Untitled - Holland Historisch Tijdschrift

tijdschriftholland.nl

Untitled - Holland Historisch Tijdschrift

Op de grens van spel en overtreding

Zoals gezegd vond in Holland het spel in de regel tijdens of na de huwelijksceremonie

plaats. Uit het werk van Rooijakkers en De Brouwer blijkt dat in Noord-Brabant het ritueel

ook bij de ondertrouw werd opgevoerd. 12

In de huwelijkswetgeving van de Generaliteitslan­

den (Brabant, Limburg en Vlaanderen) werd eveneens gesproken van het schutten van het

bruidspaar vóór en na de huwelijkssluiting op het stadhuis of in de kerk. 13

Dat kwam in Hol­

land minder vaak voor. 1

* 1

Op welk tijdstip het ook plaatsvond, in heel Europa was het schutten

van de bruid een bekend verschijnsel. In Duitstalige gebieden werd het gebruik meestal aan­

geduid met termen als Wegsperreen Aufhalten. 15

In sommige delen van Nederland bestaat het

gebruik nog steeds. In Twente bijvoorbeeld heet het spel het keren van de bruid. De familie en

buren van de bruid trachten de bruid uit handen van de familie van de bruidegom te houden,

hetgeen gepaard gaat met schermutselingen en eindigt in gezamenlijk drinken. 16

Net als bij de huidige Twentse variant markeerde het vroegmoderne bruiloftsritueel de

overgang van de ongehuwde naar de gehuwde staat. De bruid en bruidegom moesten deze

overgang min of meer bevechten. 17

Het ritueel begon direct na de huwelijksinzegening als de

bruidsstoet zich naar het huis van het bruidspaar begaf. Onderweg werd de stoet door brui­

loftsgasten en andere bekenden opgewacht en tegengehouden. De schutters lieten het

bruidspaar pas door als zij van het pas gehuwde stel een gift ontvingen. Volgens Van Alkema­

de en Van der Schelling bestonden de schutters uit de naaste familie en vrienden van de brui­

degom, soms ondersteund door de buren. 18

Uit de Rotterdamse en Delftse gegevens blijkt dat het schutten zowel door familieleden en

vrienden als door buitenstaanders werd gedaan. In ieder geval waren het bijna altijdjongeren die

het schutten op zich namen. Zo klaagde de Rotterdamse kerkenraad in 1691 over de 'ongere-

geltheden der jongelieden onder het trouwen'. 19

Het ging in dit geval om activiteiten tijdens de

huwelijksceremonie. De Delftse kerkenraad sprak van het ritueel 'als de bruyt uuyt de kerkcke

naer huys gaet'. 20

In de regel legden de schutters een balk voor de deur of spanden zij een lijn

over de weg om te verhinderen dat de bruid bij haar nieuwe bestemming, het huis van de brui­

degom, kon komen. Als de bruid in een ander dorp woonde, werd de versierde wagen van het

bruidspaar tegengehouden door een lijn over de weg. In andere gevallen was er sprake van een

12 Gerard Rooijakkers, Rituele repertoires. Volkscultuur in oostelijk Noord-Brabant 1559-1853 (Nijmegen 1994) 327; J. de

Brouwer, 'Kerken het ontspanningsleven omstreeks 1700', Spiegel lustonaelï ( 1976) 209-215.

13 Echtreglement, 16 maart 1656, artikel 10. Dit reglement is uitgegeven: A.S. de Blécourt en D.N. Japikse (red.), Klein

plakkaalboek van Nederland. Verzameling van ordonnantiën en plakkaten helre/jënde regecriugsvorm, kerk en rechtspraak (14e

eeuw tol 1749) (Groningen 1919) 275-287.

14 Ook in de beschrijving van Knappert vond het schutten van de bruid pas na de huwelijksplechtigheid plaats: I..

Knappert, Trouwen en bruilnjl vieren (Baarn 1910) 438.

15 Rooijakkers, Rituele repertoires, 327; Dieter Dünninger, Wegsperre und Eösung: Formen und Motive eines dörflichen Hochzeilsbrauches

(ein Beitrag zur rechllich-volkskundlic/ien Brauchtumforschung) (Berlijn 1967).

16 Ineke Baas-Hoffschulte, 'Twentse bruiloften. Feestroes van nuchtere mensen. Een interpretatie van veranderende

vormen en normen', in: Adrianus Koster, Yme Kuiper en Jojada Verrips (red.), Feest en ritueel in Europa. Antropologische

esays (Amsterdam 1983) 200-229.

17 Knappert, Trouwen en bruiloft vieren; Spierenburg, De verbroken betovering, Donald Haks, Huwelijk en gezin in Holland in

de 17deen lSdeeeuw (Assen 1982) 67-69; Rooijakkers, Rituele repertoires, 326-331.

18 G. van Alkemade en P. van der Schelling, Nederlandschc displegligheden, verlooneude de pleglige grin niken aan den dis, in hel

honden van maaltyden, en het drinken der gczondherlen, onder de oude Batavieren, en vorsten, graaven, edelen, en andere ingezetenen

der Nederlanden, weleer gebruikelyk, nevens den oorspmngk dezer gewoonlens, en der zeiver overeenkomst met die. van andere

volken I (Rotterdam 1732) 535-536.

19 GAR, Kerkenraadsnotulen Rotterdam, inv.nr. 7, fol. 319, 1 januari 1691.

20 GAD, Archief Kerkenraad van de Nederlands Hervormde Kerk te Delft, Handelingen van de kerkenraad (hierna

Kerkenraadsnotulen Delft), inv.nr. 2, 14 december 1587.

67

More magazines by this user
Similar magazines