13.05.2015 Views

ZorgMagazine 2008 - WGV Zorg en Welzijn

ZorgMagazine 2008 - WGV Zorg en Welzijn

ZorgMagazine 2008 - WGV Zorg en Welzijn

SHOW MORE
SHOW LESS

You also want an ePaper? Increase the reach of your titles

YUMPU automatically turns print PDFs into web optimized ePapers that Google loves.

Najaar 2008

ZorgMagazine

Een magazine voor en door zorg- en welzijnsmedewerkers in Twente en de Achterhoek

Werken binnen

zorg & welzijn


Het ZorgMagazine is gemaakt in samenwerking met de volgende

instellingen, aangesloten bij de Werkgeversvereniging:

Geachte lezer,

In Nederland zijn ruim 500.000 mensen werkzaam als

verpleegkundige, verzorgende of sociaal agoog. In de sector

zorg en welzijn werken inmiddels meer dan 1,2 miljoen

mensen. Daarmee is de sector goed voor bijna één op de

zes arbeidsplaatsen. De hoeveelheid beroepen en functies is

breed en divers. Dat moge blijken uit de diversiteit van de

bijdragen die voor dit magazine werden aangeleverd.

De motivatie en betrokkenheid van medewerkers is erg

hoog. De sector is sterk in beweging. Dat levert hier en daar

spanningen op. Tegelijkertijd merk je dat discussies over de

structuur en organisatie van de sector, over de bekostiging

ervan, over de gevolgen van beleid voor groepen cliënten

en medewerkers, voorbij gaan aan de basis: de individuele

interactie tussen cliënt en medewerker.

De arbeidsmarkt, zeker voor de sector zorg en welzijn,

is in hoge mate regionaal. In Twente en de Achterhoek

hebben werkgevers ervoor gekozen samen te werken op

het gebied van de personeelsvoorziening. Vraagstukken

rondom instroom en mobiliteit van medewerkers kunnen

goed op regionaal niveau worden aangepakt. De

Werkgeversvereniging (WGV) heeft daarvoor de afgelopen

jaren een groot aantal activiteiten ontwikkeld:

de kandidaten waarmee zij nader kennis willen

maken. Sommige vacatures worden dus niet op de

vacaturebank geplaatst, maar gericht verspreid onder

kandidaten die in de CV-bank zijn opgenomen.

De CV-bank wordt actueel gehouden doordat de

inschrijftijd is beperkt tot drie maanden. Als er

gedurende een periode van meer dan drie maanden

geen ‘activiteit’ rond een CV is geweest, wordt de

inschrijving beëindigd. De CV-bank telt gemiddeld zo’n

800 kandidaten.

• De vereniging biedt via ZorgSelect ondersteuning

bij loopbaantrajecten en bij de herplaatsing van

medewerkers buiten de eigen organisatie. Indien nodig

zijn er mogelijkheden voor het uitvoeren van testen

(werk- en denkniveau, persoonlijke competenties

en drijfveren). Dankzij de goede contacten met de

instellingen en het inzicht in de ontwikkelingen op

de arbeidsmarkt, vervullen consulenten van >>

Twente

ZorgSelect is opgezet om de werving van nieuwe

medewerkers te vergemakkelijken en de mobiliteit

tussen instellingen te stimuleren. De digitale vacaturebank

(www.zorgselect.nl) verwerkt jaarlijks enkele

duizenden baanopeningen. (gemiddeld 50 tot 60 per

week). Solliciteren kan digitaal.

• Daarnaast is een CV-bank opgezet. Medewerkers die

toe zijn aan een nieuwe uitdaging of werkzoekenden,

die een functie in een zorg- of welzijnsinstelling zoeken,

kunnen hun CV plaatsen en tegelijkertijd aangeven

naar welke functies men op zoek is. Ze ontvangen

vervolgens via e-mail de vacatures die aan het

opgegeven profiel voldoen.

Voor het complete overzicht van de leden van de Werkgeversvereniging, kijk op www.wgvoost.nl.

Werkgevers die op zoek zijn naar nieuwe medewerkers

kunnen via een inlogcode de geanonimiseerde CV’s

bekijken en (via ZorgSelect) contact zoeken met

Achterhoek


ZorgSelect een rol als vraagbaak voor degenen die op

zoek zijn naar (ander) werk in de sector zorg en welzijn

of daarvoor een opleiding willen volgen.

Het productenpakket van ZorgSelect is één van de manieren

waarop de vereniging invulling geeft aan haar taakopdracht.

De uitdagingen liggen echter op een breder vlak.

• De opleiding van nieuwe beroepskrachten vraagt veel

aandacht. In dat kader wordt intensief samengewerkt

met het Graafschap College, het ROC van Twente en

de Saxion Hogescholen. Door scholieren kennis te

laten maken met de sector, worden pogingen gedaan

de belangstelling voor opleidingen gericht op zorg en

welzijn te stimuleren.

• De vergrijzing van de bevolking is niet alleen merkbaar

via een toename van de zorgvraag, maar is ook

merkbaar in een toenemende vergrijzing van het

personeelsbestand. Vitaliteit en inzetbaarheid zijn

thema’s die de komende jaren hoog op de agenda

zullen moeten komen. De Helpdesk AVR van de

vereniging ondersteunt daarbij.

Door een optimale inzet op al deze punten moeten we in

staat zijn, om ook in de toekomst over voldoende en goed

gemotiveerde medewerkers te beschikken.

Dit magazine laat zien dat het aan motivatie niet ontbreekt.

Gerard Nederpelt

directeur WGV


ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente

InteraktContour

Een kijkje in de keuken van

de thuiszorg

“Sinds maart 2007 werk ik als communicatiemedewerker/grafisch vormgever bij

Thuiszorg Noord West Twente. Niet zomaar een baan die op mijn pad kwam, maar een

hele bewuste keuze voor een organisatie voor en door mensen. Natuurlijk had ik me via

de website en brochures al verdiept in de organisatie en een beeld gevormd, maar wat

thuiszorg nou precies inhoudt…. Heel welkom was dan ook de uitnodiging - of noem het

uitdaging - van teammanager Zorg Hans Mollema om eens een dag mee te lopen met

een wijkverpleegkundige.”

Angèl Pierik kwam bij toeval terecht in de Zorg

“Kiezen voor de zorg was

een schot in de roos!”

Angèl Pierik (29) wist - net als zovele jongeren - op haar 16 e nog niet precies wat ze met

de rest van haar leven wilde doen. Na de mavo moest ze een keuze maken. Het werd

Mode en Kleding, maar “dat vond ik echt vreselijk.” Geen goede

keuze dus, maar wat ze dan wel wilde doen, wist ze niet. Op goed

geluk prikte ze een opleiding en het werd Activiteitenbegeleider.

“Dat was een schot in de roos; ik doorliep de gehele opleiding met

veel plezier en het ging me gemakkelijk af.”

“Op 1 augustus was het zover. ’s Morgens in alle vroegte

stapte ik – toch wel enigszins gespannen – in de auto van

ziekenverzorgende Bernadet Jannink om samen met haar de

ronde te rijden. Met haar 25-jarige werkervaring een ‘ouwe

rot’ in het vak. Het was het begin van een hele bijzondere,

onvergetelijke ochtend.“

“Bernadet rijdt geroutineerd door Vriezenveen en Westerhaar.

Voordat we naar binnen gaan, vertelt ze kort de

ziektegeschiedenis van de cliënt die we gaan bezoeken. Ze

toetst naam en tijd in op haar PDA en we gaan naar binnen.

Vaak zonder aan te bellen, de deur is open en de koffie

staat klaar. Dat blijkt typisch Westerhaars te zijn. Eenmaal

binnen worden de cliënten ‘mensen’.”

“Enigszins beschroomd aanschouw ik de verschillende

handelingen die Bernadet verricht: wassen, steunkousen

aantrekken, insuline spuiten, wonden verzorgen, medicijnen

klaarleggen. Maar ze smeert ook een boterham bij een

mevrouw, hoewel dat officieel niet tot haar takenpakket

hoort. Maar belangrijker nog is dat gesprek na afloop aan de

keukentafel. Hoe gaat het? Niet alleen met de cliënt, maar

ook met de partner. Heel bijzonder dat ik mag meekijken in

de letterlijke en figuurlijke keuken van de cliënt.”

“Als ik even alleen ben met een hele lieve mevrouw en we

praten over haar ziekte - een niet te behandelen kanker -

kan ik mijn tranen nauwelijks bedwingen. Maar er wordt ook

gelachen. Bijzonder hoe mensen en hun partners omgaan

met hun ziekte. Opvallend vaak merk ik dat mensen

berusten in hun (ongeneeslijke) ziekte: “Deze mensen

nemen het leven zoals het komt”, aldus Bernadet. Of hoe

hun partners daarmee omgaan, zoals de echtgenote die wil

leren hoe ze de stoma van haar net geopereerde man moet

verschonen. En ik zie het mooie van de thuiszorg: mensen

in hun eigen vertrouwde omgeving verzorgen.”

“In de auto praten we na over ziekte, verwerking en de

bureaucratie waar je vaak mee te maken hebt, omdat

iemand extra zorg nodig heeft. Tussendoor levert Bernadet

nog even een formulier in bij het zorgloket (dus zo werkt

dat!). Als ik terugkom op kantoor, vraagt een collega of ik

nu zeker weet dat ik voor deze organisatie en mensen wil

werken. Ik kan niet anders dan volmondig “Ja” antwoorden.

En: Bernadet en alle mensen die ik deze morgen bezocht

heb: bedankt dat jullie mij mee lieten kijken!”

Anyta Mulder, medewerker communicatie / grafisch

vormgever ZorgAccent/Thuiszorg Noord West Twente

Voor informatie: www.tnwt.nl

Anyta Mulder (links) en PR-coördinator Rosalinda van Loon

Nu werkt Angèl al bijna tien jaar als begeleider op het

activiteitencentrum Knooppunt te Almelo. Dit AC is

onderdeel van InteraktContour en gericht op mensen

met een lichamelijke handicap en mensen met nietaangeboren

hersenletsel. “In eerste instantie wilde ik graag

de verstandelijke gehandicaptenzorg in. Dit leek mij een

geschikte doelgroep voor mij. Maar een leraar dacht daar

anders over. Hij adviseerde mij om met mensen met een

lichamelijke beperking te gaan werken. Die keus heb ik

toen ook gemaakt en ik vind het geweldig. De mensen hier

hebben een volwassen gevoel voor humor. Veel deelnemers

op het AC hebben hersenletsel, waardoor ze beperkingen

hebben, maar hun verstandelijk niveau is normaal.”

Op AC Knooppunt zijn er zeer veel verschillende activiteiten

die de deelnemers kunnen uitvoeren. Angèl begeleidt de

activiteiten Creatief, Rolstoeldansen en Computer. “Bij

Computer bijvoorbeeld zijn er dertien deelnemers die

elk een eigen activiteit doen. Zo is er een deelnemer die

een cursus Photoshop doet en één die Excel wil leren.

Een andere deelnemer houdt weer een website bij.

Tijdens de activiteit stimuleren wij de deelnemers om hun

mogelijkheden te benutten en hun grenzen enigszins te

verleggen. Het geeft me dan aan het eind van de dag een

goed gevoel als dat lukt.”

“Tijdens de activiteit stimuleren

wij de deelnemers om hun mogelijkheden

te benutten en hun grenzen

enigszins te verleggen

Mensen met hersenletsel

hebben - naast de lichamelijke

beperkingen - vaak

verwerkingsproblemen. Angèl:

“Over het algemeen zijn het

mensen die een normaal

leven hebben geleid;

getrouwd, kinderen en een

baan. Na het letsel kunnen

ze bepaalde zaken niet

meer of minder goed. Als

we merken dat deelnemers

hierdoor depressief raken,

kunnen we de trajectbegeleider

inschakelen. Hij of zij

pakt dit dan op. Gelukkig

merken we hier op het AC

dat veel mensen met veel

plezier komen, ondanks hun

handicap.”

Werken in de zorg was een gok, maar bleek

een goede gok te zijn geweest voor Angèl. “Als je iets wilt

betekenen voor een ander en als je graag gewaardeerd

wordt, dan is werken in de zorg de richting die je op moet.

Dat heb ik zeker gemerkt.” Ook in de toekomst wil Angèl

in deze sector blijven werken. “In Goor start een nieuw

activiteitencentrum. Aan de ene kant wil ik graag iets

nieuws aanpakken, aan de andere kant ben ik zeer gehecht

aan het team van medewerkers en deelnemers van AC

Knooppunt.”

Voor informatie: www.interaktcontour.nl

Angèl Pierik door fotograaf

Martin Hogeboom

6 ZorgMagazine ZorgMagazine 7


Streekziekenhuis Koningin Beatrix

Studenten en stagiaires roemen de dynamiek: Het is hard werken èn gezellig!

Anne Marie Leemreize,

orthoptiste: “Ik heb

ook oog voor de mens

achter de ogen.”

Een bedrijf heeft klanten, een ziekenhuis heeft patiënten. Toch is het verschil minder

groot dan je zo zou denken. Sterker nog, een ziekenhuis is een volwaardig bedrijf. Alles

wat je in een bedrijf tegenkomt, zie je in een ziekenhuis ook.

Het Streekziekenhuis

Koningin Beatrix in Winterswijk:

méér dan een bedrijf

Henk Oortgiese, verpleegkundige

special care: “Zorgen doe je samen!”

Het Streekziekenhuis Koningin Beatrix (SKB) mag met zijn

duizend medewerkers een behoorlijk grote onderneming

genoemd worden. Een onderneming die voor veel mensen

iets te bieden heeft. Het SKB telt namelijk zo’n zeventig

verschillende functies, met een enorme variatie. Naast de

verschillende ‘zorgberoepen’ zijn er allerlei mogelijkheden op

het gebied van financiën, techniek, laboratorium, apotheek,

zorgondersteunende diensten, informatie & communicatietechnologie

(ICT) enzovoort.

“De juiste mensen op de juiste plek,

dat is ons streven

heid tot helpen, informeel en korte lijnen, dat zijn toch wel

de sleutelwoorden die we keer op keer van de studenten

terugkrijgen.”

Marion Hilhorst,

spreekuurondersteuning

poli chirurgie: “Op

de polikliniek bieden

we elke patiënt met

zijn eigen verhaal de

juiste zorg!”

Studenten leren en werken graag in het SKB

Brechje Waamelink werkt als personeelsfunctionaris in het

SKB en heeft de studenten en stagiaires als aandachtsgebied.

Zij hoort regelmatig hoe deze, vaak jonge, mensen

het ziekenhuis ervaren. En ze weet ook dat het niet altijd

meevalt, maar daar staat tegenover dat een ziekenhuis veel

te bieden heeft.

Brechje: “Ik kan me voorstellen dat een 24-uurs bedrijf als

een ziekenhuis grote indruk maakt op jonge stagiaires en

studenten. De dynamiek en de hectiek maken het werken

in een ziekenhuis boeiend en enerverend. Dat hoor ik ook

van onze studenten en stagiaires terug. En dan maakt het

niet uit op welke afdeling zij stagelopen. Of dit nu de ICT

is, een verpleegafdeling of een polikliniek. De ervaringen

zijn bijna altijd hetzelfde. Gastvrij, collegiaal, bereidwillig-

“De dynamiek en de hectiek maken

het werken in een ziekenhuis

boeiend en enerverend”

“We doen het goed als opleidingsziekenhuis, mensen komen

graag bij ons om te leren en te werken. Niet op de laatste

plaats, omdat ze zich realiseren dat een ziekenhuis veel te

bieden heeft. Wanneer je eenmaal je basisopleiding hebt

voltooid, kun je je specialiseren. Wat dat betreft is het aanbod

in het SKB groot. We werken daar ook graag aan mee.

Zo hebben we bijvoorbeeld voor startende verpleegkundigen

een roulatieprogramma. Mensen die in dit programma

instromen komen op drie verschillende verpleegafdelingen

te werken met elk zijn eigen specialisme. Zo kunnen de

verpleegkundigen zelf ervaren welk specialisme het beste bij

hen past en waar ze straks eventueel in verder willen.“

“Het opzetten van dit programma is destijds een goede

zet geweest, dat horen we van zowel studenten als van

de verpleegkundigen die het roulatieprogramma hebben

doorlopen. Maar ook op andere terreinen zijn we innovatief

bij het begeleiden en ondersteunen van medewerkers bij

hun loopbaan. De juiste mensen op de juiste plek, dat is ons

streven.”

Voor informatie: www.skbwinterswijk.nl

8 ZorgMagazine

ZorgMagazine 9


Livio

Werken bij Livio

De zorgsector is één van de grootste werkgevers van Nederland. De zorgberoepen zijn

zeer divers. Livio is één van de grootste zorgaanbieders in Twente en de Oost Achterhoek.

Voor alle mensen die bij Livio werken geldt dat er (opleidings)mogelijkheden zijn

om zich verder te ontwikkelen en door te groeien naar een hoger niveau. “Het werk is

afwisselend, een parttime dienstverband is bespreekbaar en het werk is goed te combineren

met een gezin of privé-omstandigheden. De arbeidsvoorwaarden zijn goed en er

heerst een prettig werkklimaat. Ook is er ruimte om in verschillende vormen van zorg

werkzaam te zijn”, vertelt Jannie Boezelman, P&O-adviseur.

Eigen visie

Livio is een organisatie met een heel eigen visie op zorg,

wonen en gezondheid. Een visie die past bij de vraag naar

haar producten en dienstenen in de toekomst.

“Bij Livio zijn we ervan overtuigd dat onze levenskwaliteit

voor een heel groot deel afhankelijk is van de mate waarin

we ons eigen leven kunnen leiden en zo lang mogelijk zelfstandig

kunnen functioneren in onze eigen omgeving. Ook

als we daar (steeds) meer hulp bij nodig hebben. Daarom

gaan we bij Livio uit van een positief mensbeeld. Niet wat

niet meer kan, maar wat (nog) wél kan staat centraal bij

Livio. En daarbij denken we éérst aan de mensen en pas

daarna aan de regels. Dát is de kern van ons dagelijks

denken en doen. En dus willen we bij Livio diensten en

producten op het gebied van zorg, wonen en gezondheid

aanbieden, initiëren en ontwikkelen die passen bij die mentaliteit.

Niet voor niets zeggen we: Het betere leven? Livio

zorgt ervoor.”

Hoe willen we te werk gaan?

“We hebben vertrouwen in het goede in de mens. Vanuit

dit vertrouwen gaan we steeds weer op zoek naar vernieuwende

oplossingen voor de vraagstukken die we dagelijks

tegenkomen. Professioneel, deskundig, doordacht, enthousiast

en met een frisse blik.”

Jannie vervolgt: “Livio besteedt veel aandacht aan haar

herkenbaarheid. We vinden het enorm belangrijk dat de

wereld om ons heen weet én ervaart hoe we werken.

Daarom hebben we kernwaarden geformuleerd die ons

onderscheiden. Onze kernwaarden zeggen iets over hoe wij

als Livio in het leven staan. Over wie we willen zijn en hoe

we met elkaar en onze klanten en relaties om willen gaan.

Oftewel: onze

kernwaarden

zeggen iets

over onze

manier van

werken. Livio is

Fris, Levenslustig, Innovatief, Wijs, Warm en Inspirerend.”

Livio biedt diensten en producten aan in de gemeenten

Aalten, Almelo, Berkelland, Borne, Dinkelland, Enschede,

Haaksbergen, Hellendoorn, Hengelo, Hof van Twente,

Losser, Oldenzaal, Oost Gelre, Rijssen-Holten, Tubbergen,

Twenterand, Wierden en Winterswijk.

Yvonne Visser, Verzorgende

“Het contact met de zorgvragers, mantelzorgers en

zorgcoördinatoren en het begeleiden van stagiaires vind

ik erg leuk in mijn werk. Mijn baan is goed te combineren

met mijn gezinsleven en ik werk met een prettig

Werken team binnen bij Livio.”

“Livio werkt op een breed terrein van zorg, wonen, gezondheid

en vitaliteit. Verzorging, verpleging, hulp bij het huishouden,

gespecialiseerde verzorging, voedingsvoorlichting

en dieetadvisering, ergotherapie, jeugdgezondheidszorg,

uitleen van hulpmiddelen en verpleegartikelen et cetera.

Aanvullend biedt de Gezondheid Service diensten aan, die

gericht zijn op het zelfstandig gezond leven te bevorderen.

Bij ons werken veel mensen in en rondom de zorg in verschillende

functies en op verschillende niveaus. En daarnaast

werken er ook mensen die het mogelijk maken dat

andere Livio-collega’s hun werk zo goed mogelijk kunnen

doen”, aldus Jannie.

Jannie vertelt verder: “Ook als je

geen specifieke opleiding op het

gebied van zorg hebt genoten kun je

aan de slag bij Livio bijvoorbeeld op

het gebied van facilitaire dienstverlening,

P&O, administratief/secretarieel,

communicatie enzovoort. Staat

je opleiding hier niet bij, dan kan je

vanzelfsprekend contact opnemen

met de afdeling P&O om na te gaan

of Livio op jouw opleidingsgebied een

stagemogelijkheid heeft.”

“Binnen Zorg-aan-huis (thuiszorg)

bestaat onder andere voor BOL-studenten de mogelijkheid

bij Livio aan de slag te gaan.”

Alphahulpverlening

“Livio verzorgt ook Alphahulpverlening. De rol van Livio is

vooral bemiddelen tussen Alphaklanten en Alphahelpenden.

Alphahulpverlening is een vorm van hulp bij het huishouden.

Het bijzondere van Alphahulpverlening is dat niet Livio de

werkgever is maar de Alphaklant,” licht Jannie verder toe.

“Alphahelpenden werken in opdracht van één of meerdere

klanten. Je kunt dus ook via Livio aan het werk als Alphahelpende.

Je overlegt dan samen met je klant(en) over

werktijden et cetera. Het salaris van de Alphahelpende ligt

vast.”

Yvonne Floor, Arbo-coördinator

“Als je zelf wilt, dan kun je veel bereiken en betekenen

bij Livio. Er is goede zorg voor medewerkers, en er

heerst een prettig werkklimaat. In mijn werk heb ik de

mogelijkheid om invloed uit te oefenen op het beleid

van Livio en vrijheid om werkzaamheden op mijn eigen

manier te doen en dat vind ik uitdagend.”

Vacatures

“Livio meldt haar vacatures bij www.zorgselect.nl en maakt

gebruik van de CV-bank van ZorgSelect. Kijk op www.

zorgselect.nl of www.livio.nl of er een geschikte vacature

is en solliciteer. Mochten er geen vacatures openstaan,

dan nodigen wij je van harte uit via sollicitaties@livio.nl te

solliciteren. In de afgelopen jaren hebben wij veel gebruik

gemaakt van open sollicitaties.”

“Op basis van de gegevens uit je brief of e-mail houden

wij jouw sollicitatie in portefeuille voor een periode van zes

maanden. Bij het ontstaan van een vacature wordt je sollicitatiebrief

betrokken bij de sollicitatieprocedure.”

Kijk voor meer informatie op www.livio.nl. Ook kun je

contact opnemen met ons P&O-loket via telefoonnummer

0900-9200 (lokaal tarief) of mailen naar sollicitaties@livio.nl.

10 ZorgMagazine ZorgMagazine 11


Jarabee, jeugdzorg in Twente

Gedeputeerde Ranter heeft in april 2008 een werkbezoek gebracht aan voetbalvereniging

Rigtersbleek en Jarabee, jeugdzorg in Twente. Hierbij waren ook vertegenwoordigers

aanwezig van Stichting Judo Oost, Budo Schuttersveld en Boksclub Twente. In totaal

maken negen sportclubs deel uit van het sportzorgtraject in de gemeente Enschede.

Jongeren Jarabee mee met

luchtballon

Sport-zorgtrajecten bij sportclubs

en Jarabee

Afgelopen mei mochten acht jongeren van Jarabee, jeugdzorg in Twente, mee met

een luchtballonvaart, die hen is aangeboden door het Nationaal Fonds Kinderhulp. De

jongeren komen van de 24-uurszorg De Snellius in Enschede, en van de zelfstandigheidstraining

in Oldenzaal.

De heer Ranter vroeg de twee aanwezige jongeren flink

door over hun ervaringen met het sportzorgtraject. De

jongeren uit de 24-uurszorg van Jarabee vertelden dat ze nu

driekwart jaar meedoen. Een jongen blinkt uit als voetballer.

Hij had in het begin niet veel zin, maar de sport heeft hem

veranderd. Nu zou hij het liefst prof willen worden. De

jongere die meedoet bij de boksclub heeft meer zelfvertrouwen

gekregen en voelt zich fysiek sterker.

“Gewoon

doen waar

het kan, en

bijzonder

doen als het

moet”

De vertegenwoordigers van de sportclubs

vertellen dat in de training met jongeren

uit de jeugdzorg soms andere aspecten

belangrijk zijn: zelfvertrouwen, doorzettingsvermogen,

agressie regulatietraining,

negatief zelfbeeld bespreken, ademhalingsoefeningen,

leren op tijd te komen. Maurits

Schreurs van Jarabee vertelt dat jongeren

soms moeite hebben om een start met sport

te maken: “Het helpt dan als de groepslei-

ding eerst een paar keer mee gaat. Bij de Judovereniging

worden enkele teams van Jarabee gezamenlijk getraind,

gericht op weerbaarheid en assertiviteit, fysieke oefeningen,

uitdagen en uitgedaagd worden. Eventueel kunnen de

jongeren daarna doorstromen en individueel meedoen.”

Enkele jongeren gaan een week mee op kamp en integreren

goed in de vereniging. Rigtersbleek heeft de visie:

“Gewoon doen waar het kan, en bijzonder doen als het

moet.“ Zo ging een jongere van Jarabee enige tijd geleden

door het lint tijdens een wedstrijd. Normaal zou hij geschorst

worden, maar nu was het doel hem snel terug te

krijgen, en inzicht te geven in zijn handelen. Hij kreeg als

maatregel vijf wedstrijden fluiten, waardoor hij begrip kreeg

voor de scheidsrechterrol.

De combinatie jeugdzorg en sport kan leiden tot verbreding

en versnelling van de jeugdzorg. Jongeren leren in een

natuurlijke omgeving gedrag aan, ouders kunnen worden

betrokken als het bijvoorbeeld aankomt op doorzetten,

en jongeren houden bij de sport een ‘thuis’,

terwijl de jeugdzorg aan het eind van het traject

stopt. Het verblijf bij Jarabee kan korter, terwijl de

integratie in de maatschappij makkelijker gaat.

Gedeputeerde Ranter heeft gevraagd om de ervaring

die is opgedaan in Enschede te delen met de

Overijsselse Sport-raad, zodat meerdere gemeenten

ervan kunnen profiteren. Gerard Teunissen, lid Raad

van Bestuur van Jarabee, sloot de middag af met de

mededeling dat het traject zeer succesvol is en bijdraagt

aan de wijze waarop Jarabee op onorthodoxe

wijze zoveel mogelijk jongeren met een indicatie

voor jeugdzorg wil helpen.

Voor informatie: www.jarabee.nl

Jaarlijks geeft het fonds een aantal jongeren uit een

jeugdzorginstelling de kans om mee te varen. Het logo van

de Stichting Nationaal Fonds Kinderhulp is een ballon. Het

symboliseert de kwetsbaarheid van de kinderen, waarvoor

Kinderhulp werkt, maar geeft ook het stukje vrolijkheid

weer dat Kinderhulp deze kinderen wil bieden. Want nog

altijd hebben in Nederland ruim 200.000 kinderen te maken

met jeugdzorg, meestal als gevolg van een verstoorde thuissituatie.

Gelukkig bestaan er voor deze kinderen vele vormen van

hulp in de vorm van instellingen voor jeugdzorg. Echter

vaak ontbreekt het die instellingen aan voldoende budget

om ‘hun kinderen’ ook een weekje te laten kamperen, om

voldoende speel- en spelmateriaal aan te schaffen, om de

kinderen cursussen te laten volgen of te laten sporten. Voor

al die extra zaken, die voor de meeste kinderen zo gewoon

zijn, springt Kinderhulp bij. Een beetje gewoon geluk noemt

Kinderhulp dat. Al meer dan 45 jaar.

Hieronder een verslag van enkele jongeren:

“We gingen met z’n allen met de grijze bus van de Maten,

die we eerst op moesten halen, naar het Hulsbeek. Toen

we daar kwamen hoorden we gelijk dat we mee moesten

helpen om de ballon de lucht in te krijgen… pfoeh. Dit viel

uiteindelijk allemaal wel mee en al snel konden we

het mandje in kruipen die nog op de zij lag. De piloot kon

er gelukkig op het laatste moment ook nog bij in, want er

moesten al allemaal mensen aan het mandje hangen, omdat

hij al de lucht in wilde. Dat was echt wel even eng. Maar

een keer in de lucht was het helemaal vet!!”

“Je kon heel Oldenzaal zien omdat het zo helder was. We

hebben zelfs nog wat dingen geleerd, bijvoorbeeld wat

‘voet’ is. Onderweg hebben we heel veel reeën gezien en

een ‘getript’ konijn. Bij de landing lagen we er zowat uit. De

piloot had ons gezegd dat we moesten ontspannen, maar

dat hadden we een beetje te letterlijk genomen. Ook nu

Foto’s: Rien Jurg (Rien Jurg Promotions)

moesten we weer helpen met opruimen en dat was wel iets

harder werken dan het opblazen. Toen alles opgeruimd was,

werden we nog gedoopt met gras op ons hoofd en het werd

afgeblust met champagne. Er was een goede klik met de

jongeren van de Snellius, dat was wel chill! De ballonvaart

was echt übercool en de rest was helemaal scola!!”

Latex, Daniel en Liam, zelfstandigheidstraining Oldenzaal

12 ZorgMagazine

ZorgMagazine 13


Carint Reggeland

Trotse bewoonster van de Weijdehof

Ergocoaches

“Ze vond mijn slaapkamer

zo mooi”

De bewoners van De Weijdehof hebben eind maart hun intrek genomen in het gloednieuwe

pand op de hoek Ootmarsumsestraat-Schietspoel in Almelo. Vorig jaar kreeg

Marion Weinberg een rondleiding toen er nog volop gebouwd werd, dus is het extra leuk

om het nu bewoond te zien. Hoe gaat het met de bewoners en medewerkers? Hebben

zij hun draai al gevonden, zo’n vijf weken na de verhuizing? Marion Weinberg heeft een

gesprek met Sandra Analbers en Hetty Snippe, woonbegeleiders van woning 1, en één

van de zes bewoners.

“Ik vind het gezellig om samen koffie te drinken.”

Ludo Wilders, AVR adviseur/Preventiemedewerker.

ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente:

“Onze ergocoaches van Thuiszorg Noord West Twente &

De Koppel volgden een tweedaagse opleiding en mogen

zich nu dus Ergocoach noemen. Bij de ergocoaches

kunnen medewerkers terecht voor ergonomisch advies over

gezond tillen en/of til(hulp)middelen in een cliëntsituatie Een

geheel nieuw fenomeen is het binnen onze organisatie niet: bij

De Koppel werkten al enkele tilspecialisten. Deze tilspecialisten

zijn nu ook ‘omgedoopt’ tot ergocoaches. Er zijn nu zowel

binnen de verzorgingshuiszorg als binnen de Thuiszorg

ergocoaches.”

“De opleiding werd aangeboden door de Werkgeversvereniging

(WGV) en werd verzorgd door een fysiotherapeut

van het ziekenhuis in Enschede. Leuk om te vermelden is wel

dat onze organisatie de eerste regionale zorgaanbieder is die

gebruikt heeft gemaakt van de mogelijkheid ergocoaches op te

leiden via de WGV.”

www.ergocoaches.nl

Sandra ontvangt mij hartelijk in de woonkamer, waar een

meneer lekker in zijn stoel bij het raam zit te kijken, naar

wat er zoal op straat gebeurt. En dat is heel wat, want de

bewoners van woning 1 hebben onder meer uitzicht op de

vis- en bloemenwinkel. Een mevrouw vouwt aan de tafel

de was op. Een andere bewoonster ligt te rusten. Intussen

komt Hetty samen met een bewoonster terug, zij hebben

boodschappen gedaan. Met z’n allen zitten we aan de grote

tafel koffie te drinken en te praten.

Zelf beslissen

Sandra is heel enthousiast over de nieuwe woonvorm. Zij

heeft niet in een pilotproject gewerkt, maar heeft direct

aangegeven dat ze graag in een kleinschalig woonvorm

wilde werken. “Er is veel meer rust en ruimte voor de

bewoners. We kunnen de tijd nemen voor het ontbijt en het

avondeten. We eten ‘s avonds later en de bewoners gaan

later naar bed.” Hetty vult haar aan: “Vroeger moesten

we om kwart over vijf eten en om kwart over zes moesten

de karren weer terug naar de keuken. Nu kunnen we zelf

beslissen hoe laat we aan tafel gaan en hoe lang het duurt.”

Er is ook ruimte voor persoonlijke wensen van de bewoners.

Zo is er een bewoonster die eerst graag ontbijt en zich

daarna aankleedt. Dat mag hier. Ze koken zelf en verzorgen

zelf hun was. Sandra: “Als ik de aardappelen op tafel zet en

even wegloop om iets anders te doen, zijn de aardappelen

geschild als ik terugkom. Niet alle bewoners zijn even actief,

maar ik vind een gesprek even waardevol. Soms hebben

we een heel leuk gesprek, als ik aan het koken ben en een

bewoner even geuren komt opsnuiven.”

Meer vrijheid

De bewoners voelen zich hier op hun gemak. Een bewoonster

vertelt stralend dat ze bezoek had gekregen van een

oud-medebewoonster uit De Brug. “Zij vond mijn slaapkamer

zo mooi! Ik heb mijn eigen slaapkamer en daardoor

meer vrijheid. Als ik wil lezen voor het slapen gaan, kan

dat. Ik hoef geen rekening te houden met anderen op mijn

kamer en ik slaap ook heel goed.”

Tijdens het gesprek komt een mevrouw melden dat zij haar

moeder meeneemt naar de winkel. Een andere bewoonster

is vanmiddag door haar zoon opgehaald en meegenomen

Op de begane grond voeren zes bewoners met

dementie per woning een huishouden in een zogenoemde

kleinschalige woonvorm. Een team van

onder andere woonbegeleiders en verzorgenden

garandeert de zorg. Op de eerste verdieping zijn

woningen voor mensen met lichamelijke beperkingen.

Verder is er in De Weijdehof een aantal

appartementen, waarin ouderen zelfstandig wonen,

ondersteund door zorg die ze zelf inkopen.

“Rustig genieten van wat zich op straat afspeelt.”

naar zijn huis. Hetty: “De mantelzorgers halen de ouders

wel eens op voor een boodschap, maar helpen met koken is

toch een ander verhaal. Ze hebben waarschijnlijk nog een

beetje drempelvrees en moeten ook wennen aan de nieuwe

manier van wonen.”

Een paar bewoners zijn inmiddels vertrokken naar de

recreatiezaal, waar een quiz wordt georganiseerd in het

kader van de bevrijding. Als ik een rondleiding krijg door het

gebouw, hoor ik ze liedjes uit die tijd zingen.

Er is in korte tijd al veel bereikt. Ach, wat geeft het dat er

nog geen planbord hangt of dat er nog wat schilderijtjes

moeten worden opgehangen. Ik ben vier jaar geleden

verhuisd en op zolder moet ook nog wat worden opgehangen….

Ik weet zeker dat de bewoners en medewerkers

er samen iets gezelligs van maken en zo was het toch ook

bedoeld?

Voor informatie: www.carint.nl en www.reggeland.nl

14 ZorgMagazine

ZorgMagazine 15


Stchting Informele Zorg Twente

Zorgcentrum De Posten

Stichting Informele Zorg Twente

Tja, werken in de zorg waarom zou je dat nou doen? En dan ook nog met oude mensen.

Ja, juist dát is super interessant. Willem Marcelis, Directeur Zorgcentrum de Posten in

Enschede, vertelt.

De Stichting Informele Zorg Twente is actief op het

gebied van mantelzorgondersteuning: het Steunpunt

voor mantelzorgers!

“Ik ben zo blij dat jij er bent”

De Stichting Informele Zorg Twente is een organisatie die

zich bezighoudt met mantelzorgondersteuning. Voor de

duidelijkheid: een mantelzorger is iemand die zorgt voor

een naaste. Dat kan een partner zijn, een ouder of een

kind. Mantelzorg is de gewoonste zaak van de wereld. De

extra zorg voor elkaar in eigen kring is van alle tijd en de

bereidheid daartoe is nu ook nog groot.

Vaak is mantelzorg langdurig en in toenemende mate

intensief en daarmee loopt de mantelzorger zelf ook een

risico. Mantelzorgers kunnen in een sociaal isolement

terecht komen, kunnen over hun eigen ‘grenzen’ gaan en

daarmee lichamelijke en of psychische klachten krijgen.

Kunnen, want bij iedere mantelzorger is dat verschillend.

Er zijn nogal wat mantelzorgers in ons land. Er wordt op

dit moment uitgegaan van twee miljoen mantelzorgers (!)

die in Nederland actief zijn. Daarvan voelen zich 200.000

mantelzorgers zwaar belast of overbelast (bron: SCP).

Het zijn cijfers waar u misschien van schrikt. Meer dan 10%

van onze bevolking is mantelzorger en daarvan weer 10%

loopt risico’s door overbelasting. In Twente (bijna 600.000

inwoners) gaat dat al om 60.000 mantelzorgers en 6.000

overbelaste mantelzorgers.

Gelukkig is er in toenemende mate aandacht voor mantelzorgers

en hun soms kwetsbare positie. Vanaf zo’n 25 jaar

geleden zijn er in ons land organisaties opgericht, die zich

bezighouden met mantelzorgondersteuning. Eén van deze

organisaties is de onze: de Stichting Informele Zorg Twente

(SIZT), met tien lokale Steunpunten in tien Twentse gemeenten.

Vanaf de invoering van de Wmo gefinancierd door

de gemeenten in ons werkgebied. Mantelzorgondersteuning

staat als een van de prestatievelden genoemd in de Wmo.

In de lokale Steunpunten kunnen mantelzorgers bij onze

consulenten terecht voor allerlei vormen van ondersteuning

waaronder:

• het bieden van een luisterend oor

• informatie en advies

• praktische hulp door de inzet van vrijwillige thuishulp

• individuele belangenbehartiging

• het organiseren van bijeenkomsten voor mantelzorgers,

waarbij de ervaringen gedeeld kunnen worden

• het bieden van respijtmogelijkheden: de mantelzorger

wordt even ontlast van de altijd maar voortdurende

zorg.

De Steunpunten zijn allemaal makkelijk te vinden op een

herkenbare plaats in de gemeenten en laagdrempelig:

iedereen die dat wil kan er naar binnen lopen of even

telefonisch contact leggen. Steeds meer mantelzorgers

weten de weg naar één van de Steunpunten te vinden.

Veel mantelzorgers herkennen zich nog niet in de term

en vinden dat wat zij doen heel gewoon. Prima natuurlijk.

We proberen juist te voorkomen dat mantelzorgers in een

positie terecht komen die kwetsbaar wordt. Want u weet:

niet goed voor jezelf zorgen betekent per definitie, dat je

niet goed voor iemand anders kunt zorgen!

SIZT houdt zich de laatste jaren ook in toenemende

mate bezig met de ondersteuning van specifieke groepen

mantelzorgers die hun eigen behoeften hebben aan

ondersteuning:

• allochtone mantelzorgers

• jonge mantelzorgers

• mantelzorgers van GGZ-cliënten

• mantelzorgers van dementerenden.

Onze consulenten werken lokaal veel samen met andere

organisaties die werken met ‘zorgvrijwilligers’, zoals de

Zonnebloem, Rode Kruis et cetera. Maar ook met professionele

organisaties om de professionele zorg zo goed mogelijk

te laten aansluiten bij de informele zorg. Vooral met thuiszorgorganisaties

zijn de contacten intensief maar ook met

een organisatie als MEE Twente.

Voor meer informatie kunt u eens een kijkje nemen op onze

website: www.siztwente.nl.

“Je ontmoet veel verschillende mensen, die allemaal

verschillen in leeftijd, achtergrond en cultuur. Dit zijn

niet alleen bewoners en bezoekers, maar ook de vele

verschillende collega’s waar je mee samenwerkt. Dat is

één van de dingen die het werken in de (ouderen)zorg zo

bijzonder maakt.”

“Speciaal is ook, dat juist jij er bent voor de ouderen. Dat je

iets voor ze betekent en dat geeft niet alleen jou een goed

gevoel, maar ook je omgeving. En daar doe je het toch ook

voor. Het is heus niet elke dag even leuk, maar dat vind je in

geen enkele baan. In de zorg zijn het juist de kleine dingen

die het doen. Een glimlach, een twinkeling in de ogen. Jij

zorgt ervoor dat zij een leuke en zinvolle dag hebben. Je

werkt met je hart (en je hoofd) voor de ouderen.”

“Het mooie van dit vak is ook dat je de binnenkant van de

mens kan leren kennen. Maar daar moet je wel voor open

staan. Want naast alle verzorging die moet gebeuren kun

jij ook je eigen verhalen en leven delen. Maar je ervaart

ook dat de mensen hun verhalen, hun leven met jou willen

delen en dat is toch geweldig. Dat maakt dat jij zo heel

bijzonder bent voor de ouderen. Het is toch geweldig als

een cliënt tegen je zegt: ‘ik ben zo blij dat jij er bent’. “

“Bijzonder willen zijn. Niet alleen voor de bewoners

maar ook voor haar medewerkers. Dat is iets waar wij in

“ik ben zo

blij dat jij

er bent !!!”

Zorgcentrum de Posten veel waarde aan hechten. Het hart

in ons logo klopt niet alleen voor onze bewoners, maar

ook voor onze medewerkers. Een stimulerende en prettige

werkomgeving, dat is waar wij voor staan. Ons motto

Hartelijk, Huiselijk en Hulpvaardig loopt als een rode draad

door onze organisatie en dat zegt veel. Je voelt je er thuis.

En dat zien we terug in het personeelsverloop en de jaren

dat men voor ons werkt. Het personeelsverloop is gering en

er is een groot aantal medewerkers die hier al jaren werkt.

Wij zijn als organisatie trots op onze medewerkers en heel

erg blij dat ze er zijn.”

“Trots dat mag je best zijn, als je in de zorg werkt of er voor

kiest om straks in de zorg te gaan werken. Het is een mooi

vak, dat altijd in beweging is en waar persoonlijk contact

altijd zal blijven bestaan.”

“Ik ben in elk geval blij dat jij er bent om de zorg voor

ouderen nu en de toekomst te blijven verlenen.”

Voor informatie: www.deposten.nl

Zorgcentrum de Posten is onderdeel van Noaberzorg.

Een samenwerkingsverband van de vier Twentse

zorginstellingen Zorgfederatie Oldenzaal, Zorggroep

Manna, Bruggerbosch en Zorgcentrum de Posten.

Een keurmerk

voor kwalitatief

hoogwaardige zorg

met het karakter

van een goede

buur, warm en

gezellig, helpend,

verzorgend en

attent.

16 ZorgMagazine

ZorgMagazine 17


Mediant

Naviva

De psychiatrie, helemaal zo

‘gek’ nog niet

Corine Goorhuis, verpleegkundige in

opleiding, vertelt over hoe het is om te

werken binnen Mediant.

De afgelopen periode is er veel aandacht geweest voor het vak van kraamverzorgende.

De negatieve aspecten werden breed uitgemeten in de media. “Ik begrijp er niets van”,

zegt Annemiek Esmeijer. “Het beroep van kraamverzorgende is prachtig!”

Kraamverzorgende: wat een

prachtig vak!

“Mijn fascinatie voor het menselijk gedrag is ruim acht jaar

geleden begonnen. Ik werkte toen in de gehandicaptenzorg

als leerling mbo-v. Mijn drang om meer te weten te komen

over de ontwikkeling van het menselijk gedrag groeide. Mijn

belangstelling ging uit naar de vraag hoe je in bepaalde

gevallen de beste zorg kan bieden.”

“In september 2007 ben ik begonnen met het tweede jaar

van de hbo-v deeltijd. Omdat ik heel graag het geleerde

in de praktijk toe wilde passen, heb ik gesolliciteerd bij

Mediant. Ik ben gaan werken als verpleegkundige voor

het Poolbureau, wat betekent dat je flexibel inzetbaar bent

voor Mediant. Het is mogelijk om bij het Poolbureau een

contract op maat af te spreken, zodat je een goede balans

hebt tussen werkervaring opdoen, privé en studeren. Het

is voor mij ideaal om op deze manier mijn studie met het

werken te combineren. Iedere maand kun je doorgeven

wat en hoeveel je wilt gaan werken. De ene maand mag dit

meer zijn dan de andere. Die flexibiliteit van het Poolbureau

houdt ook in dat je met alle afdelingen binnen Mediant

kennismaakt. Je kunt zo heel goed bekijken welke doelgroep

het best bij je past.”

“Ik heb nu meer verdieping

in bepaalde zaken

Corine Goorhuis

kun je tenslotte veel leren. Door al deze ervaringen heb ik

een beeld ontwikkeld over Mediant en de psychiatrie.

Mediant ervaar ik als een betrouwbare, deskundige,

transparante, toegankelijke instelling die staat voor

individuele zorg. Mediant leert cliënten hun ziektebeeld te

accepteren en ermee omgaan. Verder stimuleert Mediant

de persoonlijk groei en ontwikkeling van medewerkers en

cliënten.”

“Als interim manager van een gezin in een onvergetelijke

periode van hun leven, maak je het verschil. Het werk is

afwisselend en je werkt met je handen, je hart en je hoofd.

Je bent eigen baas, komt veel verschillende mensen tegen

en je werkt zelfstandig. Kortom: een heerlijk vak!”

Annemiek Esmeijer heeft heel bewust gekozen voor de

kraam. Want het is toch prachtig om jonge moeders en

vaders te helpen bij de bevalling en de verzorging van hun

kindje. “Als de bevalling achter de rug is, hebben de jonge

ouders meteen een heleboel vragen. Zeker als het hun

eerste kindje is. Het geeft me voldoening als ik tijdens de

verzorging van de moeder en de baby veel van die vragen

kan beantwoorden en onzekerheden kan wegnemen.

Ik probeer de ouders zo te informeren, zodat ze met een

gerust hart de eerste, vaak spannende, nacht in kunnen.

We maken gezamenlijk afspraken over de invulling van de

uren. Alles wat ik doe, gaat in overleg met de ouders.“

“Je kunt je als kraamverzorgende specialiseren. We hebben

een eigen lactatiekundige dienst en er wordt hard gewerkt

aan het opzetten van partusteams. Zo kan je kiezen voor

verschillende aspecten van het vak of alles blijven doen.

Kortom, er zijn doorgroei- en specialisatiemogelijkheden

genoeg met gepaste werktijden. Hierdoor kan je het mooie

vak van kraamverzorgende goed combineren met je privésituatie.”

“We zijn bij Naviva allemaal een ambassadeur. We dragen

zoveel mogelijk uit dat kraamverzorgende een waardevol

en leuk vak is. Tijdens de maandelijkse werkoverleggen

met het hele team, wordt er veel gepraat over onze

ervaringen. Daarnaast zien we elkaar geregeld met de

verschillende bijscholingstrajecten. Ook staan we vaak

op informatieavonden in ziekenhuizen en op scholen.

Om aanstaande ouders en aanstaande collega’s net zo

enthousiast te maken als wij zijn.”

“Kraamverzorgende is een dienstverlenend vak, immers

de cliënt staat centraal. Daarom is het ook erg belangrijk

om de wensen van hen te kennen. Goed luisteren naar

deze wensen en combineren met de taken die minimaal

van je verwacht kunnen worden, zoals de verzorging van

moeder en kind, is dan ook erg belangrijk. Het vak van

kraamverzorgende is nooit saai. Elk gezin, elke situatie

is weer anders. En na acht dagen vertrek je

weer naar een nieuw gezin met andere regels

en andere wensen, om hen een onvergetelijke

kraamtijd te geven. Ik heb ontzettend leuke

collega's, kraamverzorgenden zijn echte

aanpakkers, ze kunnen hard werken, maar ook

hard lachen.”

“Toen er op de afdeling Opname Kortdurende Behandeling

een plekje vrij kwam voor een half jaar, werd ik door het

Poolbureau benaderd of dit misschien iets voor mij was.

Ik werk nu alweer een aantal maanden op deze afdeling

en ervaar zo ook hoe het is om op een vaste afdeling te

werken. Ik heb nu meer verdieping in bepaalde zaken en

dat is ook weer erg leerzaam.”

“Ik heb veelvuldig overleg en contact met psychiaters,

psychologen, teamgenoten, afdelingsassistentes en andere

disciplines, dit maakt het werk interessant, want van elkaar

“Het is iets wat momenteel

heel goed bij mij past!”

“Flexibiliteit, deskundigheidsbevordering, kennismaken met

verschillende doelgroepen, het leren van elkaar en er samen

voor gaan. Het is iets wat momenteel heel goed bij mij

past!”

Voor informatie: www.mediant.nl

Annemiek Esmeijer

Lijkt het je leuk om ook aan de slag te gaan

als kraamverzorgende bij Naviva kraamzorg?

Naviva kraamzorg is een moderne, betrokken

en professionele organisatie en we zijn

werkzaam in Overijssel, een groot gedeelte

van Gelderland en de Noordoostpolder. Meer

informatie: www.naviva.nl.

18 ZorgMagazine

ZorgMagazine 19


Thuiszorg Hanimeli

“Ieder is uniek”

Mevrouw Aykac-Metin is oprichtster van Thuiszorg Hanimeli. Zij was vele jaren

werkzaam in het sociaal-cultureel werk, waar zij zich met name bezighield met de

sociale activering van allochtone vrouwen. Daarnaast is zij voorzitter van de Stichting

Turkse Senioren Overijssel, een overkoepelende organisatie die zich op provinciaal

niveau inzet voor Turkse Senioren.

Zij heeft zowel in georganiseerd verband als privé 28 jaar

lang allerlei vrijwilligerswerk gedaan. In de loop der jaren

zag zij steeds duidelijker, dat voor vele allochtonen de

bestaande zorg- en hulpverlenende instellingen nauwelijks

toegankelijk waren. Op een gegeven moment werd zij

benaderd met de vraag, of zij zich zou willen bekommeren

om een alleenstaande oudere Turkse mevrouw. Tot haar

ontzetting trof zij een ernstig zieke vrouw, die op geen

enkele manier de hulp kreeg die zij nodig had.

Mevrouw was door meerdere vervelende ervaringen in het

verleden met artsen en ziekenhuizen, erg huiverig hulp van

Nederlandse instellingen te vragen. Toen zij jonger was

sprak ze redelijk Nederlands, maar door haar ouderdom

en lichamelijke gesteldheid was ze in een enorm isolement

geraakt en haar beheersing van het Nederlands helemaal

kwijtgeraakt. Mevrouw Aykac begon met een inventarisatie

en heeft vervolgens veel voor deze mevrouw gedaan.

Er was echter zoveel te doen en in combinatie met de

zorgbehoefte, die zij al bij anderen had gezien, besloot

ze om een professionele organisatie op te zetten om deze

mensen te helpen. Intussen zet zij zich sinds eind 2005

met al haar kracht en energie in, om te zorgen dat ook

allochtonen adequate zorg en hulp krijgen.

Thuiszorg Hanimeli is inmiddels uitgegroeid tot een

organisatie met bijna tachtig medewerkers en enkele

honderden cliënten. Zowel de medewerkers als de cliënten

hebben allerlei verschillende culturele en religieuze

achtergronden. Tijdens de gemeenschappelijke pauzes zie

je een mengelmoes aan nationaliteiten, vrouwen met of

zonder hoofddoek, blondharigen naast zwart- of roodharigen

en ook mannen die enthousiast ervaringen uitwisselen over

hun werk. Wie je ook spreekt van de medewerkers, ze zijn

er allen van overtuigd dat hun werk van belang is en dat

een organisatie als deze hard nodig was.

Ondanks dat ze lange dagen maakt, reageert mevrouw

Aykac-Metin weer bruisend van dadendrang en

enthousiasme, als haar gevraagd wordt om te vertellen over

de zorg en de hulp die zij haar cliënten biedt. Volgens haar

ontstaan er door gebrekkige communicatie en wederzijds

onbegrip soms erg schrijnende toestanden, daar waar

mensen hulp nodig hebben maar niet de juiste weg weten

te bewandelen om hulp te krijgen. “Soms zijn het maar

hele kleine dingen die je doet, waardoor het welzijn van

mensen enorm verbeterd kan worden. Zowel lichamelijk als

psychisch ervaren mensen soms voor het eerst, sinds vele

jaren, weer plezier in hun bestaan. Als je van het leven en

van mensen houdt, dan kun je niet je ogen sluiten voor het

leed van wie dan ook. Door het werk wat wij doen, kunnen

we zoveel voor mensen betekenen. En als ik een enkele

keer voel hoe moe ik ben, hoef ik maar te denken aan hoe

sommigen van onze cliënten eerst enkel konden huilen

en nu weer lachen en genieten van dingen. Dat drijft me

steeds weer voort.”

“Er is niet een dag hetzelfde, niet een mens te vergelijken

met een ander. Ieder is uniek en door ons werk hebben wij

het voorrecht, met ieders unieke persoonlijkheid kennis te

maken en een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van zijn

of haar leven.”

“Er zullen altijd mensen zijn die

zonder speciale aandacht tussen

wal en schip vallen

Medewerkers worden soms ook naar reguliere opleidingen

gestuurd. Zo zijn al enkele medewerksters geschoold tot

activiteitenbegeleidsters of sociaal-pedagogisch hulpverlener.

“Soms zijn het maar hele kleine

dingen waardoor het welzijn van

mensen enorm verbeterd wordt”

“In Nederland wonen mensen afkomstig uit vele

verschillende landen. Ondanks inburgeringcursussen zal er

altijd een groep mensen zijn, die zonder speciale aandacht

tussen wal en schip vallen. Zeker als mensen ouder worden,

zoals de eerste generatie voormalige ‘gastarbeiders’, vallen

zij weer terug op hun eigen taal, gebruiken en gewoontes.

Door het bestaan van een organisatie als Thuiszorg

Hanimeli, die zowel de benodigde zorg levert als ook

samenwerkt met andere organisaties, of daar waar nodig

een brugfunctie vervullen naar Nederlandse organisaties,

kunnen ook deze mensen zo lang mogelijk zelfstandig en

actief deel uit blijven maken van de samenleving.”

Voor informatie: www.thuiszorghanimeli.nl

De medewerkers van Thuiszorg Hanimeli met op de onderste rij tweede van links mevrouw Aykac-Metin.

Naast haar streven om mensen met een zorg- of

hulpbehoefte te voorzien van goede zorg en hulp, had

mevrouw Aykac-Metin ook het ideaal om allochtone

vrouwen, die elders soms moeilijk aan het werk komen, te

stimuleren te gaan werken en een opleiding te volgen. Zelf

is zij afkomstig uit Turkije, vanwege haar huwelijk met haar

in Nederland wonende verloofde, is zij in de jaren zeventig

naar Nederland gekomen. In Turkije was ze gewend te

werken en een eigen vriendenkring en eigen activiteiten

te hebben. Met veel inzet heeft ze zich op korte termijn de

Nederlandse taal eigen gemaakt en door vrijwilligerswerk

en het volgen van opleidingen, ook hier in Nederland haar

draai gevonden. Het betreurde haar om te zien dat zoveel

allochtone vrouwen nauwelijks deel uit maakten van het

maatschappelijke leven. Bij Thuiszorg Hanimeli biedt zij deze

vrouwen een kans op werk en een opleiding. De organisatie

heeft intern allerlei op maat ontwikkelde trainingen.

20 ZorgMagazine

ZorgMagazine 21


Zorggroep Manna

Tevreden cliënt dankzij

zorgconsulent

Manna Zorggroep biedt cliënten thuiszorg op maat. Om ervoor te zorgen dat alles naar

wens verloopt, heeft Manna onder meer een zorgconsulent in dienst, Simone Eshuis. Zij

vertelt in dit interview wat haar functie inhoudt en wat er zo leuk aan is.

Wat houdt de functie ‘zorgconsulent’ in?

“Een zorgconsulent is betrokken bij het hele zorgproces. Als

een nieuwe cliënt zich aanmeldt bij Zorggroep Manna, dan

ben ik meestal de eerste die ze spreken. Ik neem eerst de

algemene gegevens van de cliënt door en probeer zo goed

mogelijk een beeld te krijgen van de gewenste zorgvraag.

Vervolgens ga ik of de Eerst Verantwoordelijke Verzorgende

bij de cliënt langs voor een intakegesprek. Daarnaast houd

Rechts op de foto Simone Eshuis, zorgconsulent voor de

thuiszorg van Zorggroep Manna. Links Marjan Schreuder,

maatschappelijk werker van het verzorgingshuis van

Zorggroep Manna. Beide personen vervullen een belangrijke

ondersteunende rol in het zorgproces.

ik ook evaluatiegesprekken met cliënten. Zowel tijdens de

zorgverlening als aan het eind van de zorgperiode. Eigenlijk

is mijn werk het tevreden houden van alle cliënten. En dat is

erg leuk!”

Waarom heb je voor een functie in de thuiszorg

gekozen?

“Het leuke aan de thuiszorg is, dat je te gast bent bij een

cliënt. Het is geen ‘zorgomgeving’, je bent echt bij iemand

thuis te gast. Je moet dus creatief zijn in het zorg verlenen.

Samen met je collega’s doe je er alles aan er voor te

zorgen dat de cliënt kan zijn waar ze willen zijn. En dat is

eigenlijk altijd: thuis. Het is makkelijk om over de rug van

een cliënt beslissingen te nemen. Maar we willen graag de

cliënt ondersteunen. Wil de cliënt thuis wonen? Dan willen

we er alles aan doen om daarvoor te zorgen. Dat is toch

logisch? In mijn werk als zorgconsulent speel ik daarin een

belangrijke rol. In zo’n situatie ben ik de contactpersoon

voor alle betrokken mensen.”

“Je voelt je hier echt snel thuis!

Het is een gezellige boel met

al mijn collega’s”

Stel dat ik een dag met je mee zou lopen, wat zou ik

dan zeggen over het werk als zorgconsulent?

“Het werk is zo afwisselend dat je elke dag weer andere

dingen doet en meemaakt. Een ‘gemiddelde werkdag’

bestaat er eigenlijk niet in deze functie. De ene dag bezoek

ik cliënten. De volgende dag ben ik een collega aan het

adviseren hoe om te gaan met een bepaalde zorgsituatie.

En het volgende moment zit ik in het ziekenhuis met een

mevrouw te praten die na haar ontslag uit het ziekenhuis

zorg wil ontvangen.”

“Het werk als zorgconsulent is gewoon nooit saai! Het

is altijd weer anders. En dat vind ik het mooie aan deze

functie, het is wel een echte zorgfunctie, maar nooit

hetzelfde. En je werkt met allemaal verschillende cliënten:

ouderen, jongeren, mensen met lichamelijke beperkingen of

mensen die psychische ondersteuning nodig hebben.”

En waarom doe je dit werk bij Zorggroep Manna?

“Voor mij betekent werken bij Zorggroep Manna dat je met

z’n allen werkt vanuit dezelfde basis: je naaste liefhebben

als jezelf. Je voelt je hier echt snel thuis! Het is een gezellige

boel met al mijn collega’s.”

“Verder kan ik uit eigen ervaring zeggen dat Zorggroep

Manna kwalitatieve zorg verleent. We hebben een

HKZ-certificaat en op het intranet staat alles op een

gestructureerde manier beschreven. Lekker overzichtelijk!”

Wat wil je verder nog kwijt?

“Dit werk geeft me echt voldoening. Het is fijn om mensen

van dienst te kunnen zijn, te helpen. Trouwens, een goed

beeld van het werken als zorgconsulent krijg je wanneer je

gewoon eens een dagje mee loopt. Daarvoor kun je contact

opnemen met Jolanda Dam (tel. 053 - 48 323 00).”

Voor informatie: www.zorggroep-manna.nl

Hbo-v’ers richten zich

op ouderenzorg

Esther Nijhof zit in het derde jaar

van de opleiding hbo-v van Saxion

Hogescholen Enschede. In het tweede

jaar heeft zij stage gelopen bij Thuiszorg Noord West

Twente, locatie Rijssen, en heeft daar een erg leuke en

leerzame stage gehad. Momenteel werkt ze daar nog steeds

als oproepkracht. Ze zit in een speciaal project genaamd het

VGG project: Verpleegkundige Gerontologie & Geriatrie.

“Gerontologie is de wetenschap die zich bezighoudt met

het proces van ouder worden. In de geriatrie houdt men

zich bezig met de specifieke problematiek van de oudere

mens. Denk hierbij aan het voorkomen van meerdere

aandoeningen tegelijk (co- of multimorbiditeit), of het

gebruik van meerdere medicijnen tegelijk (polyfarmacie).”

“Het doel van dit project is om de plek van de hbo-v’er in

de ouderenzorg te ontdekken en vorm te geven. Dit is in

2006 op een aantal plekken in Nederland van start gegaan.

Zo ook binnen Saxion Hogeschool te Enschede. Allereerst

was er een pilotprojectgroep van vier studenten die vorig

jaar zijn afgestudeerd. Afgelopen studiejaar begonnen vier

studenten in een intramurale setting en vier studenten in

een extramurale setting. Ik koos voor de extramurale zorg,

om de afwisselende manier van zorgverlening. Je staat bij

elke cliënt weer voor een nieuwe uitdaging.”

“Tijdens dit project van zestig weken, heb je de kans om je

goed te profileren binnen de instelling. Vaak loop je maar

tien of twintig weken stage en krijg je niet de kans om

echt iets voor de instelling te kunnen betekenen. Als VGGprojectgroep

werken wij opdrachten gezamenlijk uit, met

als doel het creëren van een win-win situatie met de stageinstelling.

Zo maken we bijvoorbeeld nieuwe protocollen

voor twee zorginstellingen die net gefuseerd zijn.”

“De extramurale projectgroep bestaat uit vier personen met

verschillende kwaliteiten. De één is goed in de theoretische

en de ander is goed in de praktische aspecten van de zorg.

De projectgroep heeft veel geleerd, zoals het leren omgaan

met verschillende leerstijlen binnen de groep en je weten

te verdiepen in een andere factor van zorg, die je voorheen

minder aansprak. Daarnaast hebben we vele activiteiten

ondernomen om de ouderenzorg te promoten binnen

zowel de opleiding hbo-v en als de stage-instelling. Deze

acties hebben veel hbo-v’ers aan het denken gezet over de

ouderenzorg. De ouderenzorg, die vooral in de toekomstige

jaren van belang zal zijn, met de vergrijzing op komst.”

Kijk voor meer informatie op het VGG Blog via:

http://vggblog.blogspot.com, of stuur een email naar:

vgg2007@live.com.

22 ZorgMagazine ZorgMagazine 23


ROSET

Overname huisartsenpraktijk

prima gelukt

Harry-Frans Hesselink heeft sinds april 2007 een praktijk overgenomen in Borne. “Ik

werk met veel plezier”, vertelt hij. Harry-Frans Hesselink was bedrijfsarts, maar besloot

enkele jaren geleden toch te kiezen voor de huisartsengeneeskunde. Na elf jaar

oefent hij het vak uit waar hij oorspronkelijk voor heeft gestudeerd. Het vak dat hij zo

aantrekkelijk vindt vanwege het contact met een `eigen’ groep patiënten, die hij als arts

in alle fases van het leven mag meemaken.

Vorig jaar nam hij een bestaande praktijk over. Hij kreeg

daarbij hulp van ROSET. “Mijn voorganger had 35 jaar als

huisarts gewerkt. Hij had een praktijk aan huis. Aanvankelijk

ben ik daar met mijn werk begonnen, maar dat kon ik

natuurlijk niet blijven doen. Ik zocht een eigen nieuwe

ruimte. Ik wilde graag van een onafhankelijke, deskundige

partij horen aan welke maatstaven ik moest voldoen, en hoe

ik die situatie kon bereiken. Dat is prima gelukt.”

Harry-Frans Hesselink nam samen met een collega-huisarts

zijn intrek op de begane grond van een appartementencomplex

aan de Parallelweg in Borne, in afwachting van

de bouw van een nieuw gezondheidscentrum waar tal van

(para-)medische beroepsgroepen naartoe zullen verhuizen.

Naar verwachting duurt het nog twee jaar voordat het

nieuwe centrum kan worden geopend. “Zolang zitten wij

hier in deze proef-HOED (Huisartsen Onder Eén Dak)”,

vertelt Harry-Frans Hesselink. “Verder zijn onze assistentes

via de preventie-afdeling van ROSET opgeleid in het

uitvoeren van de handelingen die nodig zijn voor het cervixbevolkingsonderzoek.

Ook hebben ze een triagecursus

gevolgd.” Daarnaast hebben de artsen van de HOED

een zorgketen opgezet voor patiënten met chronische

longziekten (COPD), met ondersteuning van ROSET.

“Ik wilde graag

advies van een

deskundige partij”

“Ook bij de realisatie van het

nieuwe gezondheidscentrum

adviseert een medewerker

van ROSET”, vertelt de

huisarts. “Deze adviseur

woont de vergaderingen

bij en adviseert ons waar

nodig. Er zitten dan zo’n

tien mensen bij elkaar. Het

is prettig als er iemand

aanwezig is die het proces

volgt, en waar nodig bij

zaken bemiddelt. ROSET

en ik zullen elkaar ook

in de toekomst dus nog

regelmatig tegenkomen.”

Op de vraag wat Sonja Wolbers als manager personeelszaken bij ROSET kan doen voor

de werkers in de eerstelijnszorg in Twente, heeft ze niet een-twee-drie een antwoord.

Manager personeelszaken

kan bij ‘zo veel’ dingen helpen

“Het is zo veel”, zegt ze. Maar dan volgt toch een

voorzichtige opsomming. Ze kan een rol spelen bij

sollicitatieprocedures, bemiddelen bij arbeidsconflicten,

adviseren over de inschaling van personeelsleden, helpen bij

het opstellen van taakomschrijvingen en het terugdringen

van ziekteverzuim.

“Soms komen mensen

er onderling niet meer uit”

“Mijn werk bestaat grofweg uit vier pijlers: arbeidsinhoud,

arbeidsrelaties, arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden.

Alles wat ik doe, kun je onder één van

deze noemers scharen.”

“Zo kan ik bijvoorbeeld huisartsen bijstaan die een nieuwe

assistente zoeken, maar niet precies weten hoe ze het

moeten aanpakken. In overleg lever ik ondersteuning

op maat, van het opstellen van een advertentietekst tot

het aanwezig zijn bij sollicitatiegesprekken”, vertelt Sonja

Wolbers.

Als manager personeelszaken bij ROSET krijgt ze ook

regelmatig verzoeken, die te maken hebben met het

invoeren van functioneringsgesprekken. “Ik heb daar een

beleidsnotitie over geschreven. Die notitie stuur ik eerst toe.

Naar aanleiding daarvan, komt vaak de vraag of ik bij die

gesprekken aanwezig zou willen zijn. De huisarts voert dan

de gesprekken en wil vervolgens graag feedback van mij.

Het valt mij altijd op hoe open ze daarin zijn.”

Recent heeft Sonja Wolbers ook bemiddeld in een

arbeidsconflict. “Soms komen mensen er onderling niet

meer uit en is het verstandig er iemand van buitenaf bij te

halen, iemand die met een helikopterview naar het conflict

kijkt, die het conflict concreet benoemt en probeert partijen

weer bij elkaar te brengen’, zegt ze.

“Verder kunnen huisartsen die graag een praktijkondersteuner

willen aantrekken, ook bij de manager personeelszaken

terecht. ‘ROSET kan ze werven, maar heeft ook zelf

praktijkondersteuners in portefeuille die kunnen worden

gedetacheerd in een

huisartsenpraktijk.

Wij begeleiden deze

praktijkondersteuners

dan. We zorgen dat er

evaluatiegesprekken

worden georganiseerd

tussen huisarts,

ondersteuner en

ROSET.”

Kijk voor meer

informatie op

www.roset-twente.nl.

24 ZorgMagazine

ZorgMagazine 25


ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente

Project ‘Mooi meegenomen

“Verplegen is zoveel meer”

valt in de prijzen

Mooi meegenomen is de naam van de boodschappendienst waar ZorgAccent en haar

fusiepartner Thuiszorg Noord West Twente in samenwerking met Stichting de Welle in

mei mee start. De boodschappendienst is bedoeld voor kwetsbare senioren, 60-plussers

en mensen met een lichamelijke- psychische- of sociale beperking in de gemeente

Hellendoorn.

Groot verschil met andere boodschappendiensten

is dat deze dienst de ouderen naar

de boodschappen brengt, in plaats van

de boodschappen (of maaltijden) naar de

ouderen zoals andere boodschappendiensten.

Dat het idee op waardering uit de

maatschappij kan rekenen blijkt uit de

toekenning van de hoofdprijs van de Rabo

Projectprijs Extra á 5.000 euro.

Hoge waardering

“Zo’n prijs is natuurlijk een goed begin en

mooi meegenomen”, geeft initiator Rietje Klei

aan. “We zijn er erg blij mee en kunnen het

goed gebruiken. Ook is het fijn te weten dat ons project

op zo’n hoge waardering kon rekenen van de leden van de

Rabobank, die uiteindelijk bepaalden welk bedrag naar welk

project ging.”

Ouderen uit isolement halen

Klei benadrukt de andere aanpak van dit project in vergelijking

met overige boodschappendiensten. “Met het bezorgen

van boodschappen en maaltijden blijven ouderen geïsoleerd

in hun woning. Daarom brengen wij mensen naar de

boodschappen en de maaltijden toe. Met behulp van Mooi

Meegenomen kunnen ouderen, die niet meer zelfstandig

boodschappen kunnen doen, weer een winkel bezoeken

of deelnemen aan leuke activiteiten. Zij krijgen hulp en

begeleiding van vrijwilligers. Dit gebeurt doorgaans in

groepsverband. Het boodschappen doen is niet het feitelijke

doel, maar middel om ouderen uit hun isolement te halen.

Door gewone bezigheden krijgen ouderen weer aanspraak.”

Samenwerking

Het idee voor een boodschappenbus is geboren in de

werkgroep Vrijwilligerswerk & Mantelzorg/ Hellendoorn in

Aktie. Mooi meegenomen is een samenwerkingsproject

met Stichting De Welle. “Een goede samenwerking”, geeft

Klei aan. “Voor Stichting de Welle is een belangrijke taak

weggelegd om de participatie en de zelfredzaamheid van

senioren in de gemeente te bevorderen. Mooi meegenomen

kan hierin een belangrijke rol vervullen. ZorgAccent heeft

ervaring in groepsvervoer van ouderen, begeleidt door

vrijwilligers. Door samen te werken kan er gebruik worden

gemaakt van de kennis, ervaring en infrastructuur die al

aanwezig is bij deze organisaties om te starten met een

dergelijke activiteit.”

Zinvol vrijwilligerswerk

Naast het feit dat Mooi meegenomen eenzame ouderen

uit hun isolement wil halen en de zelfredzaamheid wil

bevorderen, geeft het project tevens zinvol (vrijwilligers)

werk aan vitale senioren die vrijwilligerswerk willen doen

en/of voor mensen die buiten het arbeidsproces zijn. Een

goed voorbeeld dus van ‘omzien naar elkaar’ dus!

Vrijwilligers gezocht!

ZorgAccent en De Welle willen graag in contact komen met

mensen die als begeleider en als chauffeur, vrijwillig, mee

willen rijden met Mooi Meegenomen.

Jeanine Steen is in juli 2007 afgestudeerd als verpleegkundige niveau 4. Tijdens die

opleiding heeft zij in totaal 85 weken binnen verschillende zorginstellingen stage

gelopen. Hierdoor heeft zij een redelijk duidelijk beeld kunnen krijgen van alle

verschillende doelgroepen binnen de zorg.

“Waarom werk ik in de zorg? En waarom heb ik ervoor

gekozen om binnen de specifieke doelgroep van Korsakov

cliënten te werken? Die vragen worden me vaak gesteld.”

Google en de realiteit

“Toen ik hoorde dat ik stage moest lopen bij ZorgAccent

in Hellendoorn op een afdeling waar cliënten verbleven

met het syndroom van Korsakov, vond ik dit vreselijk! Op

internet had ik al wat informatie opgezocht. Toen ik het

trefwoord ‘korsakov’ intoetste op google, kreeg ik allemaal

informatie over ‘hoe om te gaan met agressief gedrag’ e.d.

Hier schrok ik erg van. Ik was de zorg niet ingegaan om

me in elkaar te laten slaan! Ik wilde mensen helpen maar

niet zo. Tijdens de eerste week bleek al dat ik een zwaar

Aanmelden en/of informatie?

Rietje Klei, ZorgAccent en Thuiszorg Noord West

Twente 0900 0678, r.klei@tnwt.nl of Saskia Schreurs,

de Welle, 0548 638810.

In Nederland leven ongeveer 1 miljoen ouderen die

zich af en toe eenzaam voelen, 200.000 zijn extreem

eenzaam – zij krijgen nooit bezoek. Eenzaamheid

ondermijnt de draagkracht van mensen. Daarmee

neemt ook de kans toe dat gezondheidsklachten

optreden, zowel lichamelijk als geestelijk. Eigenwaarde

en zelfvertrouwen krijgen een deuk. Daardoor raken

ouderen in een vicieuze cirkel die ze zelf moeilijk

kunnen doorbreken. Bij het ouder worden speelt de

algehele vermindering van de mobiliteit een belangrijke

rol. De vermindering van sociale contacten wegens

gebrek aan mobiliteit verdient speciale aandacht. Mooi

meegenomen speelt hierop in.

vertekend beeld gekregen had. Want er kwam juist heel

erg weinig agressief gedrag voor, en dan nog voornamelijk

verbale agressie! En wanneer er agressief gedrag voorkwam,

was dit in de meeste gevallen te wijten aan een

verkeerde benaderingswijze. Ook leerde ik hoe kleine dingen

- zoals een klok die niet op tijd loopt - grote effecten kunnen

hebben op het gedrag van een zorgvrager. Uiteindelijk heb

ik op deze afdeling de leukste en leerzaamste stage gehad.

Omdat ik het zo leuk vond, heb ik daarna nog drie zomers

vakantiewerk gedaan op deze afdeling. Dit had ik van te

voren dus echt nooit gedacht!”

Mensen zijn boeiend

“Het werken in de zorg heeft ontzettend veel leuke

aspecten. Eén van de leukste aspecten van het werken als

verpleegkundige vind ik het contact met mensen. Hierbij

bedoel ik medezorgverleners, zorgvragers en eventuele

familieleden. Mensen vind ik boeiend en het zorgt er ook

voor dat het werken afwisselend blijft. Want doordat je met

mensen werkt, ziet geen dag er hetzelfde uit!”

Kwetsbaarste momenten

“Verplegen gaat zo veel verder dan alleen mensen wassen

of medicatie toedienen. Verplegen draait om respect, om

het bijstaan van zorgvragers in de kwetsbaarste momenten

van hun leven. Verder wordt er geprobeerd de zorgvrager

zoveel mogelijk hun eigenwaarde laten behouden. Dit wordt

onder anderen gedaan door de taken die de zorgvrager nog

zelfstandig uit kan voeren, zelf te laten doen. En bij hetgeen

niet meer zelfstandig gaat, ondersteuning aanbieden of

taken overnemen.”

Zo aangenaam mogelijk

“In de zorg krijg je altijd te maken met zorgvragers, die in

een situatie zitten waarin ze liever niet gezeten hadden. Dit

kun je als verpleegkundige uiteraard niet veranderen. Maar

wat ik zo mooi vind, is dat wij als verpleegkundigen kunnen

proberen deze moeilijke situatie zo draaglijk en aangenaam

mogelijk te maken.”

Voor informatie: www.zorgaccent.nl

26 ZorgMagazine ZorgMagazine 27


Stichting Humanitas Onder Dak Twente

“Alles behalve saai”

Liedeke Simonetti is 31 jaar en werkt inmiddels zes jaar in de Maatschappelijk Opvang

waarvan vijf jaar bij Humanitas Onder Dak Twente als trajectbegeleider ambulante

woonbegeleiding.

Liedeke, hoe vind je jouw baan in de zorg?

“In mijn werk krijg ik de kans om met heel verschillende

mensen kennis te maken en ze zo goed mogelijk te leren

kennen. Daarbij krijg ik ook de kans om dicht bij iemands

privéleven te staan. Ik ervaar het elke keer weer als

bijzonder dat mensen ons het vertrouwen geven waarbij wij

tijdelijk deel van hun leven uit mogen maken.”

Wat doet een trajectbegeleider?

“Als trajectbegeleider stippel je samen met de cliënt een

route uit, om de doelen die zij zichzelf stellen te bereiken.

Aangezien dit vaak een moeilijke periode in hun leven is,

zie je met regelmaat grote veranderingen die zij ondergaan.

De uitdaging zit voor mij in de diversiteit aan cliënten.

Humanitas Onder Dak zorgt voor de maatschappelijke

opvang van dak- en thuislozen. Aangezien ik heb gemerkt

dat mensen uit alle sociale lagen van de samenleving

dak- of thuisloos kunnen worden, is de diversiteit aan

problematiek ook zeer groot. Wij zijn niet gespecialiseerd

in bijvoorbeeld LVG, psychiatrie of verslaving, maar als

begeleider weet je wel hoe je daar professioneel mee om

moet gaan en hoe je met de cliënt de juiste hulpverlening

kunt vinden.”

“Bijzonder dat mensen ons

het vertrouwen geven

Welke rol heeft de cliënt in zo’n traject?

“Het welzijn van de cliënt staat centraal en vooral de hulp

bij het probleemveld waar hij of zij het meest behoefte aan

heeft. Kunnen wij dat niet bieden, dan gaan wij er naar op

zoek. De cliënt leert weer regie te nemen over zijn of haar

eigen leven en werkt met behulp van een stappenplan aan

zijn eigen traject. De doelen die de cliënt wil behalen zijn

het uitgangspunt. Dat vind ik soms wel moeilijk als een

cliënt een zelfgesteld doel wil halen, maar ik dan ‘beren

op de weg’ zie. Natuurlijk kun je de cliënt wel van raad en

advies voorzien en een richting meegeven. Dit zijn voor mij

leermomenten. Dat houdt me scherp en zorgt ervoor dat ik

flexibel in mijn hulpverlening blijf.”

“Het overleg met collega’s is in dit soort situaties erg

belangrijk. Andere inzichten en mogelijkheden die collega’s

aanreiken zorgen ervoor dat ik verder kan met die specifieke

situatie.”

Vanuit welke grondslag werkt Humanitas Onder

Dak?

“Humanitas Onder Dak werkt vanuit Humanistische visie.

Om daar iets zinvols over te zeggen kan ik wel het hele

handboek van de organisatie overtypen, maar wat voor

mij erg belangrijk is in het werk, is de Maslov-theorie.

Dat houdt in dat je de cliënt begeleidt vanuit zijn of haar

basisbehoeften en dan steeds verder uitbreidt op de

piramide van Maslov. Als die basis niet goed verankerd is,

dan is het ook niet mogelijk om andere aspecten van het

leven te hanteren. Daarbij staat de gehele persoonlijkheid

van de cliënt centraal en niet alleen één aspect dat tijdelijk

niet op orde is.”

Volg je ook de politieke ontwikkelingen in de

zorgsector?

“In mijn beleving werk ik ‘nog maar’ zes jaar in de zorg.

Ik heb ondertussen veel veranderingen meegemaakt.

Veranderingen in de financiering (AWBZ), nieuwe regels en

richtlijnen en grotere administratieve werkdruk. Dat heeft

merkbaar effect op het dagelijks werk.”

“Al met al houdt dit werk mij

met beide benen op de grond”

“De nadruk is steeds meer op het registreren komen te

liggen. Elk gesprek, elke aanmelding moet geregistreerd

worden. Af en toe word ik daar ontzettend moe van en

baal ik ook wel eens van die administratieve taak. Ik vind

het soms ook jammer van de tijd, die je ook direct aan de

cliënt had kunnen besteden. Aan de andere kant zorgt dit er

ook voor, dat inzichtelijk wordt gemaakt hoe zorgvuldig wij

elke dag opnieuw ons werk doen en daar ben ik ontzettend

trots op. Politieke beslissingen merk je direct in het

werkveld. Ik ga er ook van uit dat ik over een jaar of tien

relativerend kan terugkijken. De wijze waarop wij nu onze

zorg administratief vastleggen, vinden we dan misschien

wel lachwekkend en zal tegen die tijd als een ‘prehistorische

manier’ van registreren worden gezien.”

Kortom, alles behalve saai?

“Al met al houdt dit werk mij met beide benen op de grond.

Het zorgt ervoor dat ik nuchter blijf in mijn handelen en

denken. Elke dag kom ik diversiteit en creativiteit tegen en

elke dag ervaar ik als een uitdaging op de verschillende

vlakken in het werkveld. Ik ben blij dat ik zo’n fijne baan

heb!”

Voor informatie: www.humanitasonderdak.nl

Humanitas Onder Dak geeft ondersteuning

en begeleiding aan cliënten in verschillende

facetten van het leven. Ik zeg altijd: “Van

administratie tot aan huishouden.” Deze

zorg en hulp is dus heel breed en daardoor

ook heel divers. Daarom vind ik mijn werk

fantastisch.

28 ZorgMagazine ZorgMagazine 29


AriënsZorgpalet

Symposium

‘Waar doen

we het voor?’

Een inspirerende

middag voor

AriënsZorgpalet

In 2007 organiseerde AriënsZorgpalet in

samenwerking met Reliëf voor het eerst

het symposium ‘Waar doen we het voor’.

Iedereen kijkt met een positief gevoel

terug op deze bijzondere middag, waarin

er volop aandacht was voor elkaar, het

werken in de zorg, motivatie en morele

dilemma’s. Genoeg reden voor AriënsZorgpalet

om ook in 2008 ruimte te bieden aan

dit unieke initiatief.

Werken in de zorg is vaak hard werken,

het vraagt inzet, competenties en vaardigheden.

Maar echt waardevol wordt de

zorg als er een goede zorgrelatie ontstaat,

met collega’s en vooral met cliënten.

Werken in de zorg gaat namelijk over

contact, aandacht, beleven en samen zijn.

Iedereen heeft zo voor zichzelf gekozen

voor de zorg, met een reden, een motivatie.

En daar werd bij stilgestaan tijdens dit

symposium, met inspirerende anekdotes

en herkenbare voorbeelden.

Het symposium ‘Waar doen we het voor’

stond vooral in het teken van herkenning

en erkenning. Medewerkers van

AriënsZorgpalet waren uitgenodigd om

het symposium bij te wonen. Het was

een ontspannen middag, waar verhalen

werden verteld, waar aan de hand van

een casus de ethische kant werd belicht

en waar ruimte was voor discussie. Er was

tijd voor tips, anekdotes en eigen initia-

tieven. De trefzekere voorbeelden

ontroerden, prikkelden en amuseerden.

Tegelijkertijd werden vraagtekens gezet bij

allerlei vanzelfsprekendheden, die je direct

aan het denken zette.

Er was een verhalenvertelster die vanuit

cliëntperspectief de praktijk treffend wist

te verwoorden. ‘Waar gaat het om in de

zorg? En hoe zien de cliënten de praktijk?

Gaat het om die lach en die traan, om de

grootmoedigheid, de stoutmoedigheid,

de zachtmoedigheid, of om de humor en

kwetsbaarheid?’ Ze bracht de personages

tot leven met herkenbare

voorbeelden,

zo uit de praktijk

gegrepen.

Natuurlijk was er ook

ruimte voor eigen

verhalen en tips.

De collega die vertelde dat ze na elke

wasbeurt de cliënten gauw even insmeert

met bodylotion. Dat kost dan wel even

twee minuten tijd, maar ze hebben er de

hele dag plezier van! Of de collega die

nog even een extra kopje thee brengt bij

een verdrietige cliënt. Het gaat om kleine

gebaren die nu juist het verschil kunnen

maken!

Daarnaast werd er stilgestaan bij morele

dilemma’s, bij vragen als ‘wat is juist?’ en

‘hoe moet ik handelen?’. Erg herkenbaar

op de werkvloer, bij vraagstukken over

bijvoorbeeld het wel of niet gezamenlijk

eten. En geef je die cliënt nu wel of geen

borrel? Niet altijd verstandig, maar wel

goed voor hem.

Het symposium werd door AriënsZorgpalet

speciaal voor medewerkers georganiseerd,

om stil te staan bij elkaars motivatie,

om te leren van ervaringen van anderen

en bewust te kijken naar de dagelijkse

praktijk. De vraag ‘Waar doen we het

voor?’ levert inspirerende en treffende

antwoorden op. Met een lach en een traan

wordt door iedereen teruggekeken op

een waardevolle middag. Het symposium

‘Waar doen we het voor’ is een groot succes

gebleken. Er wordt daarom in 2008

een goed vervolg aan gegeven. Op naar

het volgende symposium!

AriënsZorgpalet laat

Hartenwensen van cliënten

uitkomen

In november vorig jaar heeft de aftrap plaatsgevonden van de actie Hartenwens bij

AriënsZorgpalet. Met dit bijzondere initiatief gaan er het hele jaar hartenwensen van

cliënten in vervulling.

Onder het motto ‘Leven naar uw wens’ wil AriënsZorgpalet

haar cliënten graag iets extra’s bieden. Daarom

heeft de organisatie deze bijzondere actie Hartenwens

opgezet, bedoeld voor cliënten uit alle woonzorgcentra

van AriënsZorgpalet. In totaal zijn er bijna 160 wensen

van cliënten binnengekomen, waarvan er inmiddels al

een heel aantal in vervulling zijn gegaan.

Eind vorig jaar ontvingen alle cliënten een speciale

‘Hartenwenskaart’, waarop zij hun hartenwens konden

invullen. Ook familieleden of medewerkers konden een

hartenwens voor een cliënt invullen. De wensen moesten

wel origineel en uitvoerbaar zijn en voor de cliënt zelf

niet eenvoudig te realiseren.

“Heel bijzonder is dat cliënten met deze actie de

mogelijkheid krijgen om hun wens uit te spreken”,

vertelt Wil van de Meeberg, geestelijk verzorger en lid

van de werkgroep Hartenwens. “Het zijn vaak helemaal

geen ingewikkelde dingen die cliënten vragen of

wensen, maar vaak weten familie en vrienden niet eens

van het bestaan van de wens af. Met deze actie wordt

het mogelijk om juist gehoor te geven aan die speciale

wens van onze cliënten.”

Inmiddels zijn er heel wat mooie wensen in vervulling

gegaan. Zo kreeg een cliënt in De Eschpoort een hele

mooie verjaardag aangeboden, met al zijn kinderen,

kleinkinderen, vrienden en kennissen. “Deze cliënt

genoot volop van de feestelijke middag, met alle

vrienden en familieleden om zich heen. Een paar weken

daarna ontvingen wij het verdrietige bericht dat hij was

overleden. We zijn blij dat we hem, dankzij de actie

Hartenwens, nog een hele mooie dag hebben kunnen

aanbieden”, vertelt Wil.

De hartenwensen van cliënten lopen enorm uiteen. De

één wil graag op vakantie, de ander wil graag gewoon

een keer winkelen. “Dat maakt het ook juist zo leuk”,

vertelt Wil enthousiast. “In april hebben we bijvoorbeeld

vier dames een heerlijke beautymiddag aangeboden.

Hun wens was om eens lekker verwend te worden

met een schoonheidsbehandeling. Dat kon natuurlijk

geregeld worden. Ze kregen een hele metamorfose,

inclusief kappersbehandeling!”

“Maar ook medewerkers en vrijwilligers zijn erg

enthousiast over deze actie, en zijn vaak direct bereid

mee te helpen om de wensen te realiseren”, vertelt

Wil. “En we hebben al veel mogelijk gemaakt. Zo

hebben we aan de cliënten van Roombeek een grote

luifel aangeboden, zodat ze ook in de zomer lekker

op het terras kunnen zitten. En er zijn al verschillende

cliënten een dagje uit geweest, hetzij naar de stad, naar

Drenthe, een tuincentrum, noem maar op.’”

“Het zijn vaak helemaal geen

ingewikkelde dingen die cliënten

vragen of wensen

De laatste wens die in vervulling is gegaan, is die van

een cliënt op De Eschpoort. Ze wilde graag nog weer

een ochtend aan de slag als verkoopmedewerkster

in een winkel, zoals ze vroeger altijd heeft gedaan.

Wil: “In de winkel in De Eschpoort mocht deze cliënt

een ochtend meedraaien, en ze was helemaal in haar

element. Het is geweldig om te zien hoe cliënten

genieten van zo’n dag. We kijken dan ook allemaal

al weer uit naar de volgende hartenwens die gaat

uitkomen!”

Voor informatie: www.arienszorgpalet.nl

30 ZorgMagazine

ZorgMagazine 31


Reizen en sporten maken het leven leuk. Net als een fijn huis, een mooie auto, een zeilboot

... maar zoals u weet, zit een ongeluk in een klein hoekje. Uw camera wordt gestolen tijdens

uw vakantie. Uw zoontje schiet een ruitje in. Of u let even niet op tijdens het autorijden,

waardoor u op uw voorganger knalt. Vervelend, maar niet onoverkomelijk. Mits u goed

verzekerd bent. Want beschadiging van uw eigen of andermans spullen kan behoorlijk in de

papieren lopen.

Extra voordeel

Via de Werkgeversvereniging (WGV) kunnen nu verschillende schadeverzekeringen worden

afgesloten. De WGV zocht naar de voordeligste aanbieder met de scherpste prijzen. Dit bleek

Delta Lloyd te zijn. Alle medewerkers van de lidinstellingen van de WGV kunnen nu via

www.zorgselect.nl hun huidige premie vergelijken met de premie bij Delta Lloyd. Dit kan vele

euro’s schelen. Want naast de collectiviteitskorting kan er nog maximaal 12,5% pakketkorting

worden verkregen.

Via de website van ZorgSelect regelt u

snel en gemakkelijk al uw verzekeringen

Hoe werkt het: in eenvoudige stappen kunt u uw premie zelf

berekenen.

• U ziet dus direct uw voordeel.

• U kunt kiezen om per e-mail een offerte te ontvangen.

• U kunt direct verder met het afsluiten van de polis.

• U krijgt binnen een minuut bevestiging.

U bepaalt zelf welke verzekeringen u opneemt in dit pakket.

Behalve van een zeer complete dekking profiteert u niet alleen

van de hoge collectiviteitskorting die u ontvangt, maar ook

van een hoge pakketkorting bij meerdere verzekeringen.

Los afgesloten verzekeringen worden automatisch opgenomen

in het verzekeringspakket. Met uitzondering van de Bootverzekering

kunnen alle verzekeringen worden opgenomen in

het verzekeringspakket.

Hoe meer verzekeringen bij Delta Lloyd,

hoe meer premievoordeel

Enkele voordelen van het verzekeringspakket:

Duidelijk overzicht voor alle verzekeringen.


Gratis termijnbetaling.


U ontvangt een jaarlijks geactualiseerde polis.


Behalve bij pleziervaartuigen worden geen poliskosten


in rekening gebracht bij de polissen die in het

verzekeringspakket worden opgemaakt.

32 ZorgMagazine ZorgMagazine 33


Estinea

ZorgAccent Stichting & Thuiszorg Michaelshoeve Noord West Overkempe Twente

Cliënten, medewerkers en stagiaires

bij Estinea:

Zorgen doen we

voor elkaar”

Als door Calibris erkend leerbedrijf investeert Estinea al

jaren in leerlingen, herintreders en stagiaires. Leerlingen

en stagiaires zijn (potentiële) nieuwe medewerkers. Ze

leren van de organisatie, maar zorgen op hun beurt ook

voor nieuwe inzichten en een frisse wind. Zij stimuleren

medewerkers om kritisch naar hun eigen functioneren

kijken.

Elkaar serieus nemen

Leerlingen en stagiaires krijgen kansen om zich te

ontplooien in hun vakgebied, door de geleerde theorie op

de werkvloer in praktijk te brengen. Competentiegericht

leren is daarbij het uitgangspunt. Het leerklimaat moet

dus passend zijn en voldoen aan individuele leervragen en

opleidingseisen. Professionele en persoonlijke begeleiding

is daarom van essentieel belang. Op de werkvloer

gebeurt dat door een werk/stagebegeleider met minimaal

hetzelfde opleidingsniveau als de leerling/stagiaire.

Vanuit de organisatie worden ze begeleid door een stage/

leerlingencoördinator. Zo krijgt iedereen de ruimte om zich

volledig te bekwamen en te ontplooien tot toekomstige

collega.

“Beide partijen moeten duidelijk

beter worden van de stageperiode”

Stage/leerlingcoördinator Joke Klein Wolterink: “Estinea

vindt het belangrijk dat beide partijen duidelijk beter

worden van de stageperiode. Dat vraagt dus om een goede

voorbereiding en duidelijkheid over wat we over en weer

van elkaar verwachten. We gebruiken daarom ook een

sollicitatiebrief en een selectiegesprek. De stagiaire moet

zich voorbereiden op dit gesprek en weten wat zijn of haar

Stage/leerlingcoördinator Joke Klein Wolterink.

De leerlingen Mariska de Roos en Inez Giesen.

mogelijkheden en onmogelijkheden zijn en welke leerdoelen

ze hebben. Afhankelijk van hun ervaring, leervragen en

mogelijkheden zoeken we dan de beste stageplek binnen

de organisatie. We nemen de stage uiterst serieus en

verwachten dat ook van onze stagiaires.”

“Na het behalen van je diploma krijg

je een vaste baan aangeboden

“Stagiaires binnen de gehandicaptensector hebben recht op

een stagevergoeding en Estinea houdt zich daar uiteraard

aan. We zien onze stagiaires duidelijk als collega’s die ook

al tijdens hun stage meebouwen aan het imago van de

organisatie en de kwaliteit van de dienstverlening.”

Steeds beter worden

Mariska de Roos en Inez Giesen zijn erg blij met hun leer/

werkplek bij Estinea en dat is geheel wederzijds. Zij volgen

de opleiding medewerker maatschappelijk zorg (MMZ)

niveau 4, een competentiegerichte leerweg van drie jaar.

“Na de gebruikelijke sollicitatieprocedure kregen wij een

leer/arbeidsovereenkomst aangeboden voor de duur van de

hele opleiding. We worden elk jaar op een andere werkplek

geplaatst. Dat betekent dat we zo breed mogelijk worden

opgeleid en afwisselend werken met cliënten met een hoog

Het

vlinderteam

bij Thuiszorg Noord

West Twente

Francien Boshove is al ruim 35 jaar werkzaam in de zorgsector.

De eerste jaren was ze werkzaam in het toenmalige

Elisabeth Ziekenhuis in Almelo op de afdeling hartbewaking.

Toen de kinderen kwamen is zij parttime gaan werken.

Allereerst bij de DG&GD als assistente van een schoolarts,

daarna als slaapwacht in een verzorgingshuis. De laatste

drie jaar werkt zij als verpleegkundige in het vlinderteam

van Thuiszorg Noord West Twente.

“Buiten kantooruren is het vlinderteam het aanspreekpunt

van Thuiszorg Noord West Twente. Het vlinderteam is breed

inzetbaar en van alle markten thuis. We kunnen opgeroepen

worden als zich problemen voordoen in de routes of als er

oproepen zijn via de persoonsalarmering. Deze oproepen

lopen meestal via de Meld Zorg Centrale. Ons werk bestaat

enerzijds uit het organiseren van allerlei zaken, maar

daarnaast verlenen we ook verpleegkundige hulp.”

• We ondersteunen, indien nodig, collega’s die in de

routes werken. Als zij tegen problemen aanlopen, dan

proberen we samen een oplossing te vinden.

• We starten nieuwe zorgaanvragen, die zich in de

weekenden aandienen, op en sturen de aanvragen naar

het CIZ.

• We verzorgen de uitleen van artikelen uit de thuiszorgwinkel

buiten de formele openingstijden. Het gaat

hierbij dan vaak om krukken, hoog/laag bedden,

niveau tot cliënten met een ernstige meervoudige handicap.

Het ene jaar werk je op een woonlocatie en het andere

jaar bijvoorbeeld bij een werk- en activiteitencentrum. Elk

jaar zie je dus ook een ander team en krijg je een andere

werkbegeleider. Je wordt hier goed begeleid en krijgt de

mogelijkheid van beginnende beroepskracht door te groeien

naar persoonlijk begeleider. De combinatie werken en leren

is voor ons ideaal, want we zijn vooral praktisch ingesteld.”

“Estinea is een vooruitstrevende organisatie, prettig om voor

te werken. Door het werken in zelfsturende teams blijven

medewerkers zichzelf ontplooien en dat spreekt ons erg

aan. Helemaal geweldig is het dat je na het behalen van je

diploma een vaste baan aangeboden krijgt.”

borstkolven, postoelen, etc.

• We verzorgen de Personenalarmering oproepen die

bij Thuiszorg Noord West Twente zijn aangesloten. In

Almelo zijn er ruim 300 personen met een persoonsalarmering.

De werkzaamheden lopen uiteen: valincidenten,

stoma-problemen, pijnklachten, verstopte katheters

of wonden die extra verzorgd moeten worden.

• We brengen, gedurende de nachtelijke uren, extra

bezoeken aan mensen die erg ziek zijn. Vaak op

verzoek van de cliënt zelf, maar ook op verzoek van

het STT (Stichting Terminale Thuiszorg), een groep

vrijwilligers die ‘s nachts waakt bij terminale cliënten, of

door de vaste medewerkers.

• We leveren zorg aan toeristen die in het Theater Hotel

logeren en een beroep hebben gedaan op Thuiszorg

Noord West Twente.

• We fungeren als achterwacht voor de verzorgingshuizen

van Thuiszorg Noord West Twente in Almelo.

“Het team werkt altijd buiten kantooruren, van vijf uur ‘s

avonds tot acht uur ‘s morgens. In het weekend zijn we 24

uur per dag bereikbaar. Het team bestaat uit zes personen.

Klein maar erg leuk en de collegialiteit is groot. We hebben

er alle zes erg veel plezier in om dit werk te doen.”

Voor informatie: www.estinea.nl

Estinea is een organisatie voor zorg- en

dienstverlening aan mensen met een

verstandelijke beperking. De individuele

keuzevrijheid van cliënten is uitgangspunt

voor alles wat de organisatie doet. Dat maakt

van medewerkers cliëntondersteuners, die

vraaggericht werken en mogelijkheden van

cliënten zoeken en helpen benutten.

34 ZorgMagazine ZorgMagazine 35


Stichting Michaelshoeve Zorgfederatie Overkempe Oldenzaal

Werken bij de Zorgfederatie!

Het contact met mensen. Dat vindt Rianne ten Tusscher het leukste aspect aan haar

werk als verzorgende bij Zorgfederatie Oldenzaal. Wil je net als Rianne iets voor anderen

betekenen en werken (en/of leren) in een afwisselende omgeving? Word dan actief

als medewerker, stagiair, leerling of vrijwilliger voor deze professionele en enthousiaste

organisatie!

Zorgfederatie Oldenzaal beheert twee woon- en zorgcentra:

Mariahof en Scholtenhof. In deze kleinschalige centra wonen

in totaal 150 cliënten. Daarnaast bieden ze aan ruim 300

cliënten thuiszorg, dagverzorging en welzijnsactiviteiten.

Zorgfederatie Oldenzaal is een onderdeel van Noaberzorg:

een samenwerkingsverband van zorginstellingen voor kwalitatief

hoogwaardige zorg met het karakter van een goede

buur.

Momenteel is Zorgfederatie Oldenzaal op zoek naar gekwalificeerde

en gemotiveerde verzorgenden en alfa-medewerkers.

Verzorgenden dienen minimaal te beschikken over

een mbo-opleiding op niveau 3. Van alfa-medewerkers

wordt verwacht dat zij affiniteit hebben met het verrichten

van huishoudelijke taken. Ook stagiairs, leerlingen en

vrijwilligers zijn van harte welkom bij deze professionele en

enthousiaste organisatie.

Kwaliteit staat bij Zorgfederatie Oldenzaal hoog in het

vaandel. Zij ontvingen tweemaal het Gouden Keurmerk voor

hun cliëntgerichtheid, de goede sfeer en de kleinschaligheid.

Daarnaast wonnen ze in 2007 de Beste Werkgever Award

in de categorie non-profit. En daar zijn ze trots op, want

het streven is continu dat mensen plezierig en succesvol bij

Zorgfederatie Oldenzaal kunnen werken.

Zorgfederatie Oldenzaal telt ruim tweehonderd medewerkers.

Rianne ten Tusscher is hier nu vijf jaar in dienst en is

Eerst Verantwoordelijk Verzorgende (EVV-er). Ze heeft zes

cliënten speciaal onder haar hoede. “Ik onderhoud als het

nodig is, de contacten met de zorgverzekeraar, de huisarts,

de familie, maar ben ook het aanspreekpunt voor de cliënt

als die ergens mee zit”, vertelt Rianne.

Het leuke aan haar werk vindt ze het contact met mensen.

Haar voldoening put Rianne ten Tusscher uit momenten dat

ze iets kan betekenen voor de cliënten: “Al is het maar door

een luisterend oor te bieden.”

“De vrijwilligers bieden

onze cliënten net dat beetje extra”

deze organisatie en vragen stellen aan medewerkers van de

Zorgfederatie.

Verder kunnen de Mariahof en de Scholtenhof nog gemotiveerde

vrijwilligers gebruiken. Zij worden begeleid door

coördinator vrijwilligerswerk Emmie Polman. Emmie werkte

zelf ook dertien jaar lang als vrijwilliger bij de Zorgfederatie

Oldenzaal, ze bracht koffie rond en zette een bibliotheek op.

“Leuk om te doen, want je werkt in een kleine organisatie

waar de sfeer erg aangenaam is”, aldus Emmie Polman, die

nu in dienst is om vrijwilligers te werven en om de contacten

te onderhouden met de huidige tweehonderd actieve

vrijwilligers.

Stagiairs, leerlingen en vrijwilligers

Zorgfederatie Oldenzaal voert tevens een actief opleidingsen

stagebeleid. Ze hebben stageplaatsen voor BOL-studenten

niveau 3 verzorgenden en voor HBO’ers. Ook werken

ze met re-integratiekandidaten van gemeenten, UWV en

bedrijven.

Emmie Polman hoopt vurig dat vrijwilligers zich blijven

aanmelden. “De inzet van deze mensen is ontzettend

belangrijk. Zij bieden onze cliënten net dat beetje extra. De

wekelijkse ontspanningavonden draaien bijvoorbeeld geheel

op vrijwilligers en dat geldt ook voor de winkeltjes bij onze

zorgcentra.”

De werkbegeleiders zorgen ervoor dat stagiairs terug kunnen

kijken op een geslaagde en leerzame tijd. Zij vertellen

hen alles over het beroep en besteden uiteraard aandacht

aan leerwensen en vragen van de studenten. Via internet

(de homepage en Hyves) kun je je laten informeren over

Wil je meer weten over werken en/of leren bij Zorgfederatie

Oldenzaal? Kijk dan op: www.zorgfederatieoldenzaal.nl of

neem contact op met Ben van Veen (medewerkers), Yvonne

Masselink (stagiairs en leerlingen) of Emmie Polman (vrijwilligers).

Zij zijn allen bereikbaar via telefoonnummer

0541 – 51 34 33.

36 ZorgMagazine ZorgMagazine 37


Ziekenhuisgroep Twente

Europese primeur voor ZGT

Centrum Geriatrische

Traumatologie biedt zorg op

maat

Als eerste in Europa startte Twenteborg Ziekenhuis in april 2008 een centrum voor

Geriatrische Traumatologie. De opzet is uniek en de eerste resultaten veelbelovend:

betere kwaliteit van zorg, efficiënter ingericht, een korter verblijf van de patiënt in huis

en minder kosten. Reden om het centrum te nomineren voor Zorgonderneming van het

jaar 2008.

Traumachirurgen Han Hegeman en Detlef van der Velde: “Door

efficiënter en multidisciplinair samenwerken, betere kwaliteit van zorg.”

Initiatiefnemers van het centrum zijn de traumachirurgen

Detlef van der Velde en Han Hegeman. De laatste is ook

de drijvende kracht achter de succesvolle one-stop-shop

poli voor onderzoek naar osteoporose (botontkalking) bij

patiënten met een botbreuk. Dat is niet toevallig: zowel

de poli als het centrum werken multidisciplinair. Hegeman:

“Bij elke fase die een patiënt doorloopt, willen we het

zorgproces optimaal laten verlopen.”

Anticiperen

Een ziekenhuis in Rochester, USA diende als voorbeeld voor

het centrum: bundel de kennis, ontwikkel een efficiënt

zorgpad en zorg voor een goede verstandhouding met

verpleeghuizen, zodat die beter weten wat hen te wachten

staat. Hegeman en Van der Velde kregen uitgebreid de

gelegenheid rond te kijken bij de collega’s in Rochester.

Hun centrum richt zich in eerste instantie op patiënten vanaf

65 jaar met een gebroken heup. “Nieuw is dat niet alleen

de traumachirurg, maar ook de geriater direct bij het proces

betrokken wordt”, licht Hegeman de werkwijze toe. “Een

oudere patiënt kan eerder verward zijn en is vaak fragieler.

Met de input van de geriater weten we snel of de persoon

in kwestie al klachten heeft, of dat hij of zij kans heeft op

het ontwikkelen van (psycho-)geriatrische klachten. Het

biedt voordelen als je hier in een vroeg stadium op kunt

anticiperen.”

Eén zo’n voordeel is dat met de nieuwe aanpak de gevolgen

van een ‘delier’ (verwarring van de patiënt) kunnen worden

teruggebracht, door al voor de operatie met medicatie

te starten. Als een patiënt verward raakt, vertraagt het

zorgproces namelijk aanzienlijk. Dat is nadelig voor de

patiënt en zorgt voor extra kosten door langere opname. De

capaciteit aan geriaters wordt voor het centrum met twintig

uur per week uitgebreid.

Medisch zorgpad

In Twenteborg werd met behulp van informatie uit

Rochester het gewenste medische zorgpad uitgestippeld.

Hegeman: “Eerst stellen de chirurg en geriater op de Eerste

Hulp een diagnose. Daarna verhuist de patiënt naar 5 West,

afdeling chirurgie-traumatologie. De geriater en de artsassistent

chirurgie stellen een zo compleet mogelijk beeld

van de patiënt samen. Is er kans op een delier? Heeft de

patiënt na de opname hulp nodig in het revalidatietraject?’

In korte tijd worden niet alleen een diagnose gesteld

en de operatie uitgevoerd (binnen 24-36 uur), maar

ook een compleet behandelplan opgesteld. Aan alles is

gedacht. Heeft de patiënt baat bij de osteoporosepoli?

Is een valkansanalyse zinvol? Ook wordt via de transferverpleegkundige

– indien nodig – zo snel mogelijk een

indicatie gesteld voor een opname in het verpleegtehuis.”

De traumachirurg: “Met verschillende verpleeghuizen zijn

we bezig afspraken te maken. Zij stellen een aantal bedden

beschikbaar, onder voorwaarde dat de patiënt niet meer

dan drie maanden nodig heeft om te herstellen. Wij zorgen

ervoor dat patiënten worden overgeplaatst en snel weer

worden opgenomen als er opnieuw problemen ontstaan.”

Die werkwijze biedt beide partijen voordelen. Het ziekenhuis

weet zich verzekerd van een vast aantal plaatsen. Het

verpleeghuis krijgt een goede indicatie van de patiënt, die

maximaal drie maanden in het huis verblijft.

Zorgmanager

Het centrum helpt op dit moment circa tien patiënten

per maand, maar dat zullen er op korte termijn meer

worden. “We houden alle gegevens bij. Door efficiënter

en multidisciplinair samen te werken, neemt onder meer

het gemiddelde aantal dagen dat de patiënt in huis

verblijft af. Betere kwaliteit van zorg, minder kosten”, aldus

Hegeman. De arts als zorgmanager, dan wel ondernemer.

Met resultaat. Recent gaf de medisch specialist op een

congres in Nice een presentatie over het centrum voor

Europese collega’s. Ook is het Centrum voor Geriatrische

Traumatologie door het magazine Zorgmarkt genomineerd

als Zorgonderneming van het Jaar 2008.

Voor informatie: www.ziekenhuisgroeptwente.nl

Zorgonderneming van het Jaar 2008

Deze prijs van het magazine Zorgmarkt

werd vorig jaar voor het eerst uitgereikt.

Toen won Expertisecentrum Diabeter,

een centrum van twee Rotterdamse

kinderartsen, dat jongeren en volwassenen

ondersteunt in het omgaan met diabetes.

Wie het predikaat Zorgonderneming

van het Jaar 2008 mag dragen, wordt

bekendgemaakt op 28 oktober tijdens het

Jaarcongres Zorgmarkt.

38 ZorgMagazine ZorgMagazine 39


Azora

“Zo zorgen we voor elkaar in

de Achterhoek”

Azora is een moderne organisatie voor ouderenzorg. Met drie verpleeghuizen, vijf

verzorgingshuizen en thuiszorg in het hart van de Achterhoek levert ze zorg op maat.

Dat wil zeggen: zorg die optimaal is afgestemd op de wensen en behoeften van de

cliënten.

VIT Oost-Gelderland

Mantelzorg, onze zorg!

Bijna iedereen krijgt er vroeg of laat in zijn leven mee te

maken: mantelzorg. Of het nu gaat om een chronisch

zieke partner, broer of zus, een dementerende ouder of een

kind met een beperking, je dóet het. Het is geen bewuste

keuze om langdurig en intensief te zorgen voor een ander

maar je doet het uit liefde of plichtsbesef.

Zorgen voor een ander, maar ook voor jezelf!

Overbelasting is de grootste bedreiging voor mantelzorgers.

Ook al kan het voldoening geven, het is niet eenvoudig om

dag in dag uit voor een naaste te zorgen, vooral wanneer

dit nog gecombineerd moet worden met de opvoeding van

kinderen of een betaalde baan.

Onze visie op zorg

Ieder mens heeft te maken met lichamelijke, sociale,

emotionele en psychische factoren die elkaar beïnvloeden.

Ieder mens is dan ook uniek, wil naar eigen inzicht richting

geven aan zijn leven en heeft zijn eigen voorkeuren op het

gebied van wonen, dagindeling, hobby’s, voeding enzovoort.

Aan die voorkeuren wil Azora zoveel mogelijk tegemoet

komen. Hierbij is er ook continu aandacht voor de privacy,

eigenwaarde en zelfstandigheid van onze cliënten.

Naast deze aandacht voor de cliënten heeft Azora oog voor

haar medewerkers en vrijwilligers. Zij vindt het belangrijk,

dat die met plezier bij Azora werken. Met het hoofd en met

Nelleke Meyer, verzorgende in verpleeghuis ’s-Gravenwal.

het hart. Echt omzien naar elkaar. “Zoals we dat gewend

zijn in de Achterhoek.”

“Werken met ouderen

spreekt me erg aan“

Nelleke Meyer, verzorgende in verpleeghuis ‘s-Gravenwal

vertelt: “Ik vind het leuk om mensen te verzorgen, te geven

wat ze nodig hebben. Nadat ik de driejarige opleiding

Verzorgende Individuele Gezondheidszorg had gevolgd, kon

ik aan het werk bij verpleeghuis ’s-Gravenwal. Het werken

met ouderen spreekt me erg aan. Doordat ik zelf ook uit

’s-Heerenberg kom, ken ik veel cliënten van gezicht en raak

makkelijk met hen in gesprek. Je gaat om met allemaal

aardige bewoners en de verstandhouding met de collega’s

is ook prima. We hebben een leuk team, met jong en oud

door elkaar. Dat geeft een goede sfeer en dat straalt de

afdeling ook uit. Het is gezellig bij ons, en de familieleden

van de bewoners pakken dat ook op. Je merkt dat onze

gasten met plezier op bezoek komen.“

Aandacht voor hart en ziel

“Azora, dat zijn onze medewerkers.” Zij vormen de basis

voor de dienstverlening. Zonder vaardige en enthousiaste

medewerkers, die over de juiste competenties (zoals

cliënt-gerichtheid, integriteit en ambitie) beschikken, kan

Azora haar cliënten geen goede zorg en diensten bieden.

Daarom besteedt ze veel aandacht aan het personeels- en

opleidingsbeleid. Daarnaast steekt ze de nodige energie

in het vinden, binden en boeien van (toekomstige)

medewerkers.

Azora voert een actief personeelsbeleid. Zaken als scholing,

deskundigheidsbevordering en coaching, loopbaanperspectieven

en meerkeuze arbeidsvoorwaarden kunnen rekenen

op haar bijzondere aandacht. Binnen de organisatie

dient voor iedereen duidelijk te zijn wat haar of zijn

Anita van Zuilekom, coördinator activiteitenbegeleiding

Verpleeghuis Den Es en zorgcentrum de Bettekamp.

mogelijkheden en verantwoordelijkheden zijn. Reden

om te waken over goede interne communicatie om

heldere afspraken over de arbeidsvoorwaarden te maken.

Azora is een erkend leerbedrijf en verzorgt jaarlijks

beroepsopleidingen via de beroepsbegeleidende leerweg

(BBL). Daarnaast lopen er elk jaar tientallen leerlingen en

studenten stage via de beroepsopleidende leerweg (BOL).

“We gaan regelmatig met

nieuwe ideeën aan de gang”

Anita van Zuilekom is coördinator activiteitenbegeleiding

Verpleeghuis Den Es en zorgcentrum de Bettekamp:

“Tijdens mijn opleiding sociaal-pedagogische hulpverlening

heb ik ook bij andere zorginstellingen gewerkt. Het valt me

op dat Azora veel aan activiteitenbegeleiding doet en een

vooruitstrevende organisatie is. We gaan regelmatig met

nieuwe ideeën aan de gang. Neem de activiteitenbegeleiding:

binnen het verpleeghuis koken we soms zelf met de

bewoners. Dat zie je ergens anders niet zo gauw gebeuren.

De contacten met de collega’s binnen Azora verlopen

goed. We zien elkaar regelmatig en wisselen dan algemene

ervaringen uit of we pakken een bepaald onderwerp beet.

Zijn er cursussen of workshops die aansluiten op ons werk,

dan gaan we daarnaar toe. Iedereen, ook vrijwilligers, kan

aangeven aan welke scholing hij of zij behoefte heeft.”

Voor informatie: www.azora.nl

Om te voorkomen dat je als mantelzorger onder de druk

bezwijkt en bijvoorbeeld zelf ziek of overspannen raakt

is het belangrijk dat je weet dat er organisaties zijn die

ondersteuning kunnen bieden en je er dus niet alleen voor

staat!

VIT Oost-Gelderland

Dé ondersteuningsorganisatie voor mantelzorgers en

vrijwilligers in de zorg heeft zowel op lokaal als regionaal

niveau veel te bieden. Zij zet haar specifieke deskundigheid

op verschillende manieren in:

Steunpunt Mantelzorg: Mantelzorgers vinden bij de

mantelzorgconsulenten van het Steunpunt MantelZorg een

luisterend oor, informatie, advies en indien gewenst hulp

bij het aanvragen van hulpmiddelen of professionele zorg.

Steunpunten MantelZorg zijn in heel Oost-Gelderland te

vinden, meestal zijn ze ondergebracht bij het plaatselijke

zorg- of Wmoloket. Mantelzorgers kunnen in de

‘mantelzorgsalon’ terecht als ze willen praten met mensen

in een vergelijkbare situatie en behoefte hebben aan een

moment van ontspanning.

Vrijwillige thuiszorgorganisaties: VIT Oost-Gelderland

biedt ondersteuning aan alle vrijwillige thuiszorgorganisaties

in de regio. Door voorwaarden te scheppen, belangen

te behartigen, te faciliteren en te innoveren kunnen de

vrijwilligers zich richten op hún kerntaak: het ontlasten van

mantelzorgers door een paar uur per week de zorg van hen

over te nemen. Mantelzorgers krijgen dan echt vrijaf en

kunnen zo de accu weer opladen.

Scholingsinstituut ‘informele zorg’: Vanuit dit

scholingsinstituut biedt de VIT een scholingsaanbod voor

álle mantelzorgers en vrijwilligers in de sector zorg en

welzijn in Oost-Gelderland.

Kenniscentrum: Het kenniscentrum van de VIT is

toegankelijk voor iedereen die vragen heeft op het gebied

van vrijwillige thuiszorg en mantelzorg.

Kijk op www.vitoostgelderland.nl voor meer informatie.

40 ZorgMagazine ZorgMagazine 41


VVT, Verpleging Verzorging Thuis

Orthopedagogisch Centrum De Eik

VVT, Verpleging Verzorging Thuis,

gevestigd in Losser, is een daadkrachtige

Expertise inzake Seksualiteit

thuiszorgorganisatie, die sinds 20 jaar

thuiszorg en kraamzorg biedt aan mensen

in Gelderland, Overijssel en Drenthe.

Momenteel heeft zij rond de 300 medewerkers.

Twee daarvan zijn Hennie van

de Zouw en Minie Nijkamp.

De Eik is gestart met het bundelen van de aanwezige expertise op het gebied van seksualiteit

en om deze dienstbaar te maken aan de opvoeding, diagnostiek en behandeling

van kinderen en jongeren met seksuele

problemen. Bea Wolters, coördinator

Innovatie en Kwaliteit, legt uit.

“Ieder nieuw

adres is een

verrassing”

Minie Nijkamp met de honden.

Ondernemingsraad. Zij is begonnen als bejaardenverzorgende.

Ze vond en vindt het heerlijk met oudere mensen te

werken. Hun levenservaring en verhalen inspireren haar. “Ik

denk in oplossingen”, zegt Minie, en voelt zich daarom als

een vis in het water bij werkgever VVT.

“Eén van de speerpunten van het beleid van De Eik is het

verder optimaliseren van de behandeling van kinderen en

jongeren met seksuele gedragsproblemen. Om dat te realiseren

heeft zij met haar holdingpartners (Stichting De Reeve

en Stichting Dreei) de handen in één geslagen. In 2006 is

een taakgroep bestaande uit drie gedragswetenschappers

van de holdingpartners aan de slag gegaan. Hun opdracht

luidde: ‘Ontwikkel beleid met betrekking tot de opvoeding,

diagnostiek en behandeling van kinderen en jongeren met

seksuele gedragsproblemen’. Inmiddels, bijna twee jaar

later, is er veel ontwikkeld en in gang gezet.”

Hennie van de Zouw (46) is dertien jaar in dienst van

VVT. Op dit moment is ze ziekenverzorgende. Al had

Hennie na haar vwo-opleiding bezigheidstherapie willen

gaan doen. Door uitloting daar, ging ze met een vriendin

mee in de opleiding ziekenverzorgende. Vanaf het begin

vond ze het zo leuk, dat ze nooit meer uit ‘de zorg’ is

weggeweest. Vanaf 1980 heeft ze zeven jaar gewerkt in een

psychogeriatrisch verpleeghuis, dan wel op een pg-afdeling.

Nog steeds heeft Hennie de meeste affiniteit met geestelijke

gezondheidszorg.

Wat betreft het verschil van vroeger met nu, is het

belangrijkste voor haar, dat de verantwoordelijkheid

verschoven is van de leidinggevende naar de medewerker

zelf. Meer verantwoordelijkheid betekent ook meer

zelfstandigheid en dus vrijheid. Voor de toekomst van de

thuiszorg is Hennie bezorgd, als ze ziet dat steeds meer

taken door lager opgeleiden gedaan worden. Vooral bij

grotere organisaties. Voor de verpleegkundige taken wordt

het werk zo erg versnipperd. Bij VVT ervaart ze dat niet zo.

Ze spreekt de hoop uit dat dat zo blijft. Hennie praat met

liefde over haar vak: “Ieder nieuw adres is een verrassing”.

Denken in oplossingen

Minie Nijkamp (53) is negen jaar in dienst van VVT. Ook

Minie is ziekenverzorgende. Draait daarnaast bereikbaarheidsdiensten

buiten kantooruren en is secretaresse van de

Twee heel verschillende werknemers van VVT, die allebei

ziekenverzorgende zijn, en ook allebei met hart en ziel

aan hun vak verknocht zijn. Meer overeenkomsten tussen

de twee: allebei zijn ze er een paar jaar uitgeweest toen

ze kinderen kregen, en hebben zich, de één vijf, de ander

zeven jaar, fulltime gewijd aan hun gezin. Juist in de zorg,

en bij VVT de thuiszorg, is herintreden ideaal: werktijden,

aantal uren, alles is bespreekbaar.

De toekomst

Beiden hebben de veranderingen in de zorg van de

laatste twintig jaar meegemaakt. Minie valt vooral op,

dat er nu veel meer administratie bij komt kijken, dat de

indicatiestellingen aangescherpt zijn, en dat er minder

tijd is voor een praatje met de cliënt. Minie, een geboren

optimist, wil vooral de jeugd op het hart drukken, dat

ze blijven werken, ook als ze zelf kinderen krijgen. Er is

namelijk heel veel mogelijk, in de zorg, met werktijden.

Je moet wel prioriteiten stellen. Minie heeft de combinatie

werk/privé altijd opgelost met het planmatig regelen van

haar huishouden. En als ze thuiskomt van haar werk, is het

eerste dat ze doet: erop uit met de hond. Zo ontspant ze

van haar werk en laadt zich weer op voor een nieuwe dag.

Voor informatie: www.vvt-zorg.nl of 088-488 00 00,

Lammie von Piekartz.

“De opvoeding en behandeling

van kinderen en jongeren met

seksuele gedragsproblemen vraagt

specialistische deskundigheid

van onze medewerkers”

In de notendop:

• Het visiedocument ‘Seksualiteit’ is vastgesteld. In dit

document zijn de uitgangspunten m.b.t. de opvoeding

en behandeling beschreven. Het document is richtinggevend

voor het handelen van alle medewerkers.

• Een werk- en trainingsboek ‘Seksuele Opvoeding’ is

ontwikkeld. Met dit materiaal kunnen de hulpverleners

concreet ‘handen en voeten’ geven aan de seksuele

opvoeding van de cliënten van De Eik.

• Alle gedragswetenschappers zijn getraind om taxatiegesprekken

te voeren in die gevallen waar sprake is van

een vermoeden van seksueel misbruik.

• De opleiding van een gedragswetenschapper voor het

uitvoeren van specifiek diagnostisch onderzoek van

kinderen en jongeren, die seksueel grensoverschrijdend

gedrag vertonen.

• De implementatie van een systeem van een aandachtsfunctionaris

‘Seksualiteit’ op organisatieniveau én per

team van hulpverleners een taakhouder. Zo kan direct

voeling gehouden worden met de vragen vanuit de

praktijk én er kan er op organisatieniveau direct actie

ondernomen worden.

• De bestaande procedures ‘Hoe te handelen in situaties,

waar sprake is van seksueel grensoverschrijdend

gedrag, zijn aangepast.

• In ontwikkeling:

1. Een diagnostisch protocol voor de specifieke diagnostiek

van slachtoffers en plegers.

2. De ‘Good live methode’. Een behandelmethode

voor plegers seksueel grensoverschrijdend gedrag,

wordt bezien op de mogelijkheid om deze in te zetten

voor de populatie van De Eik.

3. De bestaande expertise op het gebied van behandeling

van slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend

gedrag wordt gebundeld en beschreven.

“De komende jaren zal De Eik haar expertise verder

ontwikkelen. Immers: de opvoeding en behandeling van kinderen

en jongeren met seksuele gedragsproblemen vraagt

specialistische deskundigheid van onze medewerkers. Zij

leveren een bijdrage aan het in stand houden en het verder

ontwikkelen van de expertise binnen De Eik, opdat de cliënt

met zijn specifieke hulpvraag daadwerkelijk goed geholpen

kan worden.”

Voor informatie: www.de-eik.org

42 ZorgMagazine ZorgMagazine 43


Ambulance Oost

“Een boeiende baan met

veel afwisseling”

AriënsZorgpalet Stichting Michaelshoeve Overkempe

Een bijzondere samenwerking

van Zorg, Wonen en Welzijn bij AriënsZorgpalet

Rob Lotgerink werkt als Rapid Responder (RR)/Officier van Dienst Geneeskundig bij

Ambulance Oost: “In 1982 ben ik begonnen als ambulanceverpleegkundige bij de

toenmalige G.G. en G.D. te Enschede. Dit werk heb ik altijd met veel plezier gedaan en

ik heb een ruime ervaring opgebouwd binnen de ambulancehulpverlening.”

“Sedert november 2005 kent Ambulance Oost de functie

van Rapid Responder (RR)/Officier van Dienst Geneeskundig

(OvDG) en ik ben deze combinatiefunctie vanaf die datum,

samen met een aantal collega’s, fulltime uit gaan voeren.

De RR functie is in het leven geroepen om onder meer bij

een ongeval snel hulp ter plaatse te kunnen bieden. Sneller

soms dan een ambulance. De OvDG functie komt naar voren

bij grotere calamiteiten, waarbij je als coördinator optreedt

en overleg voert met de andere disciplines, zoals politie,

brandweer en ziekenhuizen.”

“In deze combinatiefunctie ben je werkzaam bij de

ambulancedienst en is de opleiding tot ambulanceverpleegkundige,

met daarnaast ruime ervaring, een

vereiste. Voor de functie van OvDG volg je meerdere

specifieke opleidingen.”

“Deze functie vraagt een grote

mate van zelfstandigheid”

“Het werk als RR/OvDG vraagt een grote mate van

zelfstandigheid. Je moet zelf alle beslissingen nemen.

Tijdens de nachtelijke uren wordt, voor mijn eigen

veiligheid, gereden met een chauffeur, de rest van de dag

rijd je alleen.”

“De auto die wij ter beschikking hebben heeft vrijwel

dezelfde uitrusting als de ambulance, alleen de brancard

met toebehoren ontbreekt. Een RR/OvDG biedt snel

specialistische eerste hulp, maar vervoert geen patiënten.

Wanneer een patiënt alsnog vervoerd moet worden, gebeurt

dat door een ambulance.”

“Het is een prachtige, boeiende baan met veel afwisseling,

waarbij je van tevoren absoluut niet weet wat je die dag

allemaal te wachten staat.”

Rob Lotgerink door fotograaf Taco van Loon.

Voor informatie: www.ambulanceoost.nl

In oktober 2008 zal de officiële opening plaatsvinden van de Ariënsstaete,

het unieke en moderne woonzorgcentrum van AriënsZorgpalet in Noord

Enschede. De sterke combinatie van zorg, wonen en welzijn maakt dat

cliënten erg tevreden zijn en met veel plezier in de Ariënsstaete wonen.

De bijzondere hoefijzervorm van de Ariënsstaete lijkt

bewoners en bezoekers te omarmen. Het grote, beeldvormende

woonzorgcentrum heeft zes etages en biedt

160 appartementen voor verzorgingshuiscliënten en 50

appartementen voor zelfstandig wonende ouderen met

een zorgvraag. De ruimtes en appartementen zijn stijlvol

ingericht. Ook wijkbewoners kunnen gebruikmaken van de

vele faciliteiten, deelnemen aan activiteiten en heerlijk eten

in het sfeervolle restaurant.

De wensen, vragen en behoeften van cliënten zijn uitgangspunt

voor de zorg- en dienstverlening. Daarbij is een sterke

combinatie gerealiseerd van zorg, wonen en welzijn. De

teamleiders Mariëlle Steffens (zorg), Marcel Smit (welzijn)

en Simone Mulderink (hoteldiensten) vertellen enthousiast

over de succesvolle samenwerking. “Hoewel ieder zijn eigen

vakgebied heeft, werken we nauw met elkaar samen. De

lijnen zijn kort, zodat we elkaar snel kunnen aanvullen en

het aanbod direct op elkaar kunnen afstemmen”, vertelt

Mariëlle.

“We kijken over ons eigen vakgebied heen, om de aansluiting

van zorg, wonen en welzijn te optimaliseren voor de

cliënt” legt Marcel uit. Simone vult aan: “Maar daarnaast

werk je ook direct samen aan verschillende projecten en

activiteiten. Zo organiseren we elke maand thema-avonden

in het restaurant, zoals een Chinees buffet in het kader van

Mariëlle Steffens, Marcel Smit en Simone Mulderink.

de Olympische Spelen, of een gezellige

barbecue in de zomer.”

Natuurlijk is er veel persoonlijk contact

met de cliënten. Mariëlle: “We werken

zoveel mogelijk met één op één

contact, zodat de aandacht ook echt

bij de cliënt ligt.” “Tegelijkertijd voelt

het soms alsof we één grote familie

zijn, omdat je veel cliënten al lang

kent. Elke maand organiseren we een

gezamenlijke koffieochtend met alle

cliënten én medewerkers, een initiatief

van de persoonlijke begeleiders. Altijd

erg gezellig!” vertelt Marcel enthousiast.

“Alles draait natuurlijk

uiteindelijk om de cliënt”

Simone: “Alles draait natuurlijk uiteindelijk om de cliënt,

we proberen daarom ook zo flexibel mogelijk te zijn. We

zoeken altijd zoveel mogelijk naar een passende oplossing

voor een vraag of probleem. Juist doordat onze disciplines

zo nauw op elkaar zijn afgestemd, is er veel te realiseren.”

Ook de sfeer onderling tussen de medewerkers is erg goed.

“Hoewel het natuurlijk vaak hard werken is, zorgen we ook

dat er nog altijd tijd voor elkaar is,” vertelt Mariëlle. “Daardoor

weet je wat je aan elkaar hebt en dat werkt een stuk

prettiger!”

Dat de goede samenwerking van disciplines succesvol is

blijkt onder meer uit het onafhankelijke cliënttevredenheidsonderzoek,

dat eind 2007 is uitgevoerd. De Ariënsstaete

werd door de cliënten beloond met een hoog rapportcijfer:

een 8,3! Bovendien wist de Ariënsstaete in 2007

de Grootkeuken Award in de wacht te slepen en is daarmee

bekroond tot zorginstelling met het beste horecaconcept van

Nederland!

44 ZorgMagazine ZorgMagazine 45


Carint Reggeland

EVV’er: contactpersoon

tussen cliënt en medewerkers

Een cliënt van Carint (of Reggeland) krijgt te maken met allerlei verschillende

medewerkers: een verzorgende, een (verpleeghuis)arts, een ergotherapeut, een diëtiste,

enzovoort. Er staat een heel team om de cliënt heen. Het is daarom van wezenlijk

belang dat de communicatie tussen deze medewerkers en de cliënt goed verloopt, en

dat de gegeven zorg altijd overeenkomt met de gemaakte afspraken. Daarvoor zorgt

een eerst verantwoordelijk verzorgende (EVV’er).

Tot voor kort had Carint geen duidelijke richtlijnen voor

de functie van EVV’er. In sommige locaties was sprake

van contactverzorgende of coördinerend verzorgende. De

functie werd soms anders ingevuld, en ook de salariëring

kon verschillen. Daarom is Carint in 2004 begonnen de

functie van EVV’er eenduidig in te vullen. Dat heeft veel

gevolgen voor de betreffende medewerkers: ze moeten

geschoold worden, opnieuw in een functie benoemd

worden, en conform het FWG-traject hun functiebeschrijving

en -indeling ontvangen. Vanwege deze gevolgen is eerst

een pilot opgezet. Een van de locaties die meedeed met de

pilot was Herinckhave in Hengelo, waar Yvonne Munster en

Sandra Ballast als EVV’er werkzaam zijn.

“We hebben veel te maken

met familieleden, en die kunnen

behoorlijk assertief zijn”

Opnieuw op cursus

In Herinckhave is eerst geïnventariseerd wie al EVV’er was,

en wie dat in de nieuwe situatie kon blijven. De ‘nieuwe’

EVV’ers moesten vervolgens opnieuw een cursus volgen.

Zo ook Yvonne en Sandra. “Ook al waren we al EVV’er,

we hebben toch veel in de cursus geleerd”, vertellen ze.

“We hebben meer diepgang gekregen, de blik verruimd.

Kennis die we eerder al hadden opgedaan, hebben we

weer op kunnen frissen. Zo is in de cursus veel aandacht

besteed aan communicatieve vaardigheden. Het is immers

erg belangrijk dat je als EVV’er goed contact hebt met de

bewoner. Hier op de pg-afdeling hebben we ook veel te

maken met familieleden, en die kunnen behoorlijk assertief

zijn. Als EVV’er moet je dus goed kunnen communiceren.”

In hun dagelijkse werk zijn Yvonne en Sandra vooral

bezig met hun coördinerende taak als EVV’er. Ze zitten

in het medisch disciplinair overleg, het overleg tussen de

betrokken deskundigen, waar zij de betreffende bewoner

vertegenwoordigen. De gemaakte afspraken houden ze

bij in het zorgplan, en wanneer nodig, schakelen ze een

deskundige in, zoals een verpleeghuisarts of diëtiste. “We

werken hier met twee EVV’ers per bewoner. Het komt

er gewoon op neer dat de tweede EVV’er de eerste kan

vervangen in het medisch disciplinair overleg, mocht

dat nodig zijn. Verder wordt de tweede EVV’er nergens

ingeschakeld, maar het is prettig dat je het van elkaar kunt

overnemen.”

Vervolg na de pilot

Aan de pilot EVV hebben twee Carintgroepen

meegedaan: Hengelo-NO en Goor, met de locaties

De Hagen (waaronder Herinckhave), De Stoevelaar

en Scherpenzeel. Na de evaluatie van de pilot in

mei 2007 heeft de Raad van Bestuur besloten, dat

het EVV-traject verder uitgerold kon worden over

de overige Carintgroepen. In januari 2008 is ook de

ondernemingsraad akkoord gegaan het EVV-traject in

gang te zetten. Dat gebeurt (in eerste instantie) alleen

in de intramurale onderdelen van Carint. Of en hoe dit

traject voor Carint extramuraal toegepast kan worden,

is nog niet duidelijk: daarover moet nog gediscussieerd

worden. Ook voor Reggeland is het EVV-traject

(nog) niet aan de orde. Reggeland heeft persoonlijk

begeleiders (PB’ers) in plaats van EVV’ers, waarvoor

een ander traject geldt, met een andere opleiding.

Geen afgunst

Tijdens de inventarisatiefase konden de medewerkers zelf

kiezen of zij EVV-er ‘nieuwe stijl’ wilden worden, met de

bijbehorende verantwoordelijkheden en vereiste scholing.

Onder begeleiding van P&O is tijdens dat traject intensief

gecommuniceerd met alle betrokken medewerkers. Er zijn

voorlichtingsbijeenkomsten en persoonlijke gesprekken

gehouden, en er is een klankbordbijeenkomst georganiseerd

waarin betrokken leidinggevenden, medewerkers die al

meedraaiden in de pilot en geïnteresseerden ervaringen en

meningen konden uitwisselen.

“Het is niet zo dat EVV’ers alle leuke

taakjes toegeschoven krijgen

Op Herinckhave was er gelukkig geen sprake van dat

ex-EVV’ers afgunst voelden naar de nieuwe EVV’ers toe,

constateren Yvonne en Sandra. “Ex-EVV’ers moeten

nu als gewone ziekenverzorgenden bijvoorbeeld meer

avonddiensten draaien, maar het is niet zo dat EVV’ers alle

leuke taakjes toegeschoven krijgen.”

Voor de bewoners van Herinckhave is er eigenlijk weinig

veranderd. “Dat komt doordat wij voorheen al min of meer

op dezelfde manier werkten”, leggen Yvonne en Sandra uit.

Over het algemeen zijn de bewoners erg tevreden over het

contact met alle verzorgenden. Zo ook meneer Rijgwaart,

die graag met Yvonne en Sandra op de foto wil.

“Al met al is de overgang hier heel soepel verlopen”, besluit

Sandra. “Ja, het loopt lekker hier.”

EVV’ers Herinckhave Yvonne en Sandra met de heer Rijgwaart.

Succes

Verzekerd

Nationale-Nederlanden. Wat er ook gebeurt

46 ZorgMagazine ZorgMagazine 47


Stichting Michaelshoeve Overkempe

Zorg in beweging:

de Michaelshoeve en Overkempe

De Stichting Michaelshoeve Overkempe biedt zorg, begeleiding en behandeling aan

kinderen en volwassenen die afhankelijk zijn van bijzondere zorg. De bewoners hebben

een verstandelijke beperking, meestal met aanvullende problematiek, zoals autisme,

gedragsstoornissen of psychiatrische problematiek. Geïnspireerd door de antroposofie

zoekt Stichting Michaelshoeve Overkempe dagelijks naar mogelijkheden om zorg en

begeleiding te bieden die aansluit bij hun vraag.

Aan het woord is Alinde Held, hoofd Personeelszaken van

de Stichting Michaelshoeve Overkempe. “Zowel op de

Michaelshoeve als op Overkempe bieden we reguliere zorg,

met de antroposofie als inspiratiebron. En dat laatste geeft

een grote toegevoegde waarde. De ontwikkeling van de

individuele mens staat centraal. Het is onze overtuiging

dat, hoe groot de beperkingen van een cliënt ook zijn, er

ontwikkeling mogelijk is. Zo worden kinderen, jongeren

en volwassenen aangesproken op hun sociale vermogens

en gesterkt in hun gevoelens van volwaardigheid. Daarbij

zijn gemeenschapsvorming, interactie tussen juist heel

verschillende mensen, ontwikkeling en regelmaat in dag,

week en jaar voor iedereen de belangrijke elementen.

Prachtig om te zien dat er een vertrouwensband ontstaat

tussen bewoner en medewerkers, waardoor zij zich kunnen

ontwikkelen.“

Net zoals veel kleinere instellingen in de zorg worstelde

ook de stichting Michaelshoeve Overkempe met de vraag

op welke schaal men verder wilde. Alinde: “De wil om

een bewuste en pro-actieve rol in een op antroposofie

geïnspireerde zorg te spelen en de steeds toenemende

vraag om professionaliteit, hebben ons o.a. doen besluiten

toenadering te zoeken tot de Zonnehuizen in Zeist met

de vraag om ondersteuning en samenwerking. Hierop is

door de Zonnehuizen positief gereageerd en het proces

om tot een fusie te komen verkeert op dit moment in een

vergevorderd stadium.”

Michaelshoeve

Op de Michaelshoeve in Brummen wonen circa 85 kinderen

in de leeftijd van 4 tot ongeveer 18 jaar. De instelling

is zichtbaar als een prachtig oud patriciërshuis aan de

Zutphensestraat. De kinderen wonen in de huizen die

er later achter zijn gebouwd. Meerdere woongroepen

vormen samen één huis. In een groep wonen zes tot

negen kinderen. Uitgangspunt bij deze vorm van wonen is

een huisgemeenschap. Daarom zijn zowel in de ochtend,

middag als avond medewerkers aanwezig. Overdag gaan

de kinderen naar de naastgelegen ZMLK-school of de

dagopvang.

De kinderen en medewerkers van de Michaelshoeve hebben

baat bij de fusie met de Zonnehuizen. De Michaelshoeve

wordt een orthopedagogisch behandelcentrum, dat ook

alles in zich heeft om kwalitatief goede zorg te verlenen

en ook in bedrijfseconomisch en organisatorisch opzicht

een gezonde eenheid zal vormen. Hierbij vormen de

kwaliteitsnormen van de Zonnehuizen, zoals deze zijn

vastgelegd en worden nageleefd volgens de HKZ- en ISOcriteria

en de professionele standaarden, het uitgangspunt.

De antroposofie blijft hierin onze gezamenlijke inspiratie.

De herinrichting van de zorg- en dienstverlening biedt

niet alleen een oplossing ter verbetering van de kwaliteit

van zorg- en dienstverlening op de Michaelshoeve maar

geeft tevens een antwoord op actuele maatschappelijke

vraagstukken rondom de complexiteit rond het

begeleiden en behandelen van kinderen en jeugdigen

met een verstandelijke beperking en bijkomende

gedragsproblematiek. Alinde: “Deze ontwikkelingen zijn voor

onze medewerkers een boeiende uitdaging. We merken

dan ook dat zij die enthousiast oppakken om onze kinderen

datgene te bieden wat zij zo hard nodig hebben.”

Alinde ziet nog een positieve impuls voor de toekomst:

“De komende jaren zal op de Michaelshoeve worden

geïnvesteerd in vervangende nieuwbouw van de

woonhuizen. Met de groene omgeving wordt de

Michaelshoeve een stimulerende plek om te wonen en te

werken.”

Overkempe

Alinde: “Op Overkempe in Olst wonen ongeveer 135

volwassenen, eveneens met een verstandelijke beperking,

in combinatie met psychiatrische of sociale problematiek.

Zij wonen zowel op het terrein als zelfstandig begeleid in

het dorp Olst. Onze cliënten zijn overdag werkzaam op

één van de diverse werkplaatsen op het terrein en in Olst.

Vooruitlopend op de fusie met de Zonnehuizen wordt ook op

Overkempe een kwaliteitsslag gemaakt.“

Het hart van woon-werkgemeenschap Overkempe zal

worden gevormd door verblijf, behandeling, werken en

scholing.

“Onze doelstelling is om

volwassenen met een

ontwikkelingsstoornis zich naar

volle vermogen te laten ontplooien.

Dat betekent dat de drie milieus

waarin de cliënten zich bewegen:

wonen, werken en vrije tijd,

optimaal dienen te zijn afgestemd.

Een nauwe samenwerking en

afstemming tussen deze drie

milieus is dan ook noodzakelijk.”

Alinde: “Om in te spelen op de

veranderende vraag van zorg

gaan we functiedifferentiatie invoeren. Hierdoor ontstaan

er tevens voor medewerkers mogelijkheden voor

ontwikkeling en doorgroei. En in september 2008 starten

we op Overkempe een eigen BBL-opleiding SPW 4 voor

groepsbegeleiders in de zorg. In totaal nemen 19 cursisten

deel, waarvan er 10 van Overkempe zelf komen. Kortom…

een organisatie in beweging én in ontwikkeling!”

Voor informatie: www.bellisgroep.nl

48 ZorgMagazine ZorgMagazine 49


Het ZorgAdviesPunt (ZAP) werkt steeds digitaler, maar:

“De wens van de cliënt blijft

centraal staan!”

Het vinden van passende zorg- en dienstverlening is en blijft moeilijk voor cliënten. De

wachtlijsten zijn lang en de regels complex. Zorggroep Sint Maarten streeft ernaar de

weg naar passende zorg zo eenvoudig en helder mogelijk te houden. Daarom werd,

enkele jaren geleden, het ZorgAdviesPunt, afgekort ZAP, opgericht: één loket waar

cliënten terecht kunnen met alle vragen op het terrein van wonen, welzijn en zorg.

Digitalisering? Ook bij het ZAP, maar niet ten koste van de cliënten. Manager van het

ZorgAdviesPunt, Arjan Rosens vertelt hoe.

Registratie: met de tijd mee

Het ZAP is allereerst verantwoordelijk voor het registreren

van cliëntgegevens, voor aanverwante administratieve

processen en het onderhouden van contacten met

relaties, zoals verwijzers en zorgkantoren. AZR (AWBZbrede

Zorg Registratie) is een landelijke systematiek

voor het registreren en uitwisselen van berichten

tussen het indicatieorgaan (CIZ), het zorgkantoor en de

zorgaanbieders. De digitalisering betekent hier: enorme

efficiency. Arjan: “CIZ kantoren sturen de gestelde

indicaties digitaal naar het zorgkantoor die ze omzet

in zorgtoewijzingsbesluiten en digitaal doorzet naar

zorgaanbieders. Doordat zorgkantoren er als schakel

tussen zitten, hebben zij direct zicht op de zorgbehoefte en

wachtlijsten in hun regio. Met deze verplichte zorgregistratie

voorziet Zorggroep Sint Maarten cliënten goed en efficiënt

van de geïndiceerde zorg.” Zodra een cliënt zorg gaat

ontvangen, maakt het ZAP een cliëntdossier aan. Nu nog

handmatig, maar dat gaat veranderen: “We zijn aan het

kijken naar de mogelijkheden om alle cliëntdossiers te

digitaliseren. Dit levert grote voordelen op: de cliëntdossiers

nemen minder ruimte in en informatie is gemakkelijker te

vinden”, aldus Arjan Rosens.

Informatieverstrekking

Als een cliënt of een collega

informatie nodig heeft over

het zorgaanbod van Zorggroep

Sint Maarten, de bezetting of

indicaties? Antwoord: de ZAPmedewerkers

zijn vraagbaak in de

meest ruime zin van het woord.

Arjan Rosens: “Wij willen iedereen

voorzien van een gedegen advies

en cliënten willen we graag aan

ons binden. Digitalisering is prima,

maar juist hier is het persoonlijke contact en een advies

op maat zo belangrijk.” ZAP medewerkers beantwoorden

de vragen, die steeds vaker binnenkomen via het centrale

mailadres zelf, of leggen contact met een maatschappelijk

werker of cliëntadviseur. In elk geval weten ze waar ze snel

de juiste informatie kunnen vinden en dat is het sterke punt

van het ZorgAdviesPunt. Arjan Rosens: “Wij zorgen ervoor

dat cliënten niet van het spreekwoordelijke kastje naar de

muur gestuurd worden.” Zo beschikt het ZAP altijd over

een actueel overzicht van de bezetting van de kortdurende

opname kamers. Verwijzers hoeven niet meer alle locaties

afzonderlijk te bellen, maar worden via het ZAP direct

doorverwezen naar de juiste maatschappelijk werker of

cliëntadviseur.

Zorgcoördinatie en intakes

Heeft iemand zorg nodig? Dan komen de cliëntadviseurs en

de maatschappelijk werkers in beeld. Zij streven ernaar om

binnen 24 uur contact op te nemen met iemand die een

indicatie voor thuiszorg heeft. Gaat het om dagvoorzieningen

en de intramurale zorg, dan is dat 48 uur. Een cliëntadviseur

of maatschappelijk werker verzorgt de zorgcoördinatie

en de intake. Zij informeren de cliënt over de

mogelijkheden bij Zorggroep Sint Maarten op het gebied van

zorg, wonen en welzijn. Deze intake, die de basis vormt van

het zorgleefplan, moet aan verschillende ‘zakelijke’ eisen

voldoen. Daarnaast geldt vooral dat de juiste persoonlijke

Zorggroep Sint Maarten

informatie van cliënten verkregen wordt. “Daar hechten

we veel waarde aan”, vertelt Arjan Rosens, “Een mens is

immers meer dan zijn of haar ziekte en beperkingen.”

Om de juiste informatie en de ‘vraag achter de vraag’

duidelijk te krijgen, kiest Zorggroep Sint Maarten heel

bewust een bepaalde medewerker bij een cliënt: namelijk

diegene die over de juiste kennis en kunde beschikt.

“Wij willen iedereen voorzien van

een gedegen advies en cliënten

willen we graag aan ons binden

Persoonlijk contact staat voorop

Het ZAP is in verschillende opzichten het centrale punt van

de organisatie. Heel veel informatie over cliënten is aanwezig

op, of passeert, het ZAP. Een relatief kleine groep medewerkers

blijft op de hoogte van veranderingen in wet- en

regelgeving en ontwikkelingen in de AZR. “Dit maakt dat

we efficiënt kunnen werken en de digitalisering maakt dat

alleen maar efficiënter. Op sommige gebieden dan, want het

is en blijft mensenwerk. De wens van de cliënt blijft centraal

staan”, besluit Arjan Rosens.

Voor informatie: www.zsmzorg.nl

Arjan Rosens (rechts):

” Wij zorgen ervoor dat

cliënten niet van het

kastje naar de muur

gestuurd worden.”

50 ZorgMagazine ZorgMagazine 51


Tactus Verslavingszorg

Twenteborg en Tactus hebben ‘Alcohol onder Controle’

“Lotgenoten hebben begrip

voor je”

Zijn grote hobby’s waren koken en wijnen. Peter leefde zich dagelijks uit in de

keuken, het was zijn lust en zijn leven. Tegen vijven haalde hij niet alleen pannen

en ingrediënten voor de dag, maar ook de wijn. Tot hij inzag dat het met de wijn de

Alcoholisten overgehaald

door ervaringsdeskundigen

Met het nieuwe project Verslavingsinformatiepunt (VIP) wil de cliëntenraad

van Tactus alcoholisten over de drempel van de hulpverlening helpen. Het

Oranjefonds ondersteunt het project met 10.000 euro. Initiatiefnemer en

ex-alcoholist Gerrit Zwart: “We maken gebruik van ervaringsdeskundigen.”

verkeerde kant op ging.

Zijn goed betaalde baan moest Peter vanwege zware

depressies opgeven. Wijn bleek een aangename verzachter

van zijn negatieve gedachten. De paar glaasjes bij het

koken werden een paar flessen. “Ik zag wel dat het misging.

Mijn lichaam ging protesteren. De wijn was een vriend

geworden, één met een heel slecht karakter. Verschillende

keren heb ik geprobeerd zelf te stoppen, maar zonder hulp

red je het niet.”

Tactus

Peter kreeg voor zijn depressies hulp van psychiater

René Sorel van Twenteborg. Hij wees Peter op de nieuwe

behandelmethode ‘Alcohol onder controle’ van PAAZ

Twenteborg en Tactus. Deze training is gericht op het

onder controle krijgen van alcoholgebruik. De behandeling

is bedoeld voor mensen die door overmatig alcoholgebruik

problemen ervaren, maar nog wel beschikken over een

sociaal netwerk. Er wordt gebruik gemaakt van groepspsychotherapie,

psycho-educatie/leefstijltraining en psychomotorische

therapie.

Zo werd ook Peter tijdens dertien wekelijkse bijeenkomsten

begeleid door hulpverleners van Tactus en PAAZ Twenteborg.

Hij was erg gemotiveerd om te stoppen. “Ik moest

wel, anders zou ik me dood drinken. Toch zou ik niet snel

hulp zoeken bij de verslavingszorg. Een alcoholprobleem

wordt als een taboe gezien. Ik was bang voor de reacties

van de mensen. Ook zag ik er tegen op om met bijvoorbeeld

drugsverslaafden een behandeling te volgen.”

Laagdrempelig

Peter staat hierin niet alleen. Onder andere hoogopgeleiden

zien het als een te grote stap om bij de verslavingszorg

aan te kloppen. Dit was de reden voor Tactus om een

samenwerking aan te gaan met Twenteborg. Peter: “Een

cursus in het ziekenhuis maakt de stap minder groot. Het

ziekenhuis is voor mij een vertrouwde plek, omdat ik ook

vaak bij de psychiater kom.” Peter vond het spannend om

in een groep zijn verhaal te moeten doen. “Achteraf is dat

juist de kracht van deze behandeling. Lotgenoten hebben

begrip voor je situatie. Ze stimuleren je door het geven

van schouderklopjes en waardering als het goed gaat.” De

deelnemers bepalen grotendeels zelf het verloop van de

cursus. Zij stellen hun eigen doelen en maken een noodplan

voor als het misgaat.

Familie

Een sterke motivatie is volgens Peter een voorwaarde om

te kunnen stoppen. “En het is belangrijk dat je een sociaal

leven hebt. Je moet iets hebben om je aan vast te klampen.

Voor mij was dat mijn gezin.” Op één van de bijeenkomsten

krijgt de familie uitleg over alcoholproblematiek en hoe

daarmee om is te gaan, zodat zij begrip krijgen voor de

persoon met een alcoholprobleem. Volgens Peter is dit een

essentieel onderdeel van de cursus. “Begrip van de mensen

om je heen, heb je echt nodig. Ik vond het heel fijn om mijn

vrouw bij de cursus te betrekken. Bij een terugval weet zij

nu hoe ze moet reageren en heeft zij het vertrouwen dat

ik weer op de goede weg kom. Als ze dit niet zou hebben,

zou ik ook zelf dat vertrouwen kwijtraken en weer gaan

drinken.”

Voor sociale momenten, zoals verjaardagen, vakanties en

etentjes leerde Peter vooraf een plan te maken. “Dan weet

ik wat ik moet doen als het moeilijk wordt: naar huis gaan

bijvoorbeeld.” Zijn hobby’s koken en wijn heeft hij vaarwel

gezegd. Hij heeft het daar erg moeilijk mee. Maar het is

hem gelukt: hij heeft zijn doelstelling gehaald. Peter drinkt

niet meer, geen druppel.

Voor nformatie: www.tactus.nl

Hoe groot is het probleem?

“Een op de tien Nederlanders heeft een alcoholprobleem.

Slechts een klein deel wordt bereikt door de hulpverlening.

Als ik dat op één van mijn lezingen vertel, krijgen sommige

mensen in het publiek een rode kleur. Dat zegt genoeg.”

Waarom kan een alcoholist beter worden

overgehaald door een ervaringsdeskundige?

“We sleuren hem niet meteen naar de hulpverlening,

maar nemen de tijd om eerst zijn vertrouwen te winnen.

Daarnaast proeft, ruikt en voelt een ervaringsdeskundige

het stadium waarin een alcoholist zich bevindt. Als hij

door een alcoholist thuis wordt begroet met een joviale

schouderklop, is er een grote kans dat deze niet geholpen

wil worden. Het klinkt gek, maar die bereidheid is vaak

veel groter als hij je vanachter een gesloten voordeur

toeschreeuwt: ‘Ik wil dat je weggaat!’.”

Leg dat eens uit?

“Een alcoholist die zijn verslaving niet onder ogen ziet,

kan gerust een hulpverlener binnen laten. Want zijn

Deelnemers gezocht via huisartsen

De huisarts, arbo-arts of medisch

specialist kan patiënten verwijzen voor

een intakegesprek met de psychiater. Dit

gebeurt te weinig, volgens de betrokken

hulpverleners. Ondanks het hoge aantal

mensen dat te maken heeft met alcohol

(gerelateerde) problematiek én de

goede resultaten die zijn behaald met

de behandelgroepen, kost het hen veel

moeite om voldoende deelnemers te

vinden voor dit behandelprogramma.

bereidwilligheid is een schijnvertoning.

Hij laat de drank toch niet staan. Een

alcoholist die hulp weigert, weet ergens

wel dat de hulpverlening bij hem een kans maakt.

Gedeeltelijk erkent hij zijn probleem, maar het vooruitzicht

op een leven zonder drank maakt hem bang. Een

ervaringsdeskundige weet dat en anticipeert daarop.”

Wanneer bent u gestopt met drinken?

“Toen mijn zus overleed en ik mijn vader in zijn verdriet

heb moeten bijstaan. Dat kon ik alleen omdat ik in een

afkickperiode zat. Als ik dat vanwege de drank niet had

gekund, zou ik het mezelf nooit vergeven. Het afkicken was

overigens niet makkelijk. Ik dronk elke dag twee flessen

jenever, een fles sherry en een aantal biertjes. Dagenlang

lag ik trillend op de bank, maar het is me gelukt.’”

Welke mensen gaan jullie het eerst benaderen?

“Ouderen en jongeren. Want vooral onder hen neemt het

probleem zorgwekkende vormen aan.”

Naast het benaderen van

alcoholisten zal er vanuit

het VIP ook voorlichting

worden gegeven op

scholen, buurthuizen,

bedrijven en gemeenten.

Vrijwilligers en geïnteresseerden

kunnen zich

melden bij Gerrit Zwart,

tel: 06-21445624, of

gzwart@orange.nl

52 ZorgMagazine ZorgMagazine 53


Baalderborg

Baalderborg paraat

in de Grotestraat

Diversiteit in de zorg

Annelies Huizing is clustermanager van De Twentse Zorgcentra

(DTZC), ’t Bouwhuis regio Enschede. Daarnaast is zij ook projectleider

binnen DTZC van het project ”allochtone vrouwen

een baan in de zorg”. Zij vertelt over diversiteit in de zorg.

Grotestraat 29 in Rijssen is een woonvoorziening van Baalderborg die

in april 2008 is opgeleverd. De redactie van An’twoord, het informatiemagazine

van Baalderborg, bezoekt cliënt Gerard ter Steege in zijn

nieuwe woning en stelt coach Roelien Kosters een aantal vragen.

Perfect wonen

Het pand wordt dan wel ‘de Grotestraat’ genoemd naar het

adres, maar vanaf die straat moet je eerst een steeg door.

Als je naast het pand staat, heb je niet meteen door dat er

zoveel woningen staan. Via een doorzichtig trappenhuis kom

je op de laag appartementen van de mensen die begeleiding

vanuit Baalderborg krijgen. Het is een soort afgeschermd

plein, waardoor je heel vrij zit en zo even naar elkaar toe

kunt.

We treffen Gerard ter Steege thuis en hij wil wel even

praten. Hij blijkt een vlotte gesprekspartner te zijn die ook

nog wel op de foto wilt. Gerard vertelt dat hij hier sinds april

woont. Al vanaf 1995 woont hij op zichzelf. Drie keer in de

week krijgt hij twee uur begeleiding vanuit Baalderborg bij

het huishouden en op financieel gebied. Verder regelt hij

alles zelf en woont hij zelfstandig. Hij werkt als sporthalbeheerder

in Wierden, maar heeft nu nog vakantie.

“Hoe het hier bevalt? Perfect! Iedereen vindt het hier leuk.”

Hij heeft veel contact met de anderen, vooral met vier

van hen. “Je kunt gezellig ouwehoeren. Het zijn mensen

van hetzelfde niveau.” Hij vertelt dat het huis zo ook groot

genoeg is, meer hoeft niet, want “dat moet je ook weer

schoonmaken”.

“Hoe het hier bevalt? Perfect!

Iedereen vindt het hier leuk”

We mogen een kijkje nemen in zijn huis en zien een

prachtig ingerichte woning (slaapkamer, ruime woonkamer

met keuken) met moderne meubels die op elkaar zijn afgestemd.

De andere woningen zijn vergelijkbaar.

Voor zijn huis staand kijken we uit over de grond die nog

onbebouwd is, aan de andere kant van het trappenhuis. Er

zijn plannen zijn om daar over een paar jaar eenzelfde pand

te plaatsen.

Leuke jongens

Roelien Kosters is werkzaam als coach van de bewoners van

‘de Grotestraat’. Vier medewerkers werken hier afwisselend.

Roelien is 41 jaar en woont met haar gezin in Ommen.

Sinds 2002 werkt ze als coach bij Baalderborg. Roelien heeft

vroeger de opleiding KVJV gedaan, wat stond voor Kinderverzorging

Jeugdverzorging. De vergelijkbare opleiding heet

nu SPW: Sociaal Pedagogisch Werk.

Op de vraag waarom ze bij de Grotestraat is gaan werken,

vertelt Roelien: “Ik werkte bij het Ambulante Team van

Baalderborg en op een gegeven moment ben ik als coach

bij Gerard gekomen. Het is gegroeid: toen ‘de Grotestraat’

er kwam, ben ik meegegaan. Het zijn zulke leuke jongens

(en een meisje)! Nu werk ik hier anderhalve dag per week,

namelijk de maandagmorgen en dinsdag de hele dag.”

“Zitten er ook nadelen aan dit werk?” vragen we aan Roelien.

“Ik werk ook nog bij de Gerard Doustraat in Ommen en

daar werk ik in een team. De Gerard Doustraat is een woonvorm

met drie huizen waar in totaal veertien mensen met

een verstandelijke beperking wonen en waar begeleiding is

op het moment dat bewoners thuis zijn.”

“In een team werk je samen, ook bij het zoeken naar

oplossingen. Hier werk je alleen en ben je meer op jezelf

aangewezen. Dat kun je als positief of negatief ervaren, het

hangt er maar vanaf hoe je daar zelf in staat. Ik vind het

wel prettig op deze manier.”

“Wat is er nou zo leuk aan hier werken? Het zijn allemaal

jongens en een meisje die veel met elkaar omgaan en toch

hun eigen leven leiden. Ze wonen zelfstandig en worden

maar een paar uur per week begeleid. Je moet ze eigenlijk

ontmoeten!”

Meer weten over werken bij Baalderborg? Kijk op onze

website www.baalderborg.nl of bel met Petra Soenveld,

personeelsfunctionaris regio Zuid: 0523-287112.

Over Baalderborg

Baalderborg biedt

op zestig locaties

in Overijssel en

Drenthe zorg en

begeleiding aan iedereen die dat nodig heeft om volwaardig

mens te kunnen zijn:

• kleinschalige woonvormen, voor permanent verblijf

• uitgebreide logeer- en vakantiemogelijkheden

• gezinswonen

• zinvol werk of dagactiviteiten voor alle cliënten

• ontwikkelingsgerichte begeleiding aan kinderen van 2

tot 18 jaar

• begeleiding van thuiswonende cliënten

• ambulante begeleiding

• begeleiding van schoolgaande kinderen

• training, ontwikkeling en vorming

• diagnostiek en behandeling

• therapieën

• ondersteuning van ouders die zelf de (woon)zorg voor

hun kind willen organiseren of van kinderen die dit willen

doen voor hun dementerende of bejaarde ouder(s).

Kenmerkend voor Baalderborg is de betrokkenheid. De aandacht

voor de cliënt, voor zijn of haar familie en voor elkaar.

Bij alles wat we doen, laten wij ons leiden door de wensen

en de mogelijkheden van de cliënt. Wij staan bekend als

vernieuwend en beschikken over veel kennis op tal van terreinen,

dus wanneer bestaande oplossingen niet voldoen,

zoeken we een nieuwe. Ook vinden wij de ontwikkeling van

medewerkers erg belangrijk. Verder zijn we een organisatie

zonder onnodige franje. Vrijwel al ons geld gaat naar de

directe zorg.

“Het project ‘allochtone vrouwen een baan in de zorg’ is bij

uitstek een mooi voorbeeld van diversiteit in de zorg.

In 2007 zijn we begonnen met het project ‘allochtone vrouwen

een baan op ’t Bouwhuis’ met als doelstelling het opleiden

van allochtone vrouwen tot beginnende beroepsbeoefenaren.

De aanleiding hiervoor was dat de provincie Overijssel als

initiatiefnemer van mening is dat de arbeidsdeelname van

allochtone vrouwen in de gezondheidszorg toe moet nemen.

De gemeente Enschede, het ROC Enschede, Bureau RAZ en

De Twentse Zorgcentra hebben dit initiatief opgepakt en zijn

een samenwerkingsverband aangegaan en zijn gestart met dit

project.”

“Wij als DTZC vinden het belangrijk onze maatschappelijke

verantwoordelijkheid te laten blijken door de instroom van

allochtone vrouwen te bevorderen. Daarbij bestaat onze

cliëntpopulatie voor een belangrijk deel uit allochtonen. De

personeelspopulatie kent echter relatief weinig allochtonen.

Om aan de diversiteit van onze cliëntpopulatie tegemoet te

komen en derhalve de diversiteit aan zorgvragen is dit project

uitermate geschikt.”

“Het project loopt inmiddels al enige tijd met succes en het

samenwerkingsverband met betrokken partijen hebben we

inmiddels voortgezet. Zodanig dat we met een tweede project

zijn gestart, waarbij een ruimere doelgroep aan mensen met

achterstand op de arbeidsmarkt welkom is, allochtoon en

autochtoon, man en vrouw, optimaal in diversiteit.”

De Werkgeversvereniging probeert, in samenwerking met

Bureau RAZ, te bewerkstelligen dat de zorgaanbieders een

betere aansluiting hebben met de steeds groter wordende

diversiteit aan zorgvragers.

Diversiteit in de Zorg biedt zorgaanbieders goede kansen op

betere aansluiting op toenemende diversiteit in de zorgvraag

en toestroom van geschikt nieuw personeel. Het doel is een

grotere toestroom te realiseren van niet westerse allochtonen

naar het werk in de zorg- en welzijnssector.

Bij het realiseren van de doelstellingen wordt gekozen voor

een aanpak met diversiteit. Hierin stellen we niet het onderscheid

in etniciteit of cultuur centraal, maar alle aspecten

waarop mensen van elkaar verschillen. Goed omgaan met

diversiteit wil zeggen goed omgaan met verschillende mensen.

Kijk voor meer informatie op www.wgvoost.nl.

54 ZorgMagazine ZorgMagazine 55


Bruggerbosch

Thuiszorg Stichting Hanimeli Michaelshoeve Overkempe

“Je kunt zoveel moois uit

mensen halen!”

Bedriye is werkzaam als verzorgende

bij Thuiszorg Hanimeli, een thuiszorginstelling

die zich richt op zorgverlening

aan allochtone zorgvragers.

verzorging zelfstandig uit te voeren en waar je alleen komt

helpen met een douchebeurt of het aankleden. Je bent er

voor iets heel praktisch en vaak ben je er maar heel even,

maar dat wat je doet is van grote betekenis voor deze

mensen. Zonder deze hulp zouden zij misschien niet meer

zelfstandig kunnen wonen of zou hun leven er in ieder geval

een stuk moeilijker door worden.”

Maria werkt als Helpende bij verpleeghuis

Bruggerbosch. In het huis zijn 34

kleinschalige wooneenheden voor

zes mensen die lijden aan dementie.

Bruggerbosch heeft ook plaats voor ruim

70 deelnemers met een dementiesyndroom

voor dagbehandeling.

Ik spreek af met Maria Kuiper op de Marktstraat 1 in

verpleeghuis Bruggerbosch. We zitten in de fauteuils in de

huiskamer en er klinkt muziek op de achtergrond. Ze lacht

als ze het over ‘Het Leuke Boekje’ heeft en zegt: “Dit maakt

het werk zo leuk hè, je kunt met bewoners samen nog zo

veel plezier hebben. Al die leuke momenten, anekdotes of

opmerkingen van bewoners schrijven we in dit boekje. Dan

blijft het altijd bewaard en kan elk nieuw personeelslid bij

ons dit doorlezen.” Inderdaad, een goed idee en als ik het

doorlees, snap ik precies waarom Maria haar werk echt leuk

vindt.

Maria is een warme, lieve vrouw die van aanpakken weet

en die haar hart verloren heeft aan de zorg. Ze is 45 jaar,

getrouwd met Henk en moeder van twee zoons. Ze begint

te vertellen: “Mijn ouders waren heel erg streng en

traditioneel. De mavo heb ik niet afgemaakt, ze vonden

het beter dat ik ging werken. Later zou ik toch gaan

trouwen en wat had ik dan aan een opleiding? Voor nu

zijn dat natuurlijk ouderwetse opvattingen. Dus ik ging als

productiemedewerker aan de slag. Ik kreeg kinderen en

bleef daarna thuis om voor de twee jongens te zorgen. Toen

ze groter werden, wilde ik weer aan de slag en zo kwam ik

terecht bij Bruggerbosch. Dit was niet een bewuste keuze,

maar meer een van ‘ik wil eigenlijk wel iets voor andere

mensen betekenen’. ‘Zorgen’ zat vroeger al in me. Ik begon

als schoonmaakster en dacht dat het werk ook alleen

maar dit inhield. Toen mijn functie veranderde in Facilitair

Zorgmedewerker, mocht ik de zorgcollega’s ondersteunen

in bijvoorbeeld eens een kopje koffie voor de bewoners

inschenken of ze naar een activiteit brengen. De bewoners

van Bruggerbosch, het ziektebeeld wat ze hebben, namelijk

Maria met ‘Het Leuke Boekje’.

dementie, sprak me zo aan! Deze mensen zijn zo afhankelijk

van ons, wat mooi dat ik die verzorgingsrol op me kan

nemen.”

“Met deze motivatie in mijn achterzak en vele aansporingen

van collega’s klopte ik aan bij de afdeling Opleiding van

Bruggerbosch. ‘Zo, ben je daar eindelijk’, zeiden ze.

In september 2007 ben ik begonnen met de opleiding

Helpende op het ROC. Ik ging een dag in de week naar

school, de rest werkte ik. Straks in september ga ik weer

naar school en ga de verkorte opleiding VIG (Verzorgende

Individuele Gezondheidszorg) niveau 3 volgen. Als het goed

is, ben ik december 2009 klaar. Dan mag ik ook medicijnen

uitdelen aan bewoners, katheteriseren of bewoners na het

overlijden afleggen. Deze opleiding maakt het voor mij

compleet, anders ben je toch wat beperkter. En ik krijg

ruimschoots de mogelijkheid bij Bruggerbosch.”

“Wat ik nieuwe collega’s in de zorg mee

wil geven? Drie dingen: Heb RESPECT

voor de bewoners, heb geduld met ze en

spreek je inlevingsvermogen aan. En je

moet het echt leuk vinden, voor anderen

te zorgen. Mij zit het in het bloed, als ik

mijn best doe, zie ik nog zoveel moois in

bewoners, ondanks hun dementie!”

“Zo, ben

je daar

eindelijk’,

zeiden ze”

Bruggerbosch is onderdeel van Noaberzorg. Een

samenwerkingsverband van de vier Twentse zorginstellingen

Zorgfederatie Oldenzaal, Zorggroep Manna, Bruggerbosch

en Zorgcentrum de Posten.

Voor informatie: www.bruggerbosch.nl

Zorgen voor

een ander geeft

je zoveel!”

Bedriye is afkomstig uit Turkije, haar vader is in de jaren

‘60 voor zijn rechtenstudie naar Nederland gekomen.

Eenmaal werkzaam als advocaat heeft hij in 1967 zijn gezin

laten overkomen. Opgroeiend in Amsterdam miste Bedriye

altijd een opa en oma. Om dit gemis te compenseren had

zij veel contact met een oudere buurvrouw voor wie zij

regelmatig boodschappen deed. Later is zij, omdat ze het

contact met ouderen zo leuk vond, een opleiding gaan

volgen tot bejaardenverzorgster. Tijdens haar opleiding

heeft ze gewerkt in een instelling voor mensen met een

verstandelijke beperking. Het meest bleef haar toch de zorg

voor ouderen trekken.

“Je hebt contact met mensen

op een heel intens niveau”

Uiteindelijk heeft ze tot de geboorte van haar oudste kind

met veel plezier gewerkt in de bejaardenzorg. Haar dochter

werd geboren met een beperking, waardoor Bedriye de

keuze heeft gemaakt om fulltime voor haar kind te zorgen.

De zorg bleef altijd trekken en wanneer het mogelijk was,

werkte ze voor korte periodes in de zorg. Uiteindelijk heeft

ze ruim twintig jaar voor haar dochter gezorgd. Nu deze

sinds kort niet meer thuis woont, vond Bedriye het tijd

worden om weer iets voor zichzelf te gaan doen. Menig

ander zou eerst wat hobby’s op gaan pakken. Bedriye wilde

graag snel weer aan het werk en het liefst weer in de zorg.

Wat vindt ze nou zo leuk aan de zorg? Bedriye is bijna niet

te stuiten in haar enthousiasme. “Zorgen voor een ander

geeft je zoveel! Je hebt contact met mensen op een heel

intens niveau. Zeker als je werkt met terminale patiënten,

maar ook mensen die niet meer in staat zijn de persoonlijke

“Tijdens je werk praat je met de mensen en soms gaat het

alleen maar over koetjes en kalfjes, maar vaak heb je het

over essentiële zaken van het leven. Oudere mensen, maar

ook chronisch zieken, hebben een enorme levenservaring.

Als je bereid bent naar ze te luisteren, kan je veel van ze

leren. Ik heb zelf geleerd om te genieten van de kleine

dingen in het leven, want die zijn enorm belangrijk. Zie

de zon schijnen, letterlijk en figuurlijk, geniet van elk

zonnestraaltje. Dan kan je zelf ook weer een zonnestraaltje

zijn voor anderen. Mijn kijk op mensen is door mijn werk

heel positief geworden. Mensen hebben een enorme kracht,

die vooral gestimuleerd wordt als zij de kleine dingen in het

leven weten te waarderen.”

“Werken in de zorg is sowieso nooit saai. Je werktijden zijn

wisselend en vaak goed af te stemmen op je privésituatie.

Je komt allerlei mensen tegen, waar je leuk contact mee

hebt. Je bent het grootste gedeelte van de dag op pad, van

de ene cliënt naar de andere. De tijd vliegt, omdat je niet de

hele dag steeds weer dezelfde dingen doet.”

“Werken bij een organisatie als Hanimeli is natuurlijk

helemaal bijzonder, omdat je werkt voor cliënten met

een niet-Nederlandse achtergrond. Vaak gaat het om

mensen die nog niet eerder te maken hebben gehad met

professionele hulp, mensen die het fenomeen thuiszorg niet

eens kenden. Vaak heb je te maken met mensen die in een

bepaald isolement zitten door hun beperkingen, maar ook

door het feit dat ze in Nederland niet zo goed de weg weten

naar instellingen en activiteiten. Dat maakt dat je voor

deze mensen een soort brug naar de buitenwereld bent.

In het gunstigste geval kun je ze stimuleren om meer deel

te nemen aan de samenleving. En dat is zowel voor deze

mensen zelf als voor de samenleving een hele verrijking.”

Bedriye

56 ZorgMagazine ZorgMagazine 57


Bureau SPV

ZorgAccent Stichting & Thuiszorg Michaelshoeve Noord West Overkempe Twente

“Het verrijkt mijn leven enorm“

Bureau SPV is een intercultureel thuiszorgbureau. Ze biedt lichamelijke en psychische

zorg aan iedereen die dat nodig heeft. Ze werkt met een indicatie van het CIZ die ze

voor u aanvraagt wanneer u dat niet zelf kunt en ze biedt scholing en gerichte training.

Rob Stricker, medewerker van Bureau SPV, neemt u mee in zijn verhaal over het werken

bij Bureau SPV.

“Wanneer mij de vraag gesteld wordt wat de belangrijkste

‘tools’ voor dit werk zijn, dan kan ik een hele lijst opnoemen

waarbij ik mij tegelijkertijd realiseer dat ik die eigenlijk ook

niet nodig hebt voor dit werk. Dit klinkt heel paradoxaal,

want ook ik lijk niet te ontkomen aan het feit dat ik over

bepaald gereedschap moet beschikken binnen dit werk.

Echter de betekenis van de tools, het adequaat en het

succesvol toepassen van tools, wordt door slechts één factor

bepaald en dat is je attitude. Je attitude wordt bepaald door

je referentiekader, zelfkennis, visie en je intentie.”

“In dit werk dien je onbevangen

en open te staan voor de cliënt

en zijn cultuur”

“Waarom ik hier zo’n nadruk op leg? Je attitude is in feite

een microcultuur, een cultuur van je eigen persoon. In dit

werk, werk je samen met chronische, allochtone cliënten

en veel allochtone collega’s die allemaal vanuit een (eigen)

bepaalde cultuur leven. Dit zorgt dat je voortdurend bezig

bent met een uitwisseling van cultuurgebruiken. In dit werk

Rob Stricker

dien je onbevangen en open te staan voor de cliënt en zijn

cultuur. De huidige, doorgaans reguliere, hulpverlening

is hoofdzakelijk op de westerse cultuur gericht en schiet

daardoor vaak te kort om chronische, allochtone cliënten te

helpen. Deze voelen zich vaak niet gehoord, niet begrepen

en worden heel snel als onbehandelbaar gediagnosticeerd.”

“Wanneer je voor de eerste keer bij een cliënt op bezoek

komt is er vaak sprake van een uitzichtloze en daardoor

vastgelopen situatie. Het belangrijkste, en vooral het eerste,

is dat de cliënt zich gerespecteerd en gehoord voelt. Wat

jij doet is alleen maar luisteren, luisteren en nog eens

luisteren. Luisteren, respecteren en empathie zijn verreweg

de drie belangrijkste handvatten en geven een goede basis

en perspectief voor een evenwichtig vertrouwen in de

begeleiding. Vanuit dit vertrouwen kun je overgaan tot het

herorganiseren van de in het slop geraakte hulpverlening.

Hierin zul je creatief, doelgericht en open-minded moeten

zijn, want pragmatiek en resultaatgerichtheid zijn ‘killers’

voor zowel de cliënt, voor het begeleidingstraject als voor

jezelf. Dit maakt het werk verrassend en vernieuwend,

omdat je altijd tal van nieuwe mogelijkheden voor de cliënt

ontdekt.”

“Je gaat verder waar

andere hulpverleners vaak

stoppen of al gestopt zijn.

De sleutel ligt niet in het

oplossen van de chronische

problematiek, niet in hoe je

ermee kunt omgaan en dat

zet chronische cliënten aan

tot verandering. Geduld,

doorzettingsvermogen

en passie zijn elementair

hiervoor, om de cliënt tot

een verandering in zijn

situatie te laten komen.

Je passie zegt zoveel over

je betrokkenheid met de

“Bureau SPV is een zorgbureau die zich richt op de

chronische cliënt. Het heeft als doel om de chroniciteit

van de cliënt te gebruiken om hem onafhankelijk te

maken.”

“Chroniciteit is veelal een negatief begrip in de zorg

en geeft aan dat iemand niet meer in staat is tot

veranderen. Echter binnen de visie van Bureau SPV

is dat altijd mogelijk. Bureau SPV vindt dat de cliënt

mogelijkheden heeft, het is niet toegestaan om in

onmogelijkheden te denken.”

“Bureau SPV is een jonge snel groeide organisatie, die

binnen een jaar HKZ gecertificeerd is. Tevens is het een

erkend leerbedrijf. Het is voor werk-nemers een

uitdaging om voor Bureau SPV te werken, omdat je

uitgenodigd wordt mede vorm te geven aan het bedrijf.”

Amita Ramnarain, directeur Bureau SPV

cliënt en het zet aan tot zelfreflectie omdat het juist over je

attitude gaat. Doordat je in dit werk met zowel chroniciteit

werkt als met andere culturen, wordt je geprikkeld,

uitgenodigd, uitgedaagd en aangezet om over je attitude na

te denken, te herzien en vaker nog te veranderen. Daarom

is je attitude zo belangrijk, want die kun je veranderen en je

tools niet.”

“Bureau SPV als organisatie is zich daar ook heel bewust

van, want Bureau SPV stimuleert dit continu binnen haar

eigen organisatie en onder haar werknemers.

“Je gaat verder waar andere

hulpverleners vaak stoppen of

al gestopt zijn”

Zo kun je actief meedenken binnen de organisatie en vorm

geven aan het bedrijf, wat het werk voor mij ook een stuk

persoonlijker en aantrekkelijker maakt. Ik werk hier nu bijna

een jaar en ik ga met passie iedere dag naar cliënten. Het

verrijkt mijn leven enorm dat is de inspirerende en daarmee

mooiste tool van dit werk.”

Voor informatie: www.bureauspv.nl

Maatschappelijke stages

voor jongeren binnen ZorgAccent

Vanaf schooljaar 2007–2008 wordt in het voortgezet

onderwijs, binnen de gemeente Hellendoorn, geleidelijk

de maatschappelijke stages voor jongeren ingevoerd. De

stages zijn onbetaald vrijwilligerswerk, dat leerlingen doen

onder verantwoordelijkheid van de school. Vanaf schooljaar

2011-2012 is iedere school wettelijk verplicht leerlingen

een maatschappelijke stage te laten lopen van minimaal 72

uur. Naar aanleiding van de plannen van de overheid gaan

de leerlingen van de 4 e klas havo en vwo van Reggesteyn

dertig uren maatschappelijke stage op zich nemen. Ook bij

ZorgAccent kwam de vraag om hier iets mee te doen.

Stageplekken bij de meerzorgprojecten

Deze vraag kwam binnen bij Janetta Sinnema en Dianne

de Graaf, coördinatoren vrijwilligers. Janetta: “Aangezien

ook hier de waarde van maatschappelijke stages werd

gezien, is besloten stageplekken te creëren binnen de

meerzorgprojecten van ZorgAccent. De meerzorgprojecten

zijn bij uitstek hiervoor geschikt, omdat er altijd

medewerkers en reguliere vrijwilligers aanwezig zijn. Zo kan

er optimaal begeleiding worden gegeven aan de stagiaires.

Na een voorlichtingsbijeenkomst op Reggesteyn hebben

19 van de 20 (!) daar aanwezige jongeren zich opgegeven

voor een stageplek binnen ZorgAccent. Dat overtrof

zelfs onze stoutste verwachtingen! En in een tijd waarin

vrijwilligerswerk steeds harder nodig is en het lastig is om

medewerkers te vinden, kun je niet vroeg genoeg beginnen

met mensen enthousiast te maken voor de zorg.”

Pilot

Inmiddels is een pilot met maatschappelijke stages gestart.

Gekeken is naar de mogelijkheden voor de scholieren. De

opgedane ervaringen uit deze pilot worden meegenomen

voor een draaiboek, zodat in september echt met de stages

kan worden gestart. De ervaringen tot nu toe zijn goed, bij

alle partijen.

Enthousiaste reacties

“We krijgen hele leuke reacties van de cliënten”, geeft Ans

Hoonhorst, werkzaam bij de meerzorg in De Hoge Es, aan.

“Het doet ze wat, dat zie je. Die combinatie tussen jong en

oud, dat is gewoon heel leuk. Ze kijken ook echt uit naar de

jongeren. Er komen ook hele andere onderwerpen aan bod.

Hoe was het op school? Eet je wel goed? Dat soort vragen.

Voor de scholieren was het best wennen natuurlijk. Ze

stappen echt in een andere wereld. Sommigen gaan daar

heel leuk mee om, hebben er echt gevoel voor. Eigenlijk

willen ze allemaal wel veel doen, ondanks dat zo’n

maatschappelijke stage toch ‘moet’. Wel zie je verschil

tussen jongeren die al een baantje hebben en die het niet

hebben. De eerste groep pakt veel sneller dingen op.”

58 ZorgMagazine ZorgMagazine 59

www.samenlevenkunjeleren.nl


ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente

Stichting Zorgcombinatie Marga Klompé

Femmy Klein (49) werkt bij ZorgAccent,

locatie Krönnenzommer, als receptioniste.

Zij vertelt hoe zij tot de keuze voor de

zorg kwam.

“Hoe de verzorging

van mijn moeder

mijn leven een

wending gaf”

“Na het afronden van mijn huishoudkundige opleiding

begon ik mijn loopbaan als plaatsvervangend Hoofd van de

Huishouding in een Bejaarden en Verzorgingstehuis. Hierna

werkte ik als voorlichtster bij een groot Energiebedrijf en

later als Service Assistente bij Philips. Nu, heel wat jaren

later, werk ik in de zorg. Het was de verzorging van mijn

moeder op haar sterfbed die voor deze wending in mijn

leven zorgde.”

“Het was in de maand april van 2004, dat ik een advertentie

zag staan in de krant waarin vrijwilligers werden gezocht

voor het nieuw te openen Hospice in Hellendoorn. Als

vanzelf pakte ik de telefoon en binnen een week was ik

aangenomen als vrijwilligster. Een jaar eerder had ik dit

werk echt niet aangedurfd. De verzorging van mijn moeder

heeft ervoor gezorgd, dat ik zonder enige zorgervaring

geen drempel voelde om te solliciteren. Via mijn werk in het

Hospice Noetsele, heb ik nu een baan als receptioniste bij

ZorgAccent. Tot de dag van vandaag voelt het voor mij goed

om in de zorg te werken.”

uit vier zussen en een schoonzus. Ook mijn vader heeft zijn

steentje bijgedragen in de verzorging van mijn moeder.”

“Bij een thuiszorgorganisatie werd een bed met lift geregeld,

een postoel, verrijdbaar tafeltje, rolstoel enzovoort. Via

de zorgverzekeraar hebben wij een persoonsgebonden

budget aangevraagd. Ondersteuning kregen wij van de

huisarts en voor adviezen konden wij een beroep doen op

de wijkverpleegkundige. In de huiskamer stonden twee

bedden. Het bed waar wij bij toerbuurt ‘s nachts in lagen

werd elke ochtend tot een bank omgetoverd. Hierdoor kreeg

mijn vader ook de nodige rust.”

“Eerst kwamen wij als ‘zorgteam’ wekelijks bij elkaar, later

twee wekelijks. In het kort bespraken wij de situatie thuis

en wisselden wij ervaringen uit. Het hoofddoel was het

roosteren. Dat was niet eenvoudig, omdat elk van ons

verplichtingen elders had. Maar ons gezamenlijk doel was

moeder! Daar gingen wij voor en dat gaf een goed gevoel

van samenhorigheid! Wij wisten namelijk als geen ander

dat moeder het allerliefst thuis wilde blijven en dat ze onze

zorg koesterde. Voor de overdracht van de verzorging, de

huishouding, het bezoek en het toedienen van de medicatie

hielden wij een logboek bij. Er zijn er in die vier maanden

twee vol geschreven.”

“Mijn moeder veranderde na het herseninfarct. Het was

alsof ze luchtiger in het leven stond, alsof ze geen vrees

meer ondervond. Ze durfde meer te zeggen, was veel

minder behoedzaam in het kiezen van haar woorden en

herleefde haar jeugd. Ze kon verrassend humoristisch uit de

hoek komen en we hebben dan ook heel wat afgelachen! Ze

durfde zelfs tegen mijn vader in te gaan. Dat was vroeger

volstrekt ondenkbaar.”

“De ziekteperiode van mijn moeder heeft mij persoonlijk

veel gegeven en ervaar ik als bijzonder waardevol. De

rollen waren nu omgedraaid. Ik verzorgde haar zoals zij mij

vroeger verzorgde. Ik waste en kleedde haar. Gaf haar te

eten en deed haar op het laatst een luier voor. Ik las haar

voor uit de krant, wat zij vroeger altijd deed. Alleen voorzag

ik het niet van eigen commentaar, wat vroeger zo eigen aan

haar was.”

Mijn ervaringen op een

leerafdeling…

Judith Podt, leerling Verzorgende IG, heeft twintig weken stage gelopen op de

leerafdeling van het verpleeghuis De Hoge Weide in Lochem. Het verpleeghuis is

onderdeel van de Stichting Zorgcombinatie Marga Klompé. “Ik heb het daar heel erg

naar mijn zin gehad en er veel geleerd.”

“De eerste weken hebben we een behoorlijk intensief

programma gehad, omdat de vaste medewerkers ons

natuurlijk moesten inwerken. Gelukkig was dit prima

geregeld. Elke dag stond ingepland, welke bewoners je

die dag zou gaan verzorgen. Hierdoor verzorgde je elke

bewoner een keer samen met de begeleider. Je leert op

deze wijze snel hoe de verzorging bij de bewoners gaat.

Natuurlijk is elke bewoner anders en je kunt niet alles na

één keer weten, maar toch onthoud je op zo’n manier heel

veel.”

“Stukje bij beetje werd alles opgebouwd en de begeleiding

trok zich steeds meer terug, maar dit ging eigenlijk

als vanzelf. Ongemerkt doe je steeds meer met het

leerlingenteam en hoeven de vaste medewerkers steeds

minder bij te springen. Toch zijn ze er steeds wanneer

het nodig is en kun je ook altijd hulp vragen van de vaste

medewerkers. Het is gewoon een heel fijn gevoel dat je het

alleen doet, terwijl je weet dat er iemand is waarop je kunt

terugvallen.”

“Op een gegeven moment was zelfs aan ons de taak om

de artsenvisites te doen. Dit is super om mee te maken.

Bij een gebruikelijke stage op een afdeling zou je dit niet

zo snel meemaken, omdat dit in de

regel veelal door het vaste personeel

wordt gedaan. Omdat wij de afdeling

met het leerlingenteam draaien, was dit

ook onderdeel van onze taak. Er was

natuurlijk altijd een begeleider in de

buurt, mocht dit nodig zou zijn.”

“Een groot voordeel van

een leerafdeling vind ik, dat

je veel meer ziet en tegenkomt”

“Mijn verhaal gaat over de laatste maanden van mijn

moeders leven, die een onuitwisbare indruk op mij hebben

gemaakt. Zij is op 15 juni 2004 overleden. Zij was toen 86

jaar en woonde met mijn vader geheel zelfstandig.”

“Kerst 2003. Mijn moeder gaat zienderogen achteruit. Ze

voelt zich moe en lag overdag regelmatig op de bank, wat

niets voor haar was. Mijn vader werd hierdoor onzeker.

In februari kreeg zij een herseninfarct. Hierdoor werd ze

hulpbehoevend. Mijn vader kon dat niet in zijn eentje af. We

hebben toen als familie de koppen bij elkaar gestoken en

daar is een zorgteam uit voortgekomen. Dat team bestond

“Het heeft mij kunnen voorbereiden op het afscheid van

haar. Dat ervaar ik nu als een voorrecht. Ik heb vooral een

band met haar gevoeld in het onuitgesprokende. Gewoon

‘er zijn’ was voldoende. Het was niet alleen mijn moeder

die terugblikte in haar leven, ik deed het onbewust ook.

Daardoor heb ik inzicht gekregen in mijn jeugd, het leven

van mijn ouders en in de relatie die zij samen hadden.”

“Ik geloof zelfs dat het een blijvende invloed zal hebben op

mijn verdere leven. Het maakt dat ik beter hoofdzaken van

bijzaken kan scheiden. Het wezenlijke van het bestaan hier

op aarde boeit me meer als ooit te voren.”

Judith Podt, leerling Verzorgende IG.

“Ik heb - evenals ook de andere

leerlingen - gewoon een super tijd

gehad. Ik heb veel geleerd. Een groot

voordeel van een leerafdeling vind ik,

dat je veel meer ziet en tegenkomt dan

wanneer je op een gewone afdeling

komt stage lopen. Kortom, meer leren,

meer zien en meer meemaken en

bovenal meer doen.”

Voor informatie:’www.szmk.nl

60 ZorgMagazine ZorgMagazine 61


Baalderborg

Een automobilist is de weg kwijt en vraagt een man op de stoep om hulp. Deze hoort

de vraag van de automobilist aan en stelt een tegenvraag: “Hoe komt het dat u de

weg kwijt bent?” De automobilist, enigszins verbaasd, vertelt dat zijn TomTom niet

functioneert en hij geen kaart in de auto heeft. De man op de stoep blijft echter vragen

stellen: “Hoe lang bent u de weg al kwijt, bent u vaker de weg kwijt, was u vroeger de

weg ook wel eens kwijt?” Als de automobilist zijn raampje al dichtdraait, wil de man

op de stoep dat de automobilist ook nog iets zegt over ‘verdwaald’ zijn. Dan krijgt de

automobilist ongevraagd advies over hoe hij voortaan kan voorkomen de weg kwijt te

raken. De man op de stoep voegt eraan toe dat zijn advies eerder verdwaalde mensen

heeft geholpen. Hoe groot acht u de kans dat de automobilist nu de weg weet en dat de

automobilist blij is met deze man op de stoep?

Handboek oplossingsgericht

werken met licht verstandelijk

beperkte cliënten

Veel behandelvormen zijn probleemgericht: ze houden zich

bezig met de exploratie en de analyse van het probleem,

hetgeen nodig is om de cliënt te kunnen adviseren over

de manier waarop dit probleem te reduceren is. Sinds de

jaren tachtig van de vorige eeuw bestaat voor professionals

in de (geestelijke) gezondheidszorg de mogelijkheid

om oplossingsgericht te werken. De oplossingsgerichte

professional richt zich op wat de cliënt al goed doet en

wat er anders is wanneer zijn probleem zich even niet of

minder voordoet of wanneer het al opgelost zou zijn. Bij

oplossingsgericht werken gaat het niet om de mogelijke

oorzaken en klachten in het verleden. Er wordt wel naar het

verleden gekeken, in zoverre het eerdere successen van de

cliënt en zijn omgeving betreft. Oplossingsgericht werken

gaat over het ontwerpen van de door de cliënt gewenste

situatie in de toekomst en het vinden van oplossingen die

de cliënt helpen zijn doel te bereiken. De oplossingsgerichte

professional is geïnteresseerd in wie of wat een positief

effect op de cliënt heeft, waar hij goed in is, wat hij graag

doet en welke hulpbronnen hij al in huis heeft. Door

oplossingsgerichte vragen te stellen richt de professional de

aandacht op het doel, de oplossingen en de competenties

van de cliënt. Hij stimuleert de cliënt tot het ‘meer doen

van wat (beter) werkt’ of ‘iets anders te doen, als het niet

werkt’.

Het ‘Handboek oplossingsgericht werken met licht

verstandelijk beperkte cliënten’ introduceert de

oplossingsgerichte benadering in de dienstverlening aan

cliënten met een verstandelijke beperking. Het boek is

bestemd voor professionals die werkzaam zijn in de directe

zorg rond cliënten met een verstandelijke beperking. Doel

van het boek is om het oplossingsgericht werken mogelijk

te maken, in de samenwerking met cliënten met een lichte

verstandelijke beperking (IQ 55 en hoger). Bij cliënten

met een lagere intelligentie, bij wie geen of minder een

beroep gedaan kan worden op taal- en reflectievermogen,

kan oplossingsgericht gewerkt worden met (teams van)

professionals en/of met ouders. In het boek worden de

achtergronden van oplossingsgericht werken besproken. Er

worden manieren toegelicht die de samenwerkingsrelatie

tussen de cliënt en de professional te bevorderen. Het boek

bevat veel casuïstiek, waarvan een voorbeeld:

Casus

Een moeder van een cliënte (Ada) vraagt aan een

activiteitenbegeleider om advies over het nachtelijke

eetgedrag van haar dochter en de ruzies die daarover

tussen beiden zijn ontstaan. Ada is 21 jaar en heeft een

verstandelijke leeftijd van zes jaar. De activiteitenbegeleider

voert een oplossingsgericht gesprek met moeder en

dochter: ‘Wat brengt jullie hier?’ Moeder begint op verzoek

van de professional te beschrijven hoe ze in het verleden

conflicten hebben overwonnen. ‘Hoe hebben jullie dat

voor elkaar gekregen?’ Er volgt een kleurrijk verhaal

over hun ’overwinningen’ (terminologie van moeder). Er

wordt één hardnekkig probleem genoemd: de nachtelijke

strooptochten van Ada naar de koelkast. ‘Wat hebben

jullie er tot nu toe aan gedaan en wat hielp daarvan?’

Moeder noemt allerlei pogingen, die zonder resultaat

bleven. ‘Wat hebben jullie wel eens overwogen, maar tot

nu toe niet geprobeerd?’ Moeder: ‘Misschien zit ik er wel

te veel bovenop.’ ‘Wat zou u daarvoor in de plaats willen?’

‘Misschien vaker het puntje van mijn tong afbijten als Ada

naar bed gaat? Normaal waarschuw ik haar steeds.’ ‘Wat

zou u nog meer anders doen?’ ‘Misschien meer overleggen

met Ada?’

Ada wordt op haar gemak gesteld en de begeleider vraagt

naar uitzonderingen: ‘Wanneer is het je gelukt om in bed

te blijven, ook al wilde je naar de koelkast gaan?’ Het blijkt

twee van de zeven dagen gelukt te zijn. ‘Hoe heb je dat

voor elkaar gekregen?’ Het blijft lang stil en Ada ontwijkt

de blik van de begeleider en kijkt haar moeder aan. ‘Vertel

eens aan je moeder hoe je dit gedaan hebt?’ Ada: ‘Door

complimentjes’. Bij navraag blijken de complimenten van

moeder het verschil te maken. ‘Hoe kunnen jullie er voor

zorgen dat dit weer gebeurt?’ Moeder: ‘Langer stil zijn en

Ada meer inbreng geven.’ ‘Welke ideeën heb jij Ada?’ Ada:

‘Kruisjes’. Bij doorvragen blijkt dat een beloningssysteem

met kruisjes dat Ada in het verleden prettig vond. Moeder

geeft aan dat ze eerder met kruisjes heeft gewerkt, maar

niet verwacht dat het lang succes zal hebben. ‘Op een

schaal van 10 tot 0: hoeveel vertrouwen heeft u dat het

met belonen gaat lukken?’ Moeder: ‘Een 6’. ‘Hoe ziet een

7 eruit?’ Moeder: ‘Misschien als ik meer tips krijg over zo’n

beloningssysteem.’ Ook Ada geeft een 6 en denkt dat ze

een cijfer hoger komt als ze de ‘kruisjes’ laat zien aan de

activiteitenbegeleider. Vervolgens beginnen moeder en

dochter al te overleggen over het beloningssysteem.

Na een korte pauze geeft de begeleider feedback: de

begeleider waardeert de inzet, de vindingrijkheid en

betrokkenheid van moeder en herhaalt wat moeder en Ada

al gedaan hebben om dit probleem en andere problemen

de baas te worden en zegt: ‘Omdat overleggen met Ada

en complimenten geven goed werken stel ik voor om de

volgende keer door te gaan op de al ingeslagen weg’.

Verder wordt afgesproken dat moeder en dochter zelf

een kruisjessysteem opzetten, het uitproberen en er de

volgende keer over vertellen. De activiteitenbegeleider

zal Ada dagelijks vragen naar de vorderingen en het

beloningssysteem wordt bij de volgende afspraak

geëvalueerd.

De casus toont hoe moeder en dochter worden gezien als

experts en competent om hun eigen oplossingen te vinden.

De professional hoeft niet te trekken, maar staat een stap

achter de cliënten en kijkt met hen in dezelfde richting: naar

de toekomst. Een ‘tikje op de schouder’ (in de vorm van het

stellen van oplossingsgerichte vragen) helpt de cliënten om

vooruit te kijken in de richting van waar ze willen uitkomen.

Naast gesprekvoering worden in het handboek niet-verbale

oplossingsgerichte technieken aangereikt, wordt getoond

hoe oplossingsgericht werken kan worden gecombineerd

met probleemgerichte gedragstherapie en wordt uitgelegd

hoe oplossingsgericht kan worden gewerkt met groepen en

via ouders of begeleiders.

Handboek oplossingsgericht werken met licht verstandelijk beperkte

clienten - John Roeden & Fredrike Bannink

Reed Elsevier (voorheen Harcourt book publishers)

ISBN: 9789026518065

John Roeden is GZ-psycholoog en gedragstherapeut bij stichting

Baalderborg in Hardenberg

Fredrike Bannink is klinisch psycholoog en gedragstherapeut en

heeft een praktijk voor therapie en training in Amsterdam

62 ZorgMagazine ZorgMagazine 63


ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente

Lilian Brouwer is Gespecialiseerd

Verzorgende met coördinerende taken

bij Zorgaccent en Thuiszorg Noord West

Twente. “Daar zaten ze - tegenover

mij - vier kinderen in de leeftijd van 6

tot en met 13 jaar. Uitdagend keken ze

mij aan. Hun moeder, mevrouw S. had

hulp ingeroepen van de Gespecialiseerde

Verzorging, omdat ze het gevoel had dat

ze de grip op de opvoeding kwijt was.”

Vier bengels

“Ze vond het moeilijk om haar kinderen te corrigeren en

grenzen aan te geven. Ze was snel geneigd om de kinderen

te straffen, met het dreigen dat ze iets zouden horen als

hun vader thuis kwam. Op die manier werd hij de boeman

en bleef zij de aardige moeder. Vader had van nature meer

gezag over de kinderen. Hij was een aardige, duidelijke en

consequente vader. In een eerder gesprek dat ik met

mevrouw S. had, werden haar doelen en het plan van

aanpak besproken. Ze zou het zelf eerst met haar man en

kinderen bespreken. Daarna zou ik kennismaken met de

kinderen op een woensdagmiddag.”

“En daar zaten ze. Leuk ogende kinderen met een gezonde

uitdagende blik in hun ogen. Samen met hun moeder heb

ik uitgelegd wat ik kwam doen en waarvoor. Ze stelden

allerlei vragen en ze begrepen heel goed waar het om

ging. De oudste vatte het samen: ”Dus als jij er bent en

mama weet het even niet, dan ben jij de baas?!” Zoiets ja!

Al na een half uur was het raak, zeuren om snoep, terwijl

zojuist de boterhammen opgegeten waren. Moeder zei in

eerste instantie nee, maar de kinderen bleven natuurlijk

doorzeuren en moeder zei ja.”

“De eerste middagen liet ik alles begaan en observeerde

alleen maar. Ik bouwde ondertussen een band op met

haar en de kinderen. Ik deed spelletjes met ze, hielp mee

met huiswerk, met z’n allen knutselden we en ik hielp met

de sinterklaassurprises en daarbij horende gedichten. Op

de maandagmiddagen kwam ik, als mevrouw S. alleen

was, en samen bespraken we hoe het de voorafgaande

woensdagmiddag was verlopen. Ik hield haar daarbij een

denkbeeldige spiegel voor en vertelde wat mij opgevallen

was.”

“Ze vond het moeilijk om regels te stellen en deze

consequent toe te passen, als ze tegengas gaven. Ze kon

moeilijk nee zeggen tegen de kinderen. En dat weten haar

kinderen als geen ander natuurlijk. Ze was bang dat de

kinderen boos op haar zouden blijven en haar niet lief meer

zouden vinden. We spraken af, dat ik een volgende keer

in zou grijpen en haar zo zou laten zien dat het tegendeel

waar was. Kinderen zoeken constant grenzen op. Voor

kinderen is het juist heel veilig als er grenzen zijn, omdat ze

daardoor weten waar ze aan toe zijn. Het maakt hun leven

overzichtelijker en wat voorspelbaarder.”

“Op een woensdag wilden de kinderen in de huiskamer

een hut bouwen van allerlei lappen. Moeder wilde dat niet

hebben en zei nee. Ze bleven echter doorvragen. Moeder

knikte naar mij en ik nam het over. “Jongens, er wordt geen

hut gebouwd vandaag, want je moeder heeft zojuist de

huiskamer opgeruimd en schoongemaakt en wil nu geen

troep”. Ik stelde voor dat we wel iets anders leuks konden

gaan doen. Er werd natuurlijk luid geprotesteerd. Maar mijn

nee bleef nee, daar ben ik op zulke momenten consequent

in. Boos en schreeuwend liepen ze naar boven en er werd

met deuren gesmeten. Moeder keek verschrikt op. Ik stelde

haar gerust en zei dat het goed zou komen. Even later

kwamen ze naar beneden. Ze zeurden nog even door, maar

gaven de moed op, want ik bleef bij mijn standpunt. Oké,

dan maar een gezamenlijk spelletje. De jongste kroop bij

mij op schoot en de rest van de middag werd het gezellig.”

“Een week later kreeg ik tekeningen van de jongste drie.

Moeder was enigszins verbaasd dat het werkte op die

manier. Ik legde haar uit, dat als je maar duidelijk bent naar

kinderen en uitlegt waarom je iets wel of niet wilt hebben

en ze daarbij alternatieven aanbiedt, ze uiteindelijk vaak

wel ingaan op het alternatief. Moeder nam vrij snel mijn

voorbeelden over. Het was voor haar en de kinderen niet

gemakkelijk. Moeder moest haar opvoedingsstijl aanpassen

en de kinderen bleven natuurlijk nog een tijdlang proberen

of ze moeder zover konden krijgen dat ze toch door de

knieën ging. We hebben zelfs creatief met een geldpot

gewerkt. De kinderen bleven schelden op elkaar, met deuren

gooien enzovoort. We hebben vervolgens een lijst gemaakt.

Schelden kostte € 0.20, met deuren slaan kostte € 0.15,

moeder een grote mond geven kostte € 0.30 enzovoort.

Het geld werd elke week bij elkaar opgeteld en van het

wekelijkse zakgeld afgetrokken. Elke dag dat er geen

aantekening werd gemaakt kregen ze € 0,50. De kinderen

vonden het in het begin belachelijk, maar het werkte wel,

want na een maand was het niet meer nodig. Op het laatst

werd het zelfs een sport tussen de vier kinderen, wie het

meest wist te verdienen.”

“Na 3 maanden kon mevr.ouw S. dit onderdeel binnen de

opvoeding zelf weer aan. Ook aan de folders van Opvoeden

zó! heeft mevrouw S. veel gehad. Er stonden duidelijke tips

in en handvatten om bepaalde situaties de baas te blijven.”

Opleiding voor

SPW 4: erg leuk

om te doen!

Henja Grotenhuis (46) is momenteel werkzaam als stagiaire

op ActiviteitenBegeleiding Duivecate in Hellendoorn. Op dit

moment volgt zij een SPW 4 opleiding die ze eind januari

2009 hoop af te ronden.

“Nadat ik jaren als ziekenverzorgster op een PG-afdeling had

gewerkt, kreeg ik schouderproblemen. De behandelend arts

adviseerde mij te stoppen met het werk in de verzorging.

In het begin vond ik het heel erg om niet meer ‘aan bed te

kunnen staan’, maar ik moest me oriënteren op iets anders.

Ik heb mijn teamleidster gevraagd of ik eens ‘in een andere

keuken’ mocht kijken. Zo gezegd zo gedaan. Ik ben gaan

kijken op de dagopvang op Verpleeghuis Krönnenzommer.

Daar kreeg ik een goed gevoel bij. Je blijft toch met mensen

omgaan, wat ik ook graag wilde blijven doen.”

“Zodoende volg ik nu mijn opleiding voor SPW 4 op het Alfa-

College in Hardenberg. Nooit gedacht dat ik op 46-jarige

leeftijd weer één dag in de week in de schoolbanken zou

zitten. Je bent nooit te oud om te leren!”

“Het is een erg leuke opleiding. Wel pittig om in één jaar

te doen, maar ik heb Ziekenverzorging als achtergrond en

daarom mocht ik de opleiding in één jaar doen. Ik loop

stage op Activiteitenbegeleiding Duivecate. Een hele leuke

en gezellige afdeling. Mijn twee stagebegeleidsters zijn erg

behulpzaam en weten erg veel van activiteitenbegeleiding.

Het is natuurlijk heel wat anders dan de verzorging, maar

erg leuk om te doen. Je bent nu ‘s avonds meer geestelijk

dan lichamelijk moe.”

“Je doet allerlei activiteiten met bewoners zoals koken,

creatieve activiteiten, bloemschikken, gespreksgroepen en

uiterlijke verzorging. Het is met name belangrijk, hoe je de

bewoner aanspreekt en hoe je met hem/haar omgaat. Niet

te ingewikkelde dingen gaan doen. Ik werk namelijk op een

Psychogeriatrische (dementerenden) afdeling. Eerst gezellig

een bakkie koffie en daarna beginnen we met de activiteit.

Zowel ‘s morgens als ‘s middags is er een activiteit, en ook

nog op dinsdag- en donderdagavond en op zaterdagmiddag.

Daarnaast worden er geregeld uitstapjes georganiseerd voor

de bewoners.”

“In het begin was het net of ik een klap in mijn gezicht

kreeg dat ik niet meer ‘aan het bed mocht staan’, maar nu

een half jaar verder, ben ik blij met deze opleiding. Hopelijk

vind ik straks een baan als activiteitenbegeleidster, zodat ik

met mensen kan blijven werken.”

64 ZorgMagazine ZorgMagazine 65


ZorgAccent & Thuiszorg Noord West Twente

Wat doen de

thuiszorg-

medewerkers

zoal?

Wanneer u door een handicap, ziekte, of ouderdom thuis

verpleging nodig heeft, komt de thuiszorg in beeld. Welke

hulp u nodig heeft, is afhankelijk van uw situatie. Met

wijkverpleegkundige Ellis-Marie Schonenborg, verbonden

aan de locatie Hengelo Zuid-Oost aan de Isaac da

Costastraat, heeft Erna Bolscher een gesprek over haar

team en over de werkzaamheden die er zo dagelijks

gebeuren.

Ellis-Marie vertelt: “We werken hier met een geïntegreerd

team, dat wil zeggen verzorging en verpleging werken als

een team. Hier hebben we een aantal jaar geleden voor

gekozen, en het bevalt goed. Mensen vullen elkaar goed

aan en weten elkaar makkelijk te vinden bij een ‘probleem’.

Het team bestaat uit Verzorgende B, Verzorgende C,

Verzorgende C - IG, wijkziekenverzorgenden (niveau 3/4),

verpleegkundigen in de wijk (niveau 4) en wijkverpleegkundigen

(niveau 5).”

“In de ochtend starten we om kwart voor acht op kantoor.

De computer gaat aan en gekeken wordt wat er aan aanvragen

is binnengekomen via de Meld & Zorgcentrale. Het

kan bijvoorbeeld zijn dat een cliënt eerder geholpen wil

worden, omdat deze naar een dokter moet of er is een

nieuwe zorgvraag. Dit wordt ingepland, of doorgegeven

aan degene waarbij de cliënt gepland staat. Tevens wordt ‘s

ochtends de alarmtelefoon doorgeschakeld naar de Meld &

Zorgcentrale voor alarmoproepen die kunnen binnenkomen

uit de wijk.”

“Rond acht uur gaan we de wijk in. Daar wacht ons een

diversiteit aan zorg. We beginnen vaak met het spuiten van

insuline, geven van medicatie en het aantrekken van de

steunkouzen. Ook de cliënten die naar de dagopvang gaan,

verzorgen we vroeg. Hierna gaan we de andere cliënten

helpen met het wassen/douchen/de ADL en zonodig de

medicatie. Aan het einde van de ochtend behandelen we

cliënten die wondverzorging nodig hebben. Ook terminale

zorg wordt gegeven. Bij deze cliënten komen we ongeveer

Ellis-Marie Schonenborg, wijkverpleegkundige

drie à vier keer per dag, en zonodig vaker in overleg met

familie. Tevens is er ook de mogelijkheid voor nachtzorg.

Verder geven we onder andere diabeteszorg, advies

instructie en voorlichting (AIV) aan cliënten.”

“In de middag gaan we op huisbezoek en verzorgen de

intakes van nieuwe clienten. Deze aanvragen komen bij ons

binnen via de Meld & Zorgcentrale. Die kunnen afkomstig

zijn van het ziekenhuis, de huisarts, familie/mantelzorg en

bijvoorbeeld buren. Ook is er ‘s middags tijd voor het upto-date

houden van de dossiers. Soms worden er MDO’s

gehouden, gesprekken gevoerd met andere disciplines,

huisarts of familie. Daarnaast blijft er ‘s middags de

(terminale) zorg voor de cliënten, de medicijnen en insulines

spuiten.”

“De middagdienst loopt tot ongeveer zes uur. De bereikbare

dienst neemt de taak van alarmeringen dan over. Om half

acht begint dan de avonddienst, bestaande uit drie

diensten. Zij werken door tot ongeveer half twaalf.”

Een belangrijke rol van Ellis-Marie is haar coachende rol van

collega’s, verzorgenden en verplegenden en het bijhouden

en omgaan met de blijvende veranderingen in de zorg.

Ook het bekwaam maken en houden van verzorgenden

en collega’s is een van de taken. Dit is erg belangrijk in

verband met de wet BIG. Alle indicaties worden afgegeven

door het CIZ. Zij bepalen welke zorg er geleverd kan gaan

worden. De eigen bijdrage geschiedt naar inkomen.

Ellis-Marie heeft veel plezier in haar werk. “Er komt veel

creativiteit aan te pas en ik moet erg flexibel zijn. Wel

constateer ik tijdens mijn werkzaamheden veel ‘eenzaamheid’

in de wijk. Er zijn cliënten die alleen mij maar zien die

dag, en voor de rest niemand. Een signalerende functie is

dan belangrijk!”

Maak jongeren

enthousiast

voor de zorg

De Werkgeversvereniging (WGV) organiseert gastlessen

op scholen in Twente en de Achterhoek om leerlingen

enthousiast te maken voor het werk in de sector zorg

en welzijn. Deze gastlessen worden gegeven door

gastdocenten die zelf werken in de zorg- en welzijnsector.

De gastles geeft daarom een reëel beeld over de

mogelijkheden in zorg en welzijn.

Gastlessen Beroepsbeeldvorming Zorg en Welzijn zijn

voor leerlingen van het vmbo of havo- en vwo-leerlingen.

De gastles, die twee lesuren duurt, helpt de leerlingen

een goede keuze te maken voor een studierichting. De

gastles houdt meer in dan een theoretisch verhaal over de

beroepsmogelijkheden. De leerlingen bekijken en bespreken

met hun klasgenoten attributen die men gebruikt in de

werkpraktijk.

Margriet van den Enk, werkleider confectie: “De gastles

laat op een speelse manier de leerlingen kennismaken met

de zorg. De leerling gaat in ieder geval meer nadenken

over de zorg en hun eigen mogelijkheden.”

Gastlessen Beroepsonderwijs zijn speciaal ontwikkeld voor

leerlingen die al gekozen hebben voor een zorgopleiding.

In deze lessen gaan de gastdocenten dieper in op de

verschillende beroepen. Zij vertellen over de praktijk

op basis van eigen ervaringen en die van collega’s. Ook

voorzien zij de leerlingen van praktische informatie over

vakantiewerk, stages en het vinden van een baan.

De WGV is op zoek naar medewerkers uit alle sectoren

van de zorg en welzijn uit Twente en in het bijzonder de

Achterhoek, voor het geven van gastlessen aan vmbo- en

havo-leerlingen. Om gastlessen te kunnen geven, volgt u

eerst een workshop bij de WGV.

Christel Hogt, psychiatrisch verpleegkundige: “De meeste

leerlingen weten inhoudelijk weinig over de zorg. In de

gastles probeer je een reële werksituatie na te bootsen om

dingen duidelijk te maken.”

Interesse?

Heeft u algemene kennis van de verschillende werkvelden in

de zorg en vindt u het een uitdaging om praktijkvoorbeelden

vanuit uw werkervaring te delen? Dan is het verzorgen van

een gastles iets voor u. De planning en organisatie van een

gastles worden verzorgd door de WGV.

Heeft u belangstelling voor een workshop

of heeft u vragen over de gastlessen?

Neem contact op met Natasja Blokhorst

of Cili Even, tel: 074 255 66 55, e-mail:

gastlessen@zorgselect.nl.

Colofon

Docent Berthy Wever van de OSG

Hengelo, locatie Woolder Meent: “Het

verhaal van mensen uit het werkveld is

een prima aanvulling op de lessen over de

beroepsoriëntatie. De leerlingen vinden de

attributen uit de box interessant en doen

enthousiast mee met het kwartetspel”.

Het ZorgMagazine is een uitgave van de Werkgeversvereniging

Zorgsector Twente en Achterhoek in samenwerkig met alle lidinstellingen.

Het magazine wordt verspreid onder alle medewerkers

en vrijwilligers werkende in de zorg en welzijn en onder

de leerlingen van verschillende onderwijsinstellingen in de regio

Twente en de Achterhoek.

Redactie en vormgeving: Liselotte Tap, WGV

Drukwerk: Thieme Twente

Redactieadres:

PC Hooftlaan 56, 7552 HG Hengelo

Postbus 1212, 7550 BE Hengelo

Telefoon: 074 255 66 50

E-mail: info@wgvoost.nl

Internet: www.wgvoost.nl

66 ZorgMagazine ZorgMagazine 67

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!