14.02.2022 Views

Schrijven Magazine 2 2021

Eindelijk dat boek schrijven? Laat je inspireren door Schrijven Magazine Schrijven Magazine helpt je bij elke stap op weg naar jouw eigen boek. Je ontdekt wat de schrijfmethode is die het beste bij je past, welke schrijftechnieken je boek vooruit helpen, en je krijgt heel veel tips & trucs van ervaren schrijvers. We vertellen je alles wat je moet weten over uitgevers en literair agenten. Welke schrijfvraag je ook hebt, we beantwoorden hem in Schrijven Magazine!.

Eindelijk dat boek schrijven?
Laat je inspireren door Schrijven Magazine

Schrijven Magazine helpt je bij elke stap op weg naar jouw eigen boek.
Je ontdekt wat de schrijfmethode is die het beste bij je past, welke schrijftechnieken je boek vooruit helpen, en je krijgt heel veel tips & trucs van ervaren schrijvers.
We vertellen je alles wat je moet weten over uitgevers en literair agenten.
Welke schrijfvraag je ook hebt, we beantwoorden hem in Schrijven Magazine!.

SHOW MORE
SHOW LESS

You also want an ePaper? Increase the reach of your titles

YUMPU automatically turns print PDFs into web optimized ePapers that Google loves.

THEMA: DE GEREEDSCHAPSKIST VAN DE SCHRIJVER

SPECIAL SCHRIJFVAKANTIES

magazine

Jaargang 25, nummer 2

april 2021, € 7,49

schrijvenonline.org

IN

10 DAGEN

EEN BOEK

SCHRIJVEN.

HET KAN!

Zo bouw je een

overtuigende plot

Tips voor een strakke

spanningsboog

met Lize Spit

Wat iedere schrijver

moet weten over

vertelperspectief

ª Oude dagboeken gevonden?

Zo maak je er een boek van!

ª Waarom zoveel schrijvers

met (vul)pen schrijven

ª Do’s en don’ts van

sciencefiction

Ook supertalenten worstelen met hun eerste roman

Simone Atangana

Bekono

AP

Schrijven Magazine | 1


5

redenen om te kiezen voor

manuscriptbeoordeling

van Schrijven Magazine

1Je manuscript wordt beoordeeld door

professionele redacteuren die jarenlange

ervaring hebben met auteursbegeleiding en

uitgeverijen.

2Je wordt niet alleen een betere schrijver, je

ontdekt ook wat de kansen zijn van je

manuscript. Is het – na wat kleine

aanpassingen – al goed genoeg om op te

sturen naar een uitgeverij? Of is er een

herschrijfronde nodig?

3In een persoonlijk adviesgesprek kun je

uitgebreider ingaan op de schriftelijke

beoordeling van je manuscript.

4Wij beoordelen manuscripten in alle

denkbare genres. Van kinderboek of Young

adult tot literaire roman of verhalenbundel.

En van thriller of chicklit tot dichtbundel.

5Ook onvoltooide manuscripten worden

beoordeeld.

Boek nu!

schrijvenonline.org/manuscriptbeoordeling

Schrijven Magazine | 1


10

15

Inhoud

10 Debutant Simone Atangana Bekone –

Ricardo Jupijn

30 Sciencefiction met Martijn Lindeboom

34 Reverse writing – Esther Jacobs

61 Schrijftips Nelleke Noordervliet –

Marlene Lunter

Thema: De gereedschapskist van

de schrijver

12 Basiscursus plot – Jan Veldman

15 Serie: wat doet een redacteur (5) Oude

dagboeken? – Peter de Rijk

18 Basisopleiding creatief schrijven (4)

Vertelperspectief – Kathy Mathys

22 Spreken in het openbaar voor schrijvers

– Maja Roodveldt

24 De beste websites voor schrijvers

28 De specialist Lize Spit over de

spanningsboog – Vivian de Gier en

Marc Brester

30

28 ‘Voor een goede

spanningsboog is het belangrijk

dat het in- en uitademen van de

tekst in balans is.’

61

En verder

33 Het schrijfinzicht van Tessa Leuwsha –

Ricardo Jupijn

37 Alice – literair katern

50 Ode aan pen en papier –

Frank Verhulsdonck

Columns

7 Jowi Schmitz

27 Lex Jansen

49 Mabel Nummerdor

In ieder nummer

5 Redactioneel

6 Vooraf

8 Stijl – Kathy Mathys

9 Van Dale-taaltips

54 Tekstuur jeugdliteratuur – Mireille Geus

56 Tekstuur proza – Yke Schotanus

58 Dichter bij het werk van Willem van

Toorn – Remco Ekkers

58

02 2021 Schrijven Magazine | 3


Magazine Plus

6 x per jaar een Online Magazine gewijd aan één thema

Voor

laptop, tablet

of telefoon

De voordelen van Schrijven Magazine Plus

✔ 6 x per jaar toegang een Online Magazine waarin we één thema volledig uitdiepen

✔ Korting op de schrijfcursussen uit de Schrijven Online Academie

✔ Korting op manuscriptbeoordeling

✔ Gratis schrijfadvies van het Expertpanel

✔ Toegang tot extra schrijfoefeningen

✔ 55% korting voor abonnees van Schrijven Magazine: geen € 35,-, maar slechts € 14,95 per jaar!

55% korting

voor abonnees van

Schrijven Magazine

Geen € 35,- maar

SLECHTS € 14,95

per jaar!

Benieuwd?

schrijvenonline.org/plus


Redactioneel

De kracht van

feedback

Ik verbaas me

vaak over de

‘wisdom of the

crowd’.

foto robert verheij

Op schrijvenonline.org is

de meestbezochte pagina

een beetje weggestopt.

Het is een verborgen pareltje.

Het is niet de

homepage, zoals bij de

meeste websites. Het is ook niet het overzicht

van alle schrijfwedstrijden - wat ook

een heel goed bezochte pagina is. Het is

de wekelijkse schrijfopdracht. Je vindt

hem onder het menu Community, klik dan

op Forum en scroll dan flink omlaag voor

de wekelijkse schrijfopdracht. Je kunt

hem ook elke dinsdag vinden in een

nieuwsberichtje op de homepage.

Wat is die wekelijkse schrijfopdracht? Elke

week plaatst een van de schrijfcoaches een

concrete schrijfopdracht op het forum.

Inmiddels zijn we bijna toe aan opdracht

#345, dus er zijn al heel veel schrijfopdrachten

gedeeld. Bezoekers gaan allemaal met

de opdracht van de week aan de slag en

plaatsen hun verhaal of gedicht op het

forum. De schrijfcoach geeft feedback op

een aantal teksten, en de deelnemers geven

onderling commentaar. Vooral opbouwend

en met een positieve beginhouding, maar

soms natuurlijk ook kritisch.

Als de pagina van de wekelijkse schrijfopdracht

zo goed verstopt is, waarom wordt

hij dan zoveel bekeken? Ik denk dat feedback

op je schrijfwerk de allerbeste manier

is om beter te worden. Je kunt theoretische

schrijfboeken bestuderen tot je een ons

weegt, het meeste leer je toch door het zelf

te doen. En omdat alle bezoekers met dezelfde

opdracht aan de slag gaan, kun je

ook goede feedback geven op de teksten

van anderen. Dat samen leren, samen ontwikkelen,

is denk ik de kern van het succes.

De feedback is vaak heel goed gevonden. Ik

ben zelf regelmatig schrijfcoach en ik verbaas

me dan over de ‘wisdom of the

crowd’. Er is altijd wel iemand die de vinger

op een zere plek legt. Iemand die wijst

op een onhandige formulering of een taalfout.

Of die een goed schrijftechnisch advies

geeft. Ook zijn er altijd verhalen die

iedereen onmiddellijk geweldig vindt. Of

bezoekers die alleen zeggen dat ze ervan

hebben genoten. Allemaal heel leerzaam,

leuk en nuttig.

Bij schrijfwedstrijden die we organiseren

krijgen we heel vaak de vraag of het mogelijk

is om feedback te krijgen op de ingezonden

verhalen. Helaas is dat ondoenlijk.

Met honderden inzendingen ontbreekt het

ons aan de capaciteit om alle verhalen te

becommentariëren. De wekelijkse schrijfopdracht

is daarvoor een goed alternatief.

Wie feedback wil, kan (met een beetje

zoeken) bij onze wekelijkse schrijfopdracht

terecht en direct deelnemen. Lees vooraf

wel even de regels. In de tweede week van

april ben ik de schrijfcoach van dienst, dus

wie weet zie ik je daar.

schrijvenonline.org/forum/themaforums/

wekelijkse-schrijfopdracht

Frank Noë

Hoofdredacteur Schrijven Magazine

frank@schrijvenonline.org

Je kunt theoretische

schrijfboeken

bestuderen tot je een

ons weegt, het meeste

leer je toch door het

zelf te doen.

02 2021 Schrijven Magazine | 5


VOORAF

CAROLINA TRUJILLO

Schrijftips van de redactie

Deze 7 factoren maken van een boek een bestseller

DOOR MAAIKE GUNSING

Neil D’Silva, auteur en scenarioschrijver,

praat in een TED Talk over 7 factoren

die volgens hem belangrijk zijn als je een

bestseller wil schrijven. Waar moet je op

letten?

1. Volg geen huidige bestsellertrends

D’Silva noemt zijn eigen debuut als voorbeeld.

Hij wilde een horrorverhaal

schrijven, maar rond die tijd - in 2014

- lagen de schappen vol met young-adultboeken

over jongeren die verliefd worden

en straattaal gebruiken. ‘Mijn boek

was heel anders. Maar je moet je eigen

verhaal schrijven, ongeacht welke trend

er op dat moment geldt,’ vertelt de auteur

in de TED Talk.

2. Zorg dat je de lezer vasthoudt

‘Een boek is een belofte,’ meent D’Silva.

De lezer pakt een boek op, omdat ze

denken dat dit verhaal hun tijd waard is.

Daarom wil je die belofte nakomen. Dat

doe je door het beloofde pad uit te voeren

door de logline te volgen. Dat is de

kern van jouw verhaal samengevat in

één zin. Dit geeft je een enorme houvast.

De logline van The Lord of the Rings is

bijvoorbeeld: Een mythisch wezen gaat

op reis om een vervloekte ring te vernietigen,

terwijl de vijand alles doet om

deze ring in handen te krijgen. Alles in

het verhaal moet draaien om jouw geformuleerde

logline.

De andere 5 factoren lees je op de website:

schrijvenonline.org/nieuws/deze-7-factoren-maken-van-een-boek-een-bestseller

6 | Schrijven Magazine 02 2021


Column

Jowi Schmitz

5 tips waarmee je

een realistische

hoofdpersoon

schrijft

DOOR NADINE VAN DE SANDE

Je hoofdpersonage moet de held van het verhaal zijn.

Daardoor is het onvermijdelijk dat hij sommige dingen

net iets makkelijker kan dan andere personages. De

valkuil is dat je daarin doorslaat en een held maakt die

eerder irritant en arrogant dan heldhaftig is. Met deze

vijf tips kun je dat voorkomen.

1. Laat je personage knokken

Het allerbelangrijkste van een held is dat hij moet knokken

om iets voor elkaar te krijgen. Dit kan letterlijk, net als een

superheld. Maar je kan het ook figuurlijk zien in de vorm

van werken, trainen, dromen in rook zien opgaan, verlies

lijden, tegenslag krijgen... De lijst kan eindeloos doorgaan.

Het gaat erom dat je held zijn einddoel of overwinning niet

op een presenteerblaadje aangereikt mag krijgen.

2. Zet een talent niet meteen op de

voorgrond

Het is verstandig om het talent van je hoofdpersonage een

tijdje op de achtergrond te houden. Zo valt het niet

meteen op dat hij uitzonderlijk is en kan hij als persoon

groeien voordat hij zijn heldenrol moet vervullen. Dan

weet de lezer met wat voor iemand hij te maken heeft. Zo

wordt het makkelijker en leuker om de talentontwikkeling

van je personage te volgen. Je kan ervoor kiezen om je

personage vanaf nul te laten starten, als het gaat om de

ontwikkeling van zijn vaardigheden. Een andere optie is

om zijn duidelijke talent onbelangrijk te maken in de

situatie waarin je personage zich bevindt. Zo zal de geniale

wiskundige die later een code moet kraken, niet veel

hebben aan zijn uitzonderlijke talent voor cijfers als hij

fulltime mantelzorger is voor zijn doodzieke vader.

Meer lezen? Kijk op schrijvenonline.org/tips/5-tips-waarmee-je-een-realistische-hoofdpersoon-schrijft

Lijstjes

Lijstjes. Hele middagen kan ik ermee bezig zijn. Ik haal ze uit online vlogs

waar hippe meisjes of nerderige jongens zeggen dat het heel makkelijk

is, schrijven. Ze vertellen in simpele stappen hoe je een thriller schrijft,

hoe je een verhaal nog spannender maakt. Misschien past zo’n voorliefde

in de categorie secret pleasures, maar ik vind het geruststellend; spanning

binnen handbereik. Diepgang met een muisklik. Bovendien heb ik van

een TedX-filmpje geleerd dat je naar de wereld moet kijken alsof je net

uit je ufo bent gestapt. Beginners mind.

Nou, ik kijk dus met die mind naar het schrijven van verhalen.

Mijn nieuwste lijstje gaat zo:

1. Wat willen ze?

2. Waarom lukt het niet?

3. Wat doen ze eraan?

Zo simpel, zo… grijpbaar.

Neem nou mijn hoofdpersoon Miki. Zij doet op het dak van haar

vakantiehuis een bijzondere ontdekking. Dus wat doe ik: Miki wil weten

wat er op het dak is (stap 1), maar komt daar niet achter omdat ze

hoogtevrees heeft en bang is voor het donker (stap 2). Wat doet ze eraan:

ze blijft het proberen (stap 3).

Tevreden liet ik de tekst die eruit voortkwam aan een vriend lezen. Zijn

oordeel: het wordt pas spannend als ze weet wat er op het dak is. ‘Maar

ja, dat duurt nu veertig bladzijdes.’

Beteuterd keek ik naar mijn tekst. Hij had nog gelijk ook. Maar waarom

had hij gelijk? En waarom begint het verhaal dan pas? Dat brengt me

weer terug bij het eigenlijke werk: voelen, nadenken, begrijpen waar je

verhaal over gaat. Dat moeilijke zinderende ding wat misschien wel de

ziel heet, wat ze noodzaak noemen, kern. Dáár hebben ze dan weer geen

vlog over, althans niet over mijn Miki. Moet ik helemaal zelf gaan doen.

Maar eerst die veertig bladzijdes hup, in de prullenbak.

Niet erg. Ik neem de kater voor lief. Want lijstjes uit online filmpjes zijn

als fleurige pleisters op de wonden van je verhaal: soms helpen ze

een beetje, meestal bedekken ze vooral het probleem (en goeie

lezers hebben de nare gewoonte om al die pleisters er meteen weer

af te rukken).

Er zit dus maar één ding op.

1. Drank en drugs.

Of nee.

2. Verder schrijven.

Jowi Schmitz is schrijfster en schrijfdocente bij de Schrijversacademie.

02 2021 Schrijven Magazine | 7


STIJL

Structuur:

het avontuur toelaten

In de vorige aflevering van deze rubriek

ontdekten we dat de meeste verhalen

een drieledige structuur hebben. Vandaag

kijken we naar specifieke voorbeelden

om je op weg te helpen met die zoektocht

naar een structuur.

Door Kathy Mathys

Verhalen bestaan, zo

schreef Aristoteles,

uit een begin, een

midden en een

eind. Het midden beslaat ongeveer

de helft van het verhaal,

begin en eind elk een

vierde.

In het boek Plot and Structure

van James Scott Bell las

ik een stukje over wat hij

‘The Raymond Chandler

Guy-with-a-gun move’

noemt. Wanneer een verhaal

Oefeningen

1Neem enkele romans uit je kast

en kijk of je grip kan krijgen op

hun structuur. Hoe pakt de schrijver

het aan?

2Probeer een van de hiernaast

beschreven vormen uit voor een

van je volgende projecten.

3

Heb je een verhaal liggen dat je

hebt opgegeven omdat je vast

kwam te zitten? Kun je à la Raymond

Chandler nieuwe energie geven aan

je verhaal?

dreigt in te zakken, voert

Chandler, schrijver van hardboiled

detectives, een gewapende

man op om wat flow

in het verhaal te krijgen. Het

hoeft niet letterlijk een gewapende

man te zijn. Een telegram

komt aan. Er gaat

een alarm af. Een hond bijt

iemand. Je held wordt ontslagen.

Dit zijn allemaal manieren

om je verhaal van

nieuwe energie te voorzien.

James Scott Bell raadt

schrijvers aan een strakke

structuur te gebruiken en alles

te plannen. Sommigen

krijgen het benauwd bij die

gedachte. Toch kunnen plannen

en avontuur goed samengaan.

Voor mijn eerste

boek Smaak. Een bitterzoete

verkenning bedacht ik

een strakke structuur. Elk

hoofdstuk kreeg een titel als

‘zuur’, ‘zoet’, ‘pittig’. Binnen

de hoofdstukken kon ik dan

het avontuur aangaan en

daardoor voelde ik veel vrijheid.

Wanneer je een langer verhaal

of een roman wil schrijven,

is het aanbrengen van

structuur bijna onmisbaar.

Je kan je, zeker als beginner,

laten inspireren door verhalen

van anderen. Kijk of hun

verhalen model kunnen

staan voor een van jouw projecten

en laat je inspireren.

Hieronder staan enkele

interessante structuren

beschreven:

1Twee kanten van

een verhaal

Door twee personages

te laten vertellen over een

gebeurtenis krijg je meer

spanning in je verhaal. In

Overstag van Amity Gaige

vertrekt een koppel met

twee kinderen op zeilreis. Zij

vertelt haar kant van het verhaal.

We krijgen ook fragmenten

te lezen uit zijn

scheepslogboek. De combinatie

van die twee draden

zorgt voor spanning. Ook in

Lauren Groffs Furie en fortuin

lezen we haar en zijn

versie van een huwelijksverhaal.

Groff serveert eerst

zijn verhaal, dan het hare.

Gaige wisselt juist stukken

van haar en hem af.

2Levens die op

elkaar lijken

De uren van Michael

Cunningham vertelt drie verhalen:

dat van schrijfster Virginia

Woolf, dat van een

vrouw die Woolf leest en dat

van het hoofdpersonage uit

Mevrouw Dalloway, de beroemde

roman van Woolf.

De verhalen spelen op verschillende

momenten in de

tijd, maar er zijn parallellen

tussen de vrouwenlevens.

Het boek is verfilmd als The

Hours met Julianne Moore

en Meryl Streep.

3Samenbrengen

van heden en

verleden

Mijn studenten worstelen

vaak met de combinatie van

heden en verleden. Ze willen

een hedendaags verhaal vertellen,

maar hebben ook een

verlangen om het verleden

te dramatiseren omdat dat

belangrijk is voor het geheel.

Dan raad ik ze aan om

Curtis Sittenfelds roman

Zusjesland te lezen. Daarin

wisselt de schrijfster een hedendaagse

verhaallijn af met

een over het verleden van de

zussen. Die over het verleden

schuift steeds meer op

richting het heden tot ze oplost

in de hedendaagse verhaallijn.

Deze techniek

wordt vaak gebruikt. Kopieer

hem dus zonder

schroom.

4Een roman in de

vorm van

verhalen

In Olive Kitteridge

vertelt Elizabeth

Strout aan de hand

van losse verhalen

over het leven van

haar hoofdpersonage.

Deze techniek

laat haar toe om

Olive op heel verschillende

manieren

te laten zien, op ver-

8 | Schrijven Magazine 02 2021


VAN DALE-TAALTIPS

Welke taalkwestie wil jij in deze rubriek behandeld zien?

Mail je vraag naar: redactie@schrijvenonline.org

schillende momenten in haar leven.

Inmiddels hebben veel van

mijn schrijfstudenten deze techniek

uitgeprobeerd. Ze vonden

hem bevrijdend. Kijk ook naar

Bezoek van de knokploeg van

Jennifer Egan voor een roman in

de vorm van verhalen.

5Twee verhaallijnen

in het heden

komen samen

In Asymmetrie vertelt Lisa Halliday

twee verhalen. Het eerste

is dat van een redacteur die een

verhouding begint met een

oude, wereldberoemde schrijver.

Het tweede is dat van een

man die op de luchthaven van

Heathrow aangehouden wordt.

In het tweede deel van de roman

brengt ze deze schijnbaar afzonderlijke

verhalen, die zich in dezelfde

periode afspelen, samen.

In sommige van bovenstaande

voorbeelden herken je duidelijk

de drieledige structuur van Aristoteles,

bijvoorbeeld bij Sittenfeld

en Gaige. Bij andere is het

moeilijker om die structuur te

herkennen, bij Strout bijvoorbeeld.

Bij laatstgenoemde hebben

de afzonderlijke verhalen

dan wel weer deze drieledige

structuur.

Kathy Mathys is schrijfster, literair

journalist en docent creatief

schrijven.

www.kathymathys.nl

Namen zonder

hoofdletter

Hans de Groot is redacteur en corrigeert voor

literaire uitgeverijen manuscripten. Wat komt hij

zoal tegen? Deze keer: namen die hun hoofdletter

verliezen.

Normaal gesproken schrijf je een naam

met een hoofdletter. Dat is zo vanzelfsprekend

dat je er niet eens bij stilstaat.

Toch kunnen namen ook hun hoofdletter

verliezen. Dat gebeurt als er geen directe

band meer is met de persoon die

schuilgaat achter die naam.

Dat geldt bijvoorbeeld voor natuurkundige

eenheden die zijn genoemd naar

een persoon: watt (genoemd naar James

Watt), joule (James Prescott Joule)

en ohm (Georg Ohm). Let op: je schrijft

wel 25 graden Celsius, want hier verwijs

je direct naar de persoon - het is de

schaal die de Zweed Anders Celsius

heeft bedacht.

Die laatste constructie vind je ook terug

in de ziekte van Alzheimer; hier

wordt aan de persoon Alois Alzheimer

gerefereerd. Maar als je schrijft hij

heeft alzheimer, gebruik je een kleine

letter.

Personificaties houden hun hoofdletter

(dus: Koning Winter, Jan met de pet,

Magere Hein), maar zodra het gaat om

een typering van een soort mensen (je

kunt er dan vaak ‘een’ voor zetten), gebruik

je kleine letters: een nieuwsgie-

rig aagje, een casanova, een houten

klaas, een pietje-precies, een jonge

adonis die de ware jakob blijkt te zijn.

In afleidingen verliest een persoonsnaam

ook zijn hoofdletter. Door gewenning

vinden we dat vanzelfsprekend bij

een woord als marxisme (genoemd

naar Karl Marx), maar veel mensen

hebben daar bij nieuwere namen moeite

mee. Toch beschrijf je het gedachtegoed

van Donald J. Trump met het

woord trumpisme, met een kleine letter

dus. Je schrijft ook: boeddhisme,

calvinisme, darwinisme, freudiaans,

kafkaësk, en eveneens anglicisme, gallicisme,

germanisme, zionisme (afleidingen

van geografische namen).

Trek die lijn door bij samenstellingen.

Het Groene Boekje noemt een mooi (zij

het wat gedateerd) voorbeeld: een

Beatlesplaat is een album dat is gemaakt

door de echte Beatles, dus een

hoofdletter, maar wie zich zo’n ‘langharig’

kapsel aanmeet, heeft beatlehaar;

haar zoals The Beatles hadden, maar

gedragen door iemand anders. Die

hoofdletter kunnen alleen Paul McCartney

en Ringo Starr, de twee nog levende

leden van de Beatles, claimen!

02 2021 Schrijven Magazine | 9


MELANIE MARSMAN

DE DEBUTANT

SIMONE ATANGANA BEKONO

‘Het maken van dit boek gaf

enorm veel vertrouwen’

Ze kreeg niet bepaald de ruimte om zich in de luwte te ontwikkelen. Prijzen,

optredens en recensies vliegen Simone Atangana Bekono om de oren als

haar afstudeerwerk/eerste dichtbundel in 2016 ineens wordt opgepikt. Voor

ze het weet leven er hoge verwachtingen voor haar debuutroman en begint

een zoektocht naar de vrijheid om die te schrijven.

Door Ricardo Jupijn

10 | Schrijven Magazine 02 2021


DE DEBUTANT

Debutanten staan het dichtst bij de grote groep aspirant-schrijvers. Ze hebben net de stap gemaakt en worden gepubliceerd.

Wat is het verhaal achter hun debuut? Waar hebben ze mee geworsteld? Wat voor tips hebben ze?


Voor mijn gevoel zou ik pas na

mijn afstuderen aan mijn eerste

‘echte werk’ beginnen. Ik

werd nogal overdonderd door

alle aandacht rondom mijn bundel en

het feit dat een uitgeverij een herdruk

wilde doen. Natuurlijk was die aandacht

hartstikke fijn, maar naar mijn

idee was ik nog helemaal niet ‘echt’

gedebuteerd. Er lag ineens een bepaalde

druk op mijn eerstvolgende stap.

Daar kwam ik overigens niet eens aan

toe door allerlei reizen en optredens. Al

die ontwikkelingen zorgden ervoor dat

ik mij begon af te vragen of ik het eigenlijk

wel kon. Of ik goed genoeg was.

Gevoelsmatig leek het allemaal een

beetje toeval dat de bundel opgepikt

werd. Straks kom je met een eerste

boek en lacht iedereen je uit. Uiteindelijk

wist ik wel: ik ben een debutant.

Het fijne daarvan is dat er eigenlijk

niemand op je zit te wachten. Zo’n

gedachte kan je ontzettend veel vrijheid

geven. Je hebt alle tijd om het te maken

zoals je wil. Voor mij ontstond die ruimte

om te gaan schrijven pas weer toen

ik minder tijd op het podium doorbracht.’

Blind puzzelen

‘In eerste instantie had ik nooit verwacht

dat ik zou gaan schrijven of dat

ik een schrijver zou kunnen worden.

Naar mijn idee was dat meer iets voor

rijke en intellectuele mensen. Juist

tijdens mijn studie Media & Cultuur

kwam ik erachter dat ik het meest van

taal houd. Het komt anders aan dan

beeld of geluid, het is mediatiever. Ik

ben iemand die erg associatief werkt en

denkt, eerder op gevoel. Daarom besloot

ik over te stappen naar Creative

Writing aan ArtEZ, zonder dat ik ooit

iets serieus had geschreven. Voor mij

was het schrijven vooral een manier

om de wereld te begrijpen en om mijn

creativiteit op een nieuwsgierige manier

te kunnen uiten. Dat is tegelijkertijd

de reden waarom ik met een heel

boekwerk aan losse stukken kwam

aanzetten bij mijn redacteur. Samen

zijn we op zoek gegaan naar een lijn in

al die schetsen. In de meeste stukken

overheerste een beklemmend gevoel en

ik zag vaag een hoofdfiguur voor mij.

Het was iemand die erg in zijn eigen

hoofd zat en ergens was opgesloten. De

taal was hard, de woorden ketsten van

de muren. Zodoende ontstond het idee

om het verhaal zich in de gevangenis te

laten afspelen. Uit al die verschillende

ideeën en associaties verscheen langzaam

een plot. Die was nooit leidend,

maar stond eerder in het teken van de

taal en thema’s waarover ik wilde

schrijven. Het is achteraf gezien nogal

een heftige manier om aan je verhaal te

komen. Een groot gedeelte van de tijd

wist ik niet waar ik nou eigenlijk mee

bezig was en waar ik naartoe aan het

werken was. Alsof je blind aan het

puzzelen bent.’

Een schrijfkamer

‘Het maken van dit boek heeft mij wel

enorm veel vertrouwen gegeven. Door

het af te maken, ondanks alle druk en

twijfels en onzekerheden. Want het

schrijfproces valt altijd tegen en je

wordt geconfronteerd met je eigen

zwaktes. Vaak komen die momenten

ook nog eens precies op het punt waarvan

je had gehoopt dat het niet zou

komen. Door zo’n proces te hebben

meegemaakt, weet ik een stuk beter

wat voor mij werkt. Zo verwacht je

ergens van jezelf dat je als schrijver

altijd en overal moet kunnen werken.

Toch merkte ik dat er eerst een soort

rust moest worden gecreëerd voordat

ik echt goed en geconcentreerd kon

werken. Wat mij daarbij het meest

geholpen heeft, is het inrichten van een

schrijfkamer. Als je een werkplek hebt,

dan voelt het ook alsof het je werk is.

Dat is zo’n belangrijke omslag in je

denken. Door zo’n eigen plek te creëren,

veranderde ook mijn schrijfritme.

Eerder zette ik om elf uur ’s avonds nog

weleens een pot koffie, om dan maar

aan de eettafel te blijven zitten tot ik er

een zin had uitgeperst. Dat werkte niet.

Als je er om tien uur ’s avonds niet

uitkomt, dan gaat dat om drie uur ’s

nachts ook niet gebeuren. Het is vaak

een beeld van ‘de schrijver’ dat in de

weg zit. Alsof je bijvoorbeeld geen

productieve dag hebt gehad als je niet

doodmoe je bed in rolt. Tuurlijk, het

geeft een goed gevoel om snel en veel

te schrijven. Dan heb je het idee dat je

lekker bezig bent. Alleen garandeert dat

absoluut geen goede tekst. Het maakt

ontzettend veel uit hoe je je tijd inzet.

Overdag ben ik helder en dan schrijf ik

beter en gerichter. Misschien zijn het

wat minder uren, maar ik gebruik mijn

tijd dan liever om goed te schrijven.

Uiteindelijk is het alleen maar meer

werk om van zo’n stapel schrijfsels één

geheel te maken.’

De schrijfcarrière van Simone

Atangana Bekono (1991) schiet als

een raket de lucht in. Zo wordt haar

afstudeerbundel direct bekroond met

de Poëziedebuutprijs Aan Zee en ontvangt

ze in 2019 het Charlotte Köhler

Stipendium. Dit jaar is ze kanshebber

voor de Libris Literatuur Prijs met haar

debuutroman Confrontaties, uitgegeven

door Lebowski Publishers.

02 2021 Schrijven Magazine | 11


PLOT

De gereedschapskist

van de schrijver

Over plot

Een plot moet ingenieus zijn, toch? En helemaal

doordacht voor je ook maar een letter op papier zet?

Dat niet per se, zolang er maar een plot is en wel

vanaf het begin. Jan Veldman legt uit welke twee

denk-exercities je moet doorlopen om een plot te

ontwerpen.

Het plot maakt uit de chaos

van dromen en werkelijkheden

een verhaal.

Wanneer de meeste mensen

het hebben over ‘een

goed plot’, denken ze aan

iets Agatha Christie-achtigs, waarbij op

ingenieuze wijze de aap uit de mouw

komt. Dat is inderdaad vaak heel knap.

Maar een plot hoeft niet per se ingenieus

te zijn. Het moet er vooral zijn en

wel vanaf het begin. Een plot is van

12 | Schrijven Magazine 02 2021


PLOT

Het begin moet goed

‘ingevlogen’ worden om een

maximaal effect te sorteren.

Zelfs als je personages na een vergeefse

onderneming de draad weer oppakken

en ‘het leven gaat door’ zeggen, is er

iets veranderd. Al was het maar hun

idee over hun plaats in het universum.

Thema

zichzelf ook niet ‘spannend’. Vooral bij

langere verhalen zijn andere middelen

geboden om de spanning erin te houden.

Een plot is iets anders dan een

thema. Oorlog, liefde, leven en lot zijn

thema’s die aan de hand van een plot

worden uitgewerkt. Het is evenmin de

premisse. Het is, nou ja, het grondplan

voor je verhaal.

Als je verhaal een reis is, is het plot de

routebeschrijving voor een bumpy

ride. De kwaliteit van de reis zit hem in

de levendigheid van de personages, de

geloofwaardige details, de (valse) spanningsopbouw,

het spektakel, de onverwachte

wendingen, met bedrieglijke

afleidingen, met subplots en andere

literaire middelen.

Begin

Het ontwerpen van een plot bestaat, in

mijn visie, uit twee moeilijke denk-exercities.

Een eerste voor het begin en een

eind, en een tweede voor het midden.

Die volgorde. Het begin is het belangrijkst,

het eind is het lastigst en het

midden is het leukst, althans, dat zou

het moeten zijn.

Niet alles wat je kunt bedenken is geschikt

als begin. Je hebt op z’n minst

een personage en een onopgelost probleem

nodig. Het begin is een situatie,

die een specifieke, concrete verwachting

oproept over een mogelijk einde.

Wie vermoordde Laura Palmer? Wie is

mijn vader? Wat is de betekenis van

deze geheimzinnige brief? Waarom krijg

ik deze vreemde opdracht? Waar ben

ik? Het probleem moet groot genoeg

zijn en er moet genoeg op het spel

staan om je verhaal te kunnen dragen.

Het begin is nog niet meteen de eerste

bladzijde, alinea, scène. Het begin moet

goed ‘ingevlogen’ worden om een maximaal

effect te sorteren. Een jongeman

komt aan in een onbekende stad. Op

een groot landhuis wordt een theepartij

gehouden. Nog nooit voelde het heelal

zo leeg aan. Voordat het eigenlijke

verhaal begint, is er ruimte om sfeer,

setting en context op te roepen. Maar

daarna moet ‘het’ wel gebeuren.

Als het begin niet de potentie heeft dat

specifieke einde voor te spiegelen, te

projecteren, dan voelt de lezer nog niet

dat het verhaal is begonnen. Het eerste

beeld, de eerste scène, de eerste alinea’s

staan in het teken van dat begin.

Als een verhaal stukloopt, ligt dat vaak

aan het begin, dat niet actief genoeg is

en geen sterke vragen oproept.

Einde

Het werkelijke einde is anders dan je

denkt. Ja, de heldin overleeft, maar er

is geen reden gelukkig te zijn. Nee, de

dader was totaal iemand anders. Ja, de

onderneming is volbracht, maar in wat

voor wereld? De reis kan

een heel andere bestemming

blijken te hebben.

Het einde kan zelfs, zoals

bij een langlopende serie,

tot het oneindige worden

uitgesteld. Welke wending

het verhaal ook

neemt, het is altijd logisch.

Het is een balans

tussen verrassing en

geloofwaardigheid.

Drama gaat over een

verandering.

OEFENING 1

Kunst maken begint met kijken hoe een

ander het doet. Wat is het begin en wat

is het einde van tien van je favoriete

films, romans of toneelstukken? The

Godfather (Begin: Michael wil niets

met de maffia te maken hebben. Eind:

Michael wordt de nieuwe peetvader.)

Misdaad en straf (Begin: Raskolnikov

komt weg met moord. Eind: Hij wordt

gevangengenomen.) Het proces (Josef

K is onschuldig, maar wordt opgepakt.

Eind: Hij is schuldig.) Macbeth (Begin:

Een man maakt een ongelofelijke carrièresprong.

Eind: Hij sterft alleen.)

Probeer ook het begin en het eind van

je eigen verhaal op die manier te formuleren.

Midden

Dan nu het midden. Dat is minstens zo

belangrijk als het begin en het eind. Het

midden is erop gericht het eind níet te

laten gebeuren. Het midden, dat zijn de

problemen. De obstructies, de hindernissen.

De mee- en tegenvallers. Het

midden is als de ‘maar’ in een zin. Het

midden is het bos met de boze wolf, dat

tussen het huis van Moeder en het huis

van Grootmoeder ligt. De gevaarlijke

expeditie naar Groenland,

om bewijzen van

een meteoorinslag te

vinden. Het midden,

dat zijn de ‘red herrings’,

de dwaalsporen

die de speurder onderneemt

voordat hij het

raadsel kan ontrafelen.

Het midden is de drie

keer dat het personage

in een mop naar de dokter

gaat met dezelfde

klacht. Het midden >

02 2021 Schrijven Magazine | 13


PLOT

geeft volume aan je verhaal. Het midden,

dat zijn de subplots, de uitweidingen,

de dwaalwegen.

Ergens in het midden bevindt zich vaak

ook de gebeurtenis die het eind logisch

maakt; die ervoor zorgt dat het (deels)

verrassende einde toch niet helemaal

uit de lucht komt vallen. Dit hoeft niet

voor alle genres op te gaan. Het omslagpunt

kan prominent aanwezig zijn. Je

personage besluit het over een andere

boeg te gooien, gaat uit huis, verandert

van geslacht, neemt een beslissing. Bij

een klassiek moordmysterie, is het

verstopt als dat ene detail waar we

overheen kijken.

OEFENING 2

Ga bij de vorige oefening na hoe het

midden tot stand is gebracht. Wat is er

in stelling gebracht om het einde niet te

laten gebeuren en wat is de gebeurtenis

die voor een omslagpunt heeft gezorgd?

Die drie dingen, deze drie akten, dat is

je plot. Zo simpel is het, in mijn ogen.

Begin, eind, midden. Je ziet het overal

opduiken. In moppen, in een rede bij

een uitvaartplechtigheid, in memoires,

in alles wat verteld wordt. Steeds zie je

de drie-aktenstructuur opduiken. Een

begin zou meteen overgaan in het einde

als het midden er niet was geweest.

Scènes, subplots, sequenties

Maar er is meer. Want wat voor een

verhaal als geheel geldt, geldt ook voor

de kleine eenheden in je verhaal: de

subplots, de zijdelingse verhalen en de

scènes. Ook daar is sprake van begin,

midden en eind. Al zitten in dit begin en

einde elementen die nadrukkelijk verwijzen

naar het hoofdplot. Ook daar is

verandering het kernwoord. Als het in

het begin van de scène schitterend

weer is, hoost het aan het einde. Als

Emma hoopt op een ontmoeting met

haar geheime geliefde, dan is het midden

wachten en smachten, en het einde

al of niet een ontmoeting. Ik vind het

Ergens in het midden bevindt

zich vaak de gebeurtenis die

het einde logisch maakt.

handig om bij iedere scène naar een

cliffhanger toe te werken, een ‘hoe zou

dit aflopen’-moment.

De scène staat dus in relatie tot het

plot, maar toch is de scène de eenheid

waarbinnen je als schrijver en verteller

kunt schitteren. Dit zijn de geladen en

geïnspireerde momenten. De psychologische

inzichten, de beschrijvingen van

locaties, de intelligente uitweidingen.

OEFENING 3

Neem een favoriete scène uit een film,

boek, serie. Leg niet meteen de relatie

met het hoofdplot. Beschrijf de scène.

Met welke handeling of stemming begint

de scène, hoe eindigt het en wat

wordt tegen het einde in stelling gebracht?

En daarna: Hoe heeft deze

scène een functie in het verhaal?

Een tip

Als je genres mengt, is het goed je verhaal

omarmend te componeren. Waar

je mee begint, daarmee eindig je ook.

Als je met een moordmysterie begint en

in het tweede hoofdstuk de weg van

een relatiedrama inslaat, dat vervolgens

een reisverhaal wordt, dan is het goed

om in ieder geval te eindigen met het

moordverhaal. Als je begint met een

zoon die op het strand op zijn vader

wacht, dan eindig je met de oud geworden

vader die voet aan wal zet. Dat

hadden de mensen al ver voor de tijd

van Homerus begrepen.

Dan nog dit

Een verhaal is meer dan een plot. Niemand

zegt dat je bij je verhaalontwerp

Meer lezen

Datgene lezen en zien waar je het meest

van houdt, blijft belangrijk voor het

ontwerpen van je verhaalstructuur. Maar

er zijn ook wat boeken en sites die je

verder kunnen helpen:

à Plotto, William Wallace

Cook (1928) - Duizenden

plotideeën, gevat in een

plotformule. Als je het

eens wil proberen hoef

je het boek niet aan te

schaffen, er is een

uitstekende gehyperlinkte

versie van:

garykac.github.io/plotto/

plotto-mf.html#117

à De 36 dramatische situaties, Jan

Veldman - 36 vertrekpunten voor het

bouwen van een plot. (2007)

à Plots unlimited, Sawyer en

Weingarten (1994) - Een modernere

‘Plotto’ - heerlijk om in te struinen.

met een plot moet beginnen. Een vaag

maar hardnekkig idee, een premisse, een

scène: allemaal goed, maar er komt een

moment dat je de route moet weten die jou

en de lezer van het begin via interessante

kronkelpaden naar het einde zullen voeren.

Tenslotte is ieder kunstwerk een concentratie

van geïnspireerde en doorwrochte

momenten, in ons geval aaneengeregen

door een plot.

14 | Schrijven Magazine 02 2021


De gereedschapskist

van de schrijver

WAT DOET EEN REDACTEUR? (5)

Wat doet een redacteur en hoe kijkt hij of zij aan tegen

manuscripten van beginnende schrijvers? In deze serie geeft

Peter de Rijk, zelf al meer dan 25 jaar redacteur, onder meer bij

uitgeverij In de Knipscheer, tips en advies. In deze aflevering:

wat te doen met op zolder gevonden dagboeken?

Thema

Op zolder gevonden

dagboeken

02 2021 Schrijven Magazine | 15


WAT DOET EEN REDACTEUR? (5)

De gereedschapskist

van de schrijver

Als redacteur ontvang je

regelmatig manuscripten,

waarbij in een toegevoegde

brief enthousiast een

roman wordt aangekondigd,

die is gebaseerd op

de dagboeken of briefwisselingen van

ouders. De auteur denkt goud in handen

te hebben en heeft op basis van de

informatie een historische roman geschreven.

Ondanks succesvolle romans

als ’t Hooge Nest van Roxane van Iperen

en Oorlog en terpentijn van Stefan

Hertmans, zal menig redacteur

het ongevraagd toegezonden

manuscript met

argusogen bekijken. Dit

soort romans blijkt namelijk

een valkuil voor veel

schrijvers. Er liggen zelfs

zoveel fouten op de loer, dat

je het de beginnende schrijver

liefst zou afraden.

De vondst

Brieven, dagboeken, agenda’s

en ansichtkaarten van overleden

ouders, grootouders of familieleden

worden vaak bij het leegruimen

van hun huis gevonden. Beschroomd

wordt de hartstochtelijke post gelezen.

Het dagboek van vader of opa, geschreven

ten tijde van de politionele acties of

de Tweede Wereldoorlog, wordt doorgebladerd.

En de lezer van deze niet

voor publicatie bedoelde ontboezemingen

vraagt zich al snel af of hij het niet

voor een roman zal gebruiken.

Zelfs wanneer de schrijver toestemming

gaf om de aantekeningen of correspondentie

als uitgangspunt voor een

roman te gebruiken, dan blijft het moeilijk

er een boeiend boek van te maken.

Want hoe breng je een personage tot

leven met nogal eenzijdige informatie?

En hoe laat je hem in zijn waarde?

Roxane van Iperen is daar heel helder

over: ‘Ik moest dat beeld van al die

deskundigen die zouden meelezen en

kritiek zouden hebben van me afschudden.

Eerst wilde ik overal bronnen,

voetnoten en citaten in mijn verhaal

aanbrengen om maar aan te geven hoe

goed ik het had uitgezocht. Uiteindelijk

dacht ik: ik moet er lak aan hebben. Ik

ben jaren bezig geweest alles uit te

zoeken, en hoe ik het vervolgens opschrijf

is mijn keuze.’

Van Iperen noemt meteen de belangrijke

struikelblokken die je in veel romans,

gefundeerd op gevonden bronnen,

tegenkomt. Keer op keer stuit je

op Wikipedia-kennis, een overvloed aan

jaartallen, niet ter zake

doende foto’s, noten, citaten

en bronnen. Al deze

goedbedoelde informatie

zorgt ervoor dat ieder leven

in een roman verdwijnt.

Het levert een hybride

roman op, ergens halverwege

een poging tot literatuur

en een historisch

verslag. Van alles iets, is

van iets niets. Juist door

je te beperken, de juiste

keuze te maken, meer niet te gebruiken

dan wel, kun je op vruchtbare wijze

de gevonden verhalen met de roman

verweven.

Probeer ook veel boeken, krantenknipsels,

documenten en getuigenverslagen

te lezen die je meer inzicht kunnen

geven over de periode waarover

je schrijft. Alleen zo leer

je de diverse kanten van een

verhaal kennen.

H.M. van den Brink, auteur

van de roman Aurora

schrijft, las, naast de boeken

en dagboeken die de Catalaanse

schrijver Josep Pla

schreef, duizenden pagina’s

essays, reisbeschrijvingen,

dagboeken en reportages.

Achteraf zegt hij: ‘Ik kan niet

zeggen dat hij door al dat lezen dichterbij

kwam.’ Om het boek werkelijk op

gang te krijgen, moest hij sleutelen aan

de chronologie, veel informatie weglaten

en hier en daar gebeurtenissen

toevoegen. De notities van Pla die uitstekend

van pas kwamen, kregen een

heel nieuwe rol: ‘Ik hoefde alleen de

plekken ertussen maar in te vullen met

mijn eigen ideeën, met gedachten en

gebeurtenissen die Pla zelf niet aan het

papier had toevertrouwd.’

Van den Brink begreep dat je in een

roman of novelle zélf bepaalt of je de

feiten, de volgorde van gebeurtenissen

en zelfs het al of niet opvoeren van

personages, laat overeenkomen met de

oorspronkelijke geschiedenis.

Hoe maak je er een roman

van?

Het schrijven van een roman vraagt om

meer dan research. De personages en

ervaringen die we door intensief inlezen

hebben leren kennen, moeten nu

tot een verhaal worden gesmeed. De

karakters vragen om een eigen stem,

het milieu waar de roman zich afspeelt

moet beschreven worden. Of zoals Van

Iperen het samenvat: ‘De waarheid over

geschiedenis komt dichterbij door er

fictie van te maken.’

Oorlog en terpentijn, de succesvolle

roman van Stefan Hertmans, vond zijn

oorsprong in de cahiers die zijn grootvader

hem gaf. Hierin had hij zijn ervaringen

als frontsoldaat in

de Eerste Wereldoorlog

opgetekend. Hertmans

snapte tijdens het uittypen

van die cahiers al

snel dat geen hond het

zou willen lezen. Het was

te ouderwets Vlaams, te

omslachtig. Maar hoe

bleef hij trouw aan de

belofte, die hij zijn grootvader

deed, er een boek

van te maken?

Hertmans wijst hier op

het loyaliteitsprobleem. Kan en mag je

de brieven en dagboekfragmenten naar

je hand zetten, passages schrappen,

desnoods geheel herschrijven vanuit

16 | Schrijven Magazine 02 2021


WAT DOET EEN REDACTEUR? (5)

Vergeet nooit tijdens het

schrijven van een historische

roman dat het fictie is.

een ander perspectief, als de roman dat

van je vraagt? Hij loste het op door

zichzelf in het verhaal te brengen. Oorlog

en terpentijn werd een mengvorm

van autobiografie, historisch onderzoek

en historische inleving.

Wat betreft de inleving durft Hertmans

ver te gaan. ‘Je kunt de waarheid verzinnen,’

zegt hij daarover en toont zich

met deze uitspraak een echte romancier.

Waar zijn grootvader het soms bij

een enkel zinnetje in zijn dagboek

hield, kiest Hertmans voor een zeer

uitgebreide en gedetailleerde beschrijving.

Aan zijn verdediging daarvan heb

ik weinig toe te voegen. ‘Ik heb verzonnen

om het echt te maken. Dat is de

kern van literatuur.’

Vijf belangrijke tips

1Vergeet nooit tijdens het schrijven

van een historische roman dat het

fictie is. Je zet het verhaal dat je

werd aangereikt naar je hand. Het onderzoek

dat je deed en de feiten die je

vond zijn slechts werkmateriaal. Zorg

dat ze niet doorschemeren in de tekst.

Historische details kunnen de roman

een groot gehalte van echtheid geven,

maar stop ze nooit in het boek omdat je

ze zo nodig kwijt moet. Slechts als ze in

dienst van het verhaal staan hebben ze

bestaansrecht.

2Heb je de mogelijkheid de plekken

te bezoeken waar jouw roman

zich afspeelt, dan zou ik dat

zeker doen. Met zekerheid begrijp je

alles wat je in de brieven of dagboeken

las stukken beter. Je komt erachter

waar jouw personages woonden, welke

afstand ertussen lag, maar vooral hoe

het eruitziet. Wanneer je deze indrukken

op de juiste wijze beschrijft, zullen

ze, vermengd met de informatie uit het

verleden, proza opleveren die levensecht

overkomt. Een prima voorbeeld

hiervan is Bulgaars labyrint, het debuut

van Jan Buruma, waarin hij zijn

hoofdpersonage Von Falckensteyn in

het Bulgarije van 1978 naar documenten

laat zoeken. Doordat hij iedere

locatie kent die beschreven wordt,

waan je je even in het Bulgaarse

staatsarchief.

3Probeer bij het bepalen van de

waarde van de op zolder gevonden

paperassen te bedenken of

het een verhaal op kan leveren dat

voor velen interessant, dus commercieel,

is. Sanne Biesheuvel vond, zoals

velen, het dagboek van haar vredelievende

vader die tijdens de politionele

acties in Indonesië was. Hij belandde

er terwijl hij eigenlijk niets met oorlog

te maken wilde hebben. Als Rode

Kruis-soldaat werd hij getuige van

agressie, martelingen en massamoord.

Haaks op deze gruwelijke ervaringen

stond zijn oprechte interesse in de

inlandse bevolking. Er ontstonden

vriendschappen en liefdesrelaties. Juist

deze tegenstellingen maken het gevonden

dagboek tot een interessante bron.

Sanne Biesheuvel herschreef zijn ervaringen

tot de roman Oorlog aan de

overkant en maakte op deze wijze het

unieke verhaal toegankelijk voor een

groter publiek.

4Houd voortdurend in je achterhoofd

dat het werkmateriaal en

jouw research slechts de voorbereiding

zijn op de roman die je wil

schrijven. Vergeet de werkelijke mensen

die achter het verhaal schuilgaan

en kneed het materiaal in de vormen

die jij nodig hebt. Dit betekent ook dat

je zo min mogelijk foto’s en krantenartikelen

aan het manuscript toevoegt.

Doe je dat wel, dan zal een redacteur

het interpreteren als te weinig vertrouwen

in het schrijven van de auteur.

Uitgaand van een mogelijke publicatie,

zal hij hoogstens denken aan

een foto voor de boekomslag en

slechts wanneer het heel bijzondere

foto’s zijn aan een fotokatern. Maar

dat komt zelden voor. Dit betekent

niet dat al die foto’s, kranten en ansichtkaarten

bij het vuil kunnen! Juist

voor de details van uiterlijk, kleding

en omgeving kunnen ze ongelooflijk

inspirerend zijn. Dat geldt ook voor

interviews met mensen die dezelfde

periode meegemaakt hebben. Oude

mensen kunnen een onuitputtelijke

vraagbaak zijn. Precies weten ze nog

welke vloerbedekking in de woonkamer

lag, wat het bij aanschaf in 1934

gekost heeft, wie waar in het huis

sliep… Meteen begrijp je dat twee

zusters samen in een bedstee sliepen,

in Amsterdam nota bene! En dat hun

broer op de overloop, op een twijfelaar,

de nacht doorbracht.

5Vertrouw op jouw schrijftalent en

vertel het verhaal waar je op

stuitte op de best mogelijke wijze.

Voeg details toe die het waarachtiger

maken, schrap ‘gebabbel’ of onnodige

informatie. Soms zal je, zowel door

de intimiteit van de vertelling of door

wat je er zelf bij fantaseert, akelig dicht

bij de werkelijkheid van het verleden

van jouw familieleden komen. Niet

iedereen is tenslotte een engel. Daar

moet je doorheen. Zodra jij ervan

schrikt, zal de lezer dat zeker doen en

daarmee heb je een pakkend verhaal te

pakken. Pas als je het boek nauwelijks

aan andere familieleden durft te laten

lezen, ben je op de goede weg.

Thema

02 2021 Schrijven Magazine | 17


BASISOPLEIDING CREATIEF SCHRIJVEN (4)

De gereedschapskist

van de schrijver

Het juiste perspectief

In de basisopleiding creatief schrijven komen de belangrijkste

aspecten van het schrijven aan bod. Deze nieuwe reeks maakt een

dure schrijfopleiding overbodig. In de vierde les leert Kathy Mathys je

op zoek te gaan naar het juiste perspectief.

18 | Schrijven Magazine 02 2021


BASISOPLEIDING CREATIEF SCHRIJVEN (4)

1. Opwarming

Welkom bij deze basisopleiding creatief

schrijven. In de loop van de komende

maanden zullen we aandacht besteden

aan de technische kneepjes van het

vak. Wie geen schrijfervaring heeft, kan

gewoon meedoen, maar ook voor ervaren

schrijvers vormen deze lessen een

fijne opfrisser. Laten we beginnen met

twee losse oefeningen:

Maak een mindmap rond het seizoen

waarin je dit artikel leest. Denk aan

gebeurtenissen, herinneringen, zintuiglijke

indrukken, gedachten en gevoelens.

Maak vervolgens een elf rond dit

seizoen. Een elf is een kort gedicht van

elf woorden, waarin je veel zegt met

weinig middelen. Dit is de structuur van

de elf:

eerste regel: één woord

tweede regel: twee woorden

derde regel: drie woorden

vierde regel: vier woorden

vijfde regel: één woord

Hieronder lees je een voorbeeld van

een elf die ik schreef tijdens mijn opleiding

tot schrijfdocent. We dienden een

gedicht te schrijven over het schrijfproces:

lucht

ik krabbel

zinnen met zenuwbanen

ik trek diepe sporen

spierpijn

De tweede opwarmingsoefening is een

variant op een oefening die ik vond in

The Sound of Paper van Julia Cameron.

Zet je kookwekker op 30 minuten.

Maak een geschreven portret van jezelf.

Schrijf over je uiterlijk, je gedachten en

attitudes, je passies en onhebbelijkheden.

Let op! Schrijf over jezelf in de

derde persoon. Gebruik dus niet ‘ik’,

maar ‘zij’ of ‘hij’.

2. Wat is perspectief?

Frans Stüger beschrijft het perspectief

in Personages, conflict, perspectief als

‘het punt van waarneming van waaruit

een tekst of een deel van de tekst wordt

verteld’.

Om een verhaal te schrijven, moet je

keuzes maken. Wanneer speelt het en

waar? Wie laat je zien? Hoeveel laat je

zien van de wereld? Al deze vragen

kunnen meeklinken bij de keuze voor

een perspectief (ook wel vertelstandpunt

genoemd).

Laat je veel personages aan het woord

of slechts één? Kies je voor een verteller

die boven de personages staat, een

totaaloverzicht heeft en dus de grote

wereld kan laten zien? Of blijf je liever

dicht op de huid van één iemand?

Veel beginnende schrijvers staan nauwelijks

stil bij de keuze van het perspectief.

Ze beginnen te schrijven in de

eerste (ik) of derde persoon (hij/zij).

Laten we ons wat nader verdiepen in

het perspectief en kijken naar de mogelijkheden

die we als schrijvers hebben.

Eerst wil ik het onderscheid aanstippen

tussen het psychologisch perspectief en

het vertelperspectief.

Heb je aandacht voor het psychologisch

perspectief, dan kijk je naar de

sekse van het personage, de leeftijd, de

religie, het land van herkomst et cetera.

Een kind van vijf heeft een andere kijk

op de dingen dan een zeventigjarige.

Het vertelperspectief is dan weer het

standpunt van waaruit het verhaal

wordt verteld, met andere woorden de

keuze voor de eerste, tweede of derde

persoon.

3. Het psychologisch

perspectief

In zijn hierboven genoemde boek

schrijft Stüger: ‘Voor een kind is een

tafel een dak, en hij ziet er misschien

een mogelijkheid in om onder te schuilen.

De volwassene zal de tafel eerder

als een mogelijkheid zien om de krant

te lezen of met vrienden een copieus

maal te gebruiken.’ Hier merk je dat het

psychologisch perspectief een vergaande

invloed kan hebben op de gebeurtenissen

in een verhaal.

In het hoofd van een kind kruipen, gaat

de meeste schrijvers nog redelijk goed

af. We zijn immers allemaal ooit kinderen

geweest. Heel wat ingewikkelder

wordt het, wanneer je wil schrijven

vanuit een Syrische tiener die radicaliseert

of vanuit een Braziliaanse vrouw

die zich ontpopt tot een politiek activist.

Auteurs als Lionel Shriver krijgen

de wind van voren omdat ze schrijven

vanuit gekleurde personages. Haar criticasters

vragen zich af hoe een witte

vrouw kan weten wat er speelt in het

hoofd van, bijvoorbeeld, een zwarte

man.

OEFENING 1

Dit zijn foto’s (ook volgende pagina)

van het Teylers Museum:

Beschrijf deze ruimte drie keer (3 stukjes

van elk ongeveer 150 woorden). De

stukjes die je schrijft, zijn beschrijvingen

zoals je die zou kunnen aantreffen

in een verhaal of roman. Je schrijft >

Thema

02 2021 Schrijven Magazine | 19


BASISOPLEIDING CREATIEF SCHRIJVEN (4)

De gereedschapskist

van de schrijver

telkens in de eerste persoon, vanuit het

betreffende personage. Er is geen interactie

met anderen, wel mogen de passages

gedachten bevatten.

• eerste tekst vanuit een schoolkind

dat hier komt tijdens een schooluitstapje;

• tweede tekst vanuit een vrouw die

hier in geen jaren is geweest en

dierbare herinneringen koestert aan

het museum;

• derde tekst vanuit een tiener die hier

komt met zijn familie op zondag, het

wekelijkse uitje, hij/zij heeft er geen

zin in.

Probeer zoveel mogelijk gebruik te

maken van de psychologische achtergrond

van je personage. Elk van hen zal

andere dingen opmerken, andere gewaarwordingen

hebben. Probeer te

suggereren. Denk aan wat we in de

vorige les geleerd hebben over vertellen

en vertonen. Leg het er niet te dik op.

4. Van autobiografie naar

fictie

Bij gebruik van de eerste persoon kan

het volledige verhaal verteld worden

vanuit de ik-figuur of vanuit verschillende

ikken. Dit is een fragment uit De

Nederlandse maagd van Marente de

Moor:

Zonder mijn moeder was ik misschien

wel een heel raar kind geworden. Ze

bewaakte de rust en regelmaat in huis.

Mijn vader liet geen dag voorbijgaan

of hij verzon iets nieuws.

Het volledige verhaal wordt verteld

vanuit Janna in De Nederlandse

maagd. Vele hemels boven de zevende

van Griet op de Beeck is dan weer een

voorbeeld van een roman waarin verschillende

ikken aan het woord komen.

OEFENING 2

Denk terug aan een conflict dat je had

met een dierbare. Het kan gaan om een

bijtende ruzie, maar ook om iets wat

onuitgesproken bleef.

• Schrijf eerst 10 minuten over dit

conflict vanuit jezelf in de vorm van

een freewrite. Het gaat dus om jouw

gedachtestroom. De ‘ik’ is een autobiografisch

ik.

• Schrijf nu 10 minuten vanuit de persoon

met wie je een conflict had.

Gebruik opnieuw een ik-verteller. De

‘ik’ is hier dus niet autobiografisch.

Als schrijver is het belangrijk om in de

hoofden te kunnen kruipen van mensen

die anders denken dan jij. Ben je erin

geslaagd om je in te leven in het tweede

personage? Kan je zijn of haar kant zien

en snappen?

5. De eerste persoon

In het boek Vingeroefeningen. Tips van

schrijvers voor schrijvers schrijft Daniel

Billiet over het perspectief. In het hoofdstuk

‘Door wiens ogen?’ lezen we: ‘Een ik-verteller

staat het dichtst bij de lezer, zit het

diepst verankerd in het verhaal. De lezer

kruipt in de huid van de ik en wordt het

meest intensief betrokken, lijdt mee, wordt

mee verliefd of gepest of verwaarloosd.’

Je kiest dus voor een ik-verteller als je

graag wil dat de lezer meeleeft met de ‘ik’.

Met een ik-verteller zit je als lezer op de

eerste rij. Deze ‘ik’ hoeft geen sympathiek

personage te zijn. In de literatuur zijn tal

van voorbeelden van ik-vertellers die onnozel

zijn, ergerlijk of ronduit wreed. Het

nadeel van dit perspectief is dat je enkel

kan schrijven wat je personage denkt en

ziet. Je ontsnapt niet aan de grenzen van

zijn of haar hoofd.

Je hebt twee soorten ik-perspectieven. Een

vertellende of terugblikkende ‘ik’ kijkt

terug op gebeurtenissen van vroeger en

schrijft in de verleden tijd. Bij een belevende

ik-verteller gebeurt alles nu, in real

time. Dan gebruikt de schrijver de tegenwoordige

tijd.

OEFENING 3

Denk terug aan een ingrijpend moment uit

je leven, bijvoorbeeld het terugzien van een

oude vriendin, de geboorte van een kind,

een verhuizing, een nieuwe baan.

• Schrijf een fragment van 250 woorden

waarin je terugblikt op dit moment. De

ik-verteller blikt terug, je schrijft in de

verleden tijd.

• Schrijf nu een tweede fragment van

dezelfde lengte. Daarin wordt dezelfde

gebeurtenis beschreven in de tegenwoordige

tijd. Je gaat dus terug naar de

‘ik’ die je toen was.

6. De derde persoon

OEFENING 4

Herschrijf nu de gebeurtenissen uit oefening

3/deel twee (belevend ik) nog een

keer. Deze keer schrijf je in de derde persoon,

tegenwoordige tijd.

20 | Schrijven Magazine 02 2021


BASISOPLEIDING CREATIEF SCHRIJVEN (4)

Wat valt je op? Diende je meer te veranderen

dan de persoonlijke (ik) en bezittelijke

(mijn) voornaamwoorden? Allicht

wel.

Schrijf je in de derde persoon, dan

spreken we van een personaal perspectief.

Een verhaal geschreven in dit perspectief

kan in de tegenwoordige of de

verleden tijd geschreven zijn. Het personaal

perspectief is het meest gebruikte

vertelstandpunt. De schrijver kijkt

door de ogen van het personage over

wie hij schrijft. Soms ligt het perspectief

de hele roman bij eenzelfde personage,

soms wisselt het en staat de camera

in hoofdstuk één op de schouder

van Marie, in hoofdstuk twee op de

schouder van Toby, enzovoorts.

Beginnende schrijvers denken soms dat

teksten in de eerste persoon per definitie

intiemer zijn dan die in de derde

persoon. Toch is dat niet altijd zo. In de

roman Wij zijn de wolven van Evie

Wyld klinken de hoofdstukken in de

derde persoon intiemer dan die met een

ik-verteller. Een ik-verteller kan je misleiden,

zich schuilhouden achter verbale

hoogstandjes. Zij of hij is niet verplicht

het achterste van zijn tong te

laten zien. Een voorbeeld van een intieme

passage uit Wij zijn de wolven:

Op weg naar huis bleef ze staan bij

het ruiterpad dat tussen de bomen

door afboog richting de zee. Onder de

bomen was het donker en de wind

drong daar niet door. Een speldenprikje

licht – een duif – landde op de

bovenste tak van een spar en de boom

zwaaide heen en weer alsof de duif

van lood was. Ruth hing de runderlappen

en de jas aan het hek en liep in

de richting van de duif, waarbij ze

haar hart voelde bonken, niet van

angst, maar alsof het uit haar borst

naar de duisternis van de bomen toe

werd getrokken.

OEFENING 5

Kijk naar de vrouwen op het schilderij

The Browning Readers van William

Rothenstein.

Schrijf 2 stukken van telkens 250 woorden

vanuit deze personages. Je schrijft

in de derde persoon, de ene keer vanuit

de ene, de andere keer vanuit de andere

vrouw. Je gebruikt geen dialogen. Wel

bevat je stuk gedachten, handelingen

en beschrijvingen.

7. Andere perspectiefvormen

Over perspectief valt veel meer te vertellen

dan wat hier te lezen staat. Dit is

slechts de basis. Begin je met schrijven,

dan kies je best voor een ik-verteller of

voor het personaal perspectief. Het is

altijd een goed idee om uit te proberen

wat het beste past bij je verhaal. Het

perspectief bepaalt mede de toon en

zelfs de actie van je verhaal, zoals in het

voorbeeld hierboven over de tafel en

het kind. Voor elk verhaal is er een

ideaal perspectief.

Enkele andere perspectiefvormen in

een notendop:

• alwetende verteller: kent alle personages

door en door. Zie negentiende-eeuwse

klassiekers als Oorlog en

vrede van Tolstoj;

• je-perspectief: wordt weinig gebruikt.

Het kan zorgen voor een

vervreemdend effect. Zie Portret

van een dode man van Sarah Hall

voor een mooi voorbeeld van deze

vervreemding;

• we-perspectief: wordt soms gebruikt

om te schrijven over een groep of

generatie. Zie Waarvan wij droomden

van Julie Otsuka.

Thema

EINDOEFENING

Ga op zoek naar een foto, tekening of

schilderij van een personage. Leer je

personage kennen door het te interviewen.

Schrijf nu de openingsscène van

een verhaal waarin je personage te zien

is. Schrijf eerst het fragment in de eerste

persoon, vervolgens in de derde

persoon. Beide fragmenten mogen 250

woorden tellen. Welk fragment is, vind

je, het meest geslaagd?

Kathy Mathys is schrijfster, literair

journalist en docent creatief schrijven.

www.kathymathys.nl

02 2021 Schrijven Magazine | 21


PLANKENKOORTS

De gereedschapskist

van de schrijver

Spreken in het

openbaar voor

schrijvers

Spreken in het openbaar veroorzaakt bij één

op de drie mensen flinke stress. Ook voor

schrijvers, die hun manuscript onder de

aandacht willen brengen van een uitgever

of hun boek willen promoten tijdens een

lezing, kan spreekangst een joekel van een

obstakel zijn. Spreekcoach Maja Roodveldt

geeft je tips tegen plankenkoorts.

Jezelf laten zien, voor een zaal gaan Neem iemand mee als

staan en praten: alleen al bij het 3 je het te spannend vindt

idee breekt het klamme zweet je om alleen te gaan.

4

uit! Toch is het goed wanneer je je Zorg dat je weet waar

kunt profileren en duidelijk kunt je moet zijn. TomTom

verwoorden wat jouw boek nou zo is je beste vriend, maar

uniek maakt. Wil je opvallen tussen al die calculeer ook de tijd in die

andere schrijvers, dan moet je jezelf toch nodig is voor parkeren, lopen en wc-bezoek.

een beetje kunnen ‘verkopen’. Alle doorwaakte

nachten en doorweekte oksels ten Verken als het kan alvast de ruimte waar

5 spijt.

je moet spreken of waar je gesprek zal

zijn.

6

Gelukkig is er iets te doen aan deze plankenkoorts.

Helemaal vrij van spanning ga je de mensen door wie je bent uitgenodigd,

Maak bij een lezing vast een praatje met

misschien niet zijn, maar je kunt wel leren met de technicus die jou ondersteunt of

hoe je ermee om kunt gaan.

met wat mensen uit het publiek. Hierdoor

voelt de plek meer ‘eigen’, is de eerste hobbel

genomen en voel je je misschien wat

Wat zeker helpt is jezelf goed

voorbereiden. Dat begint al met meer op je gemak.

praktische dingen

1

7Draag makkelijke schoenen als je lang

Zet je verhaal, pitch of speech op papier moet staan.

8

en oefen het hardop, net zolang tot het Maak je stem los met wat oefeningen,

eigen voelt en je niet steeds naar je papier zodat je er straks beter op kunt vertrouwen.

hoeft te kijken. Oefen voor een proef-publiek,

oefen voor de spiegel. En nog eens, De adrenaline zorgt soms voor ledema-

9 en nog eens!

ten die een eigen leven lijken te leiden,

2Probeer uitgerust te zijn op de dag zelf. of juist voor verstarring. Bewegen kan dan

helpen.

Hou iets te drinken bij de hand.

10

En dan sta of zit je daar. Natuurlijk wil je

dat je boodschap zo goed mogelijk overkomt.

Met deze tips kun je ervoor

zorgen dat de stress niet te veel

toeslaat

1Probeer in het hier en nu te zijn: sta/zit

stevig en voel de vloer of stoel onder je.

Voel je voeten, ontspan je tenen. Adem

rustig door.

2Probeer laag te ademen, naar je buik toe.

Dat zorgt voor ontspanning in het gebied

rond je strottenhoofd, waardoor je gemakkelijker

kunt praten.

Eigenlijk gebruiken we deze manier van

ademen de hele dag en nacht zonder dat

we er erg in hebben. Om het bewust te

voelen kun je, bijvoorbeeld als je in bed

ligt, je hand op je buik leggen en rustig in-

22 | Schrijven Magazine 02 2021


PLANKENKOORTS

Spreek dus rustig en bouw gerust wat

pauzes in. Dan kun je ook weer even je

adem laten zakken.

5Je kunt een lezing beginnen met

stilte, tijd om even te ‘landen’.

Kijk rustig rond en verbind je op een

vriendelijke manier met je publiek,

alsof je hen uitnodigt tot een gesprek.

Bij een één-op-ééngesprek kan dit ook,

maar dan ‘in het klein’.

te maken. Speel hier gerust mee.

4Vertrouw op jouw expertise! Vertel

over wat er voor jou toe doet: jouw

mening, jouw kennis. Hou het dicht bij

jezelf. En bedenk: je hebt geen invloed

op wat anderen denken, dus maak je

daar ook maar niet druk om. Spreek

vanuit jouw echtheid, vertrouw op je

verhaal en… probeer ook te genieten

van het moment.

Thema

Glimlach. Dat

geeft ruimte in

hoofd en hart

en ontspant.

en uitademen. Volg je ademhaling, je

hoeft niets te veranderen. Je voelt je

buik omhooggaan bij de inademing. Bij

de uitademing daalt de buik weer. Door

op deze manier te ademen daalt je

hartslag, waardoor je zelf ook wat

rustiger wordt.

3Glimlach. Dat geeft ruimte in hoofd

en hart en ontspant.

4Door de spanning is je hartslag

hoger. Hierdoor lijkt voor jou de tijd

sneller te gaan dan voor je luisteraar.

De inhoud van wat je wil

zeggen is natuurlijk het

belangrijkst. Hoe breng je

jouw kernboodschap zo goed

mogelijk over?

1Stem je verhaal af op je publiek of

gesprekspartner. Wie is je doelgroep?

Wat verwacht je publiek? Wat weten ze

al van je? Wanneer je ervoor zorgt dat

je boodschap goed aansluit bij de beleving

van de luisteraar én bij wat deze

wil horen, komt je verhaal ook beter

binnen.

2De impact die jij maakt wordt voor

het grootste deel gevormd door

non-verbale zaken als: houding, kleding,

gelaatsuitdrukking, gebaren, make-up

en sieraden. Stem deze dus af op

de boodschap die je wil overbrengen.

3Maak gebruik van de verschillende

kleuren in je stem. We denken soms

dat we niets kunnen veranderen aan

hoe we praten, maar er zijn veel mogelijkheden

om de klank van je stem aan

te passen. Hoor je bijvoorbeeld vaak

dat je te zacht praat, dan kan wat helderheid

of ‘scherpte’ veel verschil maken:

denk bijvoorbeeld aan de wat

nasale klank van een heks. Niet overdrijven,

natuurlijk…

Heb je de neiging monotoon te spreken,

probeer dan meer melodie in je

stem te gebruiken: verken de hoogte

én de laagte in je stem. Dat maakt het

verhaal levendig en prettiger om naar

te luisteren.

Verschil in ritme bij het spreken werkt

ook goed: langzamer of juist sneller

spreken, even pauzeren om iets te benadrukken

of het verhaal spannender

Ondanks alle voorbereidingen kan

publiekelijk spreken soms toch té

stressvol zijn. We raken bijvoorbeeld

totaal geblokkeerd door allerlei belemmerende

overtuigingen: onze innerlijke

criticus maakt ons het leven zuur, de

perfectionist in ons vindt het niet snel

goed. Ons werk kan er echt onder lijden.

Soms zo erg, dat we onze dromen

ervoor opgeven. In dat geval kan het

waardevol zijn om, eventueel samen

met een coach, belemmerende gedachtepatronen

op te sporen en barrières

weg te nemen.

Maja Roodveldt (1960) is spreek- en presentatiecoach.

Ze coacht professionals die een kei zijn

in hun vak, maar in hun ambitie gehinderd worden

door hun angst om in het openbaar te spreken.

Hiervoor ontwikkelde zij het coachingstraject

“SPREKEND JIJ!” Sinds 1994 is Maja als sopraan

verbonden aan het professionele Groot Omroepkoor

in Hilversum. Als solozangeres kent ze zowel

de vele mooie momenten op het podium, als de

stress die bij het vak hoort.

02 2021 Schrijven Magazine | 23


SCHRIJFHULPMIDDELEN

De gereedschapskist

van de schrijver

15

superhandige

websites

voor schrijvers

Er zijn letterlijk honderden handige websites, plug-ins en apps voor

schrijvers. Het zijn online hulpmiddelen bij het schrijven.

Wij maken een selectie.

Reddit.com/r/

WritingPrompts/

Grammarly.com

Dropbox.com (of een andere

cloudservice)

r/WritingPrompts is een subforum op

het socialemediaplatform Reddit. Bij r/

WritingPrompts kunnen leden een kort

verhaaltje of aanleiding voor een verhaal

verzinnen en delen met anderen.

Op basis hiervan kun je een verhaal

schrijven. Als je eens een onderwerp

zoekt om over te schrijven, is dit forum

een bijzonder handige tool om je

schrijfvaardigheden mee aan te scherpen.

Ook zijn er meer dan genoeg suggesties

om uit te kiezen: momenteel telt

het subforum 15 miljoen leden.

Voor de schrijvers die graag in het Engels

schrijven, is Grammarly ongelofelijk

handig. Het is een Engelse plug-in

voor Google Chrome die automatisch

alles scant wat je typt. Dit kunnen simpele

spelfouten zijn, maar Grammarly

kijkt ook naar interpunctie en grammatica.

Het is een gratis service, dus zeker

het uitproberen waard.

Dropbox is een cloudservice waarmee

je al je bestanden online kunt bewaren.

Als je het fijn vindt om thuis op een

computer te werken maar buitenshuis

op een laptop, dan kun je op deze manier

altijd bij je bestanden. Daarnaast

kan een cloudservice zoals Dropbox

ook goed dienen als online kopie van je

werkbestanden. Als je computer een

keer kapotgaat is dat geen ramp: je

bestanden staan ook digitaal veilig, dus

je raakt niets kwijt. Naast Dropbox zijn

24 | Schrijven Magazine 02 2021


SCHRIJFHULPMIDDELEN

er nog meer gratis cloudservices zoals

Apple iCloud, Google Drive en Microsoft

OneDrive. Het voordeel van Microsoft

OneDrive is dat je in de programma’s

van Microsoft, zoals Word en Excel,

de optie voor automatisch opslaan

kan aanzetten.

elkaar ook feedback om zo samen

beter te worden! Als bonus plaatsen we

iedere vrijdag een showcase van vijf

UKV’s die de afgelopen week zijn geschreven.

VanDale.nl

Thema

Wordcounter.net

Sweek.com/nl

Soms is het handig om te weten uit hoeveel

woorden een tekst of alinea bestaat.

Het hanteren van een woordenlimiet

dwingt je vaak om beter te schrijven,

omdat je minder ruimte hebt voor

wollige passages en je beter moet nadenken

over je woordkeuze. De website

wordcounter.net helpt je hiermee

door alle woorden en tekens te tellen.

Wordcounter merkt ook veelgebruikte

woorden op, wat kan helpen om stopwoordjes

uit je tekst te halen.

Facebook.com/groups/

SchrijvenMagazineUltra

KorteVerhalen

Sweek is een platform waarop schrijvers

hun verhalen kunnen delen in de

vorm van boeken. Daarnaast organiseert

Sweek ook schrijfwedstrijden.

Hierbij kun je prijzengeld winnen of

een uitgeefcontract bij een grote uitgeverij.

Een sterk punt van Sweek is dat

je er een fanbase kunt opbouwen door

verhalen uit te brengen. Er is zowel een

Engelse als Nederlandse versie van de

website.

Fiverr.com

Iedereen kent de woordenboeken van

Van Dale. Als je als schrijver een woord

tegenkomt waarvan je niet weet wat

het betekent, is de website van Van

Dale een uitkomst. In het gratis woordenboek

zitten gelukkig al vrij veel

woorden, maar als je echt alles wil

weten biedt Van Dale ook betaalde

online woordenboeken aan.

Trello.com

Schrijven leer je vooral door het veel te

doen. Op Facebook hebben wij de

groep ‘Schrijven Magazine: Ultrakorte

Verhalen’. Elke dag kun je in deze groep

een verhaal plaatsen dat bestaat uit

maximaal 99 woorden. Schrijvers geven

Fiverr is een platform waarop mensen

hun services kunnen aanbieden tegen

een zelfbepaald tarief. Als je dus op

zoek bent naar een manier om je

schrijfdiensten aan te bieden, is het

zeker een aanrader om eens te kijken

op Fiverr. Je kunt bijvoorbeeld als copywriter

of redacteur je diensten aanbieden

op de site.

Trello is een hele handige website

waarmee je heel duidelijk je agenda

kan inplannen. Trello heeft veel

functies die speciaal voor teams zijn

bedoeld, maar je kan de planner ook

prima zelfstandig gebruiken. Daarnaast

is het mogelijk om een planning te

maken voor de toekomst en deze te

delen met je fans. Op deze manier

weten je lezers wanneer je van plan

bent om een blog te posten of wanneer

dat ene interview met die leuke gastspreker

verschijnt.

>

02 2021 Schrijven Magazine | 25


SCHRIJFHULPMIDDELEN

De gereedschapskist

van de schrijver

OnzeTaal.nl

zen. Ben je op zoek naar feedback op

specifieke punten? Meld dit dan in je

berichtje. In de groep mogen zowel

gepubliceerde als niet-gepubliceerde

schrijvers berichten plaatsen.

Facebookgroep: Nederlandse

en Vlaamse auteurs

www.facebook.com/groups/

proeflezersvinden

Wat is het? Een groep van schrijvers die

actief zijn op Facebook en elkaar feedback

geven. Dit is erg handig als je op

zoek bent naar proeflezers. Word lid

van deze groep en je kan berichten

plaatsen over het verhaal waar je proeflezers

voor zoekt. Hierin noem je het

genre, de lengte en een korte omschrijving.

Mensen die geïnteresseerd zijn om

jouw verhaal te lezen, kunnen reageren

en zo kom je in contact met nieuwe

proeflezers. De groep kent een diversiteit

aan leden, waardoor er vaak wel

iemand is die jouw verhaal wil proeflede

tijd? Dat kan, maar dan gaat de

boom dood. Een mooie motivatie om je

tijdens het groeien toch op je schrijfwerk

te concentreren.

Freedom

De website van OnzeTaal focust zich

volledig op het analyseren van de Nederlandse

taal. Altijd al willen weten

waar de uitdrukking ‘nu komt de aap

uit de mouw’ vandaan komt? Bij Onze-

Taal leggen ze het uit. Daarnaast hebben

ze ook veel tips wat betreft stijlfiguren.

De website is niet alleen leerzaam,

maar vooral leuk om eens te bezoeken.

Facebookgroep: proeflezers

vinden

www.facebook.com/

groups/318556882430650

Wat is het? Een groep waarin gepraat

wordt over Nederlandse en Vlaamse

auteurs en hun boeken. Een leuke

groep om als schrijver contacten op te

doen en mee te praten. Dit is niet zozeer

een promotiegroep. Je eigen boek

promoten mag beperkt, en alleen als je

een bericht met inhoud plaatst. In deze

groep kun je andere Nederlandstalige

auteurs leren kennen en een band met

hen opbouwen. De beheerders van de

groep stellen dagelijks een vraag en

houden zo de conversatie gaande.

Forest

De website Freedom doet ongeveer

hetzelfde, maar dan op de computer.

Met Freedom kun je kiezen welke sites

en apps je niet wil gebruiken voor een

bepaalde tijd. Zo blokkeer je afleidende

sites, maar kun je nog wel belangrijke

dingen opzoeken. Freedom is zeven

dagen gratis te proberen, daarna kun je

kiezen voor de betaalde versie.

Manuscripttest.com

Voor schrijvers die snel afgeleid raken

door andere zaken, is Forest een heel

bruikbare tool. Forest is een app op je

telefoon, waarmee je instelt hoe lang jij

je wil concentreren. In die tijd groeit er

een boom en kan je geen andere apps

openen, dus geen afleiding van Instagram,

Whatsapp of Facebook. Wil je

toch iets anders doen op je telefoon in

Op manuscripttest.com kun je een

hoofdstuk van je roman laten testen op

kwaliteit en publiceerbaarheid. Dit is

gratis. Als je inzicht wil in de uitslag,

kun je tegen betaling een analyserapport

bestellen. Het systeem, dat door de

makers Gertrude genoemd wordt, heeft

toegang tot traditioneel gepubliceerde

verhalen en zelf gepubliceerde teksten

op het internet en kan op basis hiervan

jouw verhaal of manuscript indelen in

een van die categorieën. Zo geeft het

aan of jouw tekst wel of niet gepubliceerd

zou worden.

26 | Schrijven Magazine 02 2021


Column

Lex Jansen was 12,5 jaar uitgever van De Arbeiderspers. In 2014 startte hij zijn eigen bedrijf: www.magonia.nl.

Museum voor gevoelens

‘In hoeverre ben je als auteur vrij om te kiezen tussen waarheid en

waarachtigheid? Tussen werkelijkheid en fantasie?’ Die vraag werd

me eens gesteld na afloop van een lezing voor bibliotheek Eemland

in Amersfoort, en ik moest er weer aan denken toen ik een

tekst las van een cursist die ik al geruime tijd begeleid. Voordat hij

start met een nieuwe scène of beeldende passage doet hij grondig

onderzoek. Daartoe bezoekt hij al dan niet online archieven, of

gaat hij met vrouw en kinderen naar een locatie die voor zijn verhaal

van belang is. Een opschrijfboekje heeft hij altijd bij de hand.

Overal zoekt hij informatie die hij kan gebruiken om zijn teksten zo

waarheidsgetrouw mogelijk te maken. Zijn probleem ontstaat als

hij onderzoek wil doen naar gevoelens en de emoties die daarbij

horen. Er is nu eenmaal geen museum voor gevoelens. De Russische

regisseur Stanislavski was één van de eersten die een theoretische

basis ontwikkelde voor het acteren. In zijn visie moet een acteur

zijn emoties niet spelen, maar dient hij echte emoties te

gebruiken. Om dat te bereiken gaat hij op zoek naar soms verborgen

herinneringen aan situaties die vergelijkbaar zijn met de scène

die hij moet instuderen. Speel je ‘woede’, ga dan terug naar de eerste

keer dat je slaande ruzie kreeg met je beste vriendje. Om een

intens gevoel van geluk vorm te geven, probeer je je die middag

aan het strand van Oostende voor

de geest te halen waarop je wist

dat je voor het eerst in je leven verliefd

was. In gesprekken met auteurs

merk ik vaak dat de ideeën van Stanislavski

ook bij hen een rol spelen. In een psychologische roman speelt de

innerlijke wereld van de hoofdpersonen een grotere rol dan de wereld

waarin zij leven. Een schoolgebouw kun je bezoeken zodat je

in je beschrijving precies de kleur kunt aangeven van de tegels in

het trappenhuis, maar hoe onderzoek je het gevoel van euforie op

het moment dat een leerling een repetitie Frans foutloos heeft gemaakt

als je zelf zoiets nooit meegemaakt hebt? Al schrijvend put

je altijd uit eigen ervaringen, maar het kan niet zo zijn dat we de

lessen van Stanislavski zo strikt volgen dat we alleen kunnen schrijven

over wat we zelf hebben meegemaakt. De psychologische roman

bij uitstek is Eline Vere van Louis Couperus. De roman verscheen

als feuilleton in dagblad Het Vaderland. Na de publicatie

van de aflevering waarin Eline zelfmoord pleegt, waren vele Hagenezen

diepbedroefd. ‘Heb je het gehoord? Eline is dood.’ Couperus

heeft de diepste gevoelens van Eline herkend en opgeschreven,

maar dat wil niet zeggen dat hij met haar samen valt.

Reserveer

NU!

“De vrouwen van

Van Opstal blaas je niet

zomaar omver, zelfs niet

in zwaar weer”

Te koop of te bestellen bij iedere boekhandel

of bij magonia.vrijeboeken.com

Publicatiedatum: donderdag 22 april 2021

Uitgeverij Magoniawww.magonia.nl


DE SPECIALIST

De gereedschapskist

van de schrijver

spanningsbogen en

dramaturgie heb ik

veel geleerd op de

filmopleiding die ik

heb gevolgd in Brussel.

‘Over

De basis kennen, zodat

je daar daarna van kon afwijken. Elk

klassiek verhaal heeft een begin, een

midden en een einde, van elkaar gescheiden

door plotpunten. Er is een

inciting incident, een belangrijke gebeurtenis

die het personage tot actie

aanzet. Het structureren van een verhaal

zit diep ingebakken bij mij. Van

nature ben ik op controle gericht, structuur

geeft mij houvast in het bestaan.

Als schrijver ben ik ook niet iemand die

maar ergens begint en wel ziet waar hij

uitkomt. Als ik een idee heb voor een

verhaal of boek, vraag ik mezelf direct

daarna af: hóé ga ik dit vertellen?

De structuur van de spanningsboog

is als het ware een kaart in mijn

hoofd van waaruit ik begin met

schrijven. Het smelt begon bijvoorbeeld

met het idee van een vrouw, Eva,

die in haar jeugd op een diepe manier

is verraden door haar vrienden, en

jaren later terugkeert naar de plek

waar dat heeft plaatsgevonden. Ik

begon scènes uit te denken en op

kaartjes te schrijven, allemaal kleine

stapjes op weg naar het slot. Op een

gegeven moment had ik op mijn

muur zo’n twintig kaartjes hangen

met sleutelmomenten. Ik schreef ook

op waar momenten in haar verleden

raakten aan het heden, zodat ik die

met elkaar kon verbinden.

Er zijn verschillende manieren om een

spanningsboog te creëren. Een voorbeeld

van een boekverfilming waarin de

spanning goed is opgebouwd, is Nocturnal

Animals van Tom Ford. Susan

krijgt van haar ex-man het manuscript

28 | Schrijven Magazine 02 2021

Lize Spit (1988) groeide op in het

Belgische Viersel. Na haar master

scenarioschrijven aan het Royal

Institute for Theatre, Cinema and

Sound in Brussel won ze in 2013

schrijfwedstrijd Write Now! In 2016

verscheen haar debuutroman Het

smelt (2016), dat een bestseller werd

en werd bekroond met de Bronzen

Uil, de Hebban Debuutprijs en de

Nederlandse Boekhandelsprijs. Het

smelt is in 15 talen vertaald en wordt

verfilmd. In december vorig jaar

verscheen Spits tweede roman, Ik ben

er niet, waarvan inmiddels 50.000

exemplaren zijn verkocht.


DE SPECIALIST

Bij het schrijven van een boek komen duizend en een dingen kijken, van sterke personages neerzetten tot een goede grap maken.

In de serie De specialist gaan schrijvers tot in detail in op een aspect waarin zij uitblinken.

MARC BRESTER

‘Structuur geeft mij

Thema

houvast’

Lize Spit (32) over het creëren van een

goede spanningsboog.

Door Vivian de Gier en Marc Brester

van zijn roman opgestuurd, een gruwelijk

verhaal vol geweld. Als kijker schakel

je steeds tussen Susans heden,

waarin niet zoveel gebeurt, en de lijn

over de roman van haar ex die ze aan

het lezen is, en hun verleden samen.

Dat geeft een enorme suspense.

Datzelfde gebeurt bij het gebruik van

flashbacks, hoewel daar ook een gevaar

aan kleeft: vaak zijn de overgangen

te uitleggerig of te nadrukkelijk.

Dat stoort me geregeld in boeken. Het

werkt sterker als je ineens - bam! - in

het verleden zit, dan wanneer daar

eerst een gedachte aan voorafgaat.

Soms lijken schrijvers – daar heb ik zelf

ook weleens last van – er niet voldoende

op te vertrouwen dat lezers ook

zonder die duidelijke aanwijzingen het

pad wel kunnen volgen; ze houden hen

te veel bij de hand, en daardoor verliest

een boek juist aan spanning.

Een andere manier om spanning op te

bouwen is een verhaal vanuit verschillende

perspectieven vertellen,

zoals gebeurt in de Netflix-serie The

Haunting of Hill House. Er is iets ergs

gebeurd, maar wát precies horen we

van meerdere personages. Die vertelwijze

creëert spanning, omdat je als

schrijver informatie goed kunt doseren,

zijsporen kunt bewandelen en

visies of herinneringen van persona-

ges met elkaar in tegenspraak kunt

laten zijn. Zo schotel je de kijker of

lezer een puzzel voor.

Voor een goede spanningsboog is het

belangrijk dat het in- en uitademen

van de tekst in balans is. Het inademen

is dat deel waarin de schrijver beschouwingen

en gedachten deelt en hij zichzelf

aan bod laat komen, met zijn visie

en zijn wijsheid. Het uitademen is de

actie en de dialoog, daar waar de lezer

in het verhaal wordt meegenomen. Het

evenwicht tussen die twee is cruciaal.

The Plot Against America van Philip

Roth is een goed voorbeeld van de

juiste afwisseling tussen achtergrondinformatie

en beschouwingen over de

Amerikaanse geschiedenis en passages

waarin je in het hoofd zit van het angstige

kleine jongetje dat de hoofdpersoon

is. Een goede schrijver weet in te

schatten of hij te veel aan het woord is.

Een lezer moet niet voortdurend belast

worden; op sommige momenten

moeten de gebeurtenissen en de

spanning het weer even overnemen.

Dat heeft Roth in dit boek heel goed

gedaan. Daardoor blijft de lezer zich

deel van het geheel voelen en wordt

een boek een dialoog, in plaats van

een monoloog.

Het is belangrijk dat je steeds goed

weet wanneer je welke informatie en

details hebt weggegeven. Ik maak

daar notities van, zodat ik in de gaten

houd hoe ik mijn lezer heb geprikkeld

en wat hij wanneer moet weten. In mijn

nieuwe roman Ik ben er niet komt de

lezer bijvoorbeeld in het eerste hoofdstuk

te weten dat Leo in een zwangerschapswinkel

werkt en een sms krijgt

die vragen oproept over wat er is gebeurd.

Tussen het telefoontje op haar

werk en het moment dat Leo naar huis

fietst en daar op het einde van het boek

aankomt, zit ongeveer een kwartier.

Dat is de dwingende vertellaag, die de

spanning creëert. In de andere laag

kom je te weten wat hier allemaal aan

vooraf is gegaan.

Vaak twijfel ik lang over de precieze

ontknoping. Tot twee derde van het

boek wist ik niet waarom Leo naar huis

fietst en wat daar was gebeurd. Dat

laatste puzzelstukje kon ik maar niet

vinden. Maar als je veel tijd en energie

hebt gestoken in het verhaal, komt er

een moment waarop het boek jou als

schrijver iets teruggeeft en een oplossing

aanreikt voor het vraagstuk.

Ineens besefte ik dat er een baby in het

verhaal was geboren, en dat dát het

antwoord was waar ik naar zocht. Het

moment waarop je bouwwerk als het

ware definitief in elkaar klikt, is zó

mooi – dan is alles precies zoals het

moet zijn.’

02 2021 Schrijven Magazine | 29


SCIENCEFICTION

Hoe schrijf je

sciencefiction?

De aanslag op de Twin Towers, de moord op Pim Fortuyn,

de opkomst en ondergang van Donald Trump en

de coronapandemie: in mijn leven zijn er een paar gebeurtenissen

geweest waardoor de wereld écht veranderde.

Sciencefiction gaat daarover: hoe ziet de wereld

eruit als er iets fundamenteels anders is of wordt?

Door Martijn Lindeboom

Over de coronapandemie

is inmiddels al een

flink aantal boeken

geschreven, zowel

non-fictie als fictie. De

meeste daarvan onderzoeken

hoe normale mensen met deze

abnormale situatie - met lockdowns,

overvolle ziekenhuizen, corona-ontkenners

en demonstraties - omgaan.

Sciencefiction gaat een stap verder: het

onderzoekt wat er zou kunnen gebeuren.

Het houdt daarmee de lezer een

spiegel voor. SF gaat namelijk voor een

groot deel over wat er speelt in de

maatschappij, zoals bijvoorbeeld Black

Lives Matter en de toegenomen aandacht

voor diversiteit. Daarom zien we

op dit moment ook veel geëngageerde

SF van zeer diverse auteurs, terwijl

eerder alleen witte mannen gepubliceerd

werden.

OEFENING 1

We beginnen actueel, met een oefening

in doorredeneren. Kies een van de

onderstaande vragen en werk voor

jezelf uit hoe anders ons heden er in dat

geval had uitgezien.

• Wat als het coronavirus net wat

dodelijker was geweest?

• Wat als de pandemie niet door een

coronavirus, maar door een buitenaards

virus veroorzaakt werd?

• Wat als de hele wereld vanaf het

begin had samengewerkt om het

coronavirus te bestrijden?

Dit kun je uitwerken in een spindiagram,

of met trefwoorden, of met miniverhaaltjes

over allerlei verschillende

gebeurtenissen die dan zouden hebben

kunnen gebeuren.

Ook als corona niet expliciet voorkomt

in je SF-verhaal, is de kans groot dat er

wel elementen van onze tijdsgeest het

verhaal insluipen... en dat is goed, dat

zorgt voor geloofwaardigheid. Als SF

- net als fantasy - iets nodig heeft, dan is

het geloofwaardigheid, anders haken

lezers onmiddellijk af.

Wat is SF?

Sciencefiction is een ‘wat als?’-genre,

zoals we net geoefend hebben. En dan

gaat het al heel lang niet meer alleen

over ‘hard science’, de ‘harde’ natuurwetenschappen.

Sciencefiction is dan

ook voor vele verhalen en boeken binnen

dit genre een verouderde of zelfs

verkeerde naam. De afkorting SF is een

betere paraplu. Daar valt ‘echte’

sciencefiction (verhalen over (toekomstige)

wetenschap) onder, maar het

past ook op andere termen zoals social

fiction (zoals verhalen over sociaaleconomische

en culturele veranderingen)

en speculatieve fictie (een heel brede

term, die zich zelfs naar fantasy uitstrekt).

Subgenres en indelingen

SF kent vele subgenres en verschillende

indelingen. Een voorbeeld is het

onderscheid tussen harde en zachte SF.

Beide gaan uit van bestaande wetenschappelijke

inzichten: natuur-, schei-,

wiskunde, biologie et cetera (bètawetenschappen),

dan wel psychologie,

economie, sociologie, filosofie enzovoorts

(gammawetenschappen). Beide

vormen worden volop beoefend en

lopen door alle subgenres heen. Tegenover

deze SF-vormen staat de sciencefantasy,

die zich niet houdt aan wetenschap

en eigenlijk meer valt onder

fantasy in space, zoals bijvoorbeeld de

Star Wars-films.

De ‘mate van toekomst’ is een andere

interessante indeling. Dan gaat het

bijvoorbeeld over Near Future SF, Far

Future SF, Space Opera en dergelijke.

Near Future richt zich vaak op hedendaagse

problemen en vergroot die uit

naar de voorzienbare toekomst. Kim

Stanley Robinson is een grootmeester

op dit vlak. Zijn serie over de kolonisatie

en terraforming van Mars is een

klassieker. Voor elk van zijn boeken

gaat Robinson uit van de nieuwste

wetenschappelijke inzichten (zowel

hard als zacht). De Luna-serie van Ian

McDonald gaat over het exploiteren

van de maan en de gevolgen daarvan

voor de aarde. Iets verder in de toekomst

is de The Expanse-serie van

James S.A. Corey een interessante:

ondanks de toevoeging van een alienvirus

(zie de eerste oefening), heeft dit

30 | Schrijven Magazine 02 2021


SCIENCEFICTION

gebeurden. Al snel werd dit pulp-gegeven

als ongeloofwaardig gezien en

werden er veel complexere gevolgen

geschetst (een andere dictator die precies

hetzelfde of erger deed, of totaal

andere, onverwachte gevolgen). Staar

je dus niet blind op één verandering.

verhaal stevig de basis in onze realiteit.

De gevolgen van gewichtloosheid, microzwaartekracht

en de extreme druk

van raketversnelling worden zeer geloofwaardig

met het verhaal verweven.

Er zijn vele andere subgenres, zoals

Militaire SF (gericht op wapens en

oorlogsvoering in een futuristische

setting), (post) Cyberpunk (extrapolaties

van de invloed van computers,

communicatiemiddelen en AI op de

samenleving), Tijdreizen, Steampunk,

en Alternatieve geschiedenis en toekomst.

Je hoeft niet precies te weten in

welk subgenre je eigen SF-verhaal past.

Maar het is goed om te weten wat er

zoal bestaat, welke conventies er gelden

(ook als je die wilt doorbreken) en

wat de clichés zijn.

SF bedenken

SF schrijven is keuzes maken. Welke

ontwikkelingen en uitvindingen gaan in

jouw toekomst plaatsvinden? Als je een

bepaalde afslag neemt, dan betekent

dat automatisch dat je andere niet

neemt. Als je een gestructureerde

schrijver bent, kan het heel handig zijn

om vanuit het nu je toekomst op te bouwen.

Veel SF heeft achterin het boek

een tijdlijn van het heden tot het beginpunt

van het boek (Slapen in een zee

van sterren van Christopher Paolini

bijvoorbeeld). Dat doe je om de maatschappij

van je wereld te bouwen, maar

ook om de stand van de wetenschap en

techniek een basis te geven. Een meer

organisch werkende auteur kan tijdens

het schrijven proberen te ontdekken

waar de vreemde technologie, of de

aparte omgangsvorm die zij of hij beschrijft,

vandaan komt.

Hierbij is het van belang dat je breed

kijkt. Een verandering in het heden, het

verleden of de toekomst komt nooit

alleen. Denk bijvoorbeeld aan de vele

klassieke tijdreisverhalen waarin Hitler

vermoord werd voor hij aan de macht

kon komen. De eerste versies van dit

sub-subgenre hadden doorgaans als

rechtstreeks gevolg dat de Tweede

Wereldoorlog en de Holocaust niet

Als SF iets nodig heeft, dan is

het geloofwaardigheid.

Lucinda Riley en Sander Knol

OEFENING 2

Als er morgen anti-gravitatietechnologie

ontwikkeld zou worden, heeft dat

niet alleen invloed op de lucht- en

ruimtevaart. Zouden we nog lopend of

rijdend over straat gaan? Worden gebouwen

nog hoger, of krijg je zelfs

zwevende huizen? Larry Niven heeft

daar zeer duidelijke ideeën over in zijn

klassieker Ringwereld, want wat als

ooit de stroom uitvalt? Zwevende huizen

veranderen dan heel rap in gecrashte

ruïnes.

Neem dit voorbeeld en schrijf een kort

verhaaltje over een alledaagse gebeurtenis,

zoals boodschappen doen in een

wereld waar voor iedereen antigrav

beschikbaar is.

Vanuit het heden kun je gaan extrapoleren:

welke technologieën, welke maatschappelijke

ontwikkelingen, welke

sociale veranderingen gaan jouw toekomst

vormgeven? Denk daarbij dus

heel goed na over de onderlinge invloed

die jouw ideeën en de bestaande omstandigheden

op elkaar zullen hebben.

Door te combineren kom je waarschijnlijk

op nog veel interessantere toekomstvisies.

Omgekeerd: als je al een

toekomstbeeld hebt, probeer dan achtergronden,

oorzaken en basisprincipes

voor alle veranderingen te bedenken,

zodat je niet - als een van je lezers wel

gaat doordenken - opeens geconfronteerd

wordt met gapende gaten in je

wereldbouw.

Research

Een sterk wapen om je SF-wereld en

-verhaal geloofwaardig en meeslepend

te maken, om de lezer een gevoel van

02 2021 Schrijven Magazine | 31


SCIENCEFICTION

Show, don’t tell is

van levensbelang

voor de SF-schrijver

verwondering mee te geven, is research

doen. Als je redelijk goed weet hoe de

basisprincipes van jouw wereld werken

en ze zijn kloppend of zouden kunnen

kloppen met de natuurwetten of de veel

subjectievere maatschappelijke, sociale

en morele werkelijkheden van je wereld,

dan voelt je verhaal geworteld en

overtuigend aan. Natuurlijk kun je ook

gaan voor de derde wet van Arthur C.

Clarke: ‘Elke voldoende geavanceerde

technologie is niet te onderscheiden

van magie’ en er geen onderbouwing

voor geven, maar dan moet je andere

manieren zoeken om het geloofwaardig

te maken.

OEFENING 3

Neem een wetenschappelijk, technologisch

of maatschappelijk fenomeen dat

je interessant vindt en doe daar onderzoek

naar. Vervolgens ga je een paar

van de meest intrigerende details en

opvallende zaken extrapoleren en veranderen,

zodat je het voor een SF-verhaal

kunt gebruiken.

SF schrijven

Dat brengt ons bij het daadwerkelijk

schrijven van een SF-verhaal, want een

toekomstige wereld scheppen is niet

genoeg. Een SF-verhaal schrijf je grotendeels

zoals ieder ander verhaal,

maar nu heb je de beschikking over

jouw vindingen - of het nou technologische

ontwikkelingen, sociale veranderingen,

of aliens zijn - en daarmee heb

je dramatisch meer mogelijkheden.

Het maakt natuurlijk veel uit hoe ver je

van de huidige wereld afwijkt. Hoe

dichterbij de onze je blijft, hoe ‘normaler’

je je verhaal kunt opbouwen. Maar

als je wereld er (heel) anders uitziet, de

omgangsvormen, de mogelijkheden, de

personages anders zijn, omdat ze in een

andere wereld leven, dan betekent dat

wel dat je je verhaal heel zorgvuldig

moet opbouwen.

Je kunt de lezer midden in die nieuwe

wereld droppen: de ‘shock and

awe’-methode, die bijvoorbeeld door

Hannu Rajaniemi in The Quantum

Thief uitstekend toegepast wordt. De

lezer moet onmiddellijk mee in

game-theoryprincipes (prisoner’s dilemma)

en een ruimteoverval met een

vliegende vrouw, verpakt in intense -

maar functionele - technobabble. Het

gevaar van je lezer in het diepe gooien

is dat zij of hij verzuipt in alle nieuwe

info. Dat moet je dus heel goed doseren

en begrijpelijk - of in elk geval tolereerbaar

- maken. Uitleggen is vaak niet de

oplossing; laten zien en voelen werkt

veel beter (show, don’t tell is van levensbelang

voor de SF-schrijver). Veel

van de vroege SF-verhalen draaiden

vooral om het uitleggen van een nieuwe

technologie en wat die voor goede (of

vreselijke) effecten op de mensheid zou

hebben. De meeste van die verhalen

zijn tegenwoordig totaal onleesbaar.

Een andere aanpak is uitzoomen. Je

begint met iets kleins, dat misschien

wel gek is, maar doordat je het intiem

houdt, goed te volgen. Zodra de lezer

gewend is aan dit detail, laat je meer

van je wereld zien en omdat er al een

basis is gelegd, gaat de lezer makkelijker

mee. Paolo Bacigalupi doet dit heel

mooi in The Windup Girl. Hij laat zijn

hoofdpersoon een vreemd stuk fruit

bekijken, hem in het Thais communiceren

en vervolgens concluderen dat er

sprake moet zijn van genetische manipulatie.

Dat zet de plek en de technologie

alvast neer, waarna hij de lezer de

enorm veranderde wereld in leidt.

OEFENING 4

Schrijf de openingsscène van je SF-verhaal

en probeer dat eerst op de uitzoommethode.

Zodra je een goed idee

hebt van wat je met het verhaal wil,

schrijf je de openingsscène opnieuw,

maar nu door de lezer in het diepe te

gooien en alle dingen die je bedacht

hebt direct te gebruiken, waarbij je

toch probeert de lezer geïnteresseerd te

houden.

SF is de ultieme ideeënliteratuur, dus

laat je niet beperken in het verhaal dat

je bedenkt, maar zoek wel naar een

geloofwaardige basis (die niet per se

echt mogelijk hoeft te zijn) om je lezer

geïnteresseerd en geboeid te houden.

Martijn Lindeboom is schrijver (o.a.

Hoe schrijf je fantasy en sciencefiction?

– Atlas Contact en Halloween Horror

Verhalen – Luitingh-Sijthoff), redacteur

(Hebban.nl en diverse bundels),

schrijfwedstrijdenorganisator (Harland

Awards, Zilveren Strop), schrijfdocent

(Schrijversacademie, Fantasy-schrijven.

nl), Taekwon-Do master (7e dan zwarte

band) en freelance jurist.

32 | Schrijven Magazine 02 2021


SCHRIJFINZICHT

HET SCHRIJFINZICHT VAN… TESSA LEUWSHA

‘Zie je tekst als

één groot onderzoek’

In de Surinaamse hoofdstad Paramaribo werkt

Tessa Leuwsha (1967) als cultureel attaché bij de

Nederlandse ambassade en als schrijfster maakt

ze romans, non-fictieboeken en artikelen. Met

Schrijven magazine deelt Leuwsha het grote

geheim van haar schrijfproces, waarmee ze

onder meer haar goed ontvangen roman

Plantage Wildlust te lijf is gegaan.

Door Ricardo Jupijn


Schrijven is toch een beetje

alsof je een stel paarden met

één hand aan het temmen

bent en met de andere hand

de bek van een krokodil

dichthoudt. Wat mij ontzettend

helpt bij het schrijven, is het formuleren

van een duidelijke hoofdvraag.

Als prikkel of als uitgangspunt, om daar

in je tekst vervolgens een antwoord op

te vinden. Die methode heb ik voor de

eerste keer gebruikt bij mijn derde

boek. Vanuit een verontwaardiging

ontstond een centrale vraag en ik ontdekte

al snel dat die aanpak ontzettend

veel grip geeft. Als je je tekst als één

groot onderzoek ziet, dan geeft dat

structuur aan je werk. Net als dat je een

huis bouwt: je begint niet bij het dak,

maar bij de fundering. Op het moment

dat ik zo’n vraag scherp heb gesteld,

dan weet ik welk verhaal ik wil vertellen.

Het scheelt mij later in het proces

niet alleen een hoop schrappen en

herschrijven, een centrale vraagstelling

zorgt ook voor een goede samenhang in

je tekst. Zo schrijf ik met name over

koloniale geschiedenis en dat is absoluut

geen zwart-witverhaal. Met mijn

laatste boek Plantage Wildlust wilde ik

een verhaal schrijven dat zich afspeelt

in de grijstinten van die geschiedenis.

Voor mij staat deze vraag centraal in de

tekst: in hoeverre kan een dader een

slachtoffer zijn en kan een slachtoffer

een dader zijn? Op die manier kom ik

uit bij een wit, Nederlands echtpaar dat

begin twintigste eeuw vol idealisme

naar Suriname afreist om een plantage

te beheren. Ze willen er iets moois van

maken, maar ondertussen worden ze

langzaam in een systeem gezogen dat

zijn eigen wetten kent. Dat hele verhaal

ontstaat vanuit die vraag. En tijdens het

hele schrijfproces loopt die vraag als

een rode draad door mijn gedachtes.

Bij elke scène, dialoog en personage

vraag ik mezelf af: voegt het iets toe en

hoe draagt het bij aan een eventueel

antwoord?’

© SIRANO ZALMAN

02 2021 Schrijven Magazine | 33


ACHTERGROND

WAAROM SCHRIJF JE JE BOEK NIET ANDERSOM?

Beginnen bij het begin:

dat is zó 2020!

Reverse writing: het is logischer dan het klinkt.

Waar de meeste schrijvers zich door een lineair

schrijfproces worstelen, zweert Esther Jacobs

bij deze methode. In dit artikel deelt ze haar

ervaringen, lessen, fouten en tips. Zo hoef jij

niet opnieuw het wiel uit te vinden en kun je je

volledig concentreren op de inhoud van je boek.

De meeste mensen denken

nog dat je een boek

lineair schrijft: je begint

op pagina één en werkt

je door alle hoofdstukken

heen tot het klaar is.

Veel te veel schrijvers lopen echter vast

bij deze manier van schrijven. Bovendien

stop je zo al veel werk in je boek,

terwijl je nog niet eens weet of het

levensvatbaar is.

heel logisch, en belangrijker nog: het

werkt. Ik ontdekte dit systeem ‘per

ongeluk’ toen ik vlak voor een

boek-deadline zeeziek door de Caraïben

zeilde. Sindsdien heb ik meer dan

dertig non-fictieboeken op deze manier

geschreven en duizenden anderen

geholpen om hun boek tot leven te

brengen. Ontdek hoe het schrijven

van jóuw boek ook makkelijker,

efficiënter én leuker kan!

Lineair versus parallel: twee

ervaringen

Mijn eerste boek schreef ik, net als de

meeste schrijvers, op een lineaire manier:

ik begon vol enthousiasme en met

een goed idee op pagina één en worstelde

door naar de laatste pagina. Een

jaar - en heel veel hard werk, herschrijven

en herstructureren later - is er dan

met een beetje geluk een boek.

Wat als je het proces omdraait en begint

met de belangrijkste pagina van je

boek: de achterflap? Uit deze samenvatting

en de belofte die je hier aan je

lezers maakt, volgt je inhoudsopgave en

structuur. Pas als die staat, ga je schrijven.

Ook de promotie draai je om: je

begint niet pas te communiceren over

je boek wanneer het klaar is, maar start

al vóórdat je gaat schrijven. Zo krijg je

feedback én volgers…

Reverse Writing klinkt misschien

contra-intuïtief, maar het is eigenlijk

34 | Schrijven Magazine 02 2021


ACHTERGROND

Wat als je het

proces omdraait

en begint met

de belangrijkste

pagina van je boek:

de achterflap?

van mijn uitgever. Ik dacht dat het nooit

zou lukken om in die beperkte tijd,

onder die druk, het boek te schrijven en

voelde me enorm overweldigd. Ik besloot

het toch te proberen en sloot

mezelf tien dagen op in een kamer met

airconditioning.

Tijdens het schrijven van dat eerste

manuscript had ik vaak het gevoel dat

ik het wiel opnieuw aan het uitvinden

was. Hoe schrijf je eigenlijk een boek?

Er was wel informatie over de creatieve

kant van het schrijven, maar niet over

het proces van idee tot boek. Er was

zoveel dat ik niet wist, zoveel waar ik

tegenaan liep, er waren zoveel keuzes

en fouten te maken. De informatie was

tegenstrijdig en versnipperd. Ik zag

vaak door de bomen het bos niet meer.

Het uitzoekwerk leidde me af van het

creatieve proces.

Vlak voor de deadline van mijn tweede

boek Wat is jouw droom? zeilde ik

twee maanden door de Caraïben. Ik

dacht dat ik op de zeilboot het boek wel

zou kunnen schrijven; dat paste mooi

bij het thema, toch? Maar ik had er niet

bij stilgestaan dat ik zeeziek word tijdens

het zeilen. En als we in een haven

lagen, was ik zo blij van boord te kunnen,

dat schrijven er ook niet van

kwam. Dat viel dus behoorlijk tegen.

Het enige wat me wel lukte tijdens die

twee maanden, was ideeën die ik kreeg

in de vorm van bullets op de juiste plek

in de structuur zetten. Die outline met

23 tips had ik gelukkig voor vertrek al

gemaakt. Alles wat er op zee tijdens het

naar de horizon staren in me opkwam

(tips, interviews, voorbeelden), kon ik

in deze structuur kwijt. Zo kon ik tóch

aan mijn boek werken zonder lang naar

een scherm te staren.

Toen ik na de zeiltocht terugkwam op

Curaçao - waar ik toen woonde - had ik

nog maar tien dagen tot de deadline

Ik kwam erachter dat het raamwerk en

de bullets hielpen om het schrijfproces

efficiënter, makkelijker en minder overweldigend

te maken. In plaats van aan

het ‘hele boek’ te werken, kon ik me

steeds focussen op één bullet, die

moest worden omgezet naar een paragraaf.

‘Kan ik over deze notitie een

alinea schrijven? Over deze bullet een

anekdote?’ Na een aantal paragrafen

durfde ik weer even naar het grote

plaatje te kijken. Toen ik langzaam elk

hoofdstuk ingevuld zag worden, werd

ik rustiger. Nu hoefde ik alleen maar de

verschillende paragrafen met elkaar te

verbinden, en een inleiding per hoofdstuk

te schrijven om een hoofdstuk af

te krijgen. En dan nog één en dan nog

één...

Uiteindelijk lukte het me zo, met heel

hard werken, om het boek op tijd af te

krijgen. Sindsdien werk ik altijd op

deze manier (al probeer ik het liefst wat

meer tijd te nemen dan tien dagen...).

Begin bij het einde

Wist je dat de achterflap van een boek

02 2021 Schrijven Magazine | 35


ACHTERGROND

Als je eerst een opzet voor je boek

maakt, kun je daarna je creativiteit

en energie volgen.

niet door de uitgever wordt geschreven,

maar door de auteur zelf? Ik had geen

idee. Ik was nog amper begonnen met

schrijven van mijn eerste boek, toen

Bruna me vroeg om voor de najaarsbrochure

alvast de achterflaptekst aan te

leveren. Kennelijk kopen boekwinkels

in op basis van een brochure met coverfoto’s

en achterflappen van boeken

die maanden later pas uitkomen. Op

basis van mijn tekst en de cover die

Bruna liet maken, besloten de boekwinkels

het boek - dat nog niet af was! - in

te kopen. Zo leerde ik voor het eerst dat

je de achterflap kunt gebruiken voor de

voorverkoop van je boek.

Wat doe je als je zelf in een boekhandel

rondkijkt? Je selecteert boeken met

interessante titels en omslagen en leest

dan de achterflappen, nietwaar? In

webshops krijg je ook als eerste de

blurb, ofwel de tekst van de achterflap,

te zien. En wat stuur je als executive

summary van je boek aan een uitgever

om te kijken of hij geïnteresseerd is?

Inderdaad, je achterflaptekst. Dit is de

elevatorpitch van je boek en je marketingmateriaal.

De achterflap is niet

alleen je belangrijkste verkooppagina,

maar toont ook de opbouw van je boek

en geeft je de kapstok voor jouw

schrijfproces.

Structuur is je beste vriend

Door een outline te maken voordat je

begint met schrijven, voorkom je dat je

verderop in het proces vastloopt en

stukken moet herschrijven. De belofte

die je op de achterflap aan je lezers

maakt, vertaal je in een goede en gedetailleerde

inhoudsopgave van je boek.

Wat wil je allemaal vertellen? Wat is een

logische volgorde en onderverdeling?

Welke onderwerpen komen waar? Je

maakt eerst de opzet en vult ieder

hoofdstuk met bulletpunten van ideeën

en voorbeelden. Zo kun je ook veel

materiaal dat je al hebt een plekje geven

en hergebruiken. Neem de tijd voor

deze braindump. Benut ook situaties

die niet veel schrijftijd opleveren, maar

wel veel inzichten om toch (in de vorm

van bullets) aan je boek te werken.

Volg je energie, niet de

paginanummers

Veel creatieve mensen houden niet van

structuur. Als je echter eerst een opzet

voor je boek maakt, kun je daarna je

creativiteit en energie volgen. Je hoeft

niet meer lineair te schrijven en kunt

bijvoorbeeld aan meer stukken tegelijk

werken; kriskras door je boek heen,

van bullet naar bullet. Met een duidelijke

outline hoef je je geen zorgen meer

te maken over wat waar past. Het biedt

je houvast tijdens het schrijfproces en

geeft daardoor een compleet andere

ervaring.

Is jouw boek levensvatbaar?

Voor sommige schrijvers staat het

schrijven voorop, anderen vinden het

fijn als hun verhalen of belangrijke

boodschap ook echt gelezen worden.

Als je van tevoren een beetje onderzoek

doet en open staat voor feedback zodra

je je titel en achterflaptekst deelt, dan is

de kans groter dat jouw boek ook echt

in een behoefte voorziet. Google daarom

naar boeken over hetzelfde onderwerp,

en bepaal hoe de insteek van

jouw boek anders of beter kan worden

dan bestaande boeken. Zoek uit welke

zoekwoorden door jouw doelgroep

gebruikt worden, zodat je een goed

vindbare titel kiest.

Promotie voordat je gaat

schrijven

Het zal je misschien verbazen dat promotie

al zo vroeg in het proces aan bod

komt, nog voordat je met schrijven

begint. Normaal gesproken beginnen

schrijvers pas over marketing na te

denken wanneer hun boek klaar is. Dan

is het eigenlijk al te laat. Bij de lancering

van je boek heb je maar één moment,

terwijl in het voortraject meerdere

momenten te creëren zijn.

Gebruik deze aanloop om je persoonlijke

ervaringen tijdens het schrijfproces

te delen, je netwerk uit te breiden en te

‘oefenen’ met een natuurlijke manier

van informatie verstrekken over je

onderwerp, dus niet het irritante en

contraproductieve ‘koop mijn boek!’.

Door eerst aan je achterflap en cover te

werken, kun je jouw boek ook al promoten

en zelfs verkopen voordat het

klaar is. De schrijvers die ik coach

verkopen vaak al honderden exemplaren

van het boek dat ze nog aan het

schrijven zijn, door het concept aan

hun netwerk te presenteren.

Durf jij het ook om te

draaien?

Maak jij het schrijven van jouw boek

ook makkelijker, efficiënter én leuker

door met je achterflap en structuur te

beginnen?

Esther Jacobs is internationaal spreker,

auteur van 30 boeken (onder andere Zo

schrijf je een boek!) en organisator van

schrijfweken op exotische plekken. Je

kunt bij haar terecht voor online coaching,

workshops, haar online programma

of manuscriptbeoordelingen. Esther

Jacobs wordt ook wel de ‘No-Excuses

Lady’ genoemd omdat ze voor alles een

onconventionele oplossing vindt. Zo

ook voor het schrijven van een boek.

Haar Reverse Writing-methode daagt

je uit om met je achterflap te beginnen

en al promotie voor je boek te maken

terwijl je nog aan het schrijven bent. Probeer

het zelf uit met de gratis checklist.

36 | Schrijven Magazine 02 2021


EEN KATERN VAN

magazine

PLATFORM VOOR SCHRIJFTALENT ALICE VERSCHIJNT ZES KEER PER JAAR

Schrijfwedstrijd

DE WINNAARS

Voor de schrijfwedstrijd Na corona ontvingen

we 315 inzendingen. De jury bestond

uit Jente Jong (schrijver/actrice/theatermaker),

Dorine Holman (literair agent) en

Frank Noë (hoofdredacteur Schrijven magazine/Schrijven

online). De jury: “Wat ons

opviel was dat er veel letterlijke vertellingen

bij zaten over de coronatijd, heel veel

non-fictieverwerking van het afgelopen

jaar. We schrijven het leed van ons af, leek

het wel. Dat juichen we toe. Schrijven heeft

ook de functie om te verwerken, te ordenen

wat ongeordend is. Voor ons als lezers

waren het vooral de meer literaire verhalen

die eruit sprongen. Misschien is dat wel een

les: gebruik je ervaring, maar verwerk die

niet al te letterlijk in een verhaal. Kneed,

verander, geef vorm. Wat ons ook opviel, is

dat in maar weinig verhalen dialoog zat. Er

werd veel verteld en uitgelegd. We hebben

dit jaar de verhalen met extra veel plezier

gelezen, want we kregen een inkijkje in de

geest van 315 schrijvers in tijden van een

pandemie. Dank daarvoor.”

Na corona

02 2021 Schrijven Magazine | 37


GA JIJ DE UITDAGING AAN? STUUR JE ALLERBESTE VERHAAL

OF GEDICHT(EN) IN VIA WWW.SCHRIJVENONLINE.ORG/ALICE

HUIDHONGER

OP LIJN 104 VAN HARDERWIJK NAAR APELDOORN

zit sinds enkele weken een nieuwe buschauffeur waar ik

gek op ben geworden. Iedere woensdagmorgen maken

we oogcontact via de spiegel. Zodra ik plaatsgenomen

heb op de eenzitter achter de chauffeursstoel beginnen

we te loeren. Onze mondkapjes maken dat we alleen

nog maar elkaars ogen hebben kunnen zien, maar dat

maakt niet uit. Het is de manier waarop hij de bus door

de bocht bij Elspeet laat zwenken, daar spreekt een

zekere nonchalance uit, en daar hou ik van. En er is iets

in zijn stem wanneer hij groet. Stevig en vastberaden

klinkt dat. En vooral dat laatste past bij mij.

Op zijn achterhoofd bevindt zich een intrigerende kale

plek die me qua vorm aan het Thialf-stadion doet denken,

en waarover ik met mijn wijsvinger rondjes zou

willen maken. Dat we dan bijvoorbeeld samen op de

bank zitten, een film kijken, en dat ik dan met mijn

vinger. Ach, heerlijk lijkt me dat.

Het enige wat me bij deze man weg kan houden zijn dunne

lippen en een slecht gebit. Wanneer corona het toestaat

dat het dragen van een mondkapje tot het verleden

behoort zal ik mijn definitieve keuze kunnen maken.

Ik heb het gevoel dat ik er heel dichtbij ben deze keer.

OPMERKING VAN DE JURY Bijna een ultrakort

verhaal over de aantrekkingskracht van

een buschauffeur (en de voordelen van een

mondmasker). Droogkomisch beschreven.

Goede openingszin en een originele invulling

van de opdracht, al komt ‘Na corona’ niet

nadrukkelijk naar voren. Maar juist vanwege

de korte tekst, die beeldend wordt uitgewerkt,

neemt het verhaal bezit van je. Goede afsluitende

zin.

PAULINE PISA (1968) IS DICHTER EN

TEKSTPERFORMER EN SINDS 2016 LID VAN

HET UTRECHTS STADSDICHTERSGILDE. PISA IS

OPGEGROEID IN DE UTRECHTSE WIJK KANALENEILAND

EN PUBLICEERDE TOT OP HEDEN TWEE BUNDELS: HET

GESTOLEN WIJF EN HALFRUST. DAARNAAST WERKT

PISA ALS VERPLEEGKUNDIGE IN DE PSYCHIATRIE.

38 | Schrijven Magazine 02 2021


EEN KATERN VAN

magazine

TE PAARD NAAR SANTIAGO

DAT LEEK MIJ WEL WAT: TE PAARD NAAR

Santiago.Als ik ouder was, boven de vijfendertig

dus, en mijn carrière vast zat, zou ik Te

Paard Naar Santiago de Compostella. Het ging

mij niet om in Santiago de Compostella te zíjn,

een toeristische stad vol zweverige naar wandelzweet

stinkende sandalen, maar om op weg

te zijn. Via de Ardennen, door de Champagne,

langs de Loire met het water rechts en links

heuvelige korenvelden met in de verte een

kasteel, waar de warme lucht rimpelt als boven

een woestijnweg in een Amerikaanse roadmovie,

daarna door de bossen van Aquitanië

en over de besneeuwde pieken van de Pyreneeën.

In het gezelschap van mijn paard

en mijn gedachten. Dat was diep.

Het klonk ook stoer:

Te Paard Naar Santiago.

Net afgestudeerd rekende ik uit wanneer

ik moest vertrekken. Ik had gehoord dat

mensen gemiddeld zevenenhalf jaar bij

een bedrijf werken, van wie ik dat had

gehoord en of het klopt weet ik niet meer,

maar dat vond ik een logisch getal. Na

02 2021 Schrijven Magazine | 39


GA JIJ DE UITDAGING AAN? STUUR JE ALLERBESTE VERHAAL

OF GEDICHT(EN) IN VIA WWW.SCHRIJVENONLINE.ORG/ALICE

MENNO HERKES (1969) IS IN HET DAGELIJKS LEVEN DOCENT EN ONDERZOEKER IN HET HOGER

ONDERWIJS. EEN PAAR WEKEN NA ZIJN VIJFTIGSTE VERJAARDAG BEGON HIJ ZIJN EERSTE VERHAAL TE

SCHRIJVEN. HIJ IS NIET OPGEHOUDEN MET HET SCHRIJVEN VAN KORTE EN LANGE VERHALEN. TE PAARD

NAAR SANTIAGO IS HET EERSTE VERHAAL DAT GEPUBLICEERD IS.

Pas op mijn achtendertigste zat ik minder op de weg.

Paardrijles nam ik niet, laat staan dat ik een paard

kocht: jong gezin, je kent dat wel. Maar ik wist het

zeker: dat ga ik doen als de kinderen groter zijn en ik

meer tijd voor mijzelf had.

De veertig ben ik niet alleen ruim gepasseerd, ik

weet niet eens meer wat ik op mijn veertigste deed.

Ik weet wel wat ik niet deed: Te Paard Naar Santiago.

In de jaren na mijn veertigste reed ik ook niet naar

Santiago. Maar ik wist elke paar jaar: ik ga de reis

maken.

twee keer een nieuwe baan was ik veertig. Veertig jaar,

drie maanden en tweeënhalve week om precies te zijn,

maar dat klonk nerdig en zo precies kon ik het niet onthouden.

Dus op mijn veertigste zou ik Te Paard Naar

Santiago. Als rustpunt bij de carrièreswitch tussen mijn

tweede en derde baan, en ik had dan vast een midlifecrisis

net als alle oude mensen, kwam dat even mooi uit.

De planning: na mijn eerste baan op paardrijles, vier jaar

voor mijn veertigste een eigen paard, de twee laatste

jaren samen trainen in Limburg. Je moet zo’n reis opbouwen.

Tijdens de eerste drie werkjaren worstelde ik mij door

vier baantjes, die zevenenhalf jaar klopte niet.

Op mijn drieëndertigste nam ik geen paardrijles: nieuwe

baan, drukke tijd op het werk, je kent dat wel. Maar ik

wist het zeker: dat ga ik doen na de promotie, dan zat ik

minder op de weg.

Nu, na maanden naar de muren kijkend en hopend

dat mijn zoon vaker dan éénmaal per week belt, zoals

hij wel drie keer mijn ex belt, denk ik aan de gemiste

kans. Je kunt niet blijven uitstellen. Je moet doen wat

in je zit. Ik weet het zeker: ik ga het doen, na corona

neem ik paardrijles en zodra mijn paard en ik het

aankunnen gaan we Te Paard Naar Santiago.

OPMERKING VAN DE JURY Te Paard Naar Santiago

vonden we een grappig verhaal met een beetje een bizar

uitgangspunt. Menno Herkes gebruikt de beperkingen

die de coronacrisis ons oplegt, als het zoveelste excuus

om een droom niet na te jagen. We streven allemaal

ergens naar. Voor de verteller is corona het zetje om zijn

(ironische) doel in het leven nu eindelijk te gaan volbrengen.

Of juist toch niet?

40 | Schrijven Magazine 02 2021


EEN KATERN VAN

WATER EN ZEEP

MAX BAALDE VAN ZIJN VERLOREN VRIJE

avond, zittend aan de moeders keukentafel. Gelukkig

was het verliezen van een avond niet zo

erg als het verliezen van je verstand.

Hij stond voor een moeilijke beslissing; een die

zijn broers aan hém overlieten. Zij waren het hoe

dan ook met hem eens, wat zijn conclusie ook

mocht zijn. Lafbekken.

Een binaire keuze: nog even thuis, of met gierende

banden naar het tehuis – een interventieafdeling

nota bene! Toch voelde dit als een zoveel

ingewikkelder vraagstuk. Hopend op een derde

optie, zag Max hoe zijn moeder haar handen

obsessief stuk waste.

Water, zeep, water, zeep…

‘Je handen zijn nu wel schoon, mam.’

Moeders keek achterom met een blik die verraadde

dat het licht aanstond zonder dat er iemand

thuis was. ‘Dat dacht je vader ook voor hij…’

02 2021 Schrijven Magazine | 41


ALICE IS EEN PLATFORM VOOR SCHRIJFTALENT. VOOR ELKE EDITIE KUN

JE EEN VERHAAL INSTUREN VIA WWW.SCHRIJVENONLINE.ORG/ALICE.

UIT HET AANBOD SELECTEREN WE DE MEEST ORIGINELE VERHALEN.

…de longen uit zijn lijf hoestte op de IC, maakte Max

haar zin in gedachten af. Zijn vaders coronadood in

combinatie met haar werk als intensivist had het

perfecte zaadje gebleken voor aanvallen van smetvrees

en irrationele angst. En van het ontkiemen

was Max een decennium later getuige.

Hij hield zich voor dat het meeviel. Het waren vooral

de bezoekjes aan winkelcentra die ontaardden in

chaos: wegrennen voor niezende mensen, bonje

met vakkenvullers zonder mondkapje, het nog

steeds ontsmetten van de winkelwagenhandgreep

en het voortdurend roepen van in je elleboog naar

kuchende voorbijgangers.

Was dit reden genoeg om haar van de maatschappij

los te rukken?

Hij had met haar te doen nu ze na anderhalf jaar

pensioen in een schim van zichzelf transformeerde,

haar avontuurlijke toekomstplannen aan diggelen

geslagen. Onder de oppervlakte was het virus nog

altijd actief.

‘Hoor ik je snotteren?’ vroeg moeders. ‘Dat ga je

toch niet menen, hè? Eerst steek je je vader aan, en

vervolgens heb je het lef–‘

‘Mam, het is 2031.’

Ze draaide de kraan dicht, schepte het eten op en

ging op anderhalve meter afstand tegenover hem

zitten.

AKKY AKKERMANS (1998) STUDEERDE

BEDRIJFSKUNDE EN OUDHEIDWETENSCHAPPEN.

NU HIJ AFGESTUDEERD IS, WERKT HIJ AAN KORTE

VERHALEN, EEN NOVELLE EN EEN ROMAN. VAN

FANTASY EN THRILLER TOT HORROR EN MAGISCH

REALISME, ER KOMT VAN ALLES VOORBIJ. ALS HET

MAAR SPANNEND IS EN BOORDEVOL CONFLICT ZIT.

Max maakte een gebaar waarmee hij de leegte tussen hen in

probeerde te duiden. ‘Dit is niet nodig…’

‘Je bent in míjn huis. Ik bepaal wat wel en niet nodig is.’ Ze

schudde haar hoofd. ‘Waarom heb je geen mondkapje op?’

‘Omdat–’

‘Omdat je een asociaal bent die iedereen in gevaar brengt.

Op deze manier ontwaken we nooit uit deze nachtmerrie.’

‘Mam, voor de laatste keer: corona is iets van tien jaar terug.

Je hoeft nergens bang voor te zijn.’

In plaats van te antwoorden, begon moeders wezenloos met

haar vork in de boerenkool te prikken. Ze was wél bang, en

ze kon er niets aan doen. Het deed Max aan zijn opa denken,

die op zijn oude dag opnieuw met de Tweede Wereldoorlog

werd geconfronteerd.

Max’ telefoon brandde met de seconde heviger in zijn broekzak.

De telefoon waarmee hij dadelijk zijn broertjes over

moeders toekomst moest informeren.

In 2021 had hij niet gedacht na tien jaar nog steeds door

corona achtervolgd te worden.

OPMERKING VAN DE JURY Originele manier van

het uitwerken van het thema en de opdracht. Een van

de weinige verhalen waarin dialoog zit. Beeldend.

Beetje dystopisch en tegelijkertijd persoonlijk. En

‘herkenbaar’ vanwege de losse tussenzin dat Max een

besluit moet nemen en zijn broers afhaken. Goede

opbouw.

42 | Schrijven Magazine 02 2021


Commercieel katern

Schrijf

vakantiespecial

Schrijven in een andere omgeving, met de zon op je

gezicht en een pen in je hand. Je kunt (hopelijk) op

schrijfvakantie naar Andalusië, Portugal, Vogezen,

Griekenland, Turkije, maar ook gewoon naar een klooster

of badhotel in Nederland of Vlaanderen. Een week om

alleen maar bezig te zijn met ongestoord schrijven.

Op een mooie plek zonder afleiding. Met of zonder

coaching. Zodat je vooral tijd hebt om je tot het uiterste

te concentreren op je schrijfproject. En die focus geeft

energie.

02 2021 Schrijven Magazine | 43


Commercieel katern

Zomerretraite Schrijven

naar bewustzijn

In de verstilling ontdek je je ware verhaal

Joey’s

begeleiding is

enorm krachtig.

Het gaat diep, naar

essentiële dingen, het

smijt open en

heelt.

Je wilt stem geven aan je hart, weten wie je écht bent en wat je hier te doen staat.

Schrijven naar bewustzijn, dat is wat we samen doen tijdens deze vijfdaagse retraite.

We nemen de tijd om de beweging en de transformatie die we starten met de pen, te

doorvoelen in ons lijf, het huis van onze ziel.

Magie van het hart

Met de pen losjes over het papier starten

we de beweging: vanuit de punt en

de lijn, vanuit het lichaam, vanuit onze

aandachtige aanwezigheid. We duiken

de creatie in, geven ons over, laten alle

controle los. We bewegen mee op de

stroom van inspiratie, laten ons leiden

door het onmogelijke en het onverwachte.

We nemen mee op onze reis:

ons innerlijke kind. Hoe kwetsbaar durf

je te zijn? Hoe ver, breed, diep, hoog durf

je te gaan? We raken het aan, de magie

van het hart! Zodat je weer voluit kunt

leven, vanuit dat wat je écht bent.

Schrijfmeditatie

Met onder meer schrijfmeditatie, Yin

yoga, Tai Chi en systemisch en energetisch

werk, maken we een innerlijke reis.

De retraite verloopt gedeeltelijk in stilte,

als ondersteuning voor je proces, en

wordt omkaderd door verhalen,

gezonde maaltijden en een ligconcert.

Zo scheppen we een zachte en veilige

ruimte om met onszelf in gesprek te

gaan.

Dit was geen eenmalig oplaadweekje

of iets dergelijks. Dit was een impactvolle

verschuiving in mijn systeem. De

opening naar een leven waarin ik zelf

de regie heb, mijn angsten in de ogen

kan kijken en woorden kan geven aan

mijn innerlijke wijsheid. – Lotte De Vries

Wie is joey brown?

De Vlaamse Joey Brown is auteur van

het boek ‘Schrijven naar bewustzijn,

ontdek je ware verhaal’ (Altamira, 2019).

Centraal in haar werk staan schrijfmeditatie,

stilte, zingeving en bewustwording.

Ze staat bekend om haar

‘punt-lijn-schrijfmeditatie’, een

eenvoudige methode om je

pen in beweging te krijgen.

Meermaals per jaar organiseert

Joey retraites in België

en ook op het Griekse eiland

Ikaria, waar ze sinds enkele

jaren woont.

Wanneer? 11 – 16 juli

Waar? Het prachtige landgoed De Heerlijckyt van

Elsmeren (B)

Schrijf je snel in op joeybrown.be/

zomerretraite-schrijven-naar-bewustzijn

Heb je vragen of wil je Joey graag vooraf spreken

info@joeybrown.be

Ervaring nodig? Je hoeft nergens ervaring mee te

hebben, je neemt deel helemaal zoals je nu bent.

GRATIS download op joeybrown.be de eerste 24 blz.

van het boek ‘Schrijven naar bewustzijn’ of download het

gratis e-book en luisterboek ‘Schrijven met je innerlijke

kind’!

44 | Schrijven Magazine 02 2021


in magisch

Andalusië

Door de auteur van

Schrijfweek Andalusië

Dus je wilt een boek

schrijven? Kom naar een

schrijfweek in Spanje en

schrijf je boek volgens onze

heldere ©ES methode die je

stapsgewijs naar de structuur

van je verhaal brengt.

Inclusief persoonlijke sessies

met boekcoach Brenda van Es

Wat levert het op?

Je gaat naar huis met een

schrijfplan, inclusief het

thema en de structuur van je

boek. Daar win je tot wel 6

maanden tijd mee!

Dagelijks lunchen we onder

de olijfboom. Je plukt een vijg

of sinaasappel kakelvers van

de boom! We eten biologisch.

Locatie: Andalusië, Spanje (bij Ronda)

Duur: 6 dagen

Startdata: 4 oktober en 20 oktober

Aantal: maximaal 8 (eigen kamers)

Meer weten?

100jaarnavandaag.com/agenda

BONUS

gratis klankschaalsessies

certificaat Autobiografisch Schrijven

Wil je weten of Brenda van Es bij je

past? Stuur een appje of bel haar op +31

6 4311 70 19

02 2021 Schrijven Magazine | 45


Commercieel katern

Zelden

zo lekker gegeten,

zo hard gelachen

en zoveel

geschreven

Slapen in een hemelbed in een

eeuwenoud familiehuis in Toscane

Schrijven in Toscane

De schrijfweken in Toscane zijn al 9 jaar

een begrip. Sinds vorig jaar houden we

onze schrijfretraites in juni en september

nóg kleinschaliger dan anders, maar

ze zijn extra lang zodat je extra veel

schrijfmeters kunt maken. Je slaapt heerlijk

op een éénpersoonskamer (mét

hemelbed!), geniet van de heerlijkste

Toscaanse gerechten en van de veilig en

beschutte schrijfplekken rond de villa.

De krekels, de rust, het heerlijke eten,

de wijn. Een perfecte ambiance om de

woorden te laten stromen - Carin Pairie

Liever geen groep? Kom dan

alleen

Buiten de schrijfweken om is het familiehuis

een B&B. Overdag is het altijd stil

rond het huis, want gasten gaan naar

het strand of op stedentrip. Dat is een

ideaal moment om met je laptop een

plek in de schaduwrijke tuin te zoeken.

Dus wil je liever niet in een groep en heb

Wie schrijft en zich wil onderdompelen in een bubbel van rust en inspiratie

tussen vijgen- en olijfbomen, is van harte welkom in mijn eeuwenoude

familiehuis op een Toscaanse berg. Niet alleen begeleid ik er schrijvers, ik

organiseer er ook (individuele) schrijfretraites.

Mijn naam is Elena Benvenuti en alhoewel ik thuis ben in Toscane, ben ik

ook thuis in jouw taal en als schrijfcoach heb ik oog voor jouw verhaal.

je behoefte om alleen te schrijven? Boek

dan een kamer en kom zo lang je wilt.

Met een paar klikken van je

muis ben je bij mij thuis

We hebben dit Corona jaar geleerd dat

je met een paar klikken van je muis

overal kunt zijn. Daarom kun je in juni

meeschrijven tijdens een Online schrijfretraite

uit Toscane. Zo krijgt je mijn

feedback op je verhaal via een videogesprek

en geef ik je een kijkje in de keuken.

En dat bedoel ik letterlijk, want ik

deel mijn heerlijkste Toscaanse familierecepten

met je. Zo ben je toch nog in

Toscane.

Data, locatie en prijs Het grote familiehuis ligt op een

berg bij Pietrasanta, een pittoresk kunstenaarsstadje in

Noord-Toscane en de dichtstbijzijnde luchthaven is Pisa.

Deze zomer ben je welkom tijdens deze weken:

Schrijfretraite XXL tussen 7 en 19 juni, vanaf € 545

met feedback

Online Schrijfretraite uit Toscane van 14 t/m 18

juni, kost € 75

Nazomer Schrijf- en Rust retraite tussen 5 en 19

september, vanaf € 545 met feedback of € 420 zonder

Bed, Breakfast en Boek in juli en augustus, vanaf

€ 50 per nacht obv B&B met ontbijt

Zie voor info www.ilbene.nl of de facebookpagina

Schrijven in Toscane. Vragen? Mail Elena Benvenuti:

infobene@yahoo.com.

46 | Schrijven Magazine 02 2021


Commercieel katern

ONLINE INDIVIDUELE SCHRIJFCOACHING:

Van idee naar boek

in 12 stappen

'De manier

van begeleiden van

Hetty sluit perfect aan

bij wat ik bij het schrijven

van mijn jeugdboek

nodig heb.’

In 12 online bijeenkomsten word je stap voor stap begeleid in jouw persoonlijke schrijfproces

en gaan we het hebben over o.a. structuur, personages, perspectief en dialogen.

Een belangrijk onderdeel vormen de

schrijfopdrachten en de feedback op

jouw werk. Na de 12 stappen ben je in

staat om zelf jouw kinderboek, (biografische)

roman of scenario te voltooien.

Over de docent

Hetty Kleinloog is romanschrijver, scenario

– en toneelschrijver en tekstdichter.

Zij werkte vanaf 2001 als dialoogschrijver,

storyliner en eindredacteur aan

diverse televisieseries.

Daarnaast heeft ze o.a. de strip Jan Jans

en de Kinderen en (muziek) theaterproducties

geschreven. Liedteksten en

libretto’s voor o.a. Kinderen voor Kinderen

en de Maria Magdalena Passie zijn eveneens

van haar hand.

Tegenwoordig schrijft zij voornamelijk

romans. Van haar is verschenen:

Vuurwerk (2014), Volle bloei (2018),

Een goede kerst (2018) en Volle Kracht

(2019). In het voorjaar van 2021 wordt

De Zusjes, het eerste deel van de

Kauffmann & Kauffmann thrillerreeks,

door Uitgeverij Marmer uitgegeven.

'Hetty zag

en waardeerde het

verhaal dat al in me

zat. Deskundige

feedback deed

de rest.’

Duur 12 x een uur, waarvan een half uur online les en

een half uur feedback. De bijeenkomsten zijn naar wens

in te plannen.

Prijs 50 euro per keer, incl. BTW.

Gratis informatie / kennismakingsgesprek.

Voor meer informatie hettykleinloog@gmail.com

www.kleinloog.eu

Ontdek

de schrijver

in jezelf.

magazine

Schrijvenonline.org/abonnement

02 2021 Schrijven Magazine | 47


Commercieel katern

“Wat een kennis

en kunde

bezit Marelle!”

Droomplek in Zuid Frankrijk

De schrijfvakanties en schrijfretraites bij auteur en ervaren schrijfdocent

Marelle Boersma en Jan Kostelijk zijn al jaren een begrip. Na vijf jaar

Algarve zijn ze neergestreken in Zuid Frankrijk, net boven Bordeaux.

Hier ontvangen ze hun schrijfgasten in hun eigen Logis Delicieux met

uitzicht op de heuvels met zonnebloemen en wijngaarden. Dit is echt

schrijven op vakantie, want de week is compleet verzorgd.

Training én persoonlijke

begeleiding

Tijdens de schrijfweek krijg je niet alleen

training in diverse schrijftechnieken,

Marelle begeleidt je daarnaast bij je

eigen boek. En heb je nog niets op

papier, dan komt dat in deze schrijfweek

helemaal goed. Als auteur weet ze precies

waar de valkuilen liggen. Heb je al

een groot deel van je boek klaar? Kies

dan voor de Masterclass: een schrijfweek

gericht op publicatie van je boek. Van de

vorige Masterclass zijn drie van de vijf

auteurs gedebuteerd. Een levensverhaal,

thriller, roman of jeugdboek, je kunt met

al deze genres terecht. Tijdens de schrijfweken

is er ook tijd om zelf te schrijven,

een dorpje te bezoeken of te mijmeren

in een hangmat.

Kostelijke verzorging

Naast al die schrijfactiviteiten zorgt Jan

Kostelijk dat het je aan niets ontbreekt.

Ontbijt in de zon met stokbrood en

croissants, een lunch waarbij het woord

‘gezond’ leidend is, en een avondmaaltijd

in het zachte licht dat weglekt over

de heuvels van de Charente. Je kunt

daarnaast zelf fruit van de boom plukken

of een wandeling maken in de

glooiende omgeving of over de paden

van het landgoed dat een mooie 2,9

hectare groot is.

Soepel annuleringsbeleid

Maak je je zorgen over Corona? Logis

Delicieux is aangepast aan alle Corona

maatregelen. Ze hebben een soepeler

annuleringsbeleid én - belangrijker - voldoende

ruimte in huis en buiten om die

1,5 meter te kunnen handhaven. Mail

gerust als je hier vragen over hebt.

Hoe en wat?

Logis Delicieux is goed bereikbaar met

de auto (950 km vanaf Utrecht), het

vliegtuig (Bordeaux of Bergerac) of de

trein (treinstation op 5 min). Vanaf het

huis kun je lopend naar het dorp voor

een kop koffie of de boulangerie. Dat is

niet perse nodig, want ook alle maaltijden

en tussendoortjes zijn bij de prijs

inbegrepen. Hun schrijfvakanties zijn in

Schrijven Magazine met een 9,1 beoordeeld.

Het is dan ook niet voor niets dat

veel schrijvers terugkomen voor een

nieuwe – compleet verzorgde – dosis

schrijfinspiratie. Via Marelle zijn al vele

tientallen auteurs gedebuteerd.

Periode Diverse schrijfvakanties: juli- aug- sept 2021

Schilder-schrijfvakantie 17 t/m 23 juli 2021

Diverse schrijfretraites individueel of kleine groep

Masterclass 4 t/m 10 juli 2021

Plaats Montmoreau (Charente)

Begeleider Marelle Boersma (auteur en schrijfdocent)

Prijs schrijfvakantie: v.a. € 895 (incl overnachtingen,

volpension)

Schilder-schrijfvakantie v.a. € 895

schrijfretraite v.a. € 295

Masterclass v.a. € 1895 (incl begeleiding tot aan de

uitgever)

Meld je aan via marelleboersma.nl/schrijfvakantie/

Vragen info@marelleboersma.nl

48 | Schrijven Magazine 02 2021


Column

Mabel Nummerdor (46), voorheen Miss Marketing, verlaat haar vertrouwde commerciële wereld en wordt schrijver.

Sterrenstand

Opgedirkt en op van de zenuwen, tref ik mijn meester Frank aan een

tafeltje in zijn stamcafé. We hebben afgesproken om te praten over

hoe het verhaal dat ik moet vertellen, kan veranderen in een heus

boek. Van zijn hand is er zojuist weer een nieuwe titel verschenen,

tussen alle lanceerperikelen door, heeft hij toch een gaatje voor mij

weten te prikken in zijn agenda. Dagenlang heb ik onafgebroken gewerkt

aan een PowerPoint-presentatie. Met ingenieuze flow-charts,

strak opgemaakt fotomateriaal en een zorgvuldig gecomponeerd

betoog hoop ik hem te overtuigen om mijn eerste echte boek uit te

brengen.

Hij is in een opperbest humeur, maar heeft geen enkele interesse in

mijn digitale uiteenzetting. Terwijl hij ontspannen babbelt over de

raison d’être van zijn uitgeverij en de spankracht van het achterliggende

moederbedrijf, zie ik hoe de tijd wegtikt. Naarstig bedenk ik

me dat ik mijn relaas moet inkorten om dat wat ik voor ogen heb

nog over de bühne te krijgen. Ik luister daardoor slecht. Tot ver na de

tweede koffieronde duurt het voordat ik door heb wat hier gebeurt:

de rollen zijn omgekeerd. Ik hoef niet te pitchen, hij is mij aan het

verleiden me bij zijn fonds aan te sluiten. Beduusd ontvang ik complimenten;

over de spitsvondige wendingen in mijn schrijven, over

de eigenheid van mijn stijl en het universele karakter van de thematiek.

Zijn enthousiasme doet me

overkoken van geluk en na een

uurtje loop ik met mijn hoofd in de

wolken weer naar buiten. Het verhaal

gaat er komen, en dat alles terwijl er

pas twee hoofdstukken op papier staan.

In de maanden die volgen, word ik welkom geheten in het prachtige

uitgeverspand met de ronde ramen. Daar mag ik spreken met een

redacteur die normaal gesproken druiven eet met de allergrootsten

in de letteren, ik maak kennis met de imposante opperuitgever die al

decennialang eregast is op het boekenbal. Het is nauwelijks te bevatten

dat ik, simpele sterveling, hier mag rondlopen.

En toch… Ver verzonken in mijn achterhoofd snerpen twee stemmen.

Ze spreken elkaar tegen, maar beide wijzen op een mogelijk

rampenfonds: ‘Weet je het zeker, dat dit de uitgever is waar je

thuishoort?’

Ondankbaar secreet dat ze is. De ander jammert: ‘Laat je niet meesleuren,

dit is te mooi om waar te zijn.’

Stelselmatig negeer ik ze, de gunstige stand van de sterren zal ik niet

door hun gepanikeerde gekweel laten overstemmen.

© DEBBY HEILKER

Wie schrijft, leest

1 e jaar

van € 41,75

voor

€ 27,50

+cadeaus!

OOK LEUK

ALS

CADEAU

Nog geen abonnee?

Schrijvenonline.org/abonnement


ACHTERGROND

Ode aan

pen en papier

EEN PLEIDOOI VOOR HET SCHRIJVEN MET DE HAND

Een vulpen vullen, een potlood slijpen of gewoon een balpen ‘aan’

klikken: schrijven met de hand lijkt iets uit lang vervlogen tijden. Toch

heeft op papier schrijven allerlei voordelen. Zo bevordert het onder meer

je creativiteit. Frank Verhulsdonck maakte een rondje langs enkele

Nederlandse schrijfsters om te achterhalen hoe zij het liefste schrijven:

met de hand of toch direct op de laptop?

Het heeft iets van nostalgie,

schrijven met de

hand. De iPad is immers

niet meer weg te denken

op scholen; de pen en het

schrift worden steeds

meer verdrongen naar verloren tijden.

Zelf kan ik niet buiten mijn vulpen. Het

schrijven met de hand maakt mij creatiever.

Ik denk makkelijker en sneller,

leg andere verbanden en ik denk meer

na over spelling en zinsopbouw. Al deze

dingen zijn voor de schrijver van belang.

En, niet minder belangrijk, het

schrijven met de pen geeft mij een

rustig gevoel, waardoor ik met plezier

schrijf en niet wil stoppen. Maar schrijven

met de hand heeft meer voordelen.

Zo bevordert het je fijne motoriek,

omdat je hersenen worden gestimuleerd

om vele verbindingen aan te gaan

en ook je leesvaardigheid gaat erop

vooruit. Dat laatste is vooral bij kinderen

goed merkbaar, doordat ze de letters

beter en sneller herkennen.

Hoe zit het met onze schrijvers? Hoe

belangrijk is het schrijven met de hand

voor hen? Schrijven ze überhaupt nog

met de pen of kruipen ze meteen achter

hun toetsenbord? Ik vroeg het aan

Marion Bloem, Griselda Molemans en

Corine Hartman.

‘Mijn stemming bepaalt aan

wat voor schrijfinstrument ik de

voorkeur geef.’

50 | Schrijven Magazine 02 2021


ACHTERGROND

MARION BLOEM

Marion Bloem (1952) schrijft

romans, verhalen, dichtbundels,

reisboeken en jeugdboeken.

In haar rijke oeuvre is de

Indische cultuur een belangrijk

thema.

‘Ik schrijf nog dagelijks veel met de

hand. Van schrijven in mijn agenda en

dagboek, tot berichtjes of notities. Ik

vind het plezierig om met de hand te

schrijven, de pen over het papier te

laten glijden en mijn gedachten de vrije

loop te laten, woorden door te krassen,

en - als het in mij opkomt - erbij te tekenen.

Of ik wel of niet de pen oppak, is

een graadmeter van hoe ik in mijn vel

zit. Als ik niet in staat ben om met de

pen te schrijven, is dat een bewijs dat ik

mezelf voorbijloop. Ik weet dan dat ik

te gehaast leef, of dat er te veel in mijn

leven gebeurt en ik rust moet zien te

vinden. Het helpt altijd als ik dan een

van mijn vulpennen ter hand neem en

een nieuw dagboek begin. Letterlijk een

schone bladzijde. Ik schrijf graag brieven

met pen, dat doe ik liever dan mailen.

Als ik te snel terugmail, kunnen er

dingen in staan die ik naderhand betreur.

Een echte brief is doordacht,

omdat het trager gaat. Soms hapert een

vulpen om onduidelijke redenen. Of de

vulling is opgeraakt. Zo’n gedwongen

stop helpt om je eigen woorden al tijdens

het schrijven te relativeren. Een

mail heb je (te) snel verstuurd. Ik vind

het ontvangen van een echte brief een

© IVAN WOLFFERS

cadeau. Ik heb al 45 jaar een penvriendin.

Er zijn tijden geweest dat we zo

druk waren dat we geen echte brieven

meer stuurden, maar wel lange mails.

Uiteindelijk vond ik dat niet zo leuk,

dus toen zijn we weer met echte brieven

begonnen. Echt goede vrienden

krijgen af en toe een ouderwetse brief

van me, maar wat mails betreft, komen

ze er juist bekaaid af.

Soms heb ik heimwee naar de tijd dat

ik mijn romans nog met de pen schreef.

De eerste versie van mijn debuut Geen

gewoon Indisch meisje is helemaal met

de pen geschreven. Daarna ben ik het

gaan uittypen, maar er weer met de pen

doorheen gegaan. Vervolgens met knippen

en plakken de laatste versie gemaakt

en het eindresultaat ook weer

helemaal uitgetypt. Ook dat werd weer

vele malen kritisch doorgelezen met de

pen in de hand. Ook nu nog is de pen

belangrijk in de fase voordat ik aan een

boek begin. Maar ook nadat een versie

af is, ga ik er met de pen doorheen alsof

het werk van een ander is.

Ik heb een paar favoriete vulpennen,

maar ook balpennen, rollers, en zowel

kroontjespennen met inkt als kalligrafeerpennen,

kunnen tijdelijk mijn voorkeur

hebben. Mijn stemming bepaalt

aan wat voor schrijfinstrument ik de

voorkeur geef, maar zodra ik alleen met

vulpennen schrijf is dat een teken dat ik

tijd voor mezelf creëer, alsof ik in een

storm een schuilplaats zoek. De keuze

van de pen zegt veel over hoe ik me

voel en wie ik wil schrijven, maar ook

over de emotie van waaruit ik schrijf.

Ook de kleur inkt wissel ik af, maar

meestal gaat mijn voorkeur uit naar

zwart.

Je bent minder snel tevreden als je met

de pen schrijft. Ik neem me dan ook

vaak voor om weer zoals mijn eerste

drie romans een boek met de hand te

schrijven. En ook INDO, mijn meest

recente boek, een persoonlijke geschiedenis

over identiteit, bevat veel hoofdstukken

die in eerste instantie met de

hand geschreven zijn, maar ik zou er

minstens tien jaar over gedaan hebben,

en dat is niet meer haalbaar in deze tijd.

Poëzie schrijf ik nog graag met de hand,

en ik verwerk mijn handschrift in mijn

schilderijen. Ook heb ik tientallen met

de hand volgeschreven dagboeken, dun

en dik.’

GRISELDA

MOLEMANS

Griselda Molemans (1964) is

werkzaam als onderzoeksjournalist

en documentairemaker.

Ze publiceerde twaalf

non-fictieboeken en schreef

drie thrillers. In 2013 richtte

ze haar eigen uitgeverij

Quasar Books op om haar

boek Opgevangen in Andijvielucht

ongecensureerd te

kunnen uitgeven.

‘Ik heb altijd een opschrijfboekje en

een pen in mijn tas zitten om onderweg

notities te kunnen maken. En ik koester

mijn twee vulpennen die ik voor

speciale gelegenheden uit de la haal.

De ene heb ik aangeschaft na de publicatie

van mijn eerste boek in 1994, de andere

heb ik cadeau gekregen van een familie

wier vader een van de hoofdpersonen

in het boek De Vergeten Krijgers is.

Het zijn met name de korte notities en

‘reminders’ aan mezelf (‘zoek dit na’)

02 2021 Schrijven Magazine | 51


ACHTERGROND

die iedere keer van groot belang blijken

te zijn. Schrijven met de pen is tot op de

dag van vandaag onmisbaar. Niet dat ik

durf te stellen dat het schrijven met de

hand al mijn creativiteit stimuleert,

maar het ondersteunt zeker het creatieve

proces.

De zin om te schrijven begint

bij het vullen van de vulpen. De

geur van verse inkt prikkelt de

zintuigen.

Privé schrijf ik brieven en kaartjes met

de hand. Dat kan natuurlijk allemaal

veel sneller met de laptop, inclusief het

verzenden van een digitaal kaartje, maar

ik houd van het persoonlijke karakter

ervan. Ik schrijf het liefst met zwarte

inkt. Dat er nog zo weinig met de hand

wordt geschreven vind ik heel erg jammer,

maar uiteindelijk is het een keuze

die iedere auteur zelf moet maken. Laat

ik het zo zeggen: het is een mooie exercitie

voor iedere schrijver om op z’n

minst het schrijven met de pen uit te

proberen. Schrijven is zo oud als de

wereld zelf. Stap in de voetstappen van

al je voorgangers en leg je waarnemingen

en gedachten op papier vast.’

CORINE

HARTMAN

Corine Hartman (1964) volgde

haar schrijfopleiding aan de

Amsterdamse Schrijversvakschool

waar ze in 2004

afstudeerde als scenarioschrijver.

Ze debuteerde in

2007 met Schone kunsten.

Inmiddels heeft Corine

Hartman veel uiteenlopende

thrillers op haar naam staan

en heeft ze vijf Gouden

Strop-nominaties en twee

Hebban Awards in haar bezit.

‘Een pen met een lampje, ideaal om ‘s

nachts een ingeving op te schrijven

zonder dat je partner wakker wordt.

Samen met een notitieboekje ligt die

altijd op mijn nachtkastje. Pennen liggen

hier in huis overal, in elke kamer,

en worden volop gebruikt, voor boodschappenlijstjes,

ansichtkaarten, afspraken

in de agenda, enzovoorts. Het

liefst schrijf ik met mijn Parker-vulpen,

die ik al eeuwen heb, met bij voorkeur

zwarte inkt. Ik ben linkshandig, maar

© ALEX VREEMAN

kan goed overweg met een vulpen

zonder door mijn eigen tekst te vegen.

In een boekwinkel moet ik altijd even

bij de notitieboekjes en pennen kijken,

regelmatig kom ik thuis met een setje

kleurstiften, potloden met gummetjes

of een pen met een leuke gadget (ik heb

er één met een ingebouwde waterpas,

heel geinig). Ik kreeg ooit een Lamy,

een fineliner speciaal voor linkshandigen,

geweldige pen. Hoe of waarom die

is verdwenen kan ik me niet herinneren,

wel dat ze op een gegeven moment

helaas niet meer verkocht werden.

Pennen gebruik ik nog veel dus, maar

mijn manuscripten schrijf ik op een

MacBook. Daarmee werk ik enorm

snel, zodat ik mijn gedachten typend

kan verwoorden. Met pen en papier

lukt dat bij lange na niet. En het is natuurlijk

heel eenvoudig schrappen,

wijzigen en invoegen in de geschreven

tekst op het scherm. Dan zit je op papier

toch al gauw zo klein te kriebelen

dat je je eigen schrijfsels niet meer kunt

lezen. Want ooit deed ik dat wel zo,

natuurlijk toen de digitale mogelijkheden

nog niet zo groot waren. Mijn eigen

manuscript lees ik overigens nog steeds

vanaf een geprinte versie, met een rode

en groene pen bij de hand. Het leest

heel anders, vanaf papier, vergeleken

met scherm en daarbij wint het papier,

dus. En de pen.’

Meer lezen over schrijven met de

hand?

creatiefschrijven.net

lisvandergeer.com.

52 | Schrijven Magazine 02 2021


Passie voor

YOGA?

ONTDEK AYURVEDA ZELFMASSAGE

Yoga voor

iedereen

internationaal

het Directe

Pad van

Rupert Spira

4X

INMAAKRECEPTEN

VOOR DE WINTER

Minder stress

en beter slapen

12 HEERLIJKE YOGA HOUDINGEN VOOR JOU EN JE BABY

Yoga International Thema Stil zijn juni/augustus 2020 Jaargang 5, Nummer 2/3

ROSE! NIEUWE STER AAN HET YOGAFIRMAMENT MET 12 SPRANKELENDE ASANA’S

Yoga voor

iedereen

internationaal

SelfCare

Special!

1,5 meter!

Filosoof & yogi

Stine Jensen over

de aanrakingsloze

maatschappij

Toptennisster

Denisa Silvanova

werd ayurvedisch

masseur

Idealist Leonie

van Iersel

geeft yoga aan

straatkinderen

in Peru

9 HEERLIJKE

YIN HOUDINGEN

DEADLINE!

Zo omzeilt Saskia Onck

die dagelijkse stress

AP

AP

Nr. 5 december 2020 ¤ 5,49

YOGA IN

TIJDEN VAN

CORONA

DE BESTE TIPS

VAN ONZE

REDACTEUREN

Yoga voor

iedereen

intern tionaal

Leraar

Harry Dijkshoorn

EXTRA!

5 yogascholen in

het zonnetje

‘Vipassana meditatie

plaveit de Weg naar

Verlichting’

BETER VOELEN

MET KASHMIR YOGA

VAN JEAN KLEIN

‘WÉG MET DE

AANBIDDING!’

#METOO IN

YOGALAND

Yogaster Esther Ekhart

over haar soulmate

AP

AP

Nr. 4 september 2020 ¤ 5,49

SPECIAL

Yogadocent

worden?

Lees onze

opleidingenspecial!

ASSISTED

YIN YOGA

Breng je zelf in

balans met

de 5 elementen

Nr. 2/3 juni/augustus 2020 ¤ 5,49

6 nummers

Yoga

voor 22,50

+

AP

AP

Pak je Carlos moment

als Welkomstgeschenk

En de prijs van 22,50 voor een jaarabonnement

WWW.YOGA-INTERNATIONAL.NU/ABONNEMENT


Tekstuur Kidlit

In deze rubriek bespreekt Mireille Geus

een tekstfragment of kort verhaal voor kinderen.

TEKST

AUTEUR

Dat heb ik niet gewild pappa 1

Eindelijk een nacht alleen thuis, de

eerste keer. Ik moet me daarom inhouden

om niet naar de huis-bioscoop te

rennen, zwaai ze toch weg. Mijn zusje,

moeder en vader achter het stuur. Vlak

voordat ze de bocht omgaan steek ik

uit een soort onmacht mijn opgestoken

middelvinger op.

Als ik het stille huis binnen kom, is alles

totaal anders dan ik hoopte.2 Niets

boeit me, de cola smaakt niet, het is

veel eerder donker dan anders.3 Als ik

vanuit mijn slaapkamer kijk, zie ik het

laatste zonlicht in het westen verflauwen.

Alles is donker. Met een bang

gevoel ga ik naar bed, poets mijn tanden

niet. Een nacht zonder pappa en

mamma. Dat valt toch tegen. 4 Ik raak

in een slaap-waaktoestand. Opeens

hoor ik mijn mobiel beneden en ren

erheen. Ik druk hem aan mijn oor en

hoor mamma’s stem: ‘Dag lieve jongen,

pappa is erg ziek, je wordt morgenochtend

door oom Wim opgehaald.’5

Ik sta al vroeg buiten en mijn oom

brengt me na de lange reis direct naar

het ziekenhuis. Een verpleegster begeleidt

me naar de kamer en ze laat me

alleen naar binnen gaan. Ik blijf aan het

voeteneind staan, voel dat ik niet verder

hoef te gaan. Daar ligt de man die

eens mijn vader was.6 Verslagen loop

ik naar buiten.

‘Gaat het?’ roept mijn oom me na.

Ik knik, maar weet dat het niet meer

gaat, nooit meer. Ik loop naar het huis

waar mijn moeder en zusje zijn. We

eten wat en gaan vroeg naar bed. Iedereen

slaapt boven, ik wil alleen op een

luchtbed in de woonkamer blijven en

slaap in een pauze-stand. Tot er een

koude rilling door mijn hele lichaam

gaat, met als slot een zucht van bevrijding

en opluchting. Dan ben ik klaarwakker.

Even later hoor ik een telefoon

en er komt iemand de trap aflopen. Ik

zie, als de deur open gaat, het behuilde

gezicht van mamma. Ze komt naar me

toe en zegt zacht: ‘Pappa is dood.’

Direct snap ik dat ik gevoeld moet

hebben, dat hij stierf. Ook dat het gevoel

van bevrijding, niet mijn bevrijding

was. Zeker niet als ik besef, dat het

laatste, wat hij van mij gezien kan hebben

mijn opgestoken middelvinger in

zijn achteruitkijkspiegel is. De tranen

lopen langs mijn wangen en ik zeg in

mezelf: ‘Dat heb ik niet gewild pappa.’

FEEDBACK

Door deze (goede) titel

1 vraag je je meteen af: wat

had hij niet gewild?

Te snel: hij is dertig seconden

alleen en voelt dit al, 2

dat is ongeloofwaardig.

Je vertelt te veel. Je moet

3 veel meer laten zien, laat

hem cola pakken, een groot

glas inschenken, een paar

slokken nemen, merken dat

het niet smaakt, verrast zijn,

weer proberen. Geef zintuiglijke

informatie.

Ongeloofwaardig dat hij

4 meteen naar bed gaat.

Je stipt te veel aan. Als je

5 deze boodschap geeft

aan een tiener, dan zijn er

toch duizend vragen? Wat is

er gebeurd? Wat heeft pappa?

Wat zijn de prognoses?

Waar is hij? Wie is de oom?

Waarom komt de moeder

niet terug?

Ik dacht hier dat hij al was

6 overleden.

Jan Willem Kroon schreef dit waargebeurde

jeugdverhaal op zijn zestiende.

Zijn korte verhalen zijn gepubliceerd in

dagblad Metro, Zin en een uitgave naar

aanleiding van een schrijfwedstrijd in

Schiedam. Hij schrijft veel, en met plezier.

54 | Schrijven Magazine 02 | 2021


‘‘

HET COMMENTAAR

De toon is nergens

belerend of informatief,

maar communiceert op

een gelijkwaardig

emotioneel niveau.

Wat is het?

Het is een indringend fragment, voor

een oudere doelgroep, over het sterven

van de vader, door de ogen van een

ik-persoon. Geschikt voor kinderen

vanaf 15 jaar.

Wat vind ik er al goed

aan?

Dat de auteur van dit stuk een indringende

ervaring noteert, vermoedelijk

zelf heeft beleefd, dat vind ik lovenswaardig.

De toon is nergens belerend of

informatief, maar communiceert op een

gelijkwaardig emotioneel niveau: van de

ene persoon met pijn, naar de lezer die

zijn/haar eigen strijd in het leven moet

voeren. Een heel mooi uitgangspunt.

Dat de stijl sober is, vind ik ook een

goede keuze, net zoals het gekozen

perspectief. We lezen mee via de gekleurde

blik van een niet nader genoemde

persoon. Dat het om een jongen gaat,

komen we te weten door de tekst van

de moeder als ze hem ‘lieve jongen’

noemt. Dat is niet geforceerd, ze troost

hem als ze slecht nieuws brengt.

Wat vind ik voor

verbetering vatbaar?

Voor het vertellen van dit verhaal mag

meer tijd genomen worden, dus meer

tekst geschreven worden. De situatie

kan precies hetzelfde blijven, maar het

tempo, de sprongen in het verhaal gaan

te snel. Hierdoor moet je steeds teruglezen

en opletten om te kunnen volgen

wat er gaande is. Dat betekent dat je

hoofd steeds aan staat, terwijl het fragment

op zichzelf uitnodigt om het hart

aan te spreken, het gevoel. Om dat

mogelijk te maken, en dus te zorgen dat

de lezer geraakt wordt, moet de tekst

vertragen.

‘Hoe moet je dat doen?’, is dan de grote

vraag. Ik stel een aantal vragen bij de

opening om het helder te maken.

‘Eindelijk een nacht alleen thuis, de

eerste keer. Ik moet me daarom inhouden

om niet naar de huis-bioscoop te

rennen, zwaai ze toch weg. Mijn zusje,

moeder en vader achter het stuur. Vlak

voordat ze de bocht omgaan steek ik

uit een soort onmacht mijn opgestoken

middelvinger op.’

Wat gaan de ouders en het zusje doen?

Waarom wil de ik-persoon alleen thuis

zijn? Wat zijn daarvoor de verwachtingen?

Waarom zwaait hij ze toch uit?

Waarom zit vader achter het stuur als

hij vlak erna zo ziek is? Ontstaat dat

dus plotseling? Waarom steekt de

ik-persoon zijn middelvinger op? Dat

lijkt geladen.

Welke vragen heb ik

nog?

Wat is de bedoeling van dit fragment? Is

het onderdeel van een groter geheel,

wat zit er dan voor en na?

Mireille Geus is schrijfdocent

en -coach, en ook auteur van

prijswinnende kinder- en jeugdboeken.

Voor Big (2005) kreeg ze

een Gouden Griffel en Naar Wolf

(2007) werd bekroond met de

Vlag & Wimpel 2008.

Meedoen?

Blind audition

Zelf een kinder- of jeugdverhaal geschreven,

waarover je de deskundige

mening van Mireille Geus wilt

weten? In elk nummer bespreekt zij

een tekstfragment of kort verhaal

voor kinderen. Zij weet niet wie

degene is van wie ze iets leest; deze

informatie is uitsluitend bij Schrijven

Magazine bekend.

Wil jij opgaan voor een ‘blind

audition’, stuur dan je fragment

van maximaal 400 woorden en

een kort ‘schrijf-cv’ naar

tekstuur@schrijvenonline.org,

dan stuurt de redactie je bijdrage

door naar Mireille (zonder jouw cv).

Je manuscript laten beoordelen?

www.schrijvenonline.org/

manuscriptbeoordeling

Cursus Kinderboeken schrijven?

www.schrijvenonline.org/academie

02 | 2021 Schrijven Magazine | 55


Tekstuur Proza

In deze rubriek bespreekt Yke Schotanus

een kort verhaal of prozafragment.

TEKST

Levens van anderen

Je lipjes hebben dezelfde paarse kleur

als de in de lengte gehalveerde druiven

in het schaaltje.1 Ik wieg je. Je hoofdje

houd ik tegen mijn borst geklemd; je

kruintje ruikt naar zon en slaperigheid.

Tegen mijn vochtige wang plakken

je blonde krulletjes, doordrenkt

met mijn verdriet. Je voelt zwaarder,

slap, nog warm. Bij de gedachte dat je

straks koud wordt en ik je niet kan

opwarmen door samen onder een

dekentje te kruipen, voel ik een holle,

zwarte, stekende pijn. Een pijn die

zich in mij nestelt en me constant

herinnert 2 dat ik te laat ben met je

beschermen. Je blote beentjes hangen

langs mijn schoot, op je knietje kleeft

nog een restje van een pleister. Ik druk

je nog dichter tegen me aan, begraaf

mijn neus in je haartjes en fluister

sussende geluidjes. Mijn ogen houd ik

stijf dicht geknepen omdat ik bang ben

dat wanneer ik ze open deze nachtmerrie

realiteit wordt, en je echt dood

bent.

Buiten heeft de misplaatste zomerzon

de temperatuur al doen oplopen tot

drieëntwintig graden om half tien in de

ochtend 3. De ambulance die half in

onze voortuin staat geparkeerd 4 is als

een muur tussen hier en de nieuwsgierige

ogen daarbuiten. Straks, als de

ambulancebroeders wegrijden, onthullen

ze buren en voorbijgangers, wiens 5

bezorgde blikken binnen proberen te

dringen.

onaangeroerd. Popje ligt op de bank,

haar rode paardenstaartje is dun van al

het kammen. Zonder woorden wijs ik

naar de broze lappenpop, gemaakt door

mijn moeder. Een ambulancebroeder

tilt Popje met beide handen op en geeft

haar aan mij. Voorzichtig leg ik haar

tegen je vaalbleke wangetje. Ik wieg je.

Papa is onderweg.

Het bos ruikt naar natte nazomer, grote

modderplassen als moerassen uitgewrongen

verdriet versperren mijn doorgang.

Tegemoetkomers ontwijken me,

kiezen een ander bospad. Een bekende

enkeling legt, wanneer onze zandwegen

elkaar kruisen een hand op het hart,

weet geen woorden te vinden. Een

verwijtende tegenwind blaast in mijn

gezicht.

Precies drie minuten en tweeënveertig

seconden was ik afgeleid door levens

van anderen. Vergeleek ik ons met de

gezinnen op het schermpje onder mijn

duim. Foto’s van kinderen met rechte

tanden, sportieve vaderlijven 5 en

moeders met dijen zonder deuken. De

altijd zonnige vakantiekiekjes, achtertuinen

als Ibiza en cocktails in zoetzure

kleuren. Proostend 6 op hét leven.

Het perfecte leven waarin ik mezelf

verloor toen jij me nodig had.

FEEDBACK

1welk schaaltje?

2die me er constant aan

herinnert…

‘om half tien in de ochtend’

lijkt bij ‘drieëntwin-

3

tig graden te horen’, terwijl

dat raar is. Ik zou ‘en dat’

tussenvoegen, of een leesteken,

of anders de tijdsbepaling

naar voren halen.

een komma na

4 ‘ambulance’ en na

‘geparkeerd’.

5

‘wiens’ = ‘wier’

6ik zou met de ‘sportieve

vaderlijven’ beginnen, of

hier een ‘vaders met…’-constructie

van maken; anders

zie ik foto’s van kinderen met

vaderlijven

kiekjes en kleuren kunnen

7 niet proosten, dus moet

er een onderwerp ingevoegd

worden voor ‘proostend’,

‘levens’ of ‘anderen’ of nog

iets anders.

Pastelkleurige blokken slingeren

door de kamer, het poppenhuis

dat je acht dagen geleden kreeg

voor je tweede verjaardag is

56 | Schrijven Magazine 02 | 2021

AUTEUR

Sabine Gussinklo (1989) is net voor de

eerste lockdown in maart 2020 begonnen

met schrijven. Van april tot en met

december van dat jaar volgde ze de

opleiding ‘Basis creatief schrijven’ aan

de Schrijversacademie. Dit fragment

komt uit haar roman in wording, hopelijk,

ooit.


zintuiglijkheid van de

eerste alinea maakt echt

indruk.

HET COMMENTAAR

Sabine Gussinklo schetst in vier fragmenten

een heel scala aan emoties. Zo

zien (of zelfs ervaren) we liefde, verdriet,

verlangen, schaamte en

‘‘De

schuldgevoel

en wordt haar hoofdpersoon noch

larmoyant in haar rouw, noch karikaturaal

in haar onverantwoordelijke telefoongebruik.

Ik vind dat een behoorlijke

verdienste. Toch zijn er ook wel aspecten

aan dit verhaal die ik minder geslaagd

vind: de vele verkleinwoorden,

de onnavolgbare afwisseling tussen

cursief en romein gedrukte passages, en

de fragmentarische structuur.

Allereerst de verkleinwoorden. Ik begrijp

dat een moeder die naar haar overleden

kind kijkt en ziet hoe klein ze nog

is (of was) hier en daar een verkleinwoord

gebruikt, al heeft de doorsnee

literaire lezer daar een grondige hekel

aan, omdat verkleinwoorden truttig zijn

en als ouderwetse kinderboeken klinken.

Daarom zou ik daar voorzichtig

mee zijn. Ik zou de achtervoegsels ‘tje’,

‘pje’ en ‘kje’ alleen gebruiken voor die

lichaamsdelen die echt opvallen door

hun klein zijn. Kruin, krullen en knie

zou ik bijvoorbeeld onverkleind laten.

En over schaaltje en dekentje zou ik

nog eens goed nadenken. Schaaltje is

waarschijnlijk wel nodig, maar dekentje?

Passen moeder en kind samen

onder één dekentje? Verderop moet

Popje natuurlijk wél verkleind, maar

haar paardenstaart niet. Die paardenstaart

is toch niet opvallend klein voor

de paardenstaart van zo’n pop? (Integendeel

waarschijnlijk, de popjes die ik

mij herinner hadden meestal overvloedig

veel en dik haar.)

Dan de afwisseling tussen cursief en

romein. Deze oogt interessant, en heeft

wellicht te maken met iets dat pas

duidelijk wordt als we de hele roman

gaan lezen (deze fragmenten komen uit

een roman in wording), maar binnen dit

mozaïek van drie fragmenten is het

onduidelijk welke systematiek erachter

schuilt. Ik heb me afgevraagd of Gussinklo

voor cursief kiest als de blik van

de ik-figuur zich wat meer naar binnen

keert, of als ze zich in haar gedachten

bezighoudt met dingen die voorbij zijn,

maar ik kom er op die manier niet goed

uit. Het roept de vraag op of we misschien

te maken hebben met een tekst

die ofwel in twee fases, ofwel door

twee auteurs is gemaakt. Zijn de cursieve

delen aantekeningen die worden

aangevuld met delen in romein?

Ten slotte het fragmentarische karakter.

Dat fragmentarische is op zichzelf

niet zo’n probleem. Ik vind het wel

mooi zelfs, maar de opeenvolging hier

roept vragen op. Tussen het eerste en

het tweede fragment zit een tijdssprong.

Een flinke vermoed ik, maar

hoe groot de sprong is wordt hier niet

precies duidelijk. Dat is niet erg, maar

binnen de context van deze publicatie

lijkt het wel een wat willekeurig gekozen

sprong. We slaan de thuiskomst van

vader over, en wie weet ook de uitvaart,

en springen meteen naar een moment

waarop de ik-figuur de buitenwereld

onder ogen moet komen. Blijkbaar is

dat waar het hier om draait. Ik zou het

dan ook logisch hebben gevonden als

de terugblik naar het moment vóór het

ongeluk meteen aan deze scène gekoppeld

was. Bijvoorbeeld door de alinea

daarover meteen te laten aansluiten en

te laten inspringen. Nu is het een apart

tekstblok dat de vraag oproept vanuit

welk nu de ik-figuur terugkijkt.

Ondanks deze kanttekeningen vind ik

het een rijk verhaal. Vooral de zintuiglijkheid

van de eerste alinea maakt echt

indruk.

Yke Schotanus is schrijfdocent,

redacteur en schrijver. Gedichten

van hem verschenen onder andere

in Tzum, De zingende zaag en De

Tweede Ronde. In de Schrijfbibliotheek

verscheen in 2007 zijn schrijfboek

Song- en liedteksten schrijven.

Meedoen?

Audition

Een verhaal geschreven waarover

je de deskundige mening van

Yke Schotanus wilt weten?

In elk nummer bespreekt Yke een

kort verhaal of prozafragment.

Wil je meedoen, stuur dan je

verhaal(fragment) van maximaal

400 woorden en een kort ‘schrijfcv’

naar:

tekstuur@schrijvenonline.org,

dan stuurt de redactie je bijdrage

door naar Yke.

02 | 2021 Schrijven Magazine | 57


DICHTER BIJ HET WERK

In ‘Dichter bij het werk’ interviewt dichter, journalist en schrijfdocent

Remco Ekkers dichters over hun werk, of een specifiek deel daarvan.

Zo helder

mogelijke taal

Willem van Toorn (1935) is

dichter, schrijver en vertaler.

Hij publiceerde een groot

aantal romans en verhalen- en

gedichtenbundels. Zijn roman

Een leeg landschap (1988) werd

genomineerd voor de AKO

Literatuurprijs en de roman Het

verhaal van een middag (1994)

voor de Libris Literatuur Prijs.

Door Remco Ekkers

Voor zijn poëzie ontving Willem van Toorn de Jan

Campert-prijs, de Herman Gorter-prijs en de A.

Roland Holst-penning. Van Toorn heeft poëzievertalingen

gemaakt van het werk van onder

anderen W.S. Graham, Franco Loi en Cesare

Pavese. Ook heeft hij veel proza vertaald: uit

het Duits werk van Klaus Mann, Franz Kafka en Stefan Zweig

en uit het Engels romans van onder anderen Aldous Huxley,

Christopher Isherwood, John Updike en E.L. Doctorow. Onlangs

verscheen zijn bundel De dagen.

Het gedicht begint met een beeld van een oud

huis, waar als het ware mensen van vroeger

nog maar bezig zijn.

W.v.T: ‘Het oude huis waar het gedicht mee begint is zelfs een

‘gedroomd huis’, zo’n huis waarover je vroeger misschien wel

gefantaseerd hebt, maar nooit gedacht dat je het ooit zou

bewonen. Ons boerse huis staat omringd door hoge bomen

ook nog in een oud landschap. De Romeinen hebben hier in

de buurt nederzettingen gehad, de gebroeders Van Limburg

hebben het in de middeleeuwen afgebeeld in miniaturen voor

een beroemd gebedenboek, Les très riches heures du Duc de

Berry, kloosters, kastelen of ruïnes illustreren de toeristische

gidsen. Met zoveel verleden om je heen, ‘kamers vol afwezigen’,

voel je het soms als onbegrijpelijk dat jij bestaat, leeft,

de geuren van aarde en bloeiende bomen nog ruikt.’

Het huis is gesitueerd in een vruchtbaar

beekdal.

‘Wij kijken uit onze grote tuin over glooiende velden omlaag

naar het dal van een smalle beek, die in najaar en winter

stevig aan kan zwellen. Omdat eeuwen geleden het water

meters hoger kwam, is het graniet van de heuvels hier bedekt

met een laag vruchtbare rivierklei, die een goede ondergrond

vormt voor kleine weiden en akkers, bosjes, alles in intieme

kamers verdeeld door oude heggen. Ideaal landschap voor

veel bedrijvig leven: vossen, herten, marters, bevers, mollen

en muizen als prooi voor buizerds en wouwen, zangvogels in

58 | Schrijven Magazine 02 2021


DICHTER BIJ HET WERK

‘Bisogna morire’

In deze oude kamers vol afwezigen

van ons gedroomde huis aan het beekdal,

doortrokken van de geuren van de aarde

en bloeiende vruchtbomen, ik de tachtig

al ruim voorbij – jawel, dan zal

het er toch wel een keer van moeten komen.

O come t’inganni

se pensi che gl’anni

non hann’ da finire,

bisogna morire.

Zeker, maar wat met het kind van acht

dat nog steeds in mijn hoofd door de stad

zwerft op zoek naar eten en brandbaars

voor de kachel thuis – het is altijd koud

en oorlog in dat filmpje – en de jongen

van negen jaar later, die voor het eerst

in warm gras mag liggen met het meisje

dat zomaar een vrouw is, en de man

die ’s nachts wakker schrikt als zijn kind

huilt in een droom in haar kamertje boven

en hij volstroomt met woorden van troost.

Al die wezens die ik ooit ben geweest,

waar moeten die heen als dit hoofd wordt geleegd?

Si more danzando,

bevendo, mangiando,

con quella carogna

morire bisogna.

En het pad omlaag naar de beek

waar mijn kleindochters bramen plukten

bij blauwe kinderhanden vol, en het hoge

klinken van hun lach en hun liedjes

nog altijd lijkt na te trillen,

en de geur van lievevrouwebedstro

als het gras in de wei net gemaaid is,

en op dat pad ook mijn lief

met de kleine witte hond

dansend in de late zon

kleiner, kleiner en kleiner

voor de lage horizon –

waar bergen we dat allemaal op

als het niet meer kan in die kop

van mij omdat die niet meer daar is?

Non si trova modo

di scoglier ‘sto nodo,

non val il fuggire,

bisogna morire.

(p. 34-36 van De dagen)

De vertalingen van de Italiaanse

citaten (ook van Van Toorn):

O, wat houd je jezelf voor de gek

als je denkt dat de jaren

nooit een eind zullen nemen,

we moeten toch sterven.

(…)

We sterven al dansend

en drinkend en etend,

met zo’n kadaver

moeten we toch sterven.

(…)

Er is geen manier

om deze knoop te ontwarren,

vluchten is zinloos,

we moeten toch sterven.

>

alle soorten en maten die regelmatig mijn gedichten bezoeken.

Om over de lange lijnen van de kraanvogels maar niet te

spreken. Zoveel leven gepaard aan het onvermijdelijke sterven

doordringt de bewoner er natuurlijk (in letterlijke zin)

dagelijks van dat ook zijn eigen leven eindig is.’

Dan wordt een ‘ik’ geïntroduceerd, ‘de 80 al

ruim voorbij’. De ik/dichter is laconiek over

die leeftijd.

‘Ook de bewoner die ik ben ontkomt natuurlijk niet aan die

confrontatie. ‘De 80 al ruim voorbij’, jawel, dan is het onvermijdelijk

dat je veel verlies van dierbaren meemaakt. Ook die

willen, onderdeel van een ervaren werkelijkheid, soms aanwezig

zijn in mijn gedichten: in mijn laatste bundel De dagen

is het mijn vader, die al lang dood is, maar ook Erik Menkveld

en Robert Anker, met wie ik hier door de velden heb gewan-

deld. De ‘ik’ kan niet anders dan laconiek zijn over zijn

leeftijd, of berustend – wat niet betekent dat hij iets

van dat voortdurend afscheid nemen begrijpt, hij

maakt het alleen vaker mee dan toen hij jong was.

Maar de dichter citeert ook met instemming Flaubert,

in het gedicht ‘Anna’, dierbaar meisje dat ook door dit

landschap wandelde: ‘Berusting is de slechtste van alle

deugden.’’

En dan komt er een oud lied uit de

zestiende of zeventiende eeuw, van

Landi waarschijnlijk. Strofen van dat lied

gaan optreden als een ostinate bas.

‘Het besef dat we nu eenmaal moeten sterven is zelden

mooier verwoord (en tot klinken gebracht) dan in ‘La

passacaglia della vita’ van de Italiaanse componist

02 2021 Schrijven Magazine | 59


DICHTER BIJ HET WERK

Stefano Landi, op de grens van de zestiende en zeventiende

eeuw. En ik ken er geen mooiere uitvoering van dan die van

Christina Pluhar met haar groep l’Arpeggiata; de fabelachtige

Marco Beasley zingt de tekst. (Er staat een filmpje van op

YouTube.) De keerregel zegt steeds weer: ‘Bisogna morire’,

we moeten nu eenmaal sterven – maar het mooie is dat het

stuk de passacaglia van het leven heet: vier het leven, maar

vergeet niet dat er een einde aan komt.’

De dichter erkent dat hij ooit moet sterven,

maar wat moet hij met al zijn herinneringen

uit de oorlog, de liefde, vaderschap, de kleindochters.

Waar blijft dat? Het kan toch niet

zomaar weg zijn?

‘Zoals gezegd: je kunt de dood wel laconiek of berustend

tegemoetzien, maar dat betekent niet dat je er iets van begrijpt.

Het kan toch niet waar zijn dat alles wat in het hoofd

van de dichter is opgeslagen zomaar weg is als de dood is

ingetreden? Niet alleen de mooie, zoals Bisogna morire of

After the gold rush van Neil Young, eindeloos beluisterd met

dochters, of de hoge stemmetjes van mijn kleindochters als

ze bramen plukten op het pad hierachter, of de verhalen van

vrienden ’s avonds bij het vuur in de tuin – maar ook de koude

zwarte straten van Amsterdam tijdens de bezetting. Ik

denk dat ik ze soms in gedichten onderdak geef om te zorgen

dat ze niet wegraken. En dan de liefde: die is zo allesomvattend;

het meisje in het warme gras, maar vooral ‘mijn lief/met

de kleine witte hond/dansend in de late zon’. Het hele oude

huis in zijn omarmende landschap is natuurlijk een plek van

liefde, door mijn lief en mij samen gevonden en tot het onze

gemaakt. Ook daarvan is het onvoorstelbaar en ondraaglijk

dat het ooit zou verdwijnen.’

Je houdt van heldere taal zonder

‘roomboterdikke metaforen’?

‘Ja. Het leven en de wereld zijn van een

eindeloze complexiteit, ik houd ervan ze

met een zo helder mogelijke taal te benaderen.

‘Eenvouds verlichte waters’, schreef

Lucebert.’

Heb je een advies voor

beginnende dichters?

‘Ik had eens een mooi gesprek met Rutger

Kopland, waarin ik hem probeerde uit te

leggen waarom zijn gedichten die begonnen

met een concrete aanleiding (‘dunne, zwijgende

dingen, uit Apulia’) mij dierbaarder

waren dan sommige van zijn zeer abstracte.

Ik weet niet of het lukte, maar ik besefte dat

ik het meest houd van gedichten waarvan ik bij het lezen kan

meemaken waar de oorsprong, hoe miniem ook, van de ontroering/verbazing/schrik

ligt. ‘Zo stonden wij tegen het krakende

hek’ of ‘Paarden waren ver weg’ zijn mij liever dan

‘Hoe zal ik dit uitleggen’.’

Hoe ben je tot de poëzie gekomen?

‘Ik heb meer het idee dat de poëzie tot mij is gekomen. Jij

hebt vast ook nog een veelheid van beelden/geluiden uit je

kindertijd die poëzie tot een doodgewoon en toch bijzonder

onderdeel van het dagelijks leven maakten. Versjes op

school. De taal van de bijbel als je op een christelijke school

zat (‘zelfs vindt de mus een huis, o Heer/ de zwaluw legt haar

jongskens neer/in ‘t heerlijk nest bij uw altaren’ - schrijf ik uit

mijn hoofd op, dat was nog eens taal voor een kind). En denk

aan de straat, aan straatmuzikanten die langs de huizen kwamen,

in Amsterdam bijvoorbeeld, ‘de Volendammers’, met

accordeon, in klederdracht, met prachtige liederen. Aan het

geroep op de markt. Een van mijn bronnen was beslist Het

boek voor de jeugd, samengesteld door onder anderen Cor

Bruijn en Theo Thijssen; daar stonden echte, volwassen

gedichten in, van Albert Verwey en Henriette Roland Holst.

Als je voor dat alles gevoelig was, lag gedichten schrijven

eigenlijk voor de hand.’

Heb je goede herinneringen aan je schooltijd;

een inspirerende leraar bijvoorbeeld?

‘Ik heb heel goede herinneringen aan mijn schooltijd, vooral

aan mijn lerares Duits die gedichten van Rilke voorlas en de

leraar Engels die wel doorhad dat ik een ambitieus ventje

was en mij met de woorden ‘dit kun jij best lezen’ in de derde

klas het veel te moeilijke A Tale of Two Cities van Dickens

overhandigde.’

Wat heeft het vertalen van bijvoorbeeld

Stefan Zweig betekend

voor je schrijverschap? Zou je het

vertalen van buitenlandse poëzie

jonge dichters aanraden?

‘Ik zou jonge dichters zeker het vertalen

van buitenlandse poëzie aanraden, behalve

gewoon lezen is er geen betere leerschool.

Ik weet niet of juist het vertalen van Zweig

bij het schrijven van poëzie veel voor mij

betekende - ik schreef allang poëzie toen

ik dat deed -, maar voor mijn ervaring van

wat ‘Europees’ is, heeft dat boek veel

betekend. Maar vertalen van poëzie (Pavese,

Franco Loi, W.S. Graham) heeft mij

zeker geïnspireerd.’

60 | Schrijven Magazine 02 2021


#schrijftips

Nelleke Noordervliet

‘Als je ziet, dit kan beter, dan

kun jij het ook beter’

ANNALEEN LOUWES

Door Marlene Lunter

1Blijf nieuwsgierig naar je eigen

onderwerp

‘Mijn debuut ging over Tine, de

vrouw van Multatuli. Tijdens mijn studie

Nederlands heb ik me in Multatuli

verdiept. Ik wou alles van hem weten:

over die tijd waarin hij leefde, over het

leven toen, over Indonesië. Onderwerpen

uit de geschiedenis zijn ver weg,

maar tegelijk dichtbij, omdat de

bronnen voor iedereen beschikbaar zijn.

Wil je over een historisch onderwerp

schrijven, kies dan iets waarin je

geïnteresseerd bent en bereid je goed

voor. Maar waar je ook over schrijft: blijf

altijd nieuwsgierig naar je onderwerp.’

2Schrap de eerste en de laatste

zin

‘Wees niet bang voor het lege

papier. Wacht niet op inspiratie, wacht

niet op die prachtige eerste zin, want de

eerste zin moet je toch vaak schrappen.

Begin gewoon. Ik zit regelmatig in de

jury van verhalenwedstrijden. Vrijwel

altijd zegt de jury: ‘Die laatste zin had er

wel af gekund’. En dan zeg ik: ‘Die eerste

zin eigenlijk ook.’ De schrijver neemt een

opstapje het verhaal in. Dan is de eerste

zin overbodig. De laatste zin verklaart

meestal te veel.’

3Begin na je eerste versie

opnieuw

‘Leg je verhaal weg als je klaar

bent en lees het na verloop van tijd

opnieuw. Je leest het dan met de ogen

van een ander. Je merkt dat je een

heleboel kunt en moet schrappen.

Beginnende schrijvers leggen vaak te

veel uit, laten te weinig over aan de

verbeelding van de lezer. De lezer denkt

met je mee. Hij is in staat om dingen in

te vullen die jij een beetje onbestemd

laat.’

4Versla je eigen onzekerheid

‘Iedereen die schrijft is onzeker. Ik

ook. Waar anderen misschien al

tevreden zijn, ben ik nog onzeker. Dan is

het nog niet precies wat ik wil. Ik kan

soms wekenlang op één scène puzzelen.

Aan de ene kant heb je je onzekerheid.

Aan de andere kant moet je die

onzekerheid verslaan met een vorm van

koppig zelfvertrouwen. Blijf in jezelf

geloven en blijf hopen dat het goed

komt. Maar het komt nooit vanzelf goed.

Houd vol. Kweek zitvlees. Perfect wordt

het nooit, maar maak het wel zo goed

als jij kunt. Als je ziet, dit kan beter, dan

kun jij het ook beter.’

5Lees met het oog van een

schrijver

‘Lees schrijvers die je bewondert

en kijk hoe die het ‘doen’. Enerzijds is dat

confronterend, anderzijds inspirerend.

Ontdek de toon die een verhaal kan

hebben. Hoe kleedt de schrijver zijn

verhaal in? Waarom haalt hij of zij dit

personage naar voren? Zo krijg je gevoel

voor wat je met taal kunt doen, hoe je

een verhaal kunt opbouwen. Andere

schrijvers lezen is de basis

voor je eigen schrijven.’

Nelleke Noordervliet (1945) debuteerde in 1987 met Tine, of

de dalen waar het leven woont. Sindsdien neemt ze een

belangrijke plaats in ons literaire landschap in. Naast romans,

novellen en verhalen, schreef en schrijft ze non-fictie, essays en

columns. In 2018 kreeg ze de Constantijn Huygens-prijs voor

haar oeuvre. De val van Thomas G. is haar elfde roman.

XX 2021 Schrijven Magazine | 61


Colofon

Volgend nummer

schrijvenonline.org/volgend-nummer

schrijvenonline.org

Nummer 2, april 2021, jaargang 25

ISSN 1874-7272

Schrijven Magazine is een uitgave van Virtùmedia

Uitgever Pepijn Dobbelaer

Hoofdredactie Frank Noë

Eindredactie Wilke Martens

Fotografie cover Melanie Marsman

Aan deze uitgave werken mee Dries Arnolds, Marc

Brester, Remco Ekkers, Vivian de Gier, Mireille Geus,

Hans de Groot, Maaike Gunsing, Dorine Holman, Lex

Jansen, Esther Jacobs, Jente Jong, Ricardo Jupijn,

Martijn Lindeboom, Marlène Lunter, Kathy Mathys,

Mabel Nummerdor, Peter de Rijk, Maja Roodveldt, Jowi

Schmitz, Yke Schotanus, Carolina Trujillo, Jan Veldman

Redactieadres Schrijven Magazine

Postbus 595, 3700 AN Zeist, tijdschrift@schrijvenonline.org

KLANTENSERVICE

Abonnee worden of een cadeauabonnement

weggeven?

schrijvenonline.org/abonnement

Adreswijziging doorgeven?

Virtùmedia, t.a.v. Schrijven Magazine,

Postbus 595, 3700 AN Zeist, Nederland

E-mail: klantenservice@virtumedia.nl

Telefoon NL: 085 0407400

Telefoon BE: 0031 85 0407400

Adverteren? Paul Revier, previer@virtumedia.nl,

030-2027426

Marketing David Veldman,

dveldman@virtumedia.nl

Webredactie Maaike Gunsing

Productie Bastian Vos

Traffic Angela Hoen, traffic@virtumedia.nl, 030 2027335

Vormgeving Twin Media bv, Culemborg twinmediabv.nl

Druk Veldhuis Media, Raalte

Distributie Aldipress, www.aldipress.nl

Uitgever België Virtùmedia, Pepijn Dobbelaer,

Georges Ottenbourgsstraat 4/201, 3500 Hasselt

Abonnementsprijzen en -voorwaarden Schrijven

Magazine is een vakblad voor schrijvers dat 6 keer per

jaar verschijnt. Jaarabonnement Nederland & België:

€ 47,20, bij machtiging: € 42,75. Studententarief

Nederland & België: € 32,95, bij machtiging: € 28,50.

Jaarabonnement buiten Nederland & België: € 58,95,

bij machtiging: € 54,50. Opzegging dient schriftelijk te

geschieden bij de klantenservice (zie boven), uiterlijk

twee maanden voor afloop van de abonnementsperiode.

Adreswijzigingen graag schriftelijk doorgeven

aan de klantenservice (zie boven) met vermelding

van het oude en het nieuwe adres en het nieuwe

telefoonnummer.

THEMA: TIPS VAN TOPREDACTEUREN

Wat kun je leren van de pro’s? Welke fouten komen ze altijd

tegen? Waar worden ze enthousiast van? Wat zijn kenmerken

van een veelbelovend manuscript? We vragen hen het

hemd van het lijf.

En verder:

• Eva Fox, auteur van een erotische roman op Storytel, geeft tips.

• Wat is een valse protagonist (nee, die is niet gemeen).

En wanneer gebruik je die?

MÉÉR VOOR SCHRIJVERS

SCHRIJVENONLINE.ORG

Iedere week een schrijftip?

Meld je aan voor de Schrijven Nieuwsbrief!

De voordelen van Plus?

6 x per jaar een digitaal magazine!

Copyright 2021

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar

gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere

wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.

Door het opnemen van advertenties doet de redactie van Schrijven

Magazine c.q. de uitgever geen aanbeveling van de daarin vermelde

diensten of producten.

De uitgever heeft getracht alle rechthebbenden op copyright te

voldoen. Wie toch aanspraak meent te maken op copyright wordt

verzocht schriftelijk contact op te nemen.

Uw gegevens nemen wij op in een bestand om uitvoering te geven

aan de abonnementsovereenkomst. Uw gegevens worden niet

verstrekt aan derden, tenzij dat nodig is voor het uitvoeren van

de abonnementsovereenkomst De gegevens kunnen worden

gebruikt voor analyses en om te informeren over activiteiten en

aanbiedingen van Schrijven Magazine. Heeft u hier bezwaar tegen,

stuur dan een brief naar de klantenservice (zie boven).

schrijvenonline.org/nieuwsbrief

Geen schrijfwedstrijd meer missen?

Volg ons op Facebook!

facebook.com/SchrijvenMagazine

Schrijfcursus?

Zeer intensief. En betaalbaar!

schrijvenonline.org/academie

Manuscriptbeoordeling?

Professionele, ervaren redacteuren!

schrijvenonline.org/manuscriptbeoordeling

schrijvenonline.org/plus

Schrijfboeken bestellen?

Boordevol tips en advies!

schrijvenonline.org/webshop

Moleskines?

Nergens goedkoper!

schrijvenonline.org/moleskine

Iemand jarig?

Geef Schrijven Magazine cadeau!

schrijvenonline.org/cadeau

62 | Schrijven Magazine 02 2021


magazine

EEN GOEDE

ÉN BETAALBARE

SCHRIJF CURSUS?

schrijvenonline.org/academie

Op zoek naar een uitgever

die de stap samen met u

durft te wagen?

uitgeverijrheia.nl

E

B

S

C

U

cu

(k

b

sc

Elk boek heeft een verhaal

sc

Hulp bij je manuscript

JOUW

Redactiewerk

ADVERTENTIE HIER?

Persoonlijke begeleiding

Neem dan contact op met Paul Revier

T 06 53 17 19 41 | E previer@virtumedia.nl

schrijvenonline.org

eigen_advertenties_schrijfcursus.indd 2

JOUW

ADVERTENTIE

HIER?

Romance of SciFi, Young Adult of een gritty

detectiveroman; of je nu aan het begin van je

schrijfproces staat, of alleen de puntjes op de i wil

zetten: wij zijn je graag van dienst!

Neem een kijkje op onze website, of mail ons

vrijblijvend om te bespreken wat er zoal mogelijk is.

Neem dan contact op met Paul Revier

T 06 53 17 19 41 | E previer@virtumedia.nl

www.midgard-manuscripten.nl

info@midgard-manuscripten.nl

schrijvenonline.org

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!