o - Zoek direct in de EYE-bibliotheek

bibliotheek.eyefilm.nl

o - Zoek direct in de EYE-bibliotheek

Of> de laatste pagina een oud minneliedje van

ftaoul. Comte de Soissons* met y^uaiek van Hax 'Tok


...-■ • .■< .^^^^mmi^imvmmti^mmmmmmsmm • ' ' • ' -'W^^PPip^pippiip^

HBOEN EN

TOEKOMST

op het Filmscherm en de Planken

't Is voor uw overzichtschrijver

op 't oogenblik den tijd om wanhopig

te worden. Wanneer er teekenen

zijn, dat het goede seizoen voor de

amusementsgelegenheden aanbreekt,

komt er onverwacht een mooi-weer-

golf die illusie verstoren, 't Zou een

hittegolf zijn, zooals de geleerden

op weerkundig gebied hadden voor-

speld, maar tot hitte kwam het nog

niet tot op 't oogenblik, dat we

deze regelen schrijven, 't bepaalde

zich tot een temperatuur niet hooger

dan die welke elk mensch aange-

naam moet vinden.

Wie slachtoffer van de danswoede

is, zal geen minder prettige gevolgen

ondervinden van de warmte, ook al

zou de eerste fox-trot 's ochtends

om negen en de laatste step 's avonds

om twaalf uur worden gedanst —

daarbij natuurlijk overwegend dat

ook de tusschenliggende uren dan-

sende worden doorgebracht.

Er zijn toch amusementsgelegen-

heden, die van een dergelijke weers-

gesteldheid de groote voordeelen ge-

nieten en wel die, welke op de

•kermissen worden aangetroffen. Of

't een schouwburg of een bioscoop,

een danstent of een stoomcarousel

is, doet niets ter zake, kermis-

gangers willen genieten van alles wat

geboden wordt; ze houden er van

om eerst in de comedie een knallend

drama te zien, daarna een beetje

tot zichzelve te komen in een

poffertjeskraam om ten slotte het

pleizier uit te gillen in caroussel

of cake-walk. ^

Een hollander zal altijd vertellen,

dat z'n landgenooten zoo saai en

doodsch zijn en dat ze nooit eens

echt los komen. Praatjes van dien

hollander. Z'n landgenooten zijn juist

de meest ongebonden wezens, die

men zich kan denken. Het toeval

bracht ons juist den veertienden Juli

in Frankrijk's hoofdstad. 14 Juli,

de groote nationale feestdag! Drie

dagen werd er feest gevierd, werd

er gedanst, werd genoten van een

geweldige kermis, die in alle deelen

van Parijs was opgebouwd en de

groote knooppunten had op de kilo»

meterslange boulevards van Mont-

martre en de Place de la Republique.

En nergens was ook maar één

oogenblik de uitgelaten vroolijkheid

op te merken, die onze nederlandsche

kermissen kenmerkt. De kalmte der

feestvierenden deed ons, noorder-

lingen, soms zelfs wat lachwekkend

aan. Men zal 't daar heusch niet zien

gebeuren, dat iemand met tranen

nog in de oogen van de doorgestane

gemoedsaandoeningen bij het drama

CEMT

\ SPECIAL

SIGARET

ONZE HELDEN ifê? WITTE DOEK

FERN ANÖRA

Fern Andra, de Duitsche film-

artiste, die langen tijd zeer in den

smaak van het duitsche publiek

viel,is onlangs in ongenade gevallen

en heeft er in de duitsche pers

geducht van langs gehad. Langen

tijd heeft niemand eigenlijk geweten

of liever gezegd er aandacht aan

geschonken, dat Fern geen duitsche

was. Ze was zoo met de duitsche

filmkunst saamgeweven.dat ze ook

als duitsche filmster naam heeft

verworven. Maar van huis uit is ze

een amerikaansche; ze stamt af van

een kunstenaarsfamilie, voor haar

geboorte was haar moeder al een

bekende zangeres, die vooral haar

triomfen vierde in New-York.Ook

ging ze wel eens op tournee en het

was op een dezer tochten, dat ze den 24sten November 1895 het levenslicht

schonk aan een dochtertje genaamd Fern. Zij bevond zich toen in Watseka,

een plaatsje in het gebied der Indianen, en 't was in een klein landhuis,

dat het kind haar eerste geluiden deed hooren, die gedempt werden door

de sneeuw, die meters hoog rondom haar geboortehuis lag. Of dit alles

invloed gehad heeft op 't karakter der kleine, valt niet te zeggen, maar wel

is het een feit, dat Férn van klein kind af lastig en veeleischend was. Dat

haar artistenbloed door de aderen vloeide, bleek al spoedig, want niets

liever deed zij dan het tooneel betreden en op tienjarigen leeftijd kon men

haar al zien acteeren in het Globetheater te Chicago.Ze maakteergroeten

opgang en ging zich daardoor zoo zelfstandig gevoelen, dat ze op haar

veertiende jaar al meeging op tournee tegen den zin harer moeder. Geheel

Canada en de Vereenigde Staten reisde zij af, te New York trok de operette

haar aan en daarmee ging zij naar Londen. Een ongekend succes mocht

zij boeken in de eerste ragtime-revue. Van Londen ging het naar Berlijn

en zeker zouden heel wat meer europeesche steden van beteekenis de

bekoorlijke Fern binnen haar vesten geherbergd hebben, ware niet de oorlog

uitgebroken. Dat was de oorzaak, dat zij te Berlijn bleef, er aanhetfilmen

raakte en naam maakte als duitsche filmster. Jarenlang heeft zij bevrediging

gevonden in de duitsche rollen, tot op zekeren keer haar hart weer trok

naar het land van den dollar, waar zij toch ook vandaan gekomen was en

zij den Oceaan overstak. Wat Fern Andra daarginds eigenlijk bezield heeft

is niet goed na te gaan, of het zucht was tot reclame of iets anders, maar

zij schijnt zich meer dan onvriendelijk te hebben uitgelaten over de duitschers,

in wier midden zij zoo langen tijd vertoefde en in wier kunst zij toch ook

zoo volle bevrediging vond. Volgens de duitsche cinematografische bladen

moet zij gezegd hebben zich in New-York eerst veilig te gevoelen en haar

hart te durven uitstorten. Zij heeft zich daar aan het publiek laten voor-

stellen als „een duitsche barones, weduwe van een bloedverwant van de

Hohenzollerns, sensatie-vliegenierster, filmdiva, bekende schoonheid, die o.a.

graaf Salm, die op het oogenblik zijn wittebroodsweken viert met een

erfgename van 40 millioen, bij de film geïntroduceerd heeft." Verder doet

zij mededeeling van het feit,dat zij tijdens den oorlog is aangehouden als

spion en na een kort verhoor tot de doodstraf veroordeeld. Door haar

huwelijk met baron Weichs, die intusschen overleden is, was zij evenwel

in verwantschap geraakt met het huis Hohenzollern.Zij stond daardoor in

het groote hofleven en was de vertrouwde vriendin van den gewezen kroon-

prins; leden van het huis Habsburg, diplomaten en geldmagnalen uit alle

landen kenden geen grooter eer dan den omgang met haar, de gevierde

vrouw. Vanderbildt, Rotschild, de duitsche kroonprins, graaf Salm, baron

Raven, Roger, lord Douglas, prins Karl en prins Leopold von Habsburg,

Turksche prinsen en personen uit zweedsche hofkringen weeft zij meteen

vaardigheid, een kunstenaar eigen, door al hetgeen zij beleefd heeft.

Het zal wel de zucht geweest zijn om voor zichzelf een opzienbarende

reclame te maken — iets wat er in Amerika gewoonlijk zoo grif ingaat —

die Fern bewogen heeft al deze interessante mededeelingen aan de ameri-

kaansche oers te doen. De duitschers, die hef bovefcdien niet prettig zullen

vinden, dat zij hun kunst verlaten heeft, zullen haar echter wel niet zoo

gauw vergeven, te meer daar zij sterk getroffen zijn door een scène,

die plaats gegrepen heeft meteen

amerikaansche vlag en die mis-

schien door de omstandigheden wel

eenigszins verkeerd is uitgelegd.

Volgens haarzelf is aanleiding tot

deze scène geweest het feit, dat

iemand haar op zekeren keer een

groote amerikaansche vlag zond,

die geheel uit bloemen bestond, ten-

gevolge waarvan in den foyer van

het theater waar deze neergezet

was een onloopje ontstond. Aan-

wezige duitschers waren van plan

de vlag uit elkaar te rukken, waar-

op zij naar voren stormde, zich

beschermend voor het bloemstuk

olaatsteen luide uitriep: ,,Maaktdaf

je wegkomt ruwe kerels, dit is mijn

vlag en ik zal haar verdedigen".

Hoé het dan ook zij, het winnen

van de gunst der amerikanen heeft

deze eens zoo in Duitschland ge-

vierde actrice haar populariteit in

dat rijk gekost.

in de schouwburgtent, de stoom-

carousel binnenholt en daar direct

zoo begeesterd wordt, dat een groote

papieren toeter en eenige handen vol

serpentines noodig zijn om uiting

te kunnen geven aan de opborrelende

vroolijkheid.

Ons plankenland en ons witte doek

vinden op 't oogenblik de meeste

aandacht in ongeriefelijke houten en

linnen tenten. Daar gevoelt men

thans nog gedurende eenige weken

den polsslag van het-leven-van-jolijt.

Dank zij het gunstige weer, want

als 't regent en waait is 't ook daar

misère.

Dit zijn de laatste weken van den

„hoogtijd" van de kermissen. Na de

vacantie is de daling sterk waar te

nemen en als September voorbij is,

eigenlijk al in den loop dier maand,

hernemen de theaters hunne rechten,

waar door tegelijk het belangrijkste

en nieuwste wordt opgediend.

De zomer is steeds de tijd der

reprises geweest op het tooneel en

de bioscooptheaters zijn dit voor-

beeld gevolgd.

Elders hebben we reeds vroeger

er de aandacht op gevestigd, dat in

de cinematografie te weinig aandacht

geschonken wordt aan het belang-

rijkste dat vroeger op het witte

doek werd gebracht. Waarom zou

men wel gesteld zijn op een reprise

van een tooneelwerk en niet van

een film? We hebben steeds de

overtuiging met ons gedragen, dat

het een evengoed waardeering zou

ondervinden als het andere. En de

proeven, die in de afgeloopen weken

zijn genomen, hebben ons in het

gelijk gesteld. Zelfs eerste-rang-thea-

ters zijn gekomen met filmwerken,

die in vorige jaren een sensatie waren

bij de verschijning, waarnaar ieder

bioscoopliefhebber ging kijken. Die

films hebben hun vroegere aantrek-

kingskracht behouden en 't is in

zeker opzicht een gelukkig verschijn-

sel. Men vreesde al zoo'n beetje,

dat 't ten slotte dood moest loepen

met de belangstelling voor de bio

scoop, omdat het publiek steeds meer

eischte, steeds heviger sensaties ver-

langde en altijd ingrijpender tech-

nische verzorging.

Maar wanneer straks het „seizoen"

aanbreekt, zal 't voorloopig met de

reprises wel gedaan zijn en zulten

tooneelgezelschappen en bioscopen

de nouveauté's opdisschen.

Dan zullen de beloften worden

ingelost van de oude en nieuw-

gevormde tooneel-enseml)les en op

het witte doek de beelden gepro-

jecteerd, waarvan de verschijning

reeds aangekondigd is.

Een overzichtsschrijver kan naar

die opleving verlangen. Ook hem

wordt dan het werk gemakkelijker

gemaakt. Liever overvloed van stof

dan een tekort!

(/als CIRCUS

HEL-D.

ANN TYLER, de moeder van den kleinen Toby, is weduwe en eet

het genadebrood met haar kind bij haar zuster en haar man Lern.

Telkenmale wordt zij ermee bedreigd, dat men hen niet zal kunnen

houden en Toby's woelige natuur is bovendien zeer lastig in huis. Op

zekeren keer, als hij weer wat op zijn kerfstok heeft en oom Lem

hem achterna zit, komt hij bij een reizend circus terecht, en de eige-

naar van een ijs- en limonadetent daar in de buurt neemt hem in

dienst, waardoor Toby in staat is zijn moeder zijn verdienste van

een dollar per week te doen toekomen. Hij sluit vriendschap met de

kleine Babette, kunstrijdster van beroep en haar grootvader, den clown

Pietro, een vriendschap, die steeds inniger wordt. Op een keer kantelt

de kermiswagen in een stormachtigen nacht om en Babette verstuikt

daarbij haar voet, zoodat zij niet kan optreden en doodsbang is ont-

slagen te worden. Maar Toby weet raad. Pruik, poeder en schmink

doen veel en hij zal in haar plaats het paard berijden. Zijn optreden

wordt een uitbundig succes en de directeur, die aanvankelijk dacht

dat het groote succes de zieke Babette gold, is zakenman genoeg, nu

hij ontdekt, dat het de kleine ijsco-jongen is, om te begrijpen, dat

dit nummer een nieuwe attractie voor zijn zaak zal zijn en wil den

jongen direct engageeren. Toby stelt de conditie, dat de kleine Babette

en haar grootvader ook aan het gezelschap zullen blijven en zoo wordt

hij geëngageerd als kunstrijder tegen een salaris van 75 dollar per

week. Voor zijn moeder waren intusschen werkelijk moeilijke tijden

aangebroken. Lem wilde haar niet langer houden en zij moest ver-

trekken. Waarheen? Dat wist ze zelf nog niet. Toby kwam echter juist

bijtijds om zijn moeder voor nog erger ellende te bewaren. Hij nam haar

mee en bracht haar bij zijn vrienden, die haar, evenals hem, zouden lief-

hebben. — Het zuiver en gevoelvolle spel van den kleinen Jackie Googan,

dat al zooveel belangstellenden naar zijn vorige films heeft getrokken,

zal ook dezen keer weer velen een gang naar het theater doen maken.

In Cinema Palace te Amsterdam, die de film hier te lande heeft

geïntroduceerd, heeft zij reeds vier weken achtereen geloopen en

tegelijkertijd nog drie weken in het Rialto-theater aldaar.


i>Bisi»isi«lsi«lSi»i

lbeia|s»a>sMiSi«l3ËW


1 MatchXerxes-V.O.C.teR'dam | \

Spelkielc.

-^^-^^—— wmm^i^^^^^m—^^^^^^^^m^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^mmmm

Eerste serie van hettanse afstand-kampioenschap

Maas heeft den kop.

OP HET VLUGGE RAD

^1

Onze zesde Ardennendag voert

ons van Namen via Huy (Hoei)

en Seraing naar Luik terug.

De totale afstand bedraagt 64,1

K.M., die, omdat de weg vlak

blijft, geen bijzondere vermoeie-

nis veroorzaken. Het Maasdal

is mooi, vol afwisseling, niette-

genstaande de talrijke fabrieken

en marmergroeven. Bebouwde

berghellingen, naakte rotsen, kas-

teelen en schilderachtig gelegen

dorpen wisselen elkaar ai.

De talrijke rails, die uit berg-

werken naar de rivier leiden en

dwars over den weg liggen, eischen

eenige oplettendheid.

De qualiteit van den weg laat

hier en daar veel te wenschen

over. In regenachtigen tijd is

het stuk tusschen Andenne en

Huy met een dikke slijklaag

bedekt. Het traject Riendotte—

Huy is bovendien keiweg (en

dan welk een). Gelukkig is dit

deel van den weg slechts ± 8

K.M. lang.

Even voor Andenne passeert

men de bron van Karel Martel,

waarachter een steen met uit-

gehouwen beer. In Andenelle

een zeer merkwaardig oud Ro-

maansch kerkje, de kerk der

Suracencn.

Dicht bij Huy ziet men in de

rivier eenige eilandjes, o.a. ile

de Java en ile des Malades. Het

park Ahin bij Huy is voor vreem-

delingen toegankelijk. Huy is

een stad van ± 17000 inwoners.

Ze heeft eveneens een citadel.

In de omstreken der stad ver-

bouwt men wijn. Dit is de eenige

plaats in België, waar zulks

geschiedt.

Voorbij Huy in Neuville pas-

seeren we het kasteel van den

prins de Ligne. Tot Yvoz is de

weg weder macadam, daarna

keiweg. In Seraing gaan we

natuurlijk het Etablissement

John Cocherill bezichtigen. Ge-

sticht in 1816, behoorde het tot

1H30 voor de helft aan Koning

Willem 1, na welken datum Co-

cherill dit aandeel afkocht. Na

1840, Cs dood, ging het Eta-

blissement aan een maatschappij

Finale van professionals 1200 Meter

Van Nek, van Duyn. ï. d. Bogaard.

DE KAMPIOENSCHAPPEN OP DE RI3SWI3KSCHE PAAN

Tijdens den strijd,

Van Nek. ». d. Bogaerd. »an Duyn

DE WEDSTRIJD OP DE TIL6URGSCHE BAAN f

Kampioen lange afstand.

Hljzelendoorn slaat Leene

en wordt kampioen korte afstand.

OM DEN VAN STIRUM-BEKER • VELDLOOP TE NOORDWOIC GEHOUDEN |

De heer Zegers aan

den kop.

De duinen op.

De N.A.U -leden aan het strand.

-j ZWEMWEDSTRI3DEN IN DEN REGENI

De heer Zesers met

den beker.

Mevr. Triebels (N.Z.B.) en de heer Kopp.nburg (BondSof«c.al)m he^ bootje tijdens de

zwemwedstrijden om het kampioenschap »an Nederland te Oouda.

Kampioen heeren 400 M.

de heer Jac. Köhler.

Kampioen dames 200 M.

de dames Vierdag en Baron.

Tijdens den strijd

Bekkenng en Paymans.

Achter de motoren

Wedstrijd 100 ICH.

over met een kapitaal van I2V2

millioen francs. Met een schrif-

telijk verlof van den directeur,

tot wien men zich ± 14 dagen

te voren wendt, kan men de

fabrieken Dinsdags en Vrijdags

om 10 en 2 uur bezichtigen. 11000

menschen vinden er arbeid. Het

geheel beslaat eene oppervlakte

van 198 H.A. In 1871 heeft men

te Seraing voor Cocherill een stand

beeld opgericht.

Na dit bezoek bereiken we een

7,5 KM. verder Luik, passeeren de

Maas over de Pont-du-Val-Be-

noit en gaan de stad binnen

langs de boulevards d'Arroy en

de la Souvinière.

De zevende en laatste dag

van onzen fietstocht wordt benut

om van Luik, ditmaal via Her-

stal, naar Maastricht te peddelen

± 33 KM., vanwaar we den

middagtrein pakken naar onze

haardstede, om daar wel vol-

daan over ons prachtig uitstapje,

naar we hopen, gezond en wel

aan te komen.

VETERAAN.

EEN AVONTUURLIJKE REIS

(Vrij naar het Engelsch)

door Hester.

Vervolg en slot.

Hg nam glimlachend de klei-

ne, geknoopte zgden beurs, die

zij hem angstig toestak. „Het

schijnt," zeide hij met een diepe

buiging, „dat ge mij herkent."

„Ik heb van u gehoord," ant-

woordde zij met haperende stem.

„Men zegt, dat ge zijt.. ., dat

uw naam is ... . Blake !" — „Zoo

is het," zei hij met een bewonde-

renden blik, „maar wees niet

verschrikt, ik wilde u alleen de

gunst vragen om in uw koets te

mogen mederrjden naar Londen,.

O ! sta mij dit toe, ge weet niet,

welken grooten dienst ge me daar

mede bewijst."

Millicent stond verslagen voor

hem, met een hand haar japon

bijeenhoudend, de andere pein-

zend tegen haar wang. — Ah !

dat was het dus. Hg had uit

het noorden weten te ontsnappen,

had deze verlaten weide bereikt

en zij, dom gansje, moest den

—^—

Een interessante partij.

beruchten straatroover nu hel-

pen om aan de hand der gerech-

tigheid te ontkomen. Zij beproef-

de een laatste wanhopige poging

tot heldhaftigheid. „En als ik

weiger ?" vroeg zij beslist met

opgeheven kin. Hij zuchtte :

„Ja, dan," zei hij spijtig, „vrees

ik, dat ge uw reis niet zult kun-

nen vervolgen !" — „De postil-

lon," begon zij op hoogen toon.

Hij stak zyn hand in den zak :

„O, ik heb hier iets, dat meer dan

een postillon zal overwinnen.

Kom, vrees niet, neem weer

plaats in uw koets, en" — met

een diepe buiging — „op mgn

woord van eer, ik zal zelfs niet

het woord tot u richten, als ge

het niet wenscht. Ik wil zelfs wel

buitenop meerijden, bij den pos-

tillon, als ge dat liever hebt."

Millicent keek hem aan en, daar

ze jong was, werd ze zachter

gestemd. O, wat kunnen een paar

mooie oogen uitwerken 1 „Ik

zal u vertrouwen, meneer," zeide

ze met groote waardigheid, „daar

ik zonder bescherming ben,"

voegde zij er echt vrouwelijk aan

toe. „Het is beter, dat ge binnen-

in gaat zitten, de wind is koud."

Daarmede hernam zij haar plaats

in de koets en hij ging zwijgend

naast haar zitten.

IV

Zeker was deze ervaring zeld-

zaam voor een jong meisje om

een reis naar Londen te maken

in gezelschap van een der bru-

taalste straatroovers, en toch . . .

hoe genoot Millicent ervan!

Langen tijd beerschte er stilte

in de koets. Zij zat in elkaar gedo-

ken in haar hoekje, maar gaande-

weg week haar vrees. Na eenigen

tijd keek zij verlegen naar hem

op : „Het zal een minder gespan-

nen toestand zijn, dunkt me, als

we samen praten," zeide ze stame-

lend. Hij lachte. „Gaarne," zei hij

vroolijk, en vreemd genoeg, vlotte

het gesprek gemakkelijk. Zij

waren in Londen voordat zij het

wisten. Hij sprak over reizen,

over avonturen, maar beiden ver-

meden zorgvuldig om over zijn

wijze van bestaan te spreken.

Millicent vergat die zelfs en ver-

SCHERMWEDSTRIJDEN TE NOORDWIJK

Een partij de Jong (in 't front) en Fraterman (in den rug).

DE ZUIDERZEEWERKEN

Ondanks tegenspoed van allerlei aard. gaat het werk tot demping ^\ äc ,^ d ""'^if3i-

Uik en g.rlgeld .erder. Wier.ngen ,s thans mei hel »asteland .erbenden, de eer.te stap.

die heel wat moeilijkheden heeft gekost

Het baggeren en lossen van kleiieem

De baggermolen in zee.

De plaats, waar de persleiding uitmondt

(links op den achtergrond). Met behulp «n de schotten wordt het zand- en watermengsel

* P geleid, zoodat het zand bezinkt op de plaats waar het z.jn moet.

telde hem, waarom ze naar Lon-

den ging, van het bal, dat te ba-

rer eer gegeven zou worden en

over de genoegens, die haar

wachtte. Zij vergat geheel en al

de reden, waarom hij naast haar

zat. Het was niet voordat hij plot-

seling zeide : „Het spijt mij, maar

hier zal ik u moeten verlaten,"

dat zij zich alteg herinnerde. De

koets storid stil en hij stond op

den weg, zich over haar hand

buigend. Zij leunde voorover

en zeide : „Meneer, indien een

wensch van mij u zou kunnen

beïnvloeden, dan zou ik u willen

vragen : toe, geef uw avontuur-

lijk leven op 1 We zullen elkander

wel nooit meer ontmoeten, maar

ik zou zoo graag . ..." Hij keek

op met lachende oogen. „Neen,"

zeide hij, „de wereld is zoo klein ;

Kapt. A. E. W. de Jong, die den van Stiruna

beker »erdedigdc en voor den 2en keer woi

wees niet kleinmoedig. Wat dj

woorden betreft voor mijn toef

komstig welzijn, die zijn in mij*

hart gegrift; ik zal ze onthouden !|

De zweep knalde, de koets ginl

voort en zijn woorden stierven

weg in de duisternis .... \

V

. J

Violen beten vroobjke muzie^

hooren, toen Millicent in een böj

schut hoekje van de balzaa

stond. Zij was laat aangekomen

maar dat deed er niet toe, nj

zij ten slotte toch werkelijk hia

was. Er zou dadebjk een menud

beginnen. Zij keek met vprblincB

oogen naar alles rondom haaa

als iemand, die uit een donke«

kamer plotseling in helder zon

licht komt. Het geruisch val

zijden brocaat, trotsche vrouwe«

dappere mannen, muziek, blo«

men, licht, lachen : het was a|

een blik in sprookjesland.

„Millicent, kind !" Haar tan^

legde een hand, schitterend va

juweelen, op haar arm. „Ik wilc

je even voorstellen : Lord Blak*

ney — mijn nichtje, miss Mill

cent O'Hara." Zij ging verdj

naar andere gasten en de bek

achtergeblevenen staarden elka

zwijgend aan. In de oogen Vï

den man was een lach en nog ie

anders te lezen, in de hare loutj

verbazing. „U," zeide zij eind

lijk, want het was haar reisg

noot van dien avond. Haar ste!

beefde ten spijt van haar pogi^

om kalm te blijven. „Dit is ei

eer" — ze legde den nadruk i

het laatste woord — „die

zeker niet verwacht had." Da

eraan denkend wie hij werkeü

was, en wat voor spel hij speel

met iedereen, wond zij zich o]

haar oogen fonkelden. „H

durft u," zei ze woedend, he

beschuldigend aanziend, „h

durft ge hier komen onder e

valschen naam ? O, hoe dwa

was het van mij u dezen midd

zooveel inbehtingen te gev«

Mylord, waarbjk, ik zal u beke:

maken, mijn tante zal het wetei

Zij brak hijgend' af. Hij lad

slechts ; dan nam hij haar we

strevende hand stevig in de zfl

en zeide : „O, hoe echt vrom


iSijk om eerst iemand te veroor-

jjdeelen, alvorens de verklaring

te hoeren." Hij geleidde haar

paar een afgezonderd plekje in

weerwil van haar verontwaardigd

tegenstreven. „Nu," zeide hij,

voor haar staande, „nu zult u de

verklaring hooren. Het is wel wat

ingewikkeld en ik ben niet geheel

Konder schuld, maar ge waart zoo

iadelijk gereed om mij te houden

roer iemand die ik niet was —

bok weer echt vrouwelijk — dat

pet ook gedeeltelijk uw eigen

gehuld is. Ik bèn Lord Blakeney,

linder mijn vrienden bekend

»nder den naam van „Blake".

Mijn evenbeeld, „Beau Blake",

Hoet mij de eer aan om zooveel

mogelijk mijn kleeding na te

yootsen, wat nu en dan aanleiding

|eeft tot verwarring, die hem te

pas komt. Ge maakte een zeer

[i>egrijpebjke fout. Ik had de

tiligence gemist, waarmede ik

jonden hoopte te bereiken, in

jtijds voor dit bal. Had ik — een

peemdeling — aan u, onbegeleid

;bng meisje, om een plaate in uw

loeta gevraagd, ge zoudt ver-

intwaardigd geweigerd hebben.

'jOn op mijn woord, miss O'Hara

|— bewondering sprak uit zijn

[lik — ik was niet in staat dit

B riskeeren. Ge moet weten, dat,

oen ik zoo plotseling de koets

ianhield, ik er totaal geen denk-

eeld van had, dat er zich slechts

:en onbeschermde schoone jonge

ïizigster in bevond. Ik maakte

ebruik van de gelegenheid en

peelde de rol, die ge mij toebe-

eelde. Ais ge mij nu maar ver-

even wilt, dan berouwt het mij

öen oogenblik." Hij greep voor

je tweede maal haar kleine hand.

jWiltge mij vergeven?"—■ „Wer-

elijk, Mylord, ik geloof niet,

at ik zoo hard zou kunnen zijn,

at nic< te doen!"

Drie dagen later op de avond-

irtij van de Hertogin, herinner-

b hij haar aan het gebeurde.

Liefste, had je dè.t voor moge-

k gehouden : belegerd en ver-

eerd — in zoo'n korten tijd ?"

( : j keek naar links en toen naar

chts. „Ik geloof toch heusch,

it het zoo is !" zei ze stralend.

EEN WEDDENSCHAP.

De beeren Rabuteau, Potin en

ipiton zaten om hun stamta-

dtje en bespraken een der moei-

kste problemen ; de huwelij ks-

ouw. Capiton bekeek de zaak

t een historisch oogpunt en

(weerde, dat werkelijke huwe-


V - , -.

VAN ALLE WINDSTREKEN

1 De >)nigger ,, -singer.

Op de engelsche badplaatsen is

de neger-zanger een bekend en, dat

moet er bij gezegd worden, niet altijd

even geliefde figuur. Ook ai doen ze

dan schijnbaar hun best, om hetbad-

plaatsleven met hun liedjes op te vroo-

lijken en de daarbij onvermijdbare

pogingen om voor zich zelf een hono-

rarium bij elkaar te brengen, het

heeft hun populariteit niet vergroot.

Onderzoekers, die nu eenmaal

niets, zelfs geen neger-zanger op een

engelsche badplaats met rust kun-

nen laten, hebben nagegaan, hoe

eigenlijk dit „speciale nummer" op

het bad-programma is verschenen.

En ze hebben uitgevonden, dat de

eerste negerzangers in Engeland ver-

schenen ten tijde van den grooten

strijd tegen den slavenhandel.

Zooals men weet, heeft Engeland

zich sterk geïntresseerd voor de be-

strijding van dezen menschonteeren-

den handel. In het felsten van den

strijd ertegen, was alles wat neger

was, in het brandpunt der belang-

stelling.

Ontslagen en ontsnapte slaven

kwamen naar Engeland en het

publiek had gaarne eenige coppers

over om hen daarmee te helpen.

De negerversjes met hun sentimen-

teele deuntjes vielen in den smaak

en een tijd lang konden verschillende

zwarte ministreels er hun kostje mee

ophalen.

Zooals in alles, kwam ook in deze

soort broodwinning de klat. De

blanke „artisten" voelden de con-

currentie van hun donkere broeders

en... ze gingen zich zwart maken

in den letterlijken zin van het woord.

Op die wijze werkten ze mêe aan

het overvoeren van de markt en het

degradeeren van de „nigger-singers".

ONDER EX-VORSTEN

De Ex-Koning van Portugal,

Manuel, woont een groot gedeelte

van het jaar in Parijs en zoo is ook

het geval met den oud Shah van

Perzië.

Het is te begrijpen, dat deze ge-

wezen heerschers elkaar nog wel

ereis ontmoeten en daar zij beiden

blijkbaar van het parijsche leven

houden, bezoeken zij ook de elegante

plaatsen van amusement.

Nu loopt het volgende verhaal, dat

waar zou kunnen zijn, indien het

niet waar is.

Manuel, in gezelschap van den

Shah, zaten in een dansgelegenheid

en genoten van hetgeen aan oog en

tong geboden werd. De zaal was

zeer bezet en een laatkomer vond

alleen aan hun tafeltje nog een stoel.

Het was een zeer aangenaam op-

tredend persoon en spoedig was het

Een gelukkig man!

Hij gebruikt bij het scheren

r\QD9^ ReddyCream

Verkrijgbaar in potten van 1 K.G.

fr. per post ad f 3.—

Ook bij alle Coiffeurs.

HUGSCHE 2EEP2IEDEIII „DE OOIEVIir • OEI HllG

W.H. VAN VENETIË

AMSTERDAM

26 HELMERSTR. 52, TEL. 24413

HONDEN GENEESMIDDELEN

van Dierenarts K. DIFFINÉ

Chem. FabriekKiewelA.G.Keulen

„ONZE HONDEN"

Handboek voor den hondenllefhebber

en hondenfokker. — Toezending van

dit interessante boek geschied op aan-

vrage £ratii en franco.

Firma

Joh.v.d.MeijdenDzn.

ROLLUIKEN

MARQUISES

Opgericht

1860

Telefoon

30495

Trompstraat, Den Haag

Concert- en

$/ Theater-Bureau

Max van Gelder

^/&/ Kantoor: Westeindc 13

Amsterdam - Tel. 36763

Belast zich speciaal met het

vakkundig aamenttellcn van

Variété- en CabaretprotframmaV

Plaatsen van orkeaten en arran-

tfeeren Tan particuliere facatan

MAISON STRASTERS

Vibratory Maisage

Kapper - Manicure

Kapsalons voor Dames en Heeren

Groote vencheideDheid in Franache-,

|Bn


VAN BLOEMEN EN PLANTEN

Ofschoon wij nu, zoo midden in

I den zomer, niet veel meer aan den

'j aanleg van onzen tuin kunnen ver-

I anderen, kunnen wij toch wel op

I kweekerijen of in andere tuinen op-

1 letten, wat er voor moois te zien is,

|; opdat wij er tijdig voor kunnen

1 zorgen, dat mooie het volgende jaar

B zelf te bezitten.

Zoo zal overal waar ze staat, de

Galega Hartlandi bicolor ons oog

weten te boeien. Het is een forsche

struik, die den ganschen zomer als

overdekt is met een ontelbaar aantal

bloem aren, elk bestaande uit een

menigte half paarse, half witte

bloempjes.

Wat haar waarde voor tuinliefheb-

sters en -liefhebbers nog verhoogt,

is haar eigenschap, om met weinig

zorgen zich tevreden te stellen. Noch

aan den grondsoort, noch aan de

plaats waar ze te staan komt, stelt

ze buitenmatige eischen, al spreekt

het vanzelf, dat ze zich voor een

zonnig plekje en een voedzaam

plaatsje erkentelijk toont door zich

f nog mooier te maken dan ze van

I nature reeds is.

De Galega is een zoogenaamde

jsj vaste plant, die tegen den winter

li tot aan den grond afsterft, maar

I met haar onderaardsche deelen blijft

I voortleven, en in het voorjaar zich

(l opnieuw laat zien. Het is verwon-

' derlijk, hoe snel ze zich dan tot een

l forsche, volle struik van een meter

en meer hoogte ontwikkelt. Zooals

alle vaste planten kan ze gescheurd

worden. Zonder bezwaar zullen wij

dus bij vrienden of kennissen, in wier

tuinen deze zomerbloeier voorkomt,

in het na- ot voorjaar een stuk

kunnen bekomen, of wel, voor het

I geval wij zelf een exemplaar bezit-

i ten, zullen wij op onze beurt hen

I een genoegen ermee kunnen doen.

' Als wij haar bij het planten een

stevige voorraad voedsel meegeven,

kan ze het eenige jaren zonder

nieuwe zorgen uithouden.

VRAAG EN ANTWOORD

Een onzer lezers vraagt ons een

middel tegen slakken.

Antwoord. Slakken zijn het beste te

verwijderen door op de plaatsen, waar

ze voorkomen, zout te strooien of kalk

neer te leggen.

Mef. B. te Nijverdal vraagt:

Als lezeres van uw blad zou ik gaarne

een middel van u vernemen, om roest-

vlekken van messen te kunnen verwijde-

ren, liefst zonder beschadiging. Ik heb

reeds van alles geprobeerd en niets

heeft mij geholpen.

Antwoord. Laat de messen weeken

in slaolie, schuur ze dan voorzichtig

met olie en brussels aarde, slijp en

polijst ze.

Roestvlekken verwijderen zonder het

mes te beschadigen, is evenwel onmoge-

lijk, daar roest een verbinding is van

vocht en lucht met 't staal van 't mes.

Bovenstaand middel beperkt 't kwaad

zooveel mogelijk.

Uitslag van de Vijf-guldcns-

prijsvraag

Mevrouw Rust, Hotel Seinpost, Zand-

voort (Bad), kreeg den vijfguldensprijs

voor het aardige, volgende gedichtje

van haar:

ROZEN.

(Hoe het komt dat ze rood zijn.)

Voor de achtb're zon bleef pozen,

Die de eerste vrouw bescheen,

Was wit de kleur der rozen,

Met lelie-blankheid één.

Maar toen bij het minnekozen,

Een blos beur wang beschoot,

Toen schaamden zich de rozen

En werden rozen-rood.

(Naar oud-hollandsch voorbeeld.)

De volgende inzenders kregen troost-

prijzen: ~]T

Mej. J. de Bock, Bestevaerstraat 51,

A'dam; L. H. ter Wee, Jacob Marisstr.

91, A'dam; mej. J. Liffmann, Verbin-

dingstr. 3-III, A'dam; J. Spijker, Spij-

kerstraat 172, Arnhem; E. W. v. Wil-

gen, Alphen a. d. Rijn; M. v. d. Plank,

Brasserskade 169, Delft; G. Achter-

huis, Hengeloschestr. 4 C104, bij En-/

schede; M. Klep, Boschlaan 38, Gin-'

neken (bü Breda); Mevr. Fabius—Cre-

mer, Eindhoven; H. Fuhri Snethlage, L.

v. Meerdervoort 329, Den Haag; H.

Zirkzee, Korte Rapenburg 2, Leiden;

G. Sennée, Jonker Fransstr. 80a, Rot-

terdam; Jo de Zwart, Zomerhofstraat

72, R'dam; P. de Lange, Schoonoord,

Drente: K. Riedijk, Nieuwe laan 64,

Vlaardingen.

Nieuwe Vfff-guldens-prüsvraag

't Is al lang geleden, dat we een

ketenpnjsvraag opgaven. Dit ondanks

het feit, dat deze prijsvragen altijd in

den smaak vielen. Daarom nu ereis een

nieuwe. De keten begint met dageraad

en eindigt met zonsondergang, er lig-

gen^ drie ketens tusschen, die moeten

beginnen met de laatste lettergreep van

het vorige woord. Dus b.v. op dage-

kan volgen raadgeving of raadsel of

iets dergelijks en zoo verder, totdat de

schakeling aan „zon" van zonsonder-

gang aansluit.

Zendt uw opgaven vóór 30 Aug. a.s.

aan de Redactie Wereldrevue, Galge-

water 22, Leiden. Aan de vijf beste

inzenders zenden wij- één gulden. Ook

zijn er vele troostprijzen.

Onderschriften prfisvraag

Het volgende is het bekroonde onder-

schrift op de aangegeven teekening in

het nummer van 26 Juli van G. Sennée,

Jonker Fransstraat 80a, Rotterdam.

ZU: Maar man je hebt de pudding

die ik zelf bereid had, genomen om te

plakken inplaats van de stijfsel. Wat

moet ik nu onzen gasten voorzetten ?

Hij: Geef bun de stijfsel, daar mer-

ken ze toch niets van.

Troostprijzen kregen:

Mei. C. van der Lugt, Borgerstraat

161, Amsterdam; H. A. Schimmel Sr.,

Rochus^enstraat 188, 's-Graverdiage; J.

Kool. Kanaalstr. 21, A'dam; J. Massar,

Weerdiesstraat 30, Arnhem; f. Scheele

Rzn.. Copernicusstr. 234. Den Haag; W.

F. Bennewitz Jr., Rijswijkscheweg 101,

Den Haag.

Een onderschrift gevraagd.

Zendt dit vóór 30 Aug. a.s. aan het

adres Redactie Wereldrevue „Bijschrif-

ten-Prijsvraag", Galgewater 22, Leiden.

Als prijs wordt f 2.50 toegekend met

vele troostprijzen.

CORRESPONDENTIE

/. v. d. H. te Rotterdam. Wij heb-

ben in den laatsten tijd van dit soort

raadsels nog al veel gebruik gemaakt.

Wij moeten ook hierbij voor afwisseling

zorgen.

/ C. v. d. W., Rotterdam. Van uw

raadsels zal ik no. 3 gebruiken. No. 1,

daarvan ben ik geschrokken. Stel je

voor een politie-agent, die zich met

appels laat omkoopen. No. 2 is te inge-

wikkeld en no. 4 eveneens.

B. T., Den Haag. Heel graag. Wij

hebben de zaak ook in den doofpot

gedaan. Op uw vraag over het gebruik

der zaden hopen wij u spoedig antwoord

te zenden. Denk er voor het vervolg

aan, dat dergelijke vragen van t 0.35 in

postzegels vergezeld moeten zijn.

Thys Str., Schiedam. Beste Thys, dat

raadsel hebben we vroeger ook al ereis

gehad.

A. v. B., Den Haag. Een dergelijke

kleine fout kan natuurlijk voorkomen,

als de naam iets onduidelijk is gespeld

dan is de oorzaak al reeds aanwezig.

Iedereen, die de familie kent, verbetert

zoo'n foutje van zelf. Herplaatsing is

daarom niet mogelijk.

Aan inzendsters en inzenders van kin-

derportretten. Wij ontvangen geregeld

nieuwe portretten van kleine vriendin-

netjes en vriendjes, zoodat onze voor-

raad eerder toeneemt, dan afneemt.

Sommige inzenders worden ongeduldig

en vragen waarom zij nog niet aan de

beurt komen. Wij behandelen de inzen-

dingen al naar gelang ze binnenkomen

of de voorstelling geschikt is voor

een bepaald plaatsje. Wie de foto niet

lang kan missen, wachte dus voorloopig

met sturen, tot we weer om nieuwe

foto's vragen.

M. R. K. te Zierikzee. Hoe komt

u erbij. Wij moeten echter voor afwis-

seling zorgen en kunnen onmogelijk aan

een onderwerp te veel plaats geven.

G. v. d. W., Den Haag. Vragen op

het gebied van hoenderteelt moeten

vergezeld zijn van f 0.35 in postzegels.

Gaarne ontvingen wij dit bedrag nog

van u.

Mevr. H. Wij hopen spoedig uw vraag

te behandelen.

Me]. T. v. R., A'dam. Ook u hoop

ik spoedig nader te berichten.

G. de W. te Arnhem. Dat ziet ge

juist veel in gezinnen met kinderen, die

weinig van elkaar in leeftijd verschillen.

Zij hebben geen behoefte aan vreemde

kinderen. U behoeft zich daarover echter

niet ongerust te maken. Later komt dat

wel in orde.

t

l

'%

*-

I

jpIN ANDERMANS SCHOENEN^

(g))) — door K. CECIL THURSTONB — ^(^

John Chilcote, afgevaardigde voor

East Wark, is bij het verlaten van het

parlement door een dikken mist over-

vallen en heeft in dien mist een gesprek

met een voorbijganger.

Als de mist optrekt, blijkt, dat de

beide mannen op verrassende manier

op elkaar lijken. Chilcote is daardoor

in de war.

De vreemde ontmoeting heeft Chil-

cote nerveus gemaakt. Hij neemt mor-

fine, waaraan hij sinds eenigen tijd ver-

slaafd is. De uitwerking van het gift

wordt spoedig merkbaar. Chilcote is

zichtbaar opgefrischt.

Nadat de morfine uitgewerkt is, ver-

sdapt Chilcote weer. Alles hindert hem.

Hij gaat z'n huis uit en dwaalt door

de stad. Daarop bezocht hij Lady

Astrupp, een zeer jonge, zeer mooie

en wufte weduwe. Zij vertelt hem, dat zij

een boek leest Other men's shoes,

waarin van de groote gelijkenis van

twee mannen sprake is.

Na het bezoek aan Lady Astrupp

gaat Chilcote, naar het parlement. Hij

moet spreken, maar voelt zich plotseling

te ziek. Hij verlaat het parlement en

rijdt naar huis om zoo spoedig mogelijk

morfine te nemen. Dan bezoekt hij Loder

zijn dubbelganger en doet hem het

voorstel, om net als in het boek,

met elkaar van positie te ruilen. Eerst

werpt Loder de gedachte ver van zich

af. Doch den volgenden dag krijgt Chil-

cote een telegram. Loder vraagt hem

om naar zijn woning te komen; hij

accepteert 't voorstel. De voorbereiding

wordt getroffen. Allerhande moeilijk-

heden zijn te overwinnen. Soms schijnt

het plan te mislukken. Plotseling komt

Chilcote bij Loder en zegt, dat hij hem

moet vervangen. Hij kan 't niet langer

uithouden. Alles wordt in orde gemaakt.

Bijna hadden zij de ringen vergeten, die

Loder's lidteekenen moest bedekken.

Hij vertelt Chilcote de geschiedenis

ervan, een ontmoeting in Italië met een

heel mooie, ijdele vrouw, die hem, op

avontuur belust, voor den mal hield.

Haar hondje heeft hem in de vingers

gebeten. Dit heeft hem tegen vrouwen

gepanserd. Nadat de mannen afscheid

hebben genomen, blijft Chilcote alleen

in Loder's kamer. Loder gaat naar Chil-

cote's huis. Hij heeft een gesprek met

diens vrouw, die hem een boodschap

van haar pleegvader, Fraide, den ouden

politicus overbrengt. Daarop volgt een

ontmoeting met Fraide, die zich opnieuw

voor hem interesseert, nu hij bemerkt

hoe Chilcote meer belangstelbng toont.

Mevrouw Chilcote tracht van haar man

de belofte te krijgen, dat hij zich meer

^al inspannen. Dan komt plotseling het

telegram, dat Loder terugroept en drie

weken lang verkeert Chilcote weer in

zijn oude omgeving. Loder kan zich niet

gemakkelijk meer in zijn oude positie

schikken en is zeer neerslachtig.

Een tijdlang ging hij in die rich-

ting voort, maar toen hij Bouverie-

Street bereikte, draaide hij rechtsaf,

nam een der eenigszins hellende

straten die naar Carmelite leiden en

bereikte zoo het Embankment, de

kade die langs de Theems voert.

Daar bleef hij een oogenblik staan,

diep ademhalend. De halve duister-

"-••'■■ ■ ; _ ■ ___

nis en de groote ruimte om hem

heen gaven hem een gevoel van ver-

kwikking. Hij trok zijn hoed nog

wat meer in zijn oogen, liep naar

de rivierkant en zette toen zijn weg

voort in de richting van Westminster-

Bridge. De watermassa naast hem

was glad als olie en ondoorzichtig;

zij leek in de halve duisternis nog

eens zoo breed en leverde een fan-

tastisch schouwspel op met de tal-

looze teruggekaatste lichten, die er

als het ware een netwerk over vorm-

den. Op den tegenovergestelden

oever staken de reusachtige ge-

bouwen en schoorsteenen donker af

tegen den hemel en ook daar straalde

een eindelooze massa lichten. Dit

alles deed denken aan een andere

stad.

Zijn gemoed was vol, terwijl hij

huiswaarts ging; hij zag niets van

alles, wat hem eerst belangstelling

had ingeboezemd, — de breede rivier,

de gebouwen aan den overkant, het

schijnsel van de lichten op het water.

Hij kwam weder door Fleet-Street

en liep verder naar zijn huis terug

met de kalme zekerheid, die som-

mige menschen kunnen hebben in

oogenblikken van volkomen afge-

trokkenheid van geest.

Hij liep door Clifford's Inn met

denzelfden langzamen, bijna luste-

loozen stap; toen hij dicht bij zijn

deur kwam, bleef hij staan. Er stond

iemand op de stoep.

Een oogenblik dacht hij, dat zijn

verbeelding hem parten speelde; toen

begreep hij plotseling alles en zijn

hart bonsde van verwachting.

„Ben jij het, Chilcote?" vroeg hij

op gedempten toon. Het was aan zijn

stem niet merkbaar, wat er in zijn

binnenste omging.

Bij 't geluid van zijn stem, draaide

de persoon op den stoep zich om.

„Hola!" zeide hij, „ik dacht een

oogenblik, dat je den geest van den

een of anderen ouden bewoner van

't huis waart. Je zult me vermoedelijk

in 't geheel niet verwacht hebben?"

Loder nam de hand, die hij hem

toestak in de zijne en drukte haar,

zich er volkomen van onbewust, dat

hij dit deed.

„Neen, ik had je — niet verwacht",

antwoordde hij.

Chilcote keek hem aan en keek

toen naar het graspleintje voor hem.

,,lk ben heelemaal op", zeide hij. „Ik

kan 't niet langer doen dat loopen

in 't gareel!" Hij lachte, toen hij

dat zeide, maar bij het flauwe schijn-

sel van 't licht in de gang vond

Loder, dat zijn gezicht sterk verval-

len was, ondanks den lichten blos

van opwinding door hun ohtmoeting

veroorzaakt. Hij schoof zijn arm

onder dien van Chilcote en trok hem

mee naar de trap.

„Zoo, zoo, ben je 't slavenleven

moe?" vroeg hij, ook lachend, in

navolging van zijn bezoeker en van

diens toon. Maar onder zijn oogen-

schijnlijk rustige vroolijkheid klop-

ten zijn polsen en waren zijn

zenuwen gespannen van verwach-

ting, en hij had plotseling een gevoel,

alsof hem een groote macht ten deel

viel, waardoor hij verheven werd

boven 't gjeen hem omgaf en boven

andere menschen; 't was, alsof hij

geestelijk en physiek op een ver-

hevenheid werd geplaatst, van waar

hij de wereld overzag; 't was hem

ook, alsof het lot hem in het oogen-

blik van duisternis rondom hem een

teeken had gegeven.

Voor zij aan de trap kwamen, had

Chilcote zijn arm al weggetrokken.

Nu klom hij haastig naar boven,

maar op het eerste portaal bleef hij

staan en keek naar Loder, die achter

hem liep.

„Het ging in den beginne best,"

zeide hij, — „uitstekend! De eerste

week volgde ik bijna heelemaal je

voorbeeld, 't Was of ik op een soort

hoogte stond, waar ik op blijven

moest. Maar de laatste tien dagen is

bet — is het weer mis gegaan."

„Waarom?" Loder vermeed het

hem aan te zien; hij hield hardnek-

kig zijn oogen gevestigd op de plek,

waar zijn hand de leuning vasthield.

„Waarom?" herhaalde Chilcote.

,,De oude, voorhistorische geschie-

denis, — zwakheid, die krachtiger

is dan sterkte. Ik — ik — het spijt

me ontzaglijk, dat ik 't je zoo lastig

maak maar 't is dat zich moeten ver-

toonen in de wereld, dat me van

streek maakt. Daar kan ik niet

tegen."

„'t Zich moeten vertoonen in de

wereld?" herhaalde Loder verbaasd,

„ik dacht juist...."

„Je moet niet denken, man! Ik

denk nooit! Dat sleept zulk 'n voort-

durend onderstebovengooien van

principes en theorieën achter zich

aan. Wij hebben in ons contract

alleen maar over de politieke quaes-

tie gesproken, maar 't geval wil,

dat het gezelschapsleven overal bij

komt kijken, dat dringt zich overal

in en in de politiek vooral. Ik heb

je niet noodig voor dineetjes of om

naar de comedie te gaan, maar een

groote soiree met een politiek bij-

smaakje zie je, dat is wat anders.

Daar moet iemand in mijn positie

zich vertoonen; hij doet zijn carrière

afbreuk, als hij dat verzuimt; men

zou er over spreken."

Loder keek op. „Leg me dat eens

uit," zeide hij haastig.

Chilcote schrikte even bij die

vraag.

„Ben ik — ben ik niet duidelijk

genoeg geweest?" zeide hij. „'t Ge-

val wil, dat er van avond een soiree

bij de Brawfell's is. Je weet wel,

bij Blanche Brawfell, — gravin

Brawfell, de zuster van Lillian As-

trupp." Zijn woorden maakten Loder

niets wijzer, maar dat bedacht hij

niet. Alle mogelijke explicaties vond

hij lastig en vervelend en daarom

wierp hij ze ver van zich.

„En nu moet je daar verschijnen

ter wille van je partij?"

Chilcote loosde een zucht, maar


~-iT r. ..........i ' * . , . , .

't was een zucht van verlichting.

„Ja. De oude Fraide is er zeer op

gesteld — en Eve zegt, dat ik 't

onmogelijk kan laten." Hij voegde

er deze laatste woorden op onver-

schilligen toon bij; maar toen scheen

plotseling de naam van zijn vrouw

(.en herinnering bij hem wakker te

roepen. De uitdrukking op zijn ge-

zicht veranderde, er kwam een trek

van satirisch genoegen op en lachend

zeide hij:

„Apropos, Loder, mijn vrouw is

de eerste negen of tien dagen, nadat

ik terug was, bijzonder vriendelijk

en tolerant voor me geweest. Ik dacht

dat je in je vervanging van me ge-

heel onpersoonlijk zoudt blijven? Ik

ben niet jaloersch," vervolgde hij

lachend, „ik ben absoluut niet ja-

loersch hoor, maar weet je wel, dat

je gezegd hebt, na die geschiedenis

in Italië. Een ezel stoot zich niet

tweemaal aan ..."

Zijn toon en zijn lach brachten

Loder's bloed in beweging; onwille-

keurig omklemde zijn hand de

leuning vaster en hij keek met ge-

fronst voorhoofd op naar het gezicht

boven hem — zijn eigen gezicht,

naar het scheen, waaruit een ietwat

boosaardig genoegen sprak. Toen hij

dat zag, kwam er een zonderlinge

gewaarwording over hem; zijn hand

liet de leuning los, hij duwde Chil-

cote, zonder hem te laten uitspreken,

op zijde en liep haastig naar boven.

Voor hij de kamerdeur geopend

had, stond zijn metgezel naast hem.

„Loder", zeide hij. „Loder! ik be-

doelde niets kwaads. Een mensch

moet toch eens 'n oogenblik vroolijk

zijn in zijn leven!"

Maar Loder bleef met afgewend

gezicht voor de deur staan.

Een plotselinge angst maakte zich

van Chilcote meester. „Loder", zeide

hij op dringenden toon, „je wilt me

toch niet aan mijn lot overlaten?

Ik kan vanavond niet teruggaan. Ik

kan niet, hoor je!"

Nog steeds bleef Loder onbe-

weeglijk staan.

Door zijn stilzwijgen doodelijk be-

angst, greep Chilcote hem bij zijn

arm en riep zenuwachtig uit:

Loder! Loder, je zult me toch niet

aan mijn lot overlaten?"

Met een haastige beweging trok

Loder zijn arm weg; toen keerde hij

zich naar Chilcote toe:

„Wat zijn we allemaal toch

dwazen!" zeide hij op korten, min-

achtenden toon. „Ik geloof, dat het

alleen maar de graad van dwaasheid

is, waarin we verschillen. Ga mee

naar binnen en laten we van kleeren

verwisselen."

HOOFDSTUK XIV.

De beste oogenblikken in het

leven van een man zijn die, waarin

hij, bewust van zijn innerlijke kracht,

voelt, dat de wereld voor hem open

staat. Bevredigde eerzucht moge de

zomer van zijn loopbaan zijn, de

anticipatie ervan kan men de

bloeiende lente van die loopbaan

noemen.

Toen Loder dien avond van Fleet

Street naar Qrosvernor Square reed,

voelde hij dit, hoewel het hem niet

met bewustheid duidelijk werd, want

hij was niet zeer vergevorderd in

zelfonderzoek en zelfontleding. Maar

de gewaarwording was te sterk om

ongemerkt voorbij te gaan. Hij be-

greep, dat hij nu vasten voet had ge-

kregen en dat hij op de ladder stond,

die hem naar boven moest brengen.

Op dat oogenblik zag hij noch

vooruit noch achter zich. Het tegen-

woordige was hem voldoende. Er

mochten moeilijkheden voor hem zijn

weggelegd, — moeilijkheden hadden

maar één doel: het op de proef stel-

len en aanwakkeren van iemand's

krachten. In deze eerste oogenblik-

ken was zijn egoïsme alleen aan 't

woord en in dat egoisme verheugde

hij zich bijna over Chilcote's zwak-

heid. Hoe meer Chilcote zijn levens-

draden verwarde, hoe sterker en

vaardiger de vingers moesten zijn,

die hen weer ontwarden. Een groot

ongeduld maakte zich van hem

meester, de drang, de vreugde tot

handelen giste in zijn bloed.

Hij stapte uit het rijtuig, liep met

rustig zelfvertrouwen naar de deur

van Chilcote's huis en stak den

sleutel in 't slot. Zelfs in deze een-

voudige handeling lag een zweem

van voldoening. Toen opende hij

bedaard de deur en trad de vestibule

binnen.

Een knecht was bezig houtblok-

ken op het vuur te gooien, dat in

den grooten open haard brandde.

„Waar is mevrouw?" vroeg Loder,

onbewust zijn eerste vraag in dit-

zelfde huis herhalend.

De knecht keek op. Mevrouw

komt juist van tafel, mijnheer; zij

heeft alleen gedineerd, — op haar

eigen kamer." Hij keek naar Loder

met dien snellen, onzekeren blik, dien

men bij al de bedienden in huis waar

kon nemen, als zij iets tot hun

meester zeiden. Loder bemerkte dien

blik en dacht bij zichzelf, hoeveel

nieuwsgierigheid er door verraden

werd, — hoeveel inzicht in die

dingen, die voor de dienstboden ge-

heimen moeten blijven, er onder

verborgen lag. Een oogenblik voelde

hij zijn oude ergernis tegen Chilcote

weer ontwaken, maar ongeduldig

schudde hij ze van zich af. Zonder

verder iets te zeggen klom hij de

trap op.

Toen hij boven was, begaf hij zich

niet, zooals gewoonlijk, naar de deur,

die het portaal afsloot, waarop Chil-

cote's kamers uitkwamen, maar hij

liep de gang verder op naar Eve's

boudoir. Langzaam legde hij die

enkele passen af; bij de deur om-

vatte zijn hand den knop, maar toen

wachtte hij een oogenblik. Een ge-

voel, dat hij niet verklaren kon, —

een aarzeling, een tegenzin om in dit

gedeelte van het huis binnen te drin-

gen deed hem plotseling den knop

los laten. Met iets verlegens in zijn

houding liep hij langzaam weer naar

zijn kamer terug.

Zoodra hij in Chilcote's slaap-

kamer was, drukte hij op de elec-

trische schel. Renwick stond bijna

op hetzelfde oogenblik voor hem en

toen Loder hem zag, werd zijn gevoel

van in de omgeving te zijn, waar hij

thuishoorde, reeds opgewekt door

het groote bed en het deftige ouder-

wetsche ameublement van de kamer,

nog sterker.

Maar Renwick kwam de kamer

niet verder in, zooals hij verwachtte.

Hij bleef vlak bij de deur staan, in

een aarzelende houding, die een goed

gedresseerden knecht vreemd is.

Loder bedacht, dat 's mans onnoozel-

heid waarschijnlijk Chilcote tot wan-

hoop gebracht had en dat Chilcote

zich wellicht geen moeite had ge-

geven, om die wanhoop te verbergen.

Dat denkbeeld deed hem onwille-

keurig glimlachen.

„Kom wat meer de kamer in,

Renwick," zeide hij. „Ik vind er iets

onaangenaams in, dat je daar bij de

deur blijft staan. Heeft mevrouw van

avond geen boodschap voor me ge-

geven?

Renwick nam hem van ter zijde

angstig op. „Jawel, mijnheer," ant-

woordde hij. „Mevrouw's kamenier

zeide, dat het rijtuig besteld was om

kwart over tienen en dat mevrouw

hoopte, dat u dien tijd goed vond."

Hij zeide dit op aarzelenden toon,

alsof hij een driftigen uitval ver-

wachtte.

Bij den eersten zin had Loder

toevallig een anderen kant opge-

keken, maar nu de man zweeg,

keerde hij zich om en zag hij hem

met zijn heldere, doordringende

oogen strak aan.

„Luister eens, Renwick," zeide hij,

„ik kan het niet hebben, dat je op

zoo'n manier tegen me spreekt. Ik

mag soms eens tegen je uitvaren als

— als ik last van mijn zenuwen heb;

maar als ik me wel voel, dan be-

handel ik je ook, zooals 't behoort.

Je zult moeten leeren te zien, of ik

wel ben of niet. Kijk me nu eens

aan." Bij die woorden klopte zijn

hart ietwat sneller, — het was een

groot waagstuk; maar ook het ge-

voel van als heerscher op te treden,

deed het bloed vlugger door zijn

aderen stroomen.

„Kijk me eens aan. Zie ik er uit,

zooals ik er van morgen uitzag —

of gisteren?"

De man keek half onnoozel, half

verlegen naar hem op.

„Wel?"

„Nu, mijnheer," antwoordde Ren-

wick, „ik zou zeggen, dat u er 't

zelfde uitzag — en aan den anderen

kant ook weer anders. U heeft, dunkt

me, een gezonder kleur, uw oogen

staan helderder." Onder Loder's half

lachende blik, die hem als 't ware

tot spreken uitlokte, werd hij ver-

trouwelijker. „Nu ik u nauwkeuriger

aanzie, mijnheer...."

Loder lachte. „Juist precies!" zeide

hij. „Nu je me nauwkeuriger aan-

ziet, merk je dat. Je zult wat nauwlet-

tender toe moeten zien; nauwlettend

toezien is een van de beste eigen-

schappen in een bediende. Als je in

't vervolg de kamer inkomt, moet je

me dadelijk aankijken en dan daar-

naar je gedrag regelen. Je moet be-

denken, dat het dienen bij iemand, die

last heeft van zijn zenuwen als 't

. . '

J

mmmmm^.— «JJP^W .• l —'

ware hetzelfde is als twee meesters

te dienen. Nu kan je gaan; en zeg

aan de kamenier van mevrouw, dat

ik om kwart over tienen klaar zal

zijn."

„Ja mijnheer. Heeft u verder nog

iets?"

„Neen. Ik heb je ook niet meer

noodig, als ik vannacht thuis kom".

Hij keerde zich om bij die woorden

en ging naar den haard toe, die altijd

brandde in Chilcote's slaapkamer.

Toen de knecht de kamer wilde ver-

laten, riep hij hem echter terug.

„O ja, Renwick, nog iets. Breng

me wat sandwiches en een whisky en

soda".

Hij herinnerde zich op dat oogen-

blik voor 't eerst, dat hij sedert dien

middag twee uur niets gebruikt had.

(Wordt vervolgd.)

GLUCK UND ERFOLG UM

HERRENVERKEHR

HANSA

Erstes Amerikanisches

Institut fürSchönheitsplege

Pediküre, Maniküre, Massages, Haarbehandlung,

(Haarausfall u.s.w.) Haarfarbe, entfetlung, Ent-

haarung, Kopfwaschungen, u.s.w.

HANSA Beseilel WIRKUCH Pusteln, Pickel,

Milfesser, Fleckige Haut. Summersprossen u.s.w.

Für oft enttäuscht endlich da« rechte

HANSA

Amrterdamscheitraat 29 - Scheveningen

Bezoekt te Scheveningen

CENTRAL PAVILLON

en

CENTRAL DIELE

HET Cabaret van Scheveningen

Nederlandsch-lndie

KANTOOR VOOR ADVIEZEN

(en behoeve van hen, die voor he( eers(

naar Indië vertrekken, door een dame vol-

komen op de hoogte van Indische toestanden.

Desgewenscht ook les in Maleisch.

INLICHTINGEN GRATIS

VAN SLINGELANDTSTRAAT 14

DEN HAAG

PAVILLON ORIENTAL

= HABLÉ =

GEVERS DEYNOOTWEQ 17/19

SCHEVENINGEN

TELEFOON 60474

Geopend een naar de eischen destijds inge-

richte Salon van de ouds gerenommeerde

HABLÉ-WAFELS

LUNCH- EN TEAROOM

Aangenaamst en rustigst zitje van Scheve-

ningen, halte lijn 8, tegenover de „Seinpost"

R UwialbcwaarpUau

Zelfde firma als op de Boulevard,

Zeekant 9 - Telefoon 50318

.■■i-i^,.-.•„■,>::. . . ^_ — „

O'!

t

NUTTIGE WENKEN

Nog te weinig worden door de

vrouwen bij haar huiswerk de zoo

gemakkelijke rubber-handschoenen

gedragen. Zij voorkomen harde ruwe

handen en zijn volstrekt niet storend

bij het werk.

Voldersaarde met ammonia tot een

papje gemaakt, vormen een middel

om wijnvlekken uit linnen te ver-

wijderen. Spreid het papje op de

vlekken, laat het goed drogen en

wasch het linnen dan in lauw-warm

water uit.

Wanneer ge witte zij wilt was-

schen, wrijf er de zeep dan nooit

over. Los de zeep in het water op

voordat gij er de zij inbrengt. Wring

het in warm water uit.

Schoenen passen met X stralen.

Toen ik onlangs in Glasgow was,

zag ik daar een zeer practische en

aardig gevonden toepassing van de

X-stralen.

In de schoenen-afdeeling van het

grootste „warenhuis" der stad was

een apparaat opgesteld, dat den klan-

ten de gelegenheid geeft om te con-

troleeren of het schoeisel, dat men

wil koopen, werkelijk past, d.w.z.

of het geen schade aan de voet kan

doen.

Men gaat op een verhooging staan

en zet de voeten op een glazen plaat.

Men buigt zich dan over een kijk-

glas, zooals dat aan de bekende

VOOR ONZE LEZERESSEN C

No. 69924. Keurige en zeer prac-

tische Najaarsmantel of om bij

koele zomeravonden te dragen.

Men kan hem maken van tweed,

serge of covert coating.

Benoodigd van 133 cM. breedo stof

3.75 ä 4 M.

Verkrijgbaar in maat 42. 44, 46,

48 of 50 ; overeenkomend met

bustemaat 90, 95, 100, 110 of

120 cM.

No. 71527. Schattig Zomerpakje

voor een kleinen jongen voor katoen,

zephyr, enz. gegarneerd met een

biesje van afstekende kleur.

Benoodigd Van 95 cM. breede itof

1,25 M. ; van 90 cM. breede gar-

neerstof 0.35 M. Verkrijgbaar voor

den leeftijd van 1 tot 6 jaar.

No. 71527

Deze modellen zijn met toestemming der fa. Weldon Ltd.

te Londen, ontleend aan de Weldon's Modebladen.

Geknipte patronen zijn tegen toezending van f 0.65,

ingeregen patroon mantel f 1.80, japon en mantel-

costuum f 2,75, blouies en kindergoed f 1.50 en itrijk-

patronen k 25 cent per nummer, franco te bekomen bij

Mevr. Milly Simons, 2e Schuytstraat 261, Den Haag.

stereoscopen is aangebracht en ziet

naar beneden. De verkoopster heeft

inmiddels de electrische verbinding

tot stand gebracht en voor het oog

van den kooper vertoont zich nu

het skelet van de voet omgeven met

den zoolrand, zoodat men precies

zien kan of de schoen aan de voet

knelt of voldoende ruimte overlaat,

zoodat de voet zich kan bewegen.

De verkoopster kan door een

andere opening tegelijker tijd zich

op de hoogte stellen en daardoor

constateeren, welke schoenen de

cliënt noodig heeft.

Het leek mij een zeer practische

nieuwigheid, waarvan de algemeene

toepassing zeker aanbevelingswaar-

dig mag heeten.

LEVENSPROBLEMEN

Mevr. N. W. P. te S. Tot mijn spijt

heeft het eenigen tijd geduurd eer ik

u antwoord kon geven.

Beeldt u zich niet iets in? Verwijde-

ring tusschen man en vrouw zijn vaak

gevoed en vergroot doordat één van

de beide partijen (of wel beiden)

ging(en) gelooven, dat de andere's toe-

genegenheid verkoeld was.

Langdurige afwezigheid behoeft niet

tot verwijdering te voeren.

Integendeel, vaak is de vreugde van

het weder ontmoeten de bron van ver-

sterkte liefde.

Onderzoek eens bij u zelf of wellicht

ook bij u schuld kan zijn.

De inlichtingen, welke u wenscht, kun-

nen wij moeilijk voor u krijgen, daar

wij de details niet voldoende kennen.

U kunt echter Mesdagstraat 8 te

's-Gravenhage mondeling alle infor-

maties krijgen (tel. 11880, toestel 66).


^^^^««TO«^^^- -'^ m^Mvmmmm

JONGENS EN MEISJES

BBN HOBKJB APAHTI

ONDER RBDACTIB VAN TANTB LIZB

Beste meisjes en jongens. Velen van

jelui hebben de prijsvraag van 26 Juli

goed opgelost. Maar de netheid liet bij

velen nog al wat te wenschen over.

Hieronder laat ik de vraag met de

oplossing volgen en dan de namen der

prijswinners.

D

dus: stoomtrammen.

Lies Ewert, Czaar Peterstr. 39, Am-

sterdam; Catharina Poots, Develstraat

15rood, Dordrecht; J. Admiraal, Zui-

dendijk 97, Dordrecht; Willem Plank,

Brasserskade 169, Delft; Henny Pot-

tinga, Pothoofd 29, Deventer; Johanna

Hoogendijk, Atjehstr. 53, Den Haag;

Paulientje Kamperdijk, 2e Schuytstraat

117, Den Haag; B. Eijkhout, v. Ostade-

straat 367, Den Haag; Elizabeth Par-

ree, Hamerstr. 8 en 8B, Den Haag;

Paul v. d. -Leek, De Heemstr. 216, Den

Haag; Willy Kleijn, Hekkelaan 11 o,

Dgn Haag; Jeanne Amelia Chevallerau,

Beeklaan 336, Den Haag; Harry Vet-

ter, Frankenslag 351, Den Haag; Roe-

lof Engelenberg, Leidschestr. 8, Haar-

lem; N. Kuivenhoven, Heerenstr. 27,

Leiden; Jo Stuy, St. Annastraat 66,

Nijmegen; Johan Falize, Groesbeeksche

Dwarsweg 4, Nijmegen; Bram v. d.

Burgh, Adrianastr. 61a, Rotterdam; J.

v. d. Heuvel, IJselstr. 50, Rotterdam;

Marie Bakker, Maasdamschestraat 13,

Schiedam; Gerrit Boonefaas, Zuidkade

334, Waddinxveen; Roelof Jobing, 42c

Laan, Wildervank; Ella Joachimsthal,

Grand Hotel, Zandvoort.

DE NIEUWE PRUSVRAAG

L •_•:

v>

Onze lezer M. v. Kaden is een grap-

penmaker. Die stuurt me bijgaande

teekening en vraagt me: Zeg, tante Lize,

wat weet je van dat mannetje te ver-

tellen ?

Ik heb er ereis naar zitten kijken

en ondanks het feit, dat ik er eerst

niet veel van zeggen kon, kreeg ik dien

Van Maden heel spoedig in de gaten.

Wat dunkt jelui meisjes en jongens,

wat je er allemaal van zeggen kunt ?

Dat hij onmondig is, heb je zeker al

gezien, dat hij.... Maar neen, ik ga

jelui niet helpen. Doet het zelf! En

stuurt vóór 30 Aug. a.s. den uitslag

aan Tante Lize, Galgewater 22, Leiden.

Voor de beste inzendingen zijn mooie

prijzen.

^_^____^__^^^_

De Anatomische Les

(Op lijm.)

Uit het dictaat van een medisch-studcnt.

XXV.

DE VOET.

De voet bestaat uit vele beentjes:

Voetwortel, middenvoet, vijf teentjes.

Drie kootjes bezit elke teen.

De groote teen, die mist er een.

De voetwortel heeft een oneven

Aantel beendren, namelijk zeven,

Waaronder, het zij hier vermeld,

Men èn het sj>ring~ èn 't hielbeen telt.

De middenvoet bevat vijf beentjes

Tusschen den wortel en de teentjes,

Dewelke niet zoo erg klein,

Doch langer dan de kootjes zijn.

DE KNIESCHIJF.

De knieschijf, 'n plat stuk been, is tegen

De voorzij van de knie gelegren.

Zij zorgt, dat 't kniegewricht niet knikt.

Bij 't loepen niet naar achteren zwikt

RHEUMATIEK

HOOFD EN ZENUWPUN

—1 VEPKOUDHEID F -

SL&PELOOSHEID

Elke week een vraag.

Max M. te Amsterdam vraagt

waarom de pennen van een vulpen-

houder meestal van goud worden

gemaakt.

De reden, Max, waarom men dit

kostbare materiaal voor deze pen-

nen neemt is de volgende. Goud is

een edel metaal, d.w.z. het roest niet.

Roesten doen de metalen doordat

zij aangetast worden door zuren. De

inkt, waarmee wij tegenwoordig

schrijven, bevat de zuren, welke de

niet-edele metalen aantasten. Deze

zijn daarom niet geschikt om een lang

leven, dat van een vulpen wordt ge-

eisoht, door te maken. Nu is het

niet waar, dat de pen van een vul-

penhouder heelemaal van goud is.

Dat zou al weer niet mogelijk wezen,

daar goud een heel zacht metaal is.

De punten van een goede vulpen-

houder zijn van irridium gemaakt.

Irridium is bijzonder hard en daar-

door kan het de voortdurende wrij-

ving over het papier goed weer-

staan, beter nog dan het staal,

waarvan de gewone pennen ge-

maakt zijn, welke echter gemakke-

lijker te vervangen zijn.

VOOR DE OUDEREN

Electriciteit om metalen te ont-

dekken.

Men heeft wel van de wichelroede

gehoord, waarvan gezegd wordt, dat

zij in de handen van hen, die er voor

geschikt zijn, aanduidt waar water te

vinden is.

Door een nieuwe methode met een

soort van electrische wichelroede

heeft men nu voor 't eerst in Zweden

arsenicum in den bodem gevonden.

Tegelijk werden nieuwe beddingen

van ijzerpyriet en koper ontdekt.

Het onderzoek vond plaats in de

provincie Vaesterbotten in Zweden.

Volgens een voorloopige raming zal

men jaarlijks 350.000 ton pyriet,

25.000 ton kopererts en ongeveer

40.000 ton arsenicumerts kunnen win-

nen. Dit laatste bevat omstreeks 30

procent arsenicum. De ontdekking

van dit erts is voor Zweden van

groot industrieel belang, daar Zweden

voor dit product geheel op het buiten-

land aangewezen was. Het gevonden

kopererts bevat vier tot acht procent

koper, terwijl het ijzerpyriet 40 ä 45

procent zwavel kan opleveren.

De methode, waardoor het erts ge-

vonden werd, is uitgevonden en toe-

gepast door een Zweedsch ingenieur,

Karl Sundberg. Er wordt alleen ge-

werkt met electrische instrumenten,

die niet alleen de ligging van het

erts aanduiden, maar ook aard en

hoeveelheid er van. De instrumenten

werden gebruikt in combinatie met

de gewone geologische methode.

Wanneer Sundberg losse brokken erts

vond nam hij aan, dat zij daar vroeger ■

door gletschers waren achtergelaten.

Met het instrument werd dan in de

richting van den ouden gletscher ge-

zocht.

RAADSELS

ingezonden door S. D. N. van Rhijn,

Gr. Hertoginnelaan 224, Den Haag.

A B A

B B

A B A

Jan heeft 56 centen. Hij krijgt een

geldkistje met 6 vakjes en wil z'n centen

nu zoo verdeelen, dat in de hokjes met

een A aangegeven, precies evenveel lig-

gen en in B precies evenveel, doch zoo'

dat opgeteld naar alle kanten 23 centen

zijn te vinden. Hoe doet hij dat ?

•s}U3P g q ui 'ö v uj

Welk water wordt heel koud, alleen

door er een s achter te zetten?

'Sb JpjOM fl f3f/

_

*

MET BLOEMENCORSO TE SCHBVBNÏNOEN

Overzicht der versierde wagens op den strandboulevard.

WERELDREVUE

WEEKBLAD ONDER LEIDING VAN M. E. B. CUBIUS.

REDACTIE-ADRES GALGEWATER 22, LEIDEN.Tel. 760.

22 AUG. 1924


Charles G. Dawes Het amerikanisten-congres In den Haas

Ie leider der conferentie van deskundigen Congressisten, uit alle deelen der wereld bijeengeicomen, op de stoep van de .Ridderzaaf

en vader van het naar hem genoemde In het mi(iden de voorzitter, mr. Delprat.

Dawes-rapport.

WAT BUITEN EN BINNEN

ONS LAND GEBEURDE

H—18 Augustus

vHet laatste woard is nu aan de

parlementen der betrokken landen

jsn speciaal aan den Rijksdag. Met

ideze uitspraak mag dit overzicht

beginnen na de berichten, welke ten

lange leste het bericht brachten, dat

men in Londen tot een compromis

is gekomen.

Frankrijk heeft beloofd, indien het

; Dawes-voorstel en de verder overeen-

igekomen afspraken door Duitschland

iworden vervuld, voor 15 Augustus

|l925, dus in een jaar, de Roer-

t)ezetting in haar geheel op te heffen

jen direct tot het terugtrekken der

troepen in eenige voorname plaatsen

alsmede van de spoorwegbeambten,

uit het bezette gebied over te gaan.

Dat was het uiterste, waartoe

Herriot, die natuurlijk ook met de

stemming van zijn landgenooten

rekening moest houden, wilde gaan.

Zijn kracht lag in het feit, dat

zoowel Macdonald als de amerikaan-

sche gezant Kellogg zich achter den

franschen premier schaarden.

Zoo is dus deze eertte conferentie,

waarbij twee sociaal-democratische

premiers de leiding hadden, tot een

succes geworden.

De toekomst zal moeten leeren

in hoever dit blijvend en tot alge-

meene zegen is.

De feesten ter gelegenheid van

het vijfjarig bestaan der duitsche

grondwet van Weimar zijn overal

rustig en waardig gevierd.

NA TIEN JAREN

ET ONZEN EilGEN FOTOGRAAF DOOR BELGIË

De oude verwoeste bibliotheek

In Leuven

De duitsche afgevaardigden

in hun hotel te Londen gefotografeerd, v.l.n.r. Dr. Stresemann

en Dr. Luther.

De nieuwe pas gebouwde biblio-

theek aldaar.

De ruïne van het oude gerechtshof te Leuven

VAN TWEE BELANGRIJKE CONFERENTIES

wumtm^

A. A. Joffe

De sowjet-ambassuradeur. die de overeen-

komst met het engelsche gouvernement

onderteckende.

In Egypte is een beweging tegen

den koning gaande. Op de egyptisch-

soedaneesche grens hebben botsingen

tusschen engelsche en egyptische

militairen plaats gevonden.

Het nieuwe Servische kabinet heeft

een motie van vertrouwen gekregen.

China werd geteisterd door ge-

weldige overstroomingen. Men schat

dat tenminste 50.000 menschen ver-

dronken zijn.

De zuid-slavische regeering is van

plan Kroatië autonomie te verleenen.

Prins Paul zou onderkoning van

Kroatië worden.

In de af geloopen overzichtsperiode

bracht de koningin met het prinsesje

een bezoek aan Hilversum,

In den Haag werd een amerika-

nistencongres gehouden met deel-

nemers uit verschillende deelen van

de wereld.

Er is een ontwerp tot wijziging

der forensenbelasting ingediend.

De wet houdende nadere bepa-

lingen omtrent den waarborg en de

belasting der gouden en zilveren

werken treedt 1 Sept. a^. in werking.

Prins Carol van Roemenie

bracht een bezoek aan de »liegtuigenfabriek

Fokker te Amsterdam.

Na het onderteekenen der engelsche-sowjet overeenkomst

Dr. Marx Ue sowjel-gedeiegeerden na het onderteekenen voor het engelsche ministerie

van buitenlandsche zaken gefotografeerd.

^ ^^^^ , -

WEEKPRAATJE

DE ONTDEKKING VAN

AMERIKA.

Een van de verdiensten van

geschiedkundige nasporingen is,

dat elk bekend feit, telkens en

telkens weer onder de loupe

wordt bekeken en nageplozen

of het wel waar en histo-

risch juist is. Door al dat bestu-

deeren is al heel wat, dat we

op school als onomstootelijke

waarheid uit het hoofd hebben

moeten leeren, onjuist gebleken

en onnuttige oefening voor onze

kinderlijke hersenen.

* *

Wie in zijn schooljaren een uit-

brander of een „onvoldoende"

heeft gekregen, omdat hij niet wist

te vertellen, wanneer en door wien

Amerika was ontdekt, die schijnt

erg onbillijk behandeld te zijn.

Want knappe koppen, niet alleen

veel knapper dan de leerling,

doch ook dan de leeraar, van

wien de uitbranders en onvol-

doenden afkomstig waren, zijn

het nog altijd er niet over eens,

dat het jaar 1492 en mijnheer

Christoffel Columbus de ontdek-

kingstijd en de ontdekker van

het land der Yankees en de oor-

zaak van het engelsch met neus

klanken zijn geweest.

«

De twijfel aan Columbus die

in ieder geval zeker is van de uit-

vindersrechten op het trucje met

het ei, dat naar hem heet, is vol-

strekt niet gevolgd door de zeker-

heid omtrent een anderen datum

en het vertrouwen in een anderen

man.

Sommigen beweren, dat een

zekere mijnheer Cabot, die van-

uit Bristol zee koos, eerder voet

zette in Amerika, al was het dan

ook op een ander gedeelte dan

waar Columbus landde.

* ♦

*

Er is zelfs een internationale

concurrentie op dit gebied. De

Noormannen, die op ander terreinden

naam hebben zulke bijdehande

en doortastende roovers

t« zijn, schijnen ook Columbus

en Cabot van hun uitvindersrechten

te willen berooven.

Zoo zij het dan al niet zelf

doen, dan toch de geleerden, welke

voor hen optreden en ijveren.

*

*

*

In den laatsten tijd wordt

weer een nieuwe theorie verkondigd.

Vader Devine, een canadeesch

geestelijke en oudheidkundige,

beweert, dat de Ieren

Amerika hebben ontdekt.

In de bibliotheek van het Vaticaan

zouden "landkaarten zijn

ontdekt, welke de juistheid van

die stelling waar moeten maken.

* *

Het is nu waarempel niet om

ten koste van anderen grapjes te

verkoopen, dat ik durf beweren,

dat dit IJOU net iets voor de

Ieren is.

Heel leuk een werelddeel ont-

dekken, d'r niks van vertellen,

ca E^(S

De bekende char-è-bancs

waarmede de vreemdelingen een rit door

Amsterdam maken, moest op den Dam heele

maal omrijden.

.% ^■>

Een onzer amsterdamsche lezersschrijft

ons: Ik vind uwe nieuwe rubriek een

uitstekend idee. Nu geen ingezonden

stukken meer, met twijfelachtige klach-

ten, doch door fotografen duidelijk

aangetoonde fouten. Mag ik, als goed

amsterdammer, u vragen of ge ereis

de aandacht wilt vestigen op de eigen-

aardige wijze, waarop Amsterdam in

het hartje van het seizoen de vreemde-

lingen ontvangt.

V/e hebben aan dit verzoek voldaan.

Amsterdam staat op dit punt niet

alleen, doch dit is een reden temeer

om de betrokken overheidspersonen

ereis duidelijk te laten zien, wat hun

nalatigheid tot gevolgen heeft.

sspv-i

De ..Champs de batallie" van Amsterdam

Onnoodig om naar Noord-Frankrijk te gaan. De amsterdamsche P.W. maakte het den vreem-

delingen wel gemakkelijk. Men vindt in Amsterdam, onze bovenstaande foto's bewijzen het,

alles wat men op de slagvelden zou kannen aantreffen.

Een aanlokkelijk beeld

Midden in den toeristentijd in het hartje van de stad, de Dam voor het Paleis.

cen ander alle moeite laten dqi

om 't opnieuw te ontdokken é

dan later, nadat je er met dü

zenden en nog eens duizendé

heen getrokken bent, voor den d^

te komen met een kaart, waard

staat, o, die ontdekking v^

Amerika, dat hebben wij gedaa;

Jullie dacht, dat we alleen ma

in Amerika konden regeeren

leden van den senaat kond^

worden, neen we hebben ve

meer op ons geweten, wij hebb^

het land ontdekt ook !

* *

*

Op de kaarten, die in het V?

ticaan gevonden zijn, staat

heele kust van Noord-Ameril

van Nova Scotia tot Florida aaf

gegeven. Het land wordt *

Groot Ierland aangeduid. ï

kaarten stammen uit het ja'

1000, zoo bericht vader DevüJ

« «

* i

Monseigneur Evan, een anti

rikaansch geestelijke, die zii{

speciaal voor deze stelling ini

resseert, heeft de moeite gei|

men om in de pauselijke bibl

theek de bewijzen na te speurt

Volgens hem zou St. Braudam

een lersch bisschop uit de 9.

eeuw, die als zeevaarder beke*

was, de ontdekking van

nieuwe wereld van uit Euro!

hebben gedaan.

Hij trok er als zendeling he

en bezocht de kust van Nieu?

Engeland tot Delaware toe.

Voorstanders van deze nicui

bewering mecnen een bewijs vd

hun stelling te vinden in \

feit, dat de beroemde Roq

Toren te Newport veel overe^

stemming vertoont met de on

torens, die men in Ierland bouw»

Of men dergelijke overeenstei

mingen, die toch heel best {

toevalhge en geheel andere o^

zaak kunnen zijn ontstaan )

,,wetenschappelijk" mee magi

ten spreken, daarover zou mj

terecht, van meening kunr

verschillen.

Een stellig bewijs zal in S

kwestie, evenmin als in zoovi

dergelijke, wel heel moeilijk j

vinden zijn.

* *

*

Ook al interesseert het ons i

erg om te weten, wie Am er

ontdekt heeft, een troost v*

de onzekerheid moge liggen in 1

feit, dat de Amerikanen blijkbi

weer ons land opnieuw ontdj

hebben en meer dan in de laat

jaren naar hier komen.

Werkelijk we kunnen hun

langstelling en, het moge mat

aliatisch klinken, dit vergeve n

mij, hun dollars héél goed

bruiken!

Gedeeltelijk komt dit ze

doordat Wembley heel wat m

sehen trekt, die nu „en passa

ook Nederland gaan bezoek

doth uit mededeelingen welke

ter oore kwamen bleek, dat«

de reklame door ons land in

Vereen. Staten gemaakt, vm

gedragen heeft. Zeker een vinj

wijzing om op dien weg ver

door te gaan!

M. E. R. Curi


t^sSi'^''-

Het zilveren feest van de Amster-

damsche brandweer

Een der nieuwste verbeteringen. De stafwagen

met radio-inrichting.

Richting Delftsche poort en cafe Loos.

y«!'^'llw

■VlWi

«.▼*" •#>

'% \m

DE FOTO'S VAN DEZE WEEK

Trek honden-Concours Een prachtexemplaar

; Rotterdam gehouden; het controleeren van Willem II, eigenaar de heer Stolberg, won

den gang den Isten prijs.

ulnbouw en bloemententoonstelling

te Castricum

■ ^>

■^

Naar het Vacantlekamp De verkeerspolitie

Een 2S0-tal amsterdamsche kinderen Het nieuwe gebouw voor de Verkeers- VOOf de zeCUWSChe slachtoffers

vertrokken naar het Vacantlekamp politie aan den Overtoom te Amster- en hun nabestaanden werd te Amsterdam aecoilectecrd.

bij Hilversum. dam nadert zijn voltooiing De collectanten droegen deels visscherspakken.

Een overzicht van Rotterdam vanaf de stadhulstoren

De Groote kerk en omgeving. Richting Bosjeskerk.

ï * . ?3 1

« < -Ai' ^ 'V'üß

3

0 'm -—■—~ ^»i

Hoofdinspecteur Alard

Tomaten-export naar Engeland

In Rotterdam is thans de verzending van tomaten naar Engeland in volled ganq-

Het restaureeren van de R.K

kerk te Almelo Weer aan het werk

gaande van de Kon. mij voor tuinbouw. van de nijmeegsche politie gehuldigd ter eere Onze foto toont hoe het restauratie- De tricotagefabriek Almelo is. na twee jarenstilstand.

Een vaas met rozen (Butterfly's). van zijn zilveren feest. werk voortgang maakt. weer aan het werk gegaan

Het slot te Zeist LandDouwtentoonsteiims te

idat de gemeente Zeist dit merkwaardige gebouw niet wilde koopen Winterswijk

oestaat er grootte kans dat het zal verdwijnen. Moeder en kind te samen tentoongesteld.

Verbetering verbindlnssweg

Haarlem Amsterdam

Foto genomen bij het station Hal(*cq.

9

Zangvereenlglng Oefening en stichting

uit den Haag maakte haar jaarlijksch uitstapje naar het

Groenendaalsche bosch bij Heemstede.

Het Noorderhuls bil Runen

in de buurt van Hoogcveen werd Alsvacantie knderhu is

ingebruik genomen.

De Kon. vers. van nederl. scherpschutters

hield van 16—25 Aug. een groote nationale schietwedstrijd

op de banen der schietverg. „Driebergen—Rijsenherg en O."

^—- ^ß^ßmmmß*

1 1

■ tan ■■- B B ■

m > • » m m n 'm m

Ulh 1

n •

i ^ i

€ ^ ^ %.

4 m

k ra k^

-

PIENIIMm EN SAm

Qn de jongenswereld, waarvan Penrod en Sam deel

) uitmaken, wordt slag geleverd. In het gevecht

*orden er krijgsgevangenen gemaakt en ook kleine

Dickie valt in handen van den vijand met 't gevolg,

dat hij in de kleerkast van Penrod's zuster opgesloten

wordt. Dickie valt in slaap en wordt wakker als

de familie aan tafel zit. Wat een schrik als hij

plotseling onder de bescherming van een witte cape

uit de kast weet te ontsnappen ! Ofschoon Penrod

neerziet op alle meisjes is er toch één die een uit-

zondering maakt, kleine Greetje, die bestemd is

om in zijn jongensleven een trouwe deelgenoote te

worden van al zijn lief en leed. Er volgen groote

dagen voor de vrienden Penrod en Sam. Penrod's

vader is namelijk eigenaar van een stuk land, waarop

een oude schuur staat; die wordt het vergader-

lokaal van de geheime vereeniging waartoe al hun

vrienden behooren.

Er is er echter een, die met leede oogen aanziet, dat

Penrod's populariteit met den dag groeit en dat is

Roddy Bitts. Zal zijn vader's geld hem niet kunnen

helpen ? Penrod's vader ontmoet den ouden heer

Bitts en verkoopt hem zonder er over na te denken

het stuk land. Dat wordt een slag voor Penrod,

die als circusdirecteur van een zelf-georganiseerd

circus juist op het hoogtepunt van zijn roem is.

Maar de slag treft vooral zoo diep, omdat Pen's

trouwe hond pas overleden is en hem een grafje

op het land is gedolven en de nieuwe eigenaars

stemmen er niet in toe, dat Pen het grafje over-

brengt. Penrod wordt ziek van verdriet en zijn

vader begrijpt ineens, wat het verlies van het stuk

land voor zijn jongen beteekent. Hij brengt den

heer Bitts een bezoek en met schade koopt hij het

stuk land weer terug om Penrod zijn koninkrijk

geheel en voor goed te schenken.

Deze film vol jongensstreken, vol blijde herinne-

ring aan jeugd en dagen zonder zorg, die de firma

P. R. van Duinen te Amsterdam naar ons land heeft

gebracht zal zeker tot een tocht naar de bioscoop

bewegen teneinde daar nog eens te genieten van

de zonnige dagen van weleer.

WMadLU i yiXt^Äk,^/ ^v'.!-^.... - ■___


a B, s.'-

_ ;

1600. Slag bij Nieuwpoort.

1648. Vrede van Munster.

1619. O'.debameveldt onthoofd.

1924. Rembrandtplein geasfal-

teerd.

Bovenstaande^ data zijn de eenige

iten, die ik mij uit mijn H.B.S.-

d weet te herinneren.

Behalve de laatste dan. Ik durf

best voor uitkomen, want er zijn

eer exhabeessers, die — nagevraagd

moeten bekennen, dat er van al

s met hard peezen doorgebrachte

ren niet veel is overgebleven.

De school, die de eer genoot zulk

n solide basis voor mijn algeheele

itwikkeling te leggen (dat was

ch de bedoeling?) stond in het

irtje van de stad. Destijds vond

; de ligging buitengewoon gunstig,

»ar er vlak in de buurt een

eisjes-industrieschool was. Op het

iject Weteringschans-Leidscheplein

ib ik mijn grondige kennis van

Oe Vrouw" opgedaan. Deze des-

indigheid vertoont de onaange-

ime eigenschap eiken dag in kracht

verminderen.

De leeraren, die er voor bestemd

aren een groot aantal jongens vol

proppen met dingen, waarvan

j reeds te voren wisten, dat er

ets van zou blijven hangen, deze

sraren - met - voorbedachten - rade

irmden een collectie, die in onze

iderstad bepaald uniek was. Een

szer nobele mannen luisterde naar

ai in-muzikaal klinkenden bijnaam

^rano — vrij naar Rostand's mees-

rwerk. Ook hij duelleerde, maar

et strafregels. De bergen strafwerk,

e deze man opgaf, zijn vrij wat

>oger dan de Mount-Everest.

Tot zijn eer gezegd: hij was een

oot muziekliefhebber en toen hij

nmaal ontdekt had, dat ik tot

venslang violist veroordeeld was,

eeg ik een wit voetje. Mocht hij

t lezen, dan maakt hij het weer

k-zwart.

Er was een andere leeraar, die

et Lodewijk de Veertiende-zaliger

m typische, vermakelijke overeen-

«nst had: hij droeg namelijk een

■uik. Nu zijn er pruiken, die demon

ratief pruikerig doen in hun functie

in pruik, er zijn ook anti pruik-

•uiken, die niet pruikerig doen

anneer zij als pruik in betrekking

jn. De pruik van dezen pruik-

shoeftigen leeraar was een demon-

ratieve über-pruik. Een pruik, die

hl wilde weten dat-ie een pruik

as. De kleur was hard geel met

•oene strepen'. Decoratief was 't

ts heel bijzonders.

Dit decoratieve onding was schijn-

lar samengesteld uit touw en stroo.

et lesuur van dezen man was een

istuur. Zoo eenparig heb ik nooit

eer 30 jongens zien slapen. Hij

>rak aan één stuk door, op een

zigen zeur-toon. Als nobel mensch,

s volmaakt philantroop had hij de

rmpathieke eigenschap zóó bijziende

i zien, dat hij niet zag, dat bij een

rentueele vraag de ondervraagde

it te slapen. Iedereen had natuur-

ik altijd voldoende op zijn rapport:

ij nooit lastig, wij slapend. Een

raaf man. Zalig ruste zijn assche.

men.

Rekenen kon ik heelemaal niet.

coral van die interessante sommen

Üffi .*«S * ■.

*;ï- ._■ '■ -

r^-

*

i\ ■.

MAGDA JANSEN

^^ ^m^mmfvmwimmm;

foto Gtveke

het komende seizoen verbonden aan hel gezelschap van dr. Willem Royaards.

met A en B, die elkaar tegemoet

komen. A is gewoonlijk de vlugste,

B de schlemiel. Nu ging het daarom

er achter te komen, waar zij elkaar

zouden ontmoeten,

In een bui van moedeloosheid

schreef ik eens bij een wanhopige

poging daar achter te komen: ge-

steld B gaat op de tram, is het dan

nog noodig mij verder met zoon

onbetrouwbaar individu in te laten?

Daar de leeraar in quaestie eenigen

zin voor humor had, werd ik slechts

voor één week van school verwij-

derd — had hij dit niet gehad,

misschien zat ik nu nog na-te-blijven.

Hij heeft alles vergeven en niet

vergeten — en bezoekt elke week

het theater Tuschinski. Brave man,

hij fluit me niet eens uit.

Het genie van de school — ja,

nu moet ik namen noemen — was

Dr. Terwen, de meest geniale kerel,

die ooit op een H.B.S. voor ons zijn

tijd verknoeide. Het eenige excuus:

wij aanbaden hem. Bij Terwen was

altijd orde, voor Terwen werd er een

robbertje om gevochten, wie zijn

glas water zou halen, bij Terwen werd

nooit gespiekt: zou iemand het ge-

waagd hebben, hij werd door zijn

buurman een blauw oog geslagen,

van Terwen leerden wij de historie-

paragraphen.

Hij was ook een ideale kerel.

Betrekkelijk jong is hij gestorven,

niemand der oud-leerlingen van de

Eerste H. B.S. met driejarigen cursus

op de oude gezellige Weteringschans

zal hem ooit vergeten. Voor hij

binnentrad, was de klas reeds muis-

stil. Hij was het levende bewijs van

de niet te weerspreken stelling, dat

strafwerk waanzin is, want dat een

leeraar mèt persoonlijkheid — geen

confectiemannetje, dat maar nazegt

wat hij zelf met moeite leerde

zooveel invloed, zooveel gezag heeft,

zooveel ,,voelbaar" respect inboe-

zemt, dat zijn aanwezigheid alleen

reeds excessen onderdrukt.

De wijze, waarop hij les gaf, neen

doceerde, was een openbaring, die

immer nieuw bleef, immer boeide.

Eenige seconden in den deurpost

staan en de klas overzien, was zijn

eerste werk. Op een stoel zat hij

nooit, hij scheen een soort mahome-

daansche afkeer voor dat meubel

te hebben. Had hij op tafel plaats

genomen, dan verbrak hij de eer-

biedige stilte. .. . door dingen van

den dag te verhalen. Bijeenkomsten

van staatslieden, conferenties van

hier of daar, politieke constellaties

die zich zouden kunnen voordoen

of complicaties, die daarvan het

gevolg konden zijn. En dan ging hij

door : „deze toestanden herinneren

aan het oude Athene van den jare..."

en zoo verbond hij het heden — dat

vóórging met het verleden — dat

hetzelfde was. Hij sprak ons over

tooneel, muziek, waterwerken, won-

deren van electriciteitstoepassing,

bewonderde Marconi en adoreerde

Bach's Mattheus-Passion, sprak over

de mysterieuse lichten van Rem-

brandt's Nachtwacht en de even-

tueele resultaten van een op handen

zijnde Tweede Kamerverkiezing. Er

was maar één doctor Terwen, en wij

hielden veel van hem. De jaren op

de H.B.S. doorgebracht, hebben

alleen voor mij nog waarde door de

zoo gelukkige omstandigheid, die nog

altijd is blijven nawerken, met hem

te hebben mógen kennismaken. De

oude, onvergankelijke Talmud leert

ons: eert uwe leeraren, eert de

mannen die u kennis bijbrengen,

minstens zooveel als uwe ouders —

maar het toepassen daarvan gaat

alleen ongemerkt makkelijk bij man-

nen als de onvergetelijke Terwen.

Hij w^s ook de eenige leeraar van

de geheele school.... die geen bij-

naam had. Grooter compliment door

een stel kwajongens kan een leeraar

niet gemaakt worden.

Alle leeraren opnoemen gaat niet.

Maar voor een tweetal wil ik een

uitzondering maken: de mottige en

de lintwurm. De mottige leed aan

strafwerk-hysterie. Kwam hij binnen,

kreeg iemand strafwerk, ging hij

zitten, strafwerk, stond hij op, straf-

werk, bij eiken stap strafwerk, straf-

werk, strafwerk.

Had Dante hem persoonlijk ge-

kend of met dichterlijk vóór-voelen

kunnen vermoeden, zeker zou hij

een plaatsje in zijn „Inferno" ge-

kregen hebben. Bij de beschrijving

van „de Hel" ontbreekt zeker de

strafwerk-maniak, die het verstond

eiken dag tientallen jongens met

extra-werk te beladen. Het aantal

scheld- en bijnamen dat hij droeg,

was legio. In een uitvoerig betoog

op rijm trachtte ik destijds te be-

wijzen, dat hij een onecht kind was

van Nero en Al va. Later bleek mij

uit bijzondere overwegingen, dat dit

onmogelijk was. Ik weet niet of in

den brievenbus van den hemelpoort

Cinema en Theater gestopt wordt,

mocht dit zoo zijn, dan hoop ik,

dat hij mij vergeeft. Is dit niet

het geval, dan troost ik mij met

het gevoel de waarheid te hebben

gezegd. Dat is ook wat waard.

De lintwurm kon mij niet uitstaan.

Dat vond ik destijds onbegrijpelijk;

nu ik ouder geworden ben begin ik

hem gelijk te geven. Kwam ik de

klas binnen — kreeg ik een uit-

brander, kwam ik niet binnen —

toch een uitbrander; zat ik stil,

heette het: En wat voert „meneer"

nou wéér uit ? Zat ik niet stil: Zeg,

draaitol, gedraag je behoorlijk!

Ik begon dien man te haten, mét

reden, hij deed het mij al lang,

zonder — uit antipathie.

Maar dat zou veranderen. Er werd

namelijk een bond opgericht, die

zich H.BS. noemde: Houdt Braaf

Stand. Oorspronkelijk bedoeld als

oppositie-orgaan — wij gaven ook

een blad, dat twee keer verscheen.

Bij de eerste verschijning werd de

drukker betaald, van het tweede

blad krijgt de arme kerel nog altijd

zijn geld. Het orgaan stelde zich

voor, te werken voor de belangen

der scholieren. Welke die belangen

waren wist niemand, maar het klonk

den leeraren even doodstrommel-

achtig in de ooren als den armen

aristrocraten van 1798 het: Qa.

ira — tous les aristocrats è la

lanterne!

En daarom had elke leerling op

een zeer in 't oog loopende plaats

het groen insigne gespeld van de

jonge oppositievereeniging.

Daarvan waren onder meer lid:

Adolf Bouwmeester, Cor Ruys, Al-

bert v. Dalsum en ondergeteekende

en deze artisten in den dop namen

zich op zekeren dag voor een uit-

voering te geven om direkteur,

leeraren, ouders en voogden te laten

zien, welke genieën er toch waren

onder de arme, getrapte, onder-

drukte lammetjes van de eerste

H B.S. met driejarigen cursus, hoek

Vijzelgracht en Weteringschans te

Amsterdam.

■' '-.^m ^P ■'■■*'T

FERDINAND DAVID

was een voortreffelijk violist en componeerde

niet zonder verdienste eenige concerten voor

zijn instrument. Hij was däar zelf zeer mede

ingenomen en hield ze voor kunstwerken van

vrij groote beteekenis. De geschiedenis, die

zonder genade oordeelt, heeft deze meening

niet overgenomen. Hij gold voor een der

allereerste vertolkers der klassieken van zijn

tijd en dus viel hem de eer te beurt het

vioolconcert van den jongen, genialen Men-

delssohn, kort nadat het voltooid was, ten

gehoore te brengen. Het had een stormachtig

succes en de menigte in het Leipziger Gewand-

haus bracht componist en vertolkers een ovatie.

Na de uitvoering klopte Schumann David

op den schouder en zei lachend: „Zie eens,

lieve collega, dat is nu het vioolconcert, dat

jij altijd had willen componeeren!"

LULLY

oS> = —

Lodewijk de Veertiende, Ie roi Soleil, de

auteur van het beruchte woord: après nous

Ie déluge .— dat in onzen tijd meer wordt

toegepast dan in den zijne — had een gavotte

gecomponeerd en liet deze zijn hofcomponist

Lully zien.

Deze trok zijn gelaat — gewend aan de

door hem meesterlijk toegepaste kunst de

waarheid te verbergen — in den vriende-

lijksten plooi en maakte voor den Zonnekoning

een diepe buiging. „Heerlijk, Uwe Majesteit.

Heerlijk 1 U kunt toch alles. Uwe Majesteit

wilde zoo duidelijk mogelijk een miserabel

stuk muziek componeeren.... het is Uwe

majesteit buitengewoon goed gelukt!

JULIA CUYPERS IN

In het circus te Scheveningen, dit jaar geëx-

ploiteerd door het bekende Circus Busch uit

Berlijn, wordt een schitterend manege-schouw-

spel gegeven. De titel is „Madame Dubarry"

en onze gevierde nederlandsche actrice Julia

,„ , T _r

CO

5 VROUWEN-LOG1KA V

o

B

A

o

7

4

o

A

o

i

o

i

G

i

O

7

G

oi

Het is weer zoo een zwoele dag.

Je gooit je ramen open.

Je bent zoo ongedecideerd,

Te vadsig om te loopen.

Je hangt té lezen in je stoel.

Je moet voortdurend gapen,

Na eiken regel, die je leest.

Ga je een kwartiertje slapen.

Het is weer zoo een- zwoele dag,

De juffrouw van beneden,

Is zwemmend in de hittegolf,

Bij 'n ijsco overleden.

Een volgevreten paardenvlieg,

Te lui om nog te zoemen,

Zit daar beneden op de straat

Op een.... 't is niet te noemen.

Het is weer zoo een zwoele dag,

Mijn teer geliefde gade,

Schenkt mij nu al mijn twaalfde glas

Frambozenlimonade.

De heele wereld transpireert,

Je bakt als in een oven.

De zegen en de zonnesteek.

Ze komen bêi van boven.

Het is weer zoo een zwoele dag,

De heetste dag der dagen,

De mannen van de hooge boord,

Loopen met Schillerkragen.

Maar hoe de hittegolf ook kwelt,

,.De „mode'' is onkwetsbaar.

De dame doet haar blauwvos om,

En denkt hooghartig: „Klets maar."

CHEF VAN DIJK.

O

i

7

i

o

7

i

o

7

VROOMHEIDSREMPLACANTEN.

Gedurende den arbeid hebben kunstenaars i

gewoonlijk voor niets aandacht, ook niet voor r.

de wonderen der natuur. Lully, de vermaarde |

fransche componist, zat aan het klavier te j

fantaseeren, toen een geweldig onweer losbrak j

en elke bliksemslag insloeg. Bij iedere uit-

barsting van den donder sloegen zijn vrienden pj

een kruis — onverstoorbaar schreef Lully p|

verder. Plotseling een slag, die de aarde deed f r<

kraken en een ontzettende angst teweegbracht. [7

Even hield Lully met schrijven op en zei" 1

tegen een vriend: Je ziet, ik heb m'n handen l 61

vol, sla jij eenige kruisen voor mij'

ging weer rustig verder.

BERLIOZ

de groote fantasievolle romanticus der muziek, ^

wiens verschijning in de wereld der tonen|je

gelijk stond met een heilzame revolutie, die^j

aan alle kleinburgerlijk gedoe een eind maakte, ac

een genie, wiens werken nog steeds wegens-

de gedurfdheid hunner orkestrale conceptie

bewondering afdwingen, tevens schrijver met

suggestieve hoedanigheden, was een geestige

man. Eens werd hij uitgenoodigd een uit-it«

voering bij te wonen van Cherubini's, m^

vergeten, opera Ali Baba. Alleen de ouvertur^iei

van dit werk verschijnt nog wel eens, zij 'tlo

sporadisch op het repertoire van onze groote w

muziekinstellingen. Na het einde der eerste je

akte zei hij, gapend, tegen een vriend: „Twintig»©

francs voor een origineele melodie." it

Gedurende het tweede bedrijf bood hijp

veertig, op het einde ervan tachtig. ■**

Gedurende de derde akte stond hij geïrriteerd sr

op en ging weg met de woorden: „Ik geefi*

't op — ik ben niet rijk genoeg!" H

JOSEF DESSAUER n

A

een vergeten componist van zoete liedekens, gj

bekwam van den uitgever Schlesinger als e

honorarium voor een paar jeugdromances een e]

zilveren horloge. Na eenigen tijd kwamjg

Dessauer het kantoor van Schlesinger binnen ei

en zei verwijtend: „Hoe is 't nu — uw hor-

loge gaat heelemaal niet I"

Waarop Schlesinger koel, zakelijk ant-

woordde: „Maar dacht u soms, dat uw ro-

mances gaan?" jj

„MADAME DUBARRY"

Cuypers speelt er als gast de hoofdrol in.

Het is een schitterend staaltje van montee-

ring, dat men te zien krijgt. Men bedenke

alleen maar eens, dat er drie eclatante balletten

in voorkomen.


0

■ ■■

\ OH! BBiX.E BLONÖE

CHANSON DE RAOUL, COMTE DE SOISSONS MUSIQUE. DE MAX TAK

OUD FRANSCH M1NNELEEDJE l

n \

4i « s^T^ i r - i u rT^ ./^ ö^ bel-Ce. ownde au cvzfxü w

■t.^^

tv

1 larf

ir;

i

^ É Ä w ^

Ê


iff

s

ra E

Q0*ht J&COB du monde, que j'ai-me éant du *ie cJvo-te t'ac cHengmnddéiüi C eti un.

^W i fcii

É

f' ! iJJ

s 4 WS.

d&c&usetvov^-

P

^

^^

^ j: 1 1

loj o ^

"TC

-+ PP

f *

peSuz DU>f£ da auccyx óó qent pex-tk

W

\ C x—¥- % m—9—f- 1 ^ (* 0-

a^

wm

^m

j'Tij^ ^W

^

du.

f ^

öfe ómjai-me

ï .M^i

/?»

¥ ^

^W di pa/tuyc- éiutG couvwnee- ti&i eenóAftóöcu* urze (£ vcuótend^cuó ut> amiie^có

m. ^

Ë

nij i^ 3EEE * : ?=f

r i r M M

^^ s

m ï

i^-^>-*- . ^■^•ifiiMfiiiMiÉ

.

1

- ' ■■"■■■ .■■

More magazines by this user
Similar magazines