden zich voor om

straks ergens boven de grote rivieren

als priester dienstbaar te zijn aan onze

geloofsgemeenschappen en aan

mensen persoonlijk.

In de verborgenheid en de stilte van

Gods genade groeien er mooie zaken.

Nu nog aan het oog onttrokken, maar

van tijd tot tijd zullen de geroepenen

naar voren komen om getuigenis af te

leggen van Christus en van die wonderlijke

werkelijkheid van Gods werken

in ons leven. Dat u allen die dit leest

het mag zien gebeuren! ■

rector G. Bruggink

4 TILTENBERG MAGAZINE


Rorate, caeli,

desuper et

nubes pluant

justum:

aperiatur terra

et germinet

Salvatorem.

Dauwt, hemelen, uit den hoge; wolken, laat als een regen de Gerechte neerdalen;

aarde, open u om de Verlosser voort te brengen.

Op de vierde en laatste zondag van de Advent opent

de liturgie met de introïtus Rorate caeli. Deze

woorden uit het boek van de profeet Jesaja (45,8)

staan tegen de achtergrond van de uitverkiezing van de

Perzische koning Cyrus door Jahwe. De God van Israël wilde

door de hand van Cyrus de ballingen uit Juda terug laten keren

naar het beloofde land. De profeet benadrukt dat, ondanks

het feit dat de welwillende Cyrus vreemde goden vereert,

er niettemin maar één God is: “Hij die Israël heeft uitverkoren,

Hij die vrede maakt en onheil schept.”

Wij als christenen betrekken deze profetie van Jesaja vooral

op Christus. Hem zien wij als de Gerechte die als een hemelse

dauw over de aarde zal neerdalen om juist het besef van

de soevereiniteit van Jahwe opnieuw tot leven te wekken.

De aarde – dat wil zeggen de mensheid, maar specifiek het

volk van Israël – wordt opgeroepen om de Verlosser voort

te brengen.

Deze laatste dagen van de Advent nodigen ons uit om op een

meditatieve manier stil te staan bij deze beide gegevenheden.

Wie de tijd neemt om het prachtige gezang van het Rorate

caeli te beluisteren – en via internet ligt dit direct binnen

handbereik – komt zelfs buiten de liturgie om al onder

de indruk. Degenen, die deelnemen aan de viering van de

Eucharistie op deze laatste adventszondag, komen heel direct

in aanraking met datgene wat de profetie naar voren brengt.

Christus is de Gerechte, want Hij verbindt de hemel met de

aarde. Later zal Hij dan ook zeggen: “Bekeert u, want

het Rijk der hemelen is nabij.”

De uitspraak dat “de aarde de Verlosser zal voortbrengen”

geeft aan dat God niet zonder ons onze redding tot stand wil

brengen. Ons wordt gevraagd om actief mee te werken aan

de vrede die alleen God ons geven kan.

In dit perspectief staat de roeping tot het priesterschap

van alle gelovigen en wel heel speciaal van allen die tot het

bijzondere priesterschap zijn geroepen. Het moet aan een

priester eigen zijn om de hemel en de aarde met elkaar

te verbinden. Zijn eerste roeping is het dan ook om de

heiligheid van God in deze wereld te laten stralen. In zijn

gedrag allereerst moet dit naar voren komen, maar ook in

zijn gebed en in het vieren van de geheimen van ons geloof.

Zijn tweede roeping, maar niet minder belangrijk, is om er

vanuit zijn eerste roeping te zijn voor de mensen. Natuurlijk

in de eerste plaats voor zijn medegelovigen, maar ook voor

alle anderen met wie hij in contact komt. Sterker nog: zijn

hart moet werkelijk open staan voor alle mensen die met hem

deze aarde bewonen. Alleen door deze innerlijke en open

houding aan te nemen kan de priester werkelijk de Eucharistie

vieren zoals de Kerk die eens van haar Heer ontvangen heeft.

De profetie van Jesaja komt tot leven waar het volk van

het Nieuwe Verbond samenkomt om in het vieren van de

Eucharistie heil en vrede af te smeken voor onze wereld.

Dat onze priesters in een geest van aanbidding en geloof

voor mogen gaan, zodat velen kunnen volgen. ■

Rector G. Bruggink

TILTENBERG MAGAZINE

5


Voor het nieuwe leven in Christus

Wie bent u en waar komt u vandaan?

Mijn naam is José Manuel

Tercero Simón. Mijn ouders,

Manuel en Rafaela, waren

goede, gelovige mensen. Ik heb drie

zusjes: twee zijn er getrouwd en hebben

elk vier kinderen, de derde is ongehuwd

en zorgt voor mijn zieke moeder.

Mijn vader is anderhalf jaar geleden

overleden. Ik ben in Spanje in een klein

dorp in La Mancha, de streek van Don

Quichot, geboren. In 1974, toen ik

vijftien was, zijn we met de hele familie

naar Murcia gegaan. Daar kwam ik in

contact met de Neocatechumenale Weg

en had ik een diepe ervaring van Gods

liefde. Langzamerhand is in mij het idee

van het priesterschap ontstaan: “gratis

geven wat ik gratis had ontvangen”.

Na mijn seminarietijd en priesterwijding

in Rome was ik daar drie jaar kapelaan

en promoveerde ik tegelijkertijd in

de moraaltheologie.

Hoe bent u betrokken geraakt

bij De Tiltenberg?

De organisatie van de studie aan het

seminarie is een ingewikkelde zaak.

Moraaltheoloog dr. Tercero Simón leidt

het studieprogramma in goede banen.

DOOR PAULUS TILMA

In 1993 kwam ik naar Nederland als

vice-rector van het seminarie Redemptoris

Mater in Nieuwe Niedorp. Toen

was er nog geen seminarie in het bisdom

Haarlem. Toen het Grootseminarie

van het bisdom in 1997 weer begon,

benoemde mgr. Bomers mij tot docent

moraaltheologie en studieprefect.

Dat ben ik gebleven toen het seminarie

naar de Tiltenberg verhuisde.

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

Dr. J.M. Tercero Simón is studieprefect

en docent moraaltheologie

Wat vindt u van het lesgeven aan de

priesterstudenten?

Lesgeven ervaar ik als een belangrijk

aspect van mijn priester-zijn. Toen ik

jong was, wilde ik docent worden. Die

kans kreeg ik ook aan de universiteit

van Murcia, na mijn studie psychologie,

maar toen werd mijn priesterroeping

mij duidelijk. Ik kreeg de kracht om mijn

carrière als universitair docent achter

te laten en de roeping van de Heer te

volgen. Maar de Heer, die het honderdvoudige

geeft, heeft het mij gegeven om

met het priesterschap ook les te kunnen

geven – niet meer als carrière, maar als

roeping, ten dienste van anderen.

Wat is het belang van uw colleges

in de priesteropleiding?

De colleges moraaltheologie zijn

belangrijk omdat ze de seminaristen

laten zien hoe verheven de roeping

van de gelovigen in Christus is, en hoe

wij verplicht zijn om in liefde vrucht

voort te brengen voor het leven van de

wereld. De moraaltheologie wil de weg

tonen die, met de hulp van de genade,

door middel van de deugden naar het

geluk leidt. Christen-zijn betekent niet

dat je je aan een reeks wetten moet

houden, maar dat je een nieuw leven

leidt dat je van Christus krijgt, in de

Kerk, door middel van het Woord en

de sacramenten. Dit nieuwe leven in

Christus, dat de mensen gelukkig maakt,

wordt zichtbaar in concrete daden,

daden van liefde ten dienste

van anderen.

“Christen-zijn betekent

dat je een nieuw leven

leidt.”

Wat doet u als studieprefect?

Als studieprefect moet ik zorgen voor

de organisatie van het studieprogramma:

in het algemeen – denk aan roosters,

tentamens en docentenvergaderingen –

en van iedere seminarist afzonderlijk.

Daarnaast moet ik zorgen voor de

archivering van alle resultaten van

tentamens en werkstukken. Maar het

belangrijkste is om een goede relatie

met iedere seminarist op te bouwen,

zodat de seminaristen mij advies over

de studie kunnen vragen en ik hen kan

helpen als er problemen ontstaan.

Verder is onze opleiding geaffilieerd aan

de theologische faculteit van de Pauselijke

Lateraanse Universiteit in Rome.

Daar moet ik regelmatig contact mee

houden, onder andere voor de benoeming

van nieuwe docenten en het organiseren

van het baccalaureaatsexamen

in de theologie. ■

6 TILTENBERG MAGAZINE


In de Pyreneeën

op het spoor gekomen

In het vorige nummer van dit blad maakten we kennis met

twee eerstejaars seminaristen. Nu zijn twee anderen aan

de beurt: Quirien van Berkel (19) en Paul van de Graaf (45).

DOOR ONZE REDACTIE

Waar kom je vandaan?

Quirien: “Uit de bollenstreek.

Ik ben geboren en getogen in

Hillegom, als jongste in een

katholiek gezin van zes kinderen.

We vierden de mis meestal in het Karmelietessenklooster

bij Vogelenzang.

Het ouderlijk huis ligt op een steenworp

van De Tiltenberg, waar ik al langer

bekend was.”

Paul: “Ik woon alweer vijfentwintig jaar

in Amsterdam, waar ik destijds geschiedenis

ging studeren en de journalistiek

ben ingegaan. Ik kom uit een roodroomse

familie, maar mijn opvoeding

was volstrekt areligieus. Het zoeken

naar kennis en waarheid werd echter

sterk gestimuleerd. Zo kon ik m’n belangstelling

voor levensbeschouwelijke

kwesties onbelemmerd uitleven.”

Hoe ben je hier terechtgekomen?

Quirien: “Na het gymnasium in Lisse

ben ik civiele techniek gaan studeren

aan de Technische Universiteit Delft.

Vlak voor het studiejaar begon, ging ik

naar de Wereldjongerendagen in Madrid.

Op de heenreis, in de Pyreneeën, had

ik een intense ervaring, waarbij plotseling

tot me doordrong: ‘Je moet priester

worden.’ Ik liet het rustig bezinken en

begon gewoon met m’n studie in Delft.

Dat beviel niet echt, ik voelde me niet

op m’n plek. Ik besprak het met Tony en

Vincent Emmanuel, die al op De Tiltenberg

studeerden en met wie ik wel eens

een rondje hardliep. In de zomervakantie

heb ik de knoop doorgehakt.”

Paul: “Al jong had ik het vage idee ooit

een radicale stap in religieuze richting

te zetten. Beïnvloed door de hippiecultuur

richtte ik me aanvankelijk op

oosters georiënteerde bewegingen,

maar daar bij voelde ik me nooit senang.

Door een reeks toevallige ontmoetingen

en gebeurtenissen, waaronder een

aangrijpend incident op fietsvakantie in

de Pyreneeën, dreef ik langzaam maar

zeker naar de katholieke kerk. Na enkele

verblijven in kloosters viel ’t kwartje:

ik moest met deze overweldigende

boodschap aan de slag. April vorig jaar

ben ik bij de jezuïeten van de Amsterdamse

Krijtbergkerk gedoopt. Na een

jaartje vrijblijvend studeren aan het

Bonifatiusinstituut heb ik de sprong in

het diepe gewaagd. Merkwaardig genoeg

maakt dat me de oudste én minst

ervaren seminarist.’

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

Waar ga je naartoe?

Quirien: “Het is een mooie, maar geen

gemakkelijke weg. Ik hoop tijdens

de studie genoeg plezier en kracht te

vinden om door te gaan. De familie reageert

positief, maar sommige vroegere

klasgenoten snappen het niet helemaal

en vragen, als ze me tegenkomen, een

beetje plagerig: ‘En… ben je al gestopt?’

Dat wuif ik lachend weg.”

Paul: “Ik heb geen strakke route uitgestippeld.

Eigenlijk is dit een experimenteel

avontuur, waar ik wel aan moest beginnen

om de uitkomst te ondervinden.

Anders zou het blijven knagen. Hoewel

ik me geaccepteerd voel op De Tiltenberg,

is het gestructureerde groepsleven

wennen – ik ben altijd m’n eigen gang

gegaan. Toch ben ik bereid dat vrije en

blije leventje op te offeren aan de krachtige

wil om, aangespoord door het evangelie,

de kwetsbaren bij te staan.” ■

Paul (l.) en Quirien bij de fontein in de binnentuin

TILTENBERG MAGAZINE

7


Schoonheid, heiligheid

en architectuur

Begin november verzamelde zich op De Tiltenberg een

internationaal gezelschap om na te denken over kerkelijke

architectuur.

DOOR JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

De vraag hoe een kerkgebouw eruit moet zien is niet

zonder betekenis. De architectuur van een kerk kan

mensen tot gebed brengen en hen de Eucharistie

op een diepere manier laten beleven – of juist niet.

In meerdere landen is er een groeiende interesse in zowel de

architectonische dimensie van het kerkgebouw als de dialoog

tussen architectuur en geloof. Moet een architect die een kerk

bouwt zelf gelovig zijn? Is een kerkgebouw iets unieks of kun

je net zo goed liturgie vieren in een multifunctionele ruimte?

Wat is de relatie tussen schoonheid en liturgie? Op wat voor

manier kunnen we een gebouw heilig noemen?

Om deze vragen nader te bestuderen werd onder grote

belangstelling van priesterstudenten, theologen, architecten

en andere professionals op het gebied van kerkelijke

Architect Ciro Lomonte, mgr. J. Hendriks, dr. J. Vijgen en prof. dr. U. Lang verwonderen

zich over een afbeelding van een minder geslaagd ontwerp van een kerkgebouw.

architectuur op 5 en 6 november 2012 de internationale

conferentie "Liturgy and Sacred Space. Architecture for Divine

Worship in the 21th Century" georganiseerd.

De hoofdspreker, pater prof. dr. Uwe Lang C.O., nam duidelijk

stelling. Heiligheid eerder dan schoonheid moet het centrale

begrip in de kerkelijke architectuur en liturgische kunst zijn.

De vraag waarom veel kerken architectonisch gezien niet altijd

aan hun functie lijken te voldoen is volgens hem dan ook te

verklaren uit het feit dat wij het zicht op het Heilige – en daarmee

het zicht op wat de liturgie en de sacramenten zijn – zijn

kwijtgeraakt. Als het onderscheid tussen natuur en (bovennatuurlijke)

genade niet genoeg wordt benadrukt, worden

sacramenten enkel nog “manifestaties, zij het zeer betekenisvolle,

die expliciet maken wat reeds in de wereld gebeurt.

Vanuit dit theologisch perspectief vermengt

het heilige zich met het gewone,

het alledaagse, dat altijd al doordrongen

is van Gods genade.” Een theologie die

op deze manier het heilige tot het alledaagse

reduceert, zorgt voor een kerkelijke

architectuur die vaak nauwelijks te

onderscheiden is van haar seculiere

tegenhanger.

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

In het christendom kan heiligheid echter

enkel begrepen worden vanuit de relatie

tot Christus. In bijbelteksten zoals

Johannes 17 maken we kennis met een

notie van heiligheid die niet samenvloeit

met het wereldse, maar waarin het

focale punt het hogepriesterschap van

Christus zelf is: de enige middelaar

tussen God en de wereld.

Zich beroepend op het denken van paus

Benedictus XVI stelt professor Lang dat

“geheiligd worden” bij uitstek betekent

dat iemand overgaat tot een sfeer die

geheel ter beschikking staat van God

zelf. Pas als dit gebeurd is, staat de

geconsacreerde ook ter beschikking

8 TILTENBERG MAGAZINE


Dr. L. Bolondi onthulde de geheimen die de kathedrale basiliek

van St.-Bavo herbergt.

van de wereld. Er is geen heiligheid zonder zending en geen

zending zonder heiligheid.

Een onmisbaar aspect van de heiliging is de liturgie. De liturgie

is immers volgens het Tweede Vaticaanse Concilie een heilige

handeling van Christus, de Hogepriester. De liturgie heiligt

ons niet alleen door woorden (zoals een opbouwende preek),

maar ook door andere waarneembare handelingen zoals

liturgische gebaren en handelingen.

Christus is heilig, de wereld wordt uitgenodigd om heilig te

worden, maar zij is het nog niet. Daarom mogen de seculiere

en sacrale sfeer niet zomaar door elkaar gehaald worden.

Vanwege de centrale rol van de liturgie voor de heiliging van

de mens kan en mag de kerkelijke architectuur niet worden

overgelaten aan architecten die onvoldoende begrip van het

heilige hebben. De vraag naar welke bouwkundige stijl het

meest geschikt is voor de kerkenbouw is dan verder van

secundaire aard: “Het zou een vergissing zijn te besluiten

dat enkel een eenvoudige bouwstijl of enkel een uitbundige

bouwstijl in staat is om uitdrukking te geven aan het heilige.

Echter, een architectuur die niet in staat is zich te laten

vormen door de liturgie van de Kerk of die dit zelfs verwerpt,

werkt niet voor een kerkgebouw.”

Andere sprekers die aan het woord kwamen waren de

architect Ciro Lomonte, die stelde dat de bouw of herinrichting

van een kerkgebouw dient te beginnen met het altaar,

zoals de eucharistie centraal zou moeten staan in het leven

van de christen.

Moeder Anima Christi, kunsthistorica en

algemeen overste van de Dienaressen

van de Heer en de Maagd van Matara

(“blauwe zusters”), onderscheidde drie

criteria voor gewijde kunst: zij moet

figuratief zijn, verhalend en mooi. In

haar beschouwing over het wezen van

de schoonheid refereerde zij aan het

denken van de heilige Thomas van Aquino

en stelde zij dat het juist de schoonheid

van (bijvoorbeeld) een kerkgebouw

is die kan dienen als een taal die voor

iedereen begrijpelijk is. Zo kan de

schoonheid een bijzonder werkzaam

middel zijn in de nieuwe evangelisatie.

Zelf heeft moeder Anima Christi tijdens

een studiejaar in Rome ervaren hoe

gewijde kunst binnenvoert in het mysterie

van God en uitnodigt tot aanbidding.

Dr. Michel Remery, priester van het

Bisdom Rotterdam en docent aan De

Tiltenberg, toonde aan de hand van de

St.-Pietersbasiliek aan dat goede kerkelijke

architectuur niet los gezien kan

worden van de vorming van de gelovige.

Op de tweede dag van de conferentie werd er bij uitstek gesproken

over praktische aspecten. Architect Alberto Cicerone,

de ontwerper van de nieuwe pauselijke doopvont voor de

Sixtijnse Kapel, bracht verslag uit over de theologische en artistieke

aspecten van dit opmerkelijke kunstwerk.

Mgr. Nicola Bux kwam aan de hand van het rituaal voor de

kerkwijding tot de formulering van een zevental regels bij

de totstandkoming van gewijde kunst. Allereerst moet een

kunstwerk God centraal stellen en niet de kunstenaar. Gewijde

kunst moet voortkomen uit een hart dat bekeerd is en zich

voortdurend wil laten bekeren. De kunstenaar dient kennis

te hebben van de liturgie en in gemeenschap met de Kerk

en haar traditie te werken. Kunst dient, net als de liturgie,

mystagogisch te zijn, waarbij de kunstenaar zich ondergeschikt

maakt aan het kerkgebouw als huis van God en van Zijn volk.

Tot slot dient dit alles te gebeuren vanuit een liefde tot Christus.

Dr. Laura Bolondi is onlangs in Italië gepromoveerd tot doctor

in de architectuurwetenschappen. Zij sprak uitvoerig over

onze eigen St.-Bavokathedraal te Haarlem. In haar bijdrage

toonde zij op enthousiaste wijze aan dat de architect Jos Cuypers

dit kerkgebouw opvatte als “een theologische verhandeling

die in steen is uitgedrukt.” Elk architecturaal element van

dit gebouw draagt de boodschap van de Kerk uit. De koepel

draagt in zichzelf een directe verwijzing naar het bijbelboek

Openbaringen en beeldt het hemelse Jeruzalem uit.

De St.-Bavokathedraal realiseert zo wat élk kerkgebouw zou

moeten doen: ons binnenleiden in het Koninkrijk van God. ■

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

TILTENBERG MAGAZINE

9


Martelaren, deltawerken

en kubuswoningen

Op 7 november is het hoogfeest van onze patroon, de H. Willibrord,

en herdenkt het seminarie dat De Tiltenberg in november 2006 in

gebruik werd genomen. Dit jaar vierden we onze dies in Rotterdam

en ommelanden.

DOOR MARKO BUČIĆ

’S

Ochtends vroeg stond een groepje seminaristen

in de schemer en de mist vol verwachting te wachten

voor de poort van De Tiltenberg. Na het nodige

entertainment door onze spirituaal konden we al snel de bus

in, waar de seminaristen uit Nieuwe Niedorp, die nog veel

vroeger waren opgestaan, al inzaten. We gingen op weg naar

het bisdom Rotterdam. We reden langs ’s-Gravenhage, het

politieke hart van ons land, en kregen door de geluidsinstallatie

van de bus een opfriscursus over de geschiedenis van

de Nederlandse staatsvorming. Één van de priesterstudenten

heeft vroeger geschiedenis gestudeerd; van de mogelijkheid

om hem vragen te stellen werd dankbaar gebruikgemaakt.

Zo begon de dag, hoewel collegevrij, zeer leerzaam. Na het

passeren van de petrochemische industriewerken kwamen

wij aan in Brielle, waar de bedevaartsplaats van de HH.

Martelaren van Gorcum ligt. Onder het altaar van de kapel

op De Tiltenberg zijn relieken van deze martelaren aanwezig.

De seminaristen hebben dan ook een bijzondere band met

deze negentien geloofsgetuigen, die in 1572 vanwege hun

geloof in de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in de

Eucharistie en hun trouw aan de Heilige Vader omgebracht

werden. In de bedevaartskerk is van alle negentien een beeld

met korte levensbeschrijving te vinden. Opvallend is het verhaal

van de H. Jacques Lacops, die tijdens de beeldenstorm

zelf was overgegaan naar de protestantse leer, maar in 1567

weer was teruggekeerd tot het katholieke geloof en uiteindelijk

dus een voortreffelijk getuige is geworden van de waarheid

daarvan. In de bedevaartskerk vierden we dezelfde Eucharistie

die de martelaren hun aardse leven heeft gekost en tegelijkertijd

de zegepalm heeft opgeleverd. Na de Heilige Mis werden

we rondgeleid langs het martelarenveld. Daar bleek dat een

docent kerkgeschiedenis van het grootseminarie Warmond

– voorloper van De Tiltenberg – de plaats heeft kunnen

vaststellen van de turfschuur waarin de martelaren zijn opgehangen.

Wie weet wat voor ontdekkingen de docenten

van De Tiltenberg nog zullen doen…

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

Staf en seminaristen bewonderen een kubuswoning

in Rotterdam.

Na een korte lunchpauze vervolgden wij onze weg nog wat

verder zuidwaarts richting de Haringvlietsluizen, die deel

uitmaken van het Deltaplan. Zo maakten we kennis met een

recenter stuk vaderlandse geschiedenis. We kregen een documentaire

over de watersnoodramp van 1953 en de bouw

van de sluizen te zien en gingen vervolgens de indrukwekkende

sluizen zelf bekijken, die een grote invloed op de

omringende natuur en de landbouw hebben.

Na de rondleiding gingen we op weg naar de stad Rotterdam.

We bezichtigden één van de in de nabijheid van station Blaak

gelegen kubuswoningen en waren blij dat we in onze studentenkamers

rechte wanden en ramen hebben, zodat we geen

aangepaste boekenkasten en gordijnen hoeven aan te schaffen.

We vervolgden onze reis naar de Lambertuskerk – de bus

kwam bijna vast te zitten in de smalle straten van Kralingen –

en kregen een korte rondleiding door een seminarist die daar

zijn zomerstage heeft verricht. Daarna baden we het avondgebed.

Ten slotte gingen wij dineren in een bootrestaurant

op een steenworp afstand van de Euromast. Na de heerlijke

maaltijd konden wij in de bus op weg naar huis terugblikken

op een vermoeiende, maar zeer geslaagde dag. ■

10 TILTENBERG MAGAZINE


Ten dienste van de gemeenschap

Nu Ben Hartmann secretaris-generaal van het bisdom Breda is geworden, is Diederik

Wienen (48) als nieuwe studieprefect van het St.-Bonifatiusinstituut verantwoordelijk

voor de opleiding van diakens en catechisten.

DOOR JAIDER CHANTRÉ SANCHEZ

Welke plekken hebben u gevormd?

Ik ben geboren in Dordrecht en opgegroeid in Ridderkerk,

in een huisartsengezin. Na de middelbare school in Rotterdam

ben ik theologie gaan studeren in Utrecht. Daar ging ik ook

wonen. Een paar keer ben ik uit Utrecht weggeweest voor

studie of werk, maar steeds kwam ik er terug. Er zijn twee

landen buiten Nederland waar ik langere tijd gewoond heb:

Polen, waar ik enkele jaren gestudeerd heb, en Ierland.

Met vrienden die ik in daar leerde kennen probeer ik nog

altijd contact te houden.

Wat deed u voordat u naar De Tiltenberg kwam?

Toen werkte ik voor de Nederlandse bisschoppenconferentie.

Ik was daar beleidsmedewerker op diverse terreinen. Voordat

ik voor de bisschoppen ging werken, was ik een aantal jaar

godsdienstleraar op een middelbare school in de buurt van

Eindhoven. Hoewel ik toen heel direct ervoer hoe weinig

kinderen tegenwoordig nog iets meekrijgen van het geloof,

was dit voor mij een mooie periode.

Wat houdt uw werk op De Tiltenberg in?

Mijn functie is die van studieprefect van het Sint Bonifatiusinstituut,

waar diakens en catechisten worden opgeleid en

waar mensen ook gewoon uit belangstelling theologie kunnen

studeren. Ik moet zorgen dat de programma’s elk jaar georganiseerd

worden, dat er een rooster is en dat de docenten

gevraagd worden. Daarnaast moet ik de studenten begeleiden.

Daar gaat veel werk in zitten. De bedoeling is dat ik in de toekomst

ook les ga geven. Naast mijn werk voor het Bonifatiusinstituut

ben ik staflid van het St.-Willibrordinstituut,

de priesteropleiding.

Wat drijft u? Ziet u uw werk als een roeping?

Het katholieke geloof is voor mij het fundament onder mijn

leven. In de huidige tijd is het geloof niet vanzelfsprekend.

Het is dus belangrijk om je geloof te verdiepen. Paus Benedictus

legt veel nadruk op de verbinding tussen geloof en rede.

FOTO: JAN-JAAP VAN PEPERSTRATEN

Diederik Wienen in zijn kantoor, met op de achtergrond een

afbeelding van de hem dierbare zalige John Henry Newman.

Daarom is het ook zo goed dat er een opleiding als De Tiltenberg

is, waar mensen de kans krijgen om hun geloof te verdiepen.

Dat is geloof ik ook echt een meerwaarde van de

opleiding hier: de studenten zijn niet alleen maar bezig met

studeren, maar krijgen ook een stuk geestelijke vorming.

Dat ik mag bijdragen aan de vorming van priesters, diaken

en lekengelovigen, ervaar ik als iets moois. Aan de ene kant

is het gewoon werk dat je goed moet doen, maar het is wel

werk binnen de Kerk. Omdat er een geloofsgemeenschap

bij betrokken is, heeft het voor mij meer betekenis.

Het beeld van de Kerk als lichaam van Christus bemoedigt mij:

de geloofsgemeenschappen in onze tijd zijn vaak maar zwak

en klein, maar zo zijn ze wel het lichaam van Christus. Paulus

zegt ergens: “Wij dragen deze schat in aarden potten.” Dat is

bemoedigend, maar maakt ook alert: je moet er mee oppassen,

het is breekbaar en je kunt gemakkelijk wat kapot maken.

Hoe is de sfeer op De Tiltenberg?

We zijn een soort leefgemeenschap. Doordat we samen bidden

en eten, ontmoeten we elkaar heel regelmatig en delen we

het dagelijks leven voor een stuk. Dat is mooi en plezierig.

Veel priesterstudenten zijn nog jong en beginnen vol idealen

aan de opleiding. Tegelijk merk ik dat ze over het algemeen

prettig nuchter zijn en met beide benen op de grond staan.

Het contact met de studenten is voor mij inspirerend.

Ik hoop dat de lezers zich betrokken voelen bij het werk

van De Tiltenberg en dat ze zo ook deel uitmaken van

de Tiltenberggemeenschap. ■

TILTENBERG MAGAZINE

11


Uw steun aan De Tiltenberg

Bent u ook bereid de opleiding en vorming

van nieuwe priesters financieel te

ondersteunen? Uw gift is zeer welkom.

U kunt uw gift overmaken op giro 54 64

tnv Het Grootseminarie te Vogelenzang.

Bij voorbaat hartelijk dank. Voor giften

vanuit het buitenland heeft u de

volgende bankcodes nodig:

IBAN: NL64INGB0000005464

BIC: INGBNL2A ■

Misintenties

Het is mogelijk Heilige Missen te laten

lezen in het seminarie. De Misstipendia

komen ten goede aan de priesteropleiding.

Voor iedere intentie wordt een

aparte H. Mis gelezen, tenzij u dat zelf

anders aangeeft. We kunnen niet garanderen

dat de Mis gelezen wordt op

de dag die u aangeeft, al doen we daar

wel ons best voor. Richtbedrag voor

de stipendia is € 10,-. U kunt het bedrag

overmaken op gironummer 54 64 tnv

Het Grootseminarie te Vogelenzang

o.v.v. misintentie. De intenties kunt u

sturen naar rector G. Bruggink,

De Tiltenberg, Zilkerduinweg 375,

2114 AM, Vogelenzang. ■

Bidt u mee om roepingen?

De Tiltenberg nodigt u uit om de priesteropleiding

te ondersteunen en deel

te nemen aan de gebedskring van de

priesteropleiding. Wilt u meedoen?

Geef u dan op als lid. Het verplicht u tot

niets, behalve tot gebed. U ontvangt

Ja,

dan de gebedskaart thuis en met enige

regelmaat het Tiltenberg-magazine,

met informatie over het seminarie. Ook

wordt u uitgenodigd voor de jaarlijks

terugkerende gebedsdag op De Tiltenberg.

U kunt zich opgeven met onderstaande

antwoordstrook. Bij voorbaat

dank voor uw gebed. ■

Priestervakantie Zuid-Duitsland

do 11- vr 19 juli 2013

In de zomer van 2013 zal de priestervakantie

gaan naar Füssen im Allgäu,

gelegen onder München vlakbij de grens

met Oostenrijk. Deze plaats is omgeven

door prachtige natuur en cultuur.

Het verblijf is in het driesterrenhotel

Gästehaus Sankt Ulrich.

(www.gaestehaus-sankt-ulrich.de)

Dagelijks is er een gezamenlijke Eucharistieviering,

alsmede lauden en vespers.

Een facultatief dagprogramma

wordt aangeboden. De kosten voor

het verblijf bedragen € 495,-.

Deze prijs is op basis van halfpension

en een persoonskamers met douche,

toilet en balkon. Opgave is mogelijk via

post@tiltenberg.org voor 1 juni 2013. ■

Zomerretraite voor priesters en

diakens & pastoraal werkenden

zo 4-za 10 augustus 2013,

Thorn, Limburg

De Tiltenberg organiseert wederom een

zomerretraite voor priesters, permanente

diakens & pastoraal werkenden.

De retraite is van zondag 4 augustus

ik wil graag meebidden om (nieuwe) priesterroepingen

en word lid van de gebedskring.

Dhr/Mevr.: ............................................................................................................................................................

Naam: ......................................................................................................................................................................

Straat & huisnummer: ...................................................................................................................................

Postcode: ...............................................................................................................................................................

Woonplaats: ........................................................................................................................................................

Telefoon: ................................................................................................................................................................

E-mail: .....................................................................................................................................................................

Deze strook opsturen naar: De Tiltenberg t.a.v. Gebedskring,

Zilkerduinweg 375, 2114 AM Vogelenzang. U kunt zich ook telefonisch

12 TILTENBERG MAGAZINE

opgeven via 0252 345-345 of mailen naar post@tiltenberg.org

t/m zaterdag 10 augustus bij de Foyer

de Charité ‘Marthe Robin’ in Thorn,

Limburg. De totale kosten van deze

retraite bedragen € 250, te voldoen

op de retraitelocatie of via rek.nr.

52.38.930 t.n.v. Stichting Foyer de

Charité Marthe Robin Thorn o.v.v. naam

& retraite. U bent van harte uitgenodigd.

Pater G. Wilkens sj zal de retraite leiden.

De data en tijden zijn zo gekozen dat

u geen vervanging hoeft te regelen voor

de weekendvieringen. U kunt zich aanmelden

via de Foyer in Thorn. website:

www.foyer-thorn.nl ■

Vormings- & Toerustingscursussen

op De Tiltenberg

Op De Tiltenberg worden verscheidene

cursussen, seminars, workshops en

dergelijke gegeven. De cursussen zijn

bedoeld voor iedereen die zich actief

voor de Kerk inzet in zijn of haar parochie

of op een andere plaats. Centraal in de

cursussen staat geloofsverdieping en

kennisoverdracht, maar ook het communiceren

van het eigen geloof aan

anderen zal, afhankelijk van de cursus,

ruimschoots aan bod komen. Voor

sommige cursussen wordt een aanbevelingsbrief

van de eigen pastoraal verantwoordelijke

gevraagd. Zie voor meer

info de website van De Tiltenberg,

www.tiltenberg.org ■

Colofon

issn 1875-550x

Redactie

Daan Huntjens, Pieter Klaver, Jan-Jaap

van Peperstraten, Paul van de Graaf

Vormgeving

Impulsar Heemskerk, Jochem Oor

Druk

Heemsteedsche drukkerij H. van Assema

Contact

Zilkerduinweg 375

2114 AM Vogelenzang

tel. 0252 345-345

fax 0252 345-350

post@tiltenberg.org

www.tiltenberg.org

Giften

Giften zijn van harte welkom op rek.nr.

54 64 t.n.v. Het Grootseminarie te

Vogelenzang.

©2012 De Tiltenberg

Wilt u artikelen overnemen? Neem

dan even contact op met Pieter Klaver,

pklaver@tiltenberg.org.


Leren en leven in Leeuwarden

Van seminarie naar parochie: een stagiair vertelt

over zijn pastorale jaar.

DOOR SANDER ZWEZERIJNEN

Hoe leuk het seminarieleven ook

mag zijn, op een gegeven moment

is het toch echt de bedoeling

dat een seminarist het parochieleven

ingaat en aan het pastorale werk

begint. De sleutel ingeleverd, de spullen

verhuisd, en dan mag je alles wat je aan

contemplatieve, studieuze en persoonlijke

vorming hebt ontvangen omzetten

in de dagelijkse praktijk.

Voor mij begon dat het afgelopen studiejaar

al met een parttimestage in het eigen

bisdom (Groningen-Leeuwarden) in de

parochies van Dronrijp, Franeker, Harlingen,

St.-Annaparochie, Terschelling en

Vlieland. Nu is mijn studie afgerond

en ben ik eind september begonnen als

stagiair in Leeuwarden (in het Fries: Ljouwert).

Deze stad, de belangrijkste van de

elf Friese steden, is een erg mooie stad

om in te wonen. De skyline wordt gekenmerkt

door de scheve Oldehove, die

staat op de plaats waar vanaf 1100 (!)

een kerk heeft gestaan. Even zo markant

zijn de twee torens van de beide katholieke

kerken. De toren van de neogotische

St.-Bonifatiuskerk is maar liefst 85

meter hoog. De St.-Dominicuskerk, een

unieke kerk van architect Van Beers, is

een ander markant gebouw in de stad.

Dit artikel is echter geen artikel voor een

reisgids, maar een pril verslag van een

stage, dus we richten onze blik naar wat

er binnen in de kerken gebeurt. Allereerst

moet opgemerkt worden dat het

een hele verandering van leven is om

van een seminarie naar een pastorie te

gaan. Waar op het seminarie gemeenschapsleven

schering en inslag is, woon

je in de parochie op jezelf. En dat is best

wennen: zelf koken, zelf het huishouden

doen en regelen, alleen wonen.

Sander met de eerstecommunicantjes

van 2012 in Dronrijp.

De Titus Brandsmaparochie zelf (bekend

van tv!) is er één zoals je van een stadsparochie

mag verwachten: veel diversiteit,

veel activiteiten, en een buitengewoon

gemêleerde kerkgemeenschap:

van mensen die drie ochtenden in de

week asielzoekers opvangen voor een

gesprek en een kop koffie tot mensen

die elke ochtend samenkomen om het

getijdengebed te bidden. Verder zijn

er veel cursussen op geloofsgebied en

is de kerkmuziek van een hoog niveau.

Voor mij als stagair is dit natuurlijk een

woelig bad waarin het wel even wennen

is om te leren zwemmen. Gelukkig ben

ik niet de enige die dit ondervindt:

pastoor Stiekema, mijn werkbegeleider,

is ook net nieuw in de parochie. Samen

mogen we de parochie hier ontdekken.

Ik heb in elk geval tot nu toe ontdekt dat

het een prachtige parochie is om in te

werken. Alhoewel, “werk”? Zo voelt het

voor mij helemaal niet. Ik doe het heel

graag, met hart en ziel.

In de pastorale vijver voel ik me als een

vis in het water. Het is nog veel mooier

dan ik mezelf had voorgesteld. Natuurlijk

dient de broosheid van het bestaan

zich in alle heftigheid aan, en zijn er

mensen met diepe wonden in hun hart.

Maar dat ik voor deze mensen een luisterend

oor mag zijn, maakt mij erg gelukkig.

Ook het werk met de jeugd en

jongeren vind ik prachtig om te mogen

doen. Het is mooi om te ervaren hoe

mijn eigen generatie en de generaties

daaronder geheel onbevangen openstaan

voor God en voor de Kerk.

Zo is de arbeid in de wijngaard van de

Heer voor mij steeds weer een bevestiging

van mijn roeping. Het doordringt

mij steeds meer van het feit dat er niets

mooiers is dan alles wat je hebt gekregen

en alles wat je bent aan God en aan

de Kerk te geven.

Tot en met juni blijf ik in deze parochie,

daarna zal ik vermoedelijk ergens anders

naartoe gaan en zullen vervolgens ook

de wijdingen plaatsvinden. ■

TILTENBERG MAGAZINE

13


Uw partner voor:

Bouw - Onderhoud - Kozijnen

www.bidmee.nl

Gratis

Steek gratis een kaarsje

aan voor uw intentie in

de digitale kapel van

Kerk in Nood

Kerk in Nood / Oostpriesterhulp • Peperstaat 11-13 • Postbus 1645 • 5200 BR ’s-Hertogenbosch • T (073) 613 08 20 • F (073) 614 10 95

I www.kerkinnood.nl • E info@kerkinnood.nl • Bank 22.71.75.484 • IBAN NL64 FVLB 0227 1754 84 • BIC FVLB NL22

14 TILTENBERG MAGAZINE


Een kind is ons geboren

Het goede nieuws van de geboorte van Christus

zet aan tot lofprijzing en dankbaarheid.

DOOR PATER VINCENT MCMAHON

In de achttiende eeuw ontstond er een filosofie die ontkent

dat God handelt in de wereld van de mensen. God was wel

een afstandig schepper, maar Hij zou zich niet bekommeren

om het dagelijks leven van de mens en hij zou zeker nooit een

mens wórden. Het verhaal van de geboorte van Christus was

dan zinloos. Maar er waren anderen die anders dachten, voor

wie de persoon van Christus de bron van alle hoop was.

Op 13 april 1741 werd een concert, een 'oratorium', in een

vrij onbekende muziekzaal in Dublin voor de eerste keer

uitgevoerd. Het bevat verschillende teksten van de Heilige

Schrift, en verkondigt vooral de goddelijkheid van Christus.

De diverse scènes verhaalden de verkondiging van de

Verlosser in het Oude Testament, zijn geboorte, zijn passie

en dood, zijn verrijzenis en verheerlijking. Bijna geen woord

van de tekst werd gesproken; de solisten en koorleden bleven

op hun plaats staan en kwamen niet in beweging.

Het publiek wist die avond niet dat het een bijzonder moment

in de geschiedenis van de muziek meemaakte. Ze zouden de

eersten zijn die naar de Messiah van Händel luisterden. Hoe

vaak hebben ook wij niet met plezier, bewondering en geloof

geluisterd naar het geweldige Alleluja? Of het nu gezongen

wordt door één van de beroemste koren in de wereld of

gewoon door ons eigen parochiekoor, altijd hebben we het

gevoel dat ons hart opengaat voor de Heer. Nadat Händel dit

stuk gecomponeerd had, schreef hij er de letters “sdg” bij,

dat wil zeggen “soli Deo gloria” (aan God alleen de glorie).

Er is een lied uit hetzelfde werk dat speciaal bij Kerstmis past

en in deze tijd dan ook vaak gezongen wordt: “For unto us

a child is born… a son is given …”.

Een kind is ons geboren,

een zoon is ons gegeven;

de heerschappij rust op zijn schouders.

Deze namen zal hij dragen: Wonderbare raadsman,

Goddelijke held, Eeuwige vader, Vredevorst.

Groot is zijn heerschappij,

aan de vrede zal geen einde komen.

Deze tekst is van Jesaja 9, 5 en is ook de introïtus van

de mis op eerste kerstdag: Puer natus es nobis.

Als wij luisteren naar de stemmen, worden wij meegenomen

in een ontroerende geloofsbelijdenis. Het is alsof het

goede nieuws van de geboorte van Christus niet gevangen

kan blijven in het hart van de mens, maar ontploft in een

overtuigend loflied. Het is alsof de verschillende delen van het

koor tegen elkaar zeggen: wij willen, wij moeten het vertellen:

Christus is geboren.

Niet alleen de koorleden, maar ook iedere christen is

geroepen om dit nieuws door te geven. Ons dagelijks leven

wordt dan een hymne, een getuigenis, een loflied, een

geloofsbelijdenis. In deze tijd nemen wij de taak over van

de engelen die op de eerste kerstnacht het Gloria in excelsis

zongen, en van de herders die vol vreugde van de kerststal

terugkeerden met een boodschap van hoop. De wereld heeft

Christus nu niet minder nodig dan toentertijd. Laten wij voor

alle mensen bidden, dat wij ons hart mogen openen voor

dit kind dat voor ons geboren is, voor deze Zoon die aan

ons gegeven is. ■

In de Music Hall in Dublin beleefde Händels Messiah

zijn première.

Heer onze God, niemand heeft U ooit gezien.

In uw Zoon Jezus zijt Gij ons nabij gekomen;

Hij is uw licht in de duisternis, ons heil en onze vrede.

Open ons hart, om van deze vreugde mee te delen

aan iedere mens van goede wil. Amen.

(Uit het Altaarmissaal)

TILTENBERG MAGAZINE

15


‘Het gaat om wat God van ons vraagt.’

De heer en mevrouw Vu wonen in Hoorn, Noord-Holland, en komen uit

Vietnam. In de jaren tachtig zijn ze naar Nederland gekomen vanwege

de vervolging onder het communistische regime aldaar. Gewelddadige

aanvallen op kerken en katholieken zijn nog altijd aan de orde van

de dag, zo berichtte Kerk in Nood recentelijk. Ik spreek met hen over

de vlucht uit Vietnam, het leven in Nederland, het katholiek geloof

en hun verbondenheid met de priesteropleiding.

DOOR PIETER KLAVER

Wat bij binnenkomst meteen

opvalt, zijn de foto’s van hun

vier kinderen. Ze zijn blij dat

hun kinderen hier in vrijheid konden

opgroeien. Inmiddels is het echtpaar ook

gezegend met een paar kleinkinderen. Er

is veel om dankbaar voor te zijn: het had

allemaal zoveel anders kunnen lopen…

Op de vlucht

De heer Vu: “Eerst is mijn familie naar

het zuiden van Vietnam gevlucht om

aan het communisme te ontkomen.

Maar toen begon de oorlog met Noord-

Vietnam onder leiding van de Amerikanen.

Ik moest in dienst, ik had geen

keus. Maar dat was nog niet het ergste.

Plotseling trokken de Amerikanen zich

terug en namen de communisten de

macht over. Samen met anderen smeedde

ik plannen om te vluchten uit Vietnam,

maar onze voornemens lekten uit.

Voor de vlucht werd ik gearresteerd.

Ik probeerde te ontkomen, maar dat

mislukte. Mijn grote teen werd er afgeschoten

en een andere kogel miste mijn

blaas op een haar na. Wekenlang lag ik

in het ziekenhuis zonder goede verzorging.

Het is een groot wonder dat ik nog

leef.” Na vijf mislukte vluchtpogingen uit

Vietnam verloopt een zesde poging uiteindelijk

succesvol. De familie Vu wordt

na zes dagen op zee in een gammele

vluchtelingenboot in dreigend noodweer

aan boord gehaald door een

Nederlands schip. Zo komen ze uiteindelijk

in Nederland terecht.

Een nieuwe start

Eenmaal in Nederland gearriveerd staat

hun een nieuwe uitdaging te wachten:

inburgeren in een voor hen vreemde

cultuur, de taal leren spreken en dan

nog werk zoeken. Het valt allemaal niet

mee. De heer Vu vindt werk bij een glasbedrijf

in de vervaardiging van raamkozijnen.

In alles proberen ze het katholieke

geloof trouw aan hun kinderen

mee te geven, diezelfde trouw waar zij

en hun familie zo veel voor moesten

doorstaan. De lauwheid in het geloof

die ze hier dikwijls aantreffen, schokt

hen dan ook ontzettend. Mevrouw Vu:

“In Vietnam groeit de kerk ondanks alle

vervolging. Maar hier is er een ander

probleem. Iedereen moet het zelf maar

weten. Het is echt moeilijk om het

geloof door te geven.”

Gebed en priesterschap

Alle pogingen om de kinderen en kleinkinderen

bij de kerk betrokken te

houden zijn echter niet vruchteloos.

Zo besloot hun jongste zoon Martin

enige jaren geleden naar het seminarie

te gaan, eerst op De Tiltenberg en nu bij

een internationale religieuze gemeenschap.

Om deze reden studeert hij in

Italië. Ze zijn maar wat blij met de keuze

van hun zoon voor het priesterschap,

maar tegelijkertijd aarzelen ze als ik

vraag hoe ze het vinden dat Martin nu

in Italië woont. Mevrouw Vu: “We vinden

het best moeilijk dat hij nu zo ver weg

is, maar we moeten dat aanvaarden.

Uiteindelijk gaat het niet om wat wij

willen, maar om wat God van ons

vraagt.” De heer Vu: “Het is belangrijk

De heer en mevrouw Vu

dat er nieuwe priesters komen. Mensen

hebben priesters nodig die hen op de

goede weg kunnen leiden. Daarom

bidden we elke dag het gebed om roepingen.

Ook geven we financiële ondersteuning

aan het seminarie.” Verder is

de heer Vu in de parochie actief bezig

met het organiseren van gebedsbijeenkomsten

voor de devotie tot de Goddelijke

Barmhartigheid. Met gepaste trots

laat hij de schriftelijke toestemming en

aanmoediging van de bisschop zien.

“Net zoals ons lichaam eten nodig heeft,

zo heeft onze ziel behoefte aan gebed,

om zo geestelijk voedsel te ontvangen.

Het is mijn wens dat mensen wakker

geschud worden en Gods oneindige

Liefde en Barmhartigheid leren kennen.

Dat is zo veel meer waard dan materiële

rijkdom.” ■

More magazines by this user
Similar magazines