2004 LCR - brief aan TK reactie wijziging systematiek ...
2004 LCR - brief aan TK reactie wijziging systematiek ...
2004 LCR - brief aan TK reactie wijziging systematiek ...
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
Den Haag, 12 april <strong>2004</strong><br />
Aan Vaste Tweede Kamer Commissie Sociale<br />
Zaken en Werkgelegenheid<br />
Postbus 20018<br />
2500 EA Den Haag<br />
Betreft: Voorstel van wet tot <strong>wijziging</strong> van de arbeidsongeschiktheidswetten in verband<br />
met <strong>wijziging</strong> <strong>systematiek</strong> herbeoordelingen. Wet <strong>wijziging</strong> <strong>systematiek</strong><br />
herbeoordeling arbeidsongeschiktheidswetten (kamerstuk 29498 volgnummer<br />
2,3 en 4) en het schattingsbesluit<br />
Ref.: <strong>LCR</strong>/040174/JL/ER<br />
Geachte dames en heren,<br />
De Landelijke Cliëntenraad (<strong>LCR</strong>) heeft kennisgenomen van het voorstel van wet tot <strong>wijziging</strong><br />
van de arbeidsongeschiktheidswetten in verband met <strong>wijziging</strong> <strong>systematiek</strong> herbeoordelingen,<br />
Wet <strong>wijziging</strong> <strong>systematiek</strong> herbeoordeling arbeidsongeschiktheidswetten. Bij de <strong>wijziging</strong> van<br />
de <strong>systematiek</strong> van de herbeoordeling speelt het nieuwe schattingsbesluit een belangrijke rol.<br />
Inmiddels is dit nieuwe schattingsbesluit <strong>aan</strong> uw Kamer toegezonden. In deze <strong>brief</strong> wil de<br />
Landelijke Cliëntenraad ook uw <strong>aan</strong>dacht vragen voor het nieuwe schattingsbesluit.<br />
De <strong>LCR</strong> wil u hierbij <strong>aan</strong>dacht vragen voor de volgende onderwerpen.<br />
1 Algemeen<br />
2 Uitzonderingen met betrekking tot herbeoordeling<br />
3 Nieuw schattingsbesluit<br />
Ad 1 Algemeen<br />
Dit wetsvoorstel is er op gericht om de wettelijke herbeoordelingen op grond van de huidige<br />
arbeidsongeschiktheidswetten te laten vervallen en best<strong>aan</strong>de arbeidsongeschikten te<br />
herbeoordelen op een nader te bepalen volgorde en tijdpad.<br />
De <strong>LCR</strong> heeft geen bezwaar dat de wettelijke herbeoordeling worden afgeschaft en wordt<br />
vervangen door een systeem van professionele herbeoordelingen. De <strong>LCR</strong> begrijpt echter niet<br />
waarom alle best<strong>aan</strong>de WAO-ers thans opnieuw moeten worden herbeoordeeld.<br />
In januari jl. besluit de Minister om het UWV gerichter herbeoordelingen te laten uitvoeren. Het<br />
volgende moment (maart) moet echter iedereen jonger dan 55 jaar worden herbeoordeeld.
De <strong>LCR</strong> is van mening dat het beter zou zijn om in plaats van een algehele herbeoordeling de<br />
pilot Reïntegratie Langdurig WAO-ers voort te zetten. Dit omdat deze pilot op wens van de<br />
minister is uitgevoerd en omdat de resultaten veelbelovend zijn. In deze pilot krijgen mensen<br />
een reïntegratietraject <strong>aan</strong>geboden en er vindt niet onmiddellijk een herbeoordeling plaats<br />
maar pas nadat iemand de tijd gehad heeft om een b<strong>aan</strong> te vinden. De bereidwilligheid tot<br />
medewerking door cliënten was èrg groot, er waren nauwelijks weigeringen. In de pilot is bijna<br />
iedereen waarvan het UWV meende dat hij/zij nog benutbare mogelijkheden had, of op traject<br />
of er lopen vervolggesprekken. Tevens sluit deze werkwijze <strong>aan</strong> bij de visie van de <strong>LCR</strong> dat<br />
herbeoordeling ook daadwerkelijk samen gaat met weer <strong>aan</strong> het werk g<strong>aan</strong>.<br />
De <strong>LCR</strong> heeft vraagtekens bij de noodzaak van de herbeoordelingsoperatie uit oogpunt van de<br />
WAO in- en uitstroom. Dit gelet op de reeds dalende instroom in de WAO en de uitstroom uit<br />
de WAO in de afgelopen jaren. De Wet Poortwachter heeft tot effect dat de instroom in de<br />
WAO met 28% is verminderd. De huidige wettelijke herbeoordeling levert al twee jaar (in 2002<br />
en 2003) een uitstroom van 36.400 uit de WAO per jaar op. Verder heeft het UWV met een<br />
nieuw selectiesysteem voor kansrijke herbeoordelingen, de implementatie van de<br />
reïntegratietelefoon en uitbreiding van de <strong>aan</strong>pak op basis van de reïntegratiepilots voor<br />
personen uit het zittend bestand WAO, voorwaarden gecreëerd voor het <strong>aan</strong> het werk krijgen<br />
van meer WAO-ers naast de verdere reductie van het WAO-volume.<br />
De <strong>LCR</strong> is van mening dat deze instrumenten een voldoende bijdrage leveren <strong>aan</strong> het weer <strong>aan</strong><br />
het werk helpen van de best<strong>aan</strong>de WAO-ers.<br />
De bezwaren van de <strong>LCR</strong> tegen de voorgestelde herbeoordeling van het totale zittend bestand<br />
WAO-ers richt zich in het bijzonder op het toepassen van een nieuw schattingsbesluit. Verder<br />
op in deze <strong>brief</strong> komen wij hier nog uitvoerig op terug.<br />
De <strong>LCR</strong> vindt dat de voorgestelde herbeoordeling van het zittende bestand WAO-ers op grond<br />
van een nieuw schattingsbesluit in strijd is met het rechtvaardigheidsbeginsel.<br />
Mensen die arbeidsongeschikt zijn, worden op grond van nieuwe criteria fictief<br />
arbeidsgeschikter omdat zij geschikt worden bevonden voor werkzaamheden in fictieve banen.<br />
Het lager afschatten van arbeidsongeschikten leidt niet tot een feitelijke lagere<br />
arbeidsongeschiktheid en al helemaal niet tot meer arbeidskansen.<br />
Hoewel de minister zegt het principe van de verdiencapaciteit in de WAO niet los te laten,<br />
constateert de <strong>LCR</strong> dat er niet langer sprake is van het beoordelen van een reële resterende<br />
verdiencapaciteit maar dat er sprake is van het beoordelen van een fictieve arbeidscapaciteit.<br />
Ad 2 Uitzondering herbeoordelingen<br />
Twee groepen worden uitgezonderd van de herbeoordelingsoperatie te weten: alle<br />
arbeidsongeschikten die bij eerdere herbeoordelingsoperaties zijn ontzien en degenen die op 1<br />
juli <strong>2004</strong> 55 jaar of ouder zijn. De reden hiervoor is dat de regering die personen onvoldoende<br />
kansrijk acht in verband met de afstand tot de arbeidsmarkt.<br />
Bepaalde groepen worden dus uitgesloten van de herbeoordeling omdat zij onvoldoende<br />
kansrijk zijn op de arbeidsmarkt. De <strong>LCR</strong> is van mening dat veel van de best<strong>aan</strong>de WAO-ers<br />
onvoldoende kansrijk zijn op de arbeidsmarkt. Hierbij geldt: hoe groter de mate van<br />
arbeidsongeschiktheid, hoe langer arbeidsongeschikt, en hoe ouder, hoe kleiner de kans op<br />
werk. Dat geldt ook voor mensen jonger dan 55 jaar.<br />
De <strong>LCR</strong> is dan ook van mening dat de best<strong>aan</strong>de WAO-ers via reïntegratie inspanningen <strong>aan</strong><br />
het werk moet worden geholpen en pas daarna moeten worden herbeoordeeld. Op deze wijze<br />
wordt op positieve wijze bewerkstelligd dat mensen hun mogelijkheden om te werken benutten<br />
en daadwerkelijk uitstromen naar werk. De voorgestelde herbeoordelingsoperatie<br />
bewerkstelligt een uitstroom naar een andere uitkering of een lagere uitkering. Het is zeer de<br />
vraag of zij die ‘meer’ arbeidsgeschikt worden ook daadwerkelijk <strong>aan</strong> het werk komen.<br />
De minister schat dat 110.000 geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikten weer g<strong>aan</strong><br />
participeren op de arbeidsmarkt. De <strong>LCR</strong> vraagt zich af hoe de minister dit <strong>aan</strong>tal heeft<br />
berekend. Recent hebben VNO/NCW en het MKB nog <strong>aan</strong> de minister laten weten dat zij niet<br />
zitten te wachten op de 110.000 mensen die zich als gevolg van de herbeoordelingen weer op<br />
de arbeidsmarkt melden.<br />
2
Ook uit het rapport ‘Onbekend maakt onbemind’ van de Commissie Werkend Perspectief dat<br />
recent is gepubliceerd, blijkt dat werkgevers niet zitten te wachten op werknemers met een<br />
arbeidshandicap. Dit probleem speelt al jaren en is nauwelijks verminderd ook toen er sprake<br />
was van een groeiende arbeidsmarkt.<br />
In juli 2003 publiceerde het Sociaal Cultureel Planbureau het rapport de uitkering van de b<strong>aan</strong>.<br />
In dit rapport stelt het SCP: “het antwoord op de vraag hoeveel arbeidsongeschikten,<br />
werklozen en bijstandsontvangers in principe kunnen participeren op de arbeidsmarkt maar dit<br />
tot nog toe niet doen, hangt af van de wijze waarop men het begrip ‘reïntegreerbaarheid’<br />
definieert.<br />
Volgens de wettelijke criteria wordt men reïntegreerbaar geacht indien men tot werken in staat<br />
is, blijkend uit het feit dat men minimaal 20% resterende verdiencapaciteit heeft (ontvangers<br />
van arbeidsongeschiktheidsuitkering) dan wel de arbeidsplicht opgelegd heeft gekregen (WWers<br />
en Abw-ers). Vervolgens constateert het SCP dat ouderen een belangrijk <strong>aan</strong>deel hebben<br />
binnen de reïntgreerbare arbeidsongeschikten en bijstandsgerechtigden. Het is dan ook<br />
<strong>aan</strong>nemelijk dat de feitelijke reïntegreerbaarheid geringer is dan de wettelijke<br />
reïntegreerbaarheid.” In het SCP rapport wordt verwoord dat werkgevers veelal een voorkeur<br />
hebben voor sollicitanten met relevante én recente werkervaring. De leeftijd, het<br />
opleidingsniveau en – impliciet- de etnische herkomst zijn eveneens belangrijke<br />
selectiecriteria.<br />
Een belangrijk deel van de best<strong>aan</strong>de WAO-ers voldoet niet <strong>aan</strong> de wensen van werkgevers, zij<br />
worden na de herbeoordeling wèl reïntegreerbaar geacht maar komen niet <strong>aan</strong> het werk.<br />
Tot slot vraagt de <strong>LCR</strong> zich af wanneer de herbeoordelingsoperatie moet zijn afgerond.<br />
Tevens willen wij nog <strong>aan</strong>dacht vragen voor het inzetten van reïntegratietrajecten voor de<br />
herbeoordeelden. Is het UWV in staat om naast een omvangrijke herbeoordelingsoperatie,<br />
voor hen die zijn herbeoordeeld snel een reïntegratievisie op te stellen en hen in traject te<br />
zetten. Is de reïntegratiemarkt in staat deze extra reïntegratie inspanningen te leveren? En<br />
zijn hiervoor voldoende financiële middelen beschikbaar?<br />
De <strong>LCR</strong> de verzoekt u zorg te dragen dat:<br />
1 De voorgestelde herbeoordeling van alle zittende WAO-ers niet doorgaat;<br />
2 de best<strong>aan</strong>de WAO-ers met kansen op de arbeidsmarkt in traject worden geplaatst<br />
en pas worden herbeoordeeld als er een b<strong>aan</strong> is gevonden.<br />
Ad 3 Schattingsbesluit<br />
Ten behoeve van de arbeidskundige beoordeling van arbeidsongeschiktheid wordt het<br />
schattingsbesluit <strong>aan</strong>gescherpt.<br />
Bij het bepalen van de resterende verdiencapaciteit moet het volgende in acht worden<br />
genomen:<br />
1 Werknemers die voor hun ziekte in deeltijd werkten ook schatten op theoretische<br />
functies met hogere uren;<br />
2 Ongeacht het arbeidspatroon dat de werknemer voor zijn ziekte had, hem schatten<br />
op alle functies ongeacht het arbeidspatroon. Een uitzondering wordt gemaakt voor<br />
nacht arbeid;<br />
3 Voor het beoordelen van de resterende verdiencapaciteit moeten drie functies<br />
kunnen worden geduid met tenminste 3 best<strong>aan</strong>de banen;<br />
4 Bij de schatting wordt uitgeg<strong>aan</strong> dat de werknemer bepaalde normaal te achten of<br />
makkelijk te verwerven bekwaamheden bezit. Hierbij gaat het in eerste instantie om<br />
het mondeling beheersen van de Nederlandse taal en eenvoudig computergebruik,<br />
omdat dit voorwaarden zijn voor deelnemen <strong>aan</strong> de arbeidsmarkt;<br />
5 Uitgeg<strong>aan</strong> wordt van de arbeid die feitelijk is verricht, ook als betrokkene deze<br />
arbeid op het moment van beoordeling niet meer verricht. Dit is uiteraard anders als<br />
betrokkene niet meer zou kunnen functioneren in deze arbeid ten gevolge van zijn<br />
medische situatie.<br />
3
De bezwaren van de <strong>LCR</strong> tegen het nieuwe schattingsbesluit betreffen de onderdelen 1, 3 en 4.<br />
Deeltijders ook schatten op theoretische functie met hogere uren.<br />
Deeltijders kunnen voor het bepalen van de resterende verdiencapaciteit worden geschat op<br />
fulltime functies. Daarbij wordt geen rekening meer gehouden dat niet alle functies in deeltijd<br />
kunnen worden vervuld. Dit leidt tot een fictieve herbeoordeling en heeft als resultaat dat<br />
mensen fictief arbeidsgeschikter worden zonder dat er werk beschikbaar is. In feite komt het<br />
er op neer dat mensen die in deeltijd werken niet meer verzekerd zijn voor de WAO.<br />
De <strong>LCR</strong> is dan ook van mening dat hiermee het verzekeringskarakter van de<br />
arbeidsongeschiktheidswetten wordt <strong>aan</strong>getast.<br />
De <strong>LCR</strong> verzoekt u zorg te dragen dat dit criterium, deeltijders ook schatten op functies met<br />
hogere uren, geen onderdeel wordt van het nieuwe schattingsbesluit.<br />
Het verlagen van de eis die nu <strong>aan</strong> het <strong>aan</strong>tal arbeidsplaatsen wordt gesteld van 10<br />
naar 3.<br />
Een functie waar maar drie arbeidsplaatsen van best<strong>aan</strong> kan nauwelijks worden geduid als<br />
gangbare arbeid. Hiermee sluit de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling niet <strong>aan</strong> bij de realiteit.<br />
Er vindt geen reële duiding plaats wat iemand doorg<strong>aan</strong>s reëel nog kan verdienen.<br />
Bij de huidige beoordeling op passende functies op basis van 30 best<strong>aan</strong>de arbeidsplaatsen<br />
binnen een systeem waar 64.000 banen zijn geregistreerd is al sprake van een theoretische<br />
beoordeling. Het betreft een geschiktheid voor 0,05% van de geregistreerde banen.<br />
Bij de voorgestelde beoordeling op basis van 9 best<strong>aan</strong>de arbeidsplaatsen daalt dit percentage<br />
naar 0,01%.<br />
De <strong>LCR</strong> is van mening dat niet langer sprake is van het beoordelen van een reële<br />
verdiencapaciteit maar sprake is van het beoordelen van een fictieve arbeidscapaciteit.<br />
De <strong>LCR</strong> is van mening dat met dit nieuwe criterium het verzekeringskarakter van de<br />
arbeidsongeschiktheidswetten wordt <strong>aan</strong>getast.<br />
De <strong>LCR</strong> verzoekt u zorg te dragen dat, het <strong>aan</strong>tal arbeidsplaatsen per functie niet wordt<br />
verlaagd van 10 naar 3, in het nieuwe schattingsbesluit.<br />
Bij de schatting wordt uitgeg<strong>aan</strong> dat de werknemer bepaalde normaal te achten of<br />
makkelijk te verwerven bekwaamheden bezit.<br />
Bij de schatting wordt uitgeg<strong>aan</strong> dat de werknemer bepaalde normaal te achten of makkelijk te<br />
verwerven bekwaamheden bezit. Hierbij gaat het in eerste instantie om het mondeling<br />
beheersen van de Nederlandse taal en eenvoudig computergebruik, omdat dit voorwaarden<br />
zijn voor deelnemen <strong>aan</strong> de arbeidsmarkt.<br />
Er wordt gesproken van: in eerste instantie gaat het om het mondeling beheersen van de<br />
Nederlandse taal en eenvoudig computergebruik. Dat betekent dat de inhoud van het begrip,<br />
normaal te achten en makkelijk te verwerven bekwaamheden, in de loop van de tijd kan<br />
wijzigen.<br />
In dit kader wil de <strong>LCR</strong> een vergelijking maken met de Wvg waar het begrip algemeen<br />
gebruikelijke voorziening wordt gehanteerd. Jaarlijks worden meer voorzieningen als algemeen<br />
gebruikelijk gekwalificeerd en dus niet meer vergoed in het kader van de Wvg, hetgeen<br />
overigens niet betekent dat deze voorzieningen ook werkelijk realiseerbaar zijn voor de<br />
doelgroep. Een dergelijk risico bevat ook het begrip normaal te achten of makkelijk te<br />
verwerven bekwaamheden.<br />
Wat vandaag nog als niet normaal en niet gemakkelijk te verwerven wordt betiteld, kan<br />
morgen wel als zodanig worden betiteld en dus onderdeel worden van het schattingsbesluit.<br />
Wie beoordeelt wat normaal en gemakkelijk te verwerven bekwaamheden zijn en op grond<br />
waarvan wordt dit beoordeeld.<br />
Er wordt vanuit geg<strong>aan</strong> dat betrokkene deze vaardigheden heeft dan wel binnen 6 m<strong>aan</strong>den<br />
kan leren. Maar wat als betrokkene deze vaardigheden niet blijkt te kunnen verwerven.<br />
4
Het toepassen van dit criterium wringt in het bijzonder voor het zittende WAO-bestand. Onder<br />
hen bevinden zich een <strong>aan</strong>zienlijk analfabeten. Het is zeer de vraag of zij binnen 6 m<strong>aan</strong>den<br />
de Nederlandse taal kunnen leren beheersen en tot eenvoudig computergebruik in staat zullen<br />
zijn.<br />
In de toelichting wordt <strong>aan</strong>gegeven dat bij de genoemde algemeen gebruikelijke<br />
bekwaamheden het nadrukkelijk niet gaat om bekwaamheden die bij betrokkene als gevolg<br />
van zijn handicap ontbreken en die hij daarom niet kan verwerven. De <strong>LCR</strong> vraagt zich af hoe<br />
dit wordt vastgesteld. Bij een <strong>aan</strong>tal handicaps is dit wellicht eenvoudig vast te stellen. Maar<br />
dat geldt lang niet in alle gevallen. Om te kunnen beoordelen of mensen tot de algemeen<br />
gebruikelijke bekwaamheden in staat zijn is het noodzakelijk dat naast een medische en<br />
arbeidskundige beoordeling een <strong>aan</strong>vullende toets plaatsvindt (psychologisch onderzoek).<br />
De <strong>LCR</strong> is van mening dat door dit nieuwe criterium het verzekeringskarakter van de<br />
arbeidsongeschiktheidswetten wordt <strong>aan</strong>getast.<br />
De <strong>LCR</strong> verzoekt u zorg te dragen dat het criterium dat bij de schatting wordt uitgeg<strong>aan</strong> dat<br />
betrokkenen normaal geachte en makkelijk te verwerven bekwaamheden bezitten dan wel<br />
binnen 6 m<strong>aan</strong>den kunnen leren, geen onderdeel wordt van het nieuwe schattingsbesluit.<br />
Slot overwegingen<br />
De <strong>LCR</strong> pleit er voor dat de huidige CBBS <strong>systematiek</strong> vervangen wordt door een reële<br />
vaststelling van de verloren gegane verdiencapaciteit. Verder pleiten wij er voor dat mensen<br />
die herbeoordeeld worden de tijd krijgen om hun resterende verdiencapaciteit ook via werken<br />
te realiseren. Pas nadat werk is gevonden, dient het nieuwe arbeidsongeschiktheidspercentage<br />
van kracht te worden. Als na een reïntegratietraject geen werk is gevonden dient opnieuw te<br />
worden herbeoordeeld, waarbij moet worden bekeken of de eerdere herbeoordeling reëel was,<br />
gezien de reïntegratie-inspanningen en zijn of haar gezondheidstoestand. Vermeden moet<br />
worden dat mensen van de ene uitkering naar de andere uitkering worden overgeheveld.<br />
De Landelijke Cliëntenraad is gaarne bereid om zijn commentaar nader mondeling toe te<br />
lichten.<br />
Met vriendelijke groet,<br />
J.P. Laurier<br />
Voorzitter<br />
Samenstelling Landelijke Cliëntenraad<br />
• Landelijke cliëntenorganisaties:<br />
Christelijk Nationaal Vakverbond (CNV), Chronisch zieken en Gehandicaptenraad Nederland (CG-<br />
Raad), Cliëntenbond in de geestelijke gezondheidszorg/Stichting Landelijke Patiënten en<br />
Bewonersraden in de geestelijke gezondheidszorg (Cliëntenbond/LPR), Coördinatieorg<strong>aan</strong><br />
Samenwerkende Ouderenorganisaties (CSO), Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV),<br />
Federatie van Ouderverenigingen (FvO), Landelijke Vereniging van Arbeidsongeschikten (LVA),<br />
Samenwerkingsverbanden Landelijk Overleg Minderheden (LOM),<br />
• vertegenwoordigers van cliëntenraden bij UWV, CWI en SVB,<br />
• vertegenwoordigers van de gemeentelijke cliëntenparticipatie te weten:<br />
Landelijk Netwerk Cliëntenorganisaties/Samenwerkingsverband Mensen Zonder Betaald Werk<br />
(LNCO/SMZBW), Landelijke Vereniging Thuislozen (LVT), Landelijk overleg cliëntenraden Sociale<br />
Zekerheid (LocSZ).<br />
5