Familiekudde: koevriendelijker veehouderijsysteem - Melkveebedrijf

melkveebedrijf.nl

Familiekudde: koevriendelijker veehouderijsysteem - Melkveebedrijf

M A N A G E M E N T

Revolutionair systeem nog niet praktijkrijp

Familiekudde:

koevriendelijker veehouderijsysteem

Tekst en beeld: Janet Beekman

De familiekudde staat voor een revolutionair

koevriendelijker veehouderijsysteem. Het

systeem stelt de behoefte van de koe centraal.

Onderzoek en ervaring moet uitwijzen of het

haalbaar is voor de praktijk. Gerard Kok in De

Glind (Gelderland) is de eerste melkveehouder

in de Benelux die een stalsysteem voor een

familiekudde wil bouwen.

In 2008 startte het project ‘Familiekudde’.

Daarbij werken elf melkveehouders in het

praktijknetwerk Familiekudde samen met

wetenschappers van Wageningen UR

Livestock Research en het Louis Bolk Instituut.

Architectenbureau JvR Architectuur in

Nijmegen is betrokken bij het ontwerpen van

stalsystemen. Het project familiekudde is

ontstaan uit vragen vanuit de biologische

melkveehouderij. “Een aantal veehouders wil

een stap verder zetten naar een veehouderijsysteem

waarbij de natuurlijke leefomgeving

van koeien nog meer wordt benaderd”,

vertelt dierenarts Ingrid van Dixhoorn, die

vanuit WUR Livestock Research projectleider

is van de Familiekudde. “Omdat de gangbare

veehouderij ook stappen voorwaarts zet om

het dierenwelzijn te verbeteren, willen de

bioboeren zich blijven onderscheiden door

nog grotere stappen te zetten.” Volgens

Dixhoorn zal de uitwerking van het familiekudde-concept

zeker onderdelen bevatten

die de gangbare melkveehouderij goed kan

benutten.

Wat is familiekudde?

Het concept familiekudde houdt in dat alle

runderen (kalveren, jongvee, melkgevende

en droge koeien) op het melkveebedrijf in

één groep worden gehouden met veel

weidegang en een eenvoudig stalsysteem.

Dit veehouderijsysteem zet de koe en haar

natuurlijke behoefte centraal. Daarmee slaan

veehouders een grote slag op het gebied van

dierenwelzijn, gezondheid en levensduur van

de koeien. Een vaste groepssamenstelling

geeft rust in de koppel en sluit beter aan bij

de aard van de koe. Het kalf blijft de eerste

levensmaanden bij de koe en kan zogen. De

Door de ronde vorm heeft de windrichting minder invloed op het stalklimaat dan in een

rechthoekige stal. Een ronde stal geeft een goed overzicht, de looplijnen zijn kort en het aantal

hoeken is beperkt.

Tabel: Streefwaarde oppervlakte per dier familiekudde versus reguliere adviesnormen.

Functionele eenheid Streefwaarde Reguliere

familiekudde adviesnormen

Minimale ligoppervlakte koe 7 m 2 6 m 2 (vrijloop)

1,10 m breedte

2,20 m lengte ligbox

Minimale ligoppervlakte pink 5,4 m 2 1,8 m 2

Minimale ligoppervlakte kalf 4,6 m 2 1,5 m 2

Minimale totale oppervlakte koe (gehoornd) 20 m 2 10 m 2 (ongehoornd)

Koeruimte voer >1 m/koe 0,65 m/koe

Drinkruimte (aantal bakken/aantal koeien) >1/10 koeien 1/15 koeien

Breedte looppaden achter voerhek 5 m 4 m-4,5m

Afkalfruimte per koe 15 m 2 10 m 2

Stierruimte per stier 15 m 2

(Handboek Veehouderij editie 2009)

De stal is logisch ingedeeld, overzichtelijk en biedt

voldoende vluchtmogelijkheden. Alle servicehokken l

iggen aan één lange zijde van de stal.

18 | MELKVEEBEDRIJF / NR 11 / DECEMBER 2009 / MANAGEMENT


dieren worden niet onthoornd. In de wei of

in nieuw ontworpen vrijloopstallen hebben

koeien veel ruimte. Open ruimte biedt koeien

overzicht en dat betekent minder stress.” Het

starten met een familiekudde veehouderijsysteem

vraagt volgens Dixhoorn lef en

overtuiging van veehouders. “Het druist in

tegen de gevestigde overtuiging van hoe we

nu te werk gaan op een melkveebedrijf,

waarbij we jongvee en melkvee gescheiden

houden. Bioboeren zullen eerder geneigd

zijn om hiermee aan de slag te gaan.” Het

systeem bevat echter een aantal onderdelen,

zoals vrijloopstal, vloertype, technische

oplossingen om droge en melkgevende

koeien toch apart te voeren, die ook zeker in

de gangbare veehouderij toepasbaar zijn.

Extra ruimte per dier

De familiekudde levert door een stabiele

kudde, het bieden van extra stalruimte en

maximale weidegang duidelijke voordelen

met betrekking tot dierenwelzijn op. “Het

ligt voor de hand dat dit een gemiddeld

oudere veestapel oplevert. Oudere koeien

produceren efficiënter melk, de veevervanging

kan omlaag evenals de kosten voor jongveeopfok.”

Het familiekudde-stalconcept streeft

naar zoveel mogelijk koecomfort door veel

lig- en loopgemak, geen dode hoeken en extra

ruimte per dier (zie tabel). “Het toepassen

van een vrijloopstal lag daarbij het meest

voor de hand”, aldus Van Dixhoorn. Op basis

van de behoeften van de koe is het concept

familiekudde uitgewerkt tot een drietal

concrete huisvestingssystemen voor 60

melkkoeien met bijbehorend jongvee. De

voorbeeld ontwerpen zijn te vinden in de

brochure familiekudde, zie

www.familiekudde.nl.

De stabiele familiekudde heeft een duidelijke

rangorde. “In de reguliere systemen worden

continu nieuwe koeien aan de melkgevende

groep dieren toegevoegd. Dat levert in

combinatie met de vaak beperkte leef- en

vreetruimte rangordestress op. Sociale

interactie is een belangrijk onderdeel van

een familiekudde. Binnen de kudde zijn wel

kortdurende conflicten mogelijk, maar als de

sociale rangorde eenmaal duidelijk is, nemen

de conflicten af. Dat is niet het geval als elk

nieuw geïntroduceerde koe weer opnieuw

zijn plek moet veroveren.”

Ander management

Omdat in de familiekudde alle dieren bij

elkaar lopen, moeten technische oplossingen

worden gezocht om dieren toch naar hun

behoefte te kunnen voeren. Een nadeel van

de familiekudde is het risico op overdracht

van dierziektes van oudere koeien op jongvee.

In het algemeen wordt een strikte scheiding

van jongvee en melkgevende dieren

geadviseerd om overdracht van bijvoorbeeld

paratuberculose, salmonella en pinkengriep

te voorkomen. “Melkveehouders die familiekuddes

gaan houden, zullen dus meer

aandacht moeten hebben voor het tegengaan

van ziekte-insleep. Ook is dan een meer strikte

en frequente controle op ziektes nodig en het

is mogelijk dat extra vaccinaties noodzakelijk

zijn. Als een besmetting eenmaal in de kudde

zit, is het lastig, zo niet onmogelijk, om van

de ziekteverwekkers af te komen. De enige

remedie is dan vroegtijdig opsporen van

dieren die ziektekiemen blijven uitscheiden

en deze dieren afvoeren. Dat is van wezenlijk

belang voor een gezonde familiekudde.”

Door het verminderen van stress bij de koeien

is het mogelijk dat het uitscheiden van

bepaalde ziektekiemen minder snel gebeurt.

“Voordat we hier harde uitspraken over doen,

zullen we dat eerst moeten aantonen.”

Voor toepassing van de familiestal in de

praktijk moet ook de bedrijfseconomische

haalbaarheid worden doorgerekend. “Daar

zijn we nu mee bezig. Aan het einde van dit

jaar brengen we een rapport uit waarbij we

alle voor- en nadelen van de familiekudde op

een rij hebben gezet.” Het is in eerste instantie

de bedoeling om een veehouderijsysteem te

ontwikkelen dat niet afhankelijk is van een

tweede of derde tak, maar waarbij de

investeringskosten vergelijkbaar of lager zijn

met die van de gangbare veehouderij. Uit

eerste calculaties lijkt de bovenbouw van de

ronde stalvariant vergelijkbare kosten te

hebben dan de bovenbouw van een serrestal.

“De kosten hangen sterk af van de keuzes

die veehouders maken. Dat varieert van een

heel basaal systeem als een overdekte kraal

tot een hightech-uitvoering. Bij het laatste is

automatisering in meer of mindere mate

door te voeren. Denk daarbij aan de inpassing

van melkrobots, sensoren die de dieren sturen

en volgen, technieken die mest van urine

scheiden of mechanisatie van instrooisystemen,

enzovoort.” In een volgend stadium volgen

de resultaten van onderzoek naar de

investeringskosten in relatie tot mogelijke

extra opbrengsten voor melk of inkomsten

door voorbeeldfunctie, educatieve of

culturele functies.

Knelpunten oplossen

De meeste melkveehouders in het praktijknetwerk

zijn ervan overtuigd dat het familiekuddesysteem

moet kunnen werken. Het

ontbreken van overzicht wat betreft de

economische consequenties, is voor sommigen

nog een belemmering om te starten met

een familiekudde veehouderijsysteem.

“Een belangrijke vraag is ook wat de beste

strategie is voor het spenen van de kalveren.

Zoveel mogelijk weidegang is een belangrijk onderdeel van het familiekudde-concept.

De kalveren blijven zo’n twee tot drie maanden bij de

koeien lopen. Dat kost melk, maar koeien gaan langer mee en de

veevervanging gaat omlaag.

Ook in de stal wordt de dieren in de familiekudde in een stabiele groep

gehouden. Dat zorgt voor veel rust en minder stress.

MELKVEEBEDRIJF / NR 11 / DECEMBER 2009 / MANAGEMENT | 19


Hoe kun je dit zo natuurlijk mogelijk laten

verlopen?” In het project wordt verder

onderzoek gedaan naar de ventilatie en

andere technische aspecten van het bouwen

van een ronde stal. “Het effect van meer

ruimte per koe en van toepassing van

vrijloopstallen op ammoniakemissies, moet

ook duidelijk worden.”

Voor Gerard Kok, één van de melkveehouders

die deelneemt aan het praktijknetwerk de

Familiekudde, zijn tekeningen gemaakt om

een nieuwe stal te bouwen (zie kader). Hij

houdt nu ook al de kalveren bij de koeien.

“Door het oplossen van mogelijke obstakels

onderweg heeft het project een belangrijke

leer- en experimenteerfunctie. Wij ondersteunen

Kok bij het vergunningentraject.

Het is bijvoorbeeld de vraag of je een stal

rond mag bouwen.” Een systeeminnovatie

zoals de familiestal gaan de wetenschappers

pas stimuleren voor toepassing op grotere

schaal in de praktijk als eerst voldoende is

geleerd over eventuele problemen en

oplossingen. Eind 2009 is het rapport klaar

waarin getallen en consequenties, ook op

milieutechnisch en economisch gebied

nader zijn uitgewerkt. “Uiteindelijk is het

bedrijfseconomische plaatje maatwerk per

bedrijf. De één heeft behoefte aan oplossingen

om de huidige situatie te verbeteren in de

vorm van techniek of management. Anderen

willen drastische veranderingen op het bedrijf

doorvoeren om een droom te realiseren of

om een compleet andere weg in te slaan”,

besluit Van Dixhoorn. <

Gerard Kok overtuigd dat het anders kan

Via de netwerkgroep Familiekudde

oriënteert Kok zich op een systeem om jaarrond

een stabiele kudde koeien te houden.

Kalveren twee maanden bij de koe houden,

kost melkafzet. “Maar het past veel beter bij

de dieren, koeien gaan langer mee en de

veevervanging kan omlaag”, stelt Kok, die

ook vooral geniet van kalveren bij zijn koeien.

Gerard Kok

Regulier melkveebedrijf met 150 koeien gaat het anders doen

Anita Jongman: “We staan open voor nieuwe dingen”

Consumenten kijken steeds kritischer naar

de wijze waarop dieren worden gehouden.

Er ontstaat discussie over weidegang,

onthoornen en het weghalen van het kalf

bij een koe. “Wij doen graag mee aan

initiatieven om te kijken of het anders kan”,

zeggen Anita Jongman en Eddy van Wijk, die

150 koeien melken in Warfhuizen (Groningen).

“Wij krijgen geen kick van groot, groter, grootst”,

zegt Anita Jongman, die samen met haar

partner Eddy van Wijk, deelneemt aan het

praktijknetwerk de Familiekudde. Jongman

is meer bezig met het zoeken van het

antwoord op vragen als ‘wat wil de koe?’ en

‘wat wil de consument?’. “We willen graag

een eindproduct afleveren dat voldoet aan

de hedendaagse wensen. We kiezen daarbij

niet voor schaalvergroting, maar zitten in

een omschakeltraject naar een biologische

productiewijze. Dat past ons beter, we

verhogen liever onze marge en het speelt

volgens ons beter in op toekomstige eisen

uit de markt.” Vanwege hun gewijzigde visie

op hun toekomstige gemengde melkvee- en

akkerbouwbedrijf oriënteren de ondernemers

zich op andere mogelijkheden. “We vinden

het leuk om ons te verdiepen in andere

niet-conventionele systemen, zoals de

familiekudde. Dat kan alleen als je breed

durft te kijken en je niet meteen laat

In 1991 schakelde Gerard Kok in De Glind

(Gelderland) zijn melkveebedrijf om naar

biologisch, waarbij de ligboxenstal werd

omgebouwd tot potstal. Drie jaar geleden

ging hij nog een stap verder met een

biologisch dynamische bedrijfsvoering Hij

pioniert graag verder: in 2010 moet de bouw

van een stal voor een familiekudde klaar zijn.

“Ik wil graag een stap verder zetten, omdat

ik vind dat het anders moet en kan. Een ronde

vrijloopstal is een optie. Ik zorg dat er in elk

geval ruimte is voor 80 koeien. Het is nog

puzzelen met de optimale looplijnen en hoe

ik het jongvee na spenen het beste kan huisvesten”,

vertelt Kok, die volgend jaar graag

de schop in de grond zet voor de familiestal.

Kalf al zes jaar bij de koe

Kok houdt al zes jaar zijn kalveren twee

maanden in de kudde van 45 melkkoeien

met een gemiddelde leeftijd van 5 jaar en 11

maanden. “Moederkoeien kunnen de kalveren

Anita Jongman en Eddy van Wijk

afschrikken door spoken en beren op de weg.

Maar we zijn realistisch genoeg. Het systeem

moet natuurlijk wel werken en brood op de

plank brengen.” De combinatie van familiekudde,

educatie en verkoop van biologische

producten is een optie voor de toekomst.

“De familiekudde leent zich prima voor

bijvoorbeeld een kijkstal, waar we ook

inkomsten uit kunnen halen”, besluit Jongman. <

Warfhuizen >

De Glind >

veel beter groot brengen dan ik dat kan.” Per

koe kost dat jaarlijks circa 1.000 kilo melk op

een totale melkproductie van 5.000 tot

6.000 kilo melk. Het spenen gebeurt door de

kalveren op te stallen. “Dat verloopt goed.

De moederkoeien hebben nog wel enkele

weken visueel contact met hun kalveren om

de stress te verlagen.” Veertien jaar geleden

is Kok ook al gestopt met onthoornen. “We

moeten af van dergelijke ingrepen bij dieren.

De politiek wil dat op termijn ook. Op ons

bedrijf blijkt in een stabiele, rustige kudde

en een open stal met weinig obstakels dat

hoorns geen gevaar opleveren.” <

20 | MELKVEEBEDRIJF / NR 11 / DECEMBER 2009 / REPORTAGE

More magazines by this user
Similar magazines